
1. Houd de hengel vast, alsof je een vogeltje in je hand hebt.
2. Bij het werpen met de vliegen hengel heb je geen kracht nodig.
3. Werk niet onnodig, laat de vliegenhengel voor je werken.
4. Wees nooit ongedurig en verbeten.
5. Werp uit de schouder.
6. Houd je pols stijf en laat je arm een verlengstuk zijn van de hengel.
7. Over links werpen is net zo belangrijk als over rechts.
8. De achterwaartse worp en de voorwaartse worp zijn even belangrijk.
9. Bij de achterwaartse beweging, loopt de lus onder de hengeltop door.
10. Werp een smalle lus.
Werpinstructie.

1. De wijsvinger boven op het handvat houden, alsof je naar iets wijst.Dit voorkomt het doorknikken van de pols.
2.
Beweeg
de hengel in een hoek van 45° van het lichaam.
Zo werp je vrijer dan dicht naast het lichaam.
3. De hengelhand komt niet hoger dan het voorhoofd en niet lager dan de borst.
4. De reel wijst altijd in de werprichting.
5. Maak voor en achter een duidelijke stop
6. Geef duidelijk meer druk op de achterwaartse worp, dan op de voorwaartse worp.
7. Bedenk: de hengeltop werpt de vlieg naar het doel en niet je hand.
Probeer het met elegance en niet met kracht.
Leg ongeveer 9 mtr. lijn, met aan de tip een wolpluisje, gestrekt voor je.
Hef de hengel rustig en versnel bij ongeveer 11 uur en stop deze beweging bij ongeveer 13 uur.
Laat de lijn uitrollen, totdat je hem aan je hengel voelt trekken en beweeg dan de hengel met een duwende beweging naar voren tot weer ongeveer 11 uur(dus niet als een zweep).
Stop op dat punt en beweeg de hengel rustig naar voren tot ongeveer 9 á 10 uur , zodat het pluisje echt als een pluisje naar beneden dwarrelt.
Houdt bij deze beweging je pols zo stijf mogelijk en let er op dat je deze niet buigt.
Zorg dat de lus die je werpt zo smal mogelijk is.

opmerking:
werpen leer je niet uit een boek,
maar wel onder begeleiding van een leermeester,
met een hengel in je hand.

DEMO