De fret als huisdier
Trollen en heel veel voetjes.
"Wat is dat nu weer voor onzin" zuchtte Sandy. "Die Gang heeft ze niet helemaal op een rijtje, en die Ozewiezekristalla dinges ook niet!" Mannie en Grietje net bezig elkaar eens flink in het nekvel te bijten, want Grietje is de baas en dat betwijfeld Mannie toch wel een beetje, staakte de strijd. "Waar heb jij het nu weer over? Is de Gang weer eens op avontuur? en dat zonder onze deskundige begeleiding? Dat is toch te gek voor woorden, die fretten zijn niet helemaal lekker hoor!" Grietje gaf haar mening snel en nam geen blad voor de bek, het kwam niet altijd even vriendelijk over, maar was meestal ook niet helemaal uit de lucht gegrepen. "Wat hebben ze nu weer uitgevreten" vroeg Mannie, "Zijn ze een tunnel naar Australië aan het graven??" en hij grinnikte om zijn eigen flauwe grap. "Nee nog veel erger" Mokte Sandy die de mail van het baasje aan het doorlezen was. "Ze willen naar China, wat een kromme tunnel zal dat geworden zijn. Maar ze zijn niet zover gekomen." Mannie en Grietje schudden meelijdend hun kopjes, elke fret weet toch dat als je een tunnel graaft je in Australië uitkomt en niet zoals de mensen denken in China. Mannie was zich net weer aan het klaarmaken om een aanval op Grietje te doen, toen hij zich bedacht "...Waar zijn die Gangleden dan wel uitgekomen, Noorwegen of zo?? Met die Paddyhond zou me dat niets verbazen." Sandy knipperde even met haar ogen, die Mannie is soms best wel slim, Grietje moet uitkijken als ze nog lang de baas wil zijn. "Nee" zei ze "Ze kwamen gewoon weer thuis." "Flauw" dacht Grietje "Een dakgoot is veel leuker, thuis is zo saai" en ze ging een denkbeeldige vlo te lijf. "Het is ook zo jammer dat de baasjes ons hebben opgehaald, was best wel lachen met die Frits, Joep en Alfret, wat een opa's zeg, Alleen jammer dat die Petra ons niet meer tegelijk liet loslopen."
"Trollen, daar gaat het om" vertelde Sandy, "de Gang en die ozewiezewallehuppeldepup zijn trollen tegen gekomen en de Gang doet alsof het kwaadaardige, enge, uitdewegblijf wezens zijn. Fleur en Pipi, bezig om uit te zoeken wie Pipi en wie Fleurtje is, vingen de laatste zin op. "Wat is er mis met trollen??" wilde Fleurtje weten, "Dat wil ik net vragen" zei Pipi, of was dat Fleur? "Nou met trollen niets natuurlijk" was het antwoord, "alleen de Gang verteld dat trollen kwaadaardig zijn", "Wat een onzin" piepte Pipi "wij hebben hier vier trollen, nee zelfs zeven trollen in huis en die doen ons niets." "Dat is niet erg aardig hoor" bromde Mannie "baasje en bazinnetjes zijn geen trollen." Pipi grijnsde om haar eigen grapje. "Nee, maar Pipi heeft wel gelijk" bracht Grietje naar voren "Opa op de trap staat maar wat te staan en Ma op de kast heeft dan wel een flinke stok, de beide trollen kinderen schijnen er niet echt bang van te zijn." De rest van de LBD was het hier wel mee eens en ze bleven een tijdje in gedachten staan. "Als we nu..." begon Mannie, "zelf een gang..." vervolgde Pipi "graven en eens polshoogte gingen nemen bij die trollen die de Gang in de gang tegenkwamen" maakte Grietje de zin af en bevestigde zo haar leiderschap. "Sandy en Mannie" vervolgde ze "Als de baasjes straks naar boven zijn, zoeken jullie een uitweg uit de kooi en" ze keek de beide fretten strak aan "en, nu laten jullie ons er ook uit!" Mannie en Sandy, stiekem grinnikend knikte Ja. "Toch stom van Grietje dat ze niet eens zelf kan ontsnappen" dacht Sandy "bazinnetje sluit de kooien zo slecht af, wij hebben geen katten of frettenhond nodig." "Daarna" ging Grietje verder "gaan we via de kamer van Lionne, de dakgoot en de tuintafel naar beneden." Fleur zag dat niet helemaal voor zich, brrr de dakgoot was best wel een beetje hoog, maar als echte LBDer mocht ze dat niet laten blijken. "Als wij eenmaal in de tuin zijn dan kunnen we onder de coniferen een tunnel beginnen die ons snel naar de donkere tunnel van de Gang brengt." "O" kwam Mannie "En wie graaft die tunnel dan??" Even was er een korte blik tussen Grietje en Mannie, "Nou, onder andere jij" Siste Grietje. Mannie sloeg de ogen neer en knikte "natuurlijk"
"Graaf nu eens door" snauwde Grietje, "het duurde ook al zolang voor jullie in de dakgoot zaten." Ze wilde nog meer zeggen, maar op dat moment verdween het grootste deel van de LBD plotseling, dat was iets te veel voor Grietje, wel de baas, maar niet zo'n erg grote held, als er niemand keek. "Hee, Hee, waar zijn jullie opeens" piepte ze. Het antwoord en onderdrukt gegniffel volgde "Hier natuurlijk, in de gangen van die Wallekristiedingen" klonk het dof. Grietje dook het gat in achter de rest aan en kwam in een donkere tunnel terecht.
De LBD beleefde vele avonturen in de onderaardse gangen, kwamen dankzij een verkeerde beslissing van Grietje, die moest even bewijzen dat zij het allemaal beter wist, op de Discworld uit. Daar hebben ze een verschrikkelijke lol gehad met een tofenaar die Rinzwind heet. Deze schrok zo van Fleurtje dat hij de benen nam en in een keer door renden naar iksiksiksiks. Zijn bagage kwam er achter aan, dat was wel een beetje jammer want die bagage had duizenden beentjes met voeten eraan en daaraan weer teentjes, en wat is er nu nog mooier voor een fret dan tenen! Dankzij de dood "JULLIE HOREN HIER NIET" zei hij "WE HEBBEN HIER ALLEEN EEN SPECIALE RATTENDOOD, GEEN FRETTENDOOD" en hij bracht ze weer terug naar de gewone ronde wereld. "ZO EN NU HIER BLIJVEN" waren zijn laatste woorden*. Uiteindelijk kwam de voltallige LBD veilig aan in de gangen waar de Gang en ozewiezedrupdrup de trollen tegen kwamen. Aangezien de dwaallichten, zelf aan het dwalen waren, moest de groep op eigen houtje op speurtocht naar de Trollen.
"Verdorie, waar zijn die trollen nu" mopperde Pipi "ik heb geen gevoel meer in m'n poten" en ze strompelde de hoek om. De LBD was nu al uren opzoek, gang in, gang uit, trapje op, trapje af. Ze werden het een beetje zat. "De baasjes moesten eens wat vaker met ons gaan wandelen" zei Sandy, die daar eigenlijk een hekel aan had, "dan waren we nu wat meer getraind." "Ja" piepte Pipi "maar daar is het nu een beetje te laat voor" en ze sloeg de zoveelste hoek om. En kwam in botsing met iets harigs. "Wat nu weer" zei ze geïrriteerd en schok zich toen rot. "JA WAT NU WEER" donderde het door de gang, dat klonk niet als de dood, maar wel luid. "WAT MOET DAT AAN MIJN STAART!!!" Staart? Staart... Pipi schrok nog harder, als dat geweldige ding waar ze tegen op gelopen was, de staart was, hoe groot moest dan het hele wezen wel niet zijn. De rest van de LBD was ondertussen verstijft van schrik blijven staan. "o,o,o" bibberde Fleurtje "wat heeft de domme zus nu weer gedaan." Het wezen draaide zich om en keer naar beneden. Toen hij de bibberende bende fretten zag staan verdween de boze trek rond zijn gruwelijke mond, en hij begon te glimlachen. Dat was eigenlijk nog veel erger want nu werden zijn tanden zichtbaar. Dat leek wel glas, maar Sandy die wel eens op het internet had gesurft als de baas even een biertje aan het halen was, wist dat het diamanten waren en dat die vlijmscherp en erg hard zijn. "HA WAT HEbben we hier" Het wezen liet het volume van zijn stem wat zakken toen hij zag dat de LBD in elkaar kroop. "Nu zeg eens wat, wie zijn jullie en wat doen jullie hier??" Mannie duwde Grietje naar voren, 'Jij bent de leidster" siste hij "praat jij maar met hem" Grietje wist opeens niet meer zo zeker of ze nog wel de leidster wilde zijn, maar ook de rest keek haar aan. "Wij... zijn..." begon ze "fretten... wij zijn de LBD. en wij zijn... op" "DE LBD WAT IS Dat nu weer?" "gewoon de LBD..." bibberde Grietje "De Leidschendamse Beveilingsdienst" "EN WAt komen jullie hier doen??" vroeg het wezen, dat eigenlijk helemaal niet zo onvriendelijk leek te zijn. "Nou wij zijn op zoek naar trollen" zei Grietje kleintjes. "Op zoek naar WAT??", "op zoek naar trollen" zei Mannie die nu over de eerste schrik heen was. "weet u misschien waar wij ze kunnen vinden?" Een bulderend gelach was het antwoord, "HOHOHAHA" het was dat ze eigenlijk nergens heen konden want ze schokken zich een hoedje. "HOHAhahiho" het grote wezen kwam weer tot bedaren, "NOu jullie hebben er een gevonden!" zei het wezen nog wat na hikkend. Verbaast keken de fretten om zich heen. "Waar dan" vroeg Mannie. "Ik ben een Trol" zei de trol. De frettenbende had niet verbaasder kunnen zijn. De trollen thuis waren niet veel groter dan een fret, de kinderen zelfs een stuk kleiner, en dit hier leek wel een berg. "Maar, maar... u bent zo groot" stamelde Grietje. "Wat hadden jullie dan verwacht??" vroeg de trol met een grijns. "Niet zo groot, meer een beetje." begon Mannie. "Nee straks, laten we eerst naar mijn woning gaan, dan kunnen we wat drinken en eten en dan kunnen jullie je verhaal doen, als jullie het daar mee eens zijn natuurlijk." Daar voelde de LBD wel voor, ze waren nu wel een beetje gerust gesteld en over de eerste schrik heen. De trol was veel groter dan ze verwacht hadden maar leek wel vriendelijk. Ze waren moe en hadden wel behoefte aan een hapje en iets te drinken.
De woning was niet erg ver, en hij was gezellig ingericht met een rotsblokje
als stoel en een groter rotsblokje als tafel. Aan de wand hing een
rotsblokje waar aan een hoekje ontbrak. "Een huis is pas een huis als er
iets van kunst aan de muur hangt" verklaarde de trol, toen hij de verbaasde
blik van Fleurtje zag. "Mooi toch, zoals de kunsttrol er in is geslaagd dat
hoekje eraf te halen, net echt." "Ja mooi hoor" zei Fleurtje maar, wat moest
ze anders. De fretten kregen wat helder koud water te drinken, het eten
lieten ze staan, kiezel steentjes liggen nu eenmaal wat zwaar op de maag als
je geen trol bent. Grietje weer hersteld nam het woord en legde de Trol uit
wat ze kwamen doen, dat wisten ze zelf niet eens echt goed, ja kijken of
trollen eng waren, en dat waren ze blijkbaar niet, nu was daar de vraag van
groot en klein bij gekomen. De trol luisterde aandachtig, en leek het
allemaal te begrijpen, hij knikte tenminste regelmatig. "Nou dat is heel
dapper van jullie" zei de trol toen Grietje klaar was met het verhaal. "Wat
als de trollen nu eens wel kwaadaardig waren geweest?" Daar had eigenlijk
niemand van de LBD aan gedacht. "Maar wij zijn vriendelijk wezens hoor"
grijnsde de trol. "Het is wel zo dat veel mensen bang van ons zijn, maar dat
komt omdat ze ons niet kennen en als men iets niet kent, dan is het al snel
een eng iets." Daar konden de fretten wel over mee praten, dat was bij
fretten niet veel anders, zij zouden bijtgrage, stinkende dieren zijn, die
bloed dronken. Althans Sandy had laatst een vraag gezien van een meneer die
vroeg of fretten bloed dronken. Het baasje had aardig boos gekeken toen hij
dat Emailtje las, of was het omdat zij weer eens op het toetsenbord ging
staan? "En wat de grote betreft", "ja hoe zit het daarmee" wilde Mannie
weten. "Dat is eenvoudig, jullie hebben gezien hoe donker het hier is, er is
hier geen zonlicht, en dat kan ook niet want als ik in de zon komt dan
versteen ik" zei de trol. "En daarna verschrompel ik. De trollen die jullie
thuis hebben zijn misschien versteende trollen" opperde de trol treurig,
"Trollen die 's morgens niet meer op tijd in de grotten en de gangen konden
komen. want 's nachts trekken wij er altijd op uit moet je weten". "Nee" zei
Sandy, "Nee het zijn geen versteende trollen, ik heb er wel eens eentje in
z'n teen gebeten en dat was geen steen, dat was zachter." "Weten jullie dan
wel zeker dat het trollen zijn" vroeg de Trol. "Opa ziet er wel zo ongeveer
uit als u, alleen een stuk kleiner" piepte Pipi. " Hmmm" de trol dacht diep
na, toen verhelderde zijn blik "ik weet het, het zijn geen echte trollen!"
zei hij. "Geen echte?" Pipi keek verbaast, wat zijn het dan?" "Ik denk" ging
de trol verder, "dat het NyForm trollen zijn, die zijn gemaakt van Latex,
kalk en klei. Mensen die naar Noorwegen, Zweden of Finland komen vinden het
soms leuk om zo'n trol mee naar huis te nemen, als aandenken." "Dat zal het
dan wel zijn" meende Grietje, die bedacht dat de LBD ook maar eens op huis
aan moesten gaan. "We moeten de baasjes niet te ongerust laten worden" zei
ze terwijl ze op stond, "anders worden we met het riempje aan de kooi vast
gemaakt, zodat we niet meer kunnen ontsnappen." Mannie en Sandy wisselde een
veel zeggende blik, het baasje moest wel met iets heel speciaals op de
proppen komen wilde zij niet kunnen ontsnappen.
De bende nam afscheid van de Trol en trok door de vele gangen terug naar huis. Natuurlijk beleefde ze op de terugweg ook weer vele spannende avonturen, zo gingen ze een verkeerde gang in die ze naar... Nee dat vertellen we maar niet, dit verhaal is ten einde. Alleen het ene laatste probleem waar ze mee te maken kregen. Grietje had wel leuk bedacht dat ze via de dakgoot naar buiten konden, hoe ze weer naar binnen moesten, daar had ze dus even niet aan gedacht. Mannie had een goed plan "We gaan de buitenkooi in, als de baasjes straks wakker worden denken ze vast dat ze gister vergeten zijn om ons binnen te halen" Dit plan werd met algehele goedkeuring aangenomen, alleen Grietje had wat bezwaren. Maar dat kon ook niet anders, ze kan nu eenmaal niet zomaar iets van Mannie aannemen. Het was ook grote lol toen de baasjes de lege kooi zagen en later de fretten in de buitenkooi ontdekte. Het ene baasje gaf de ander de schuld en het eindigde haast in een grote ruzie. Het was dat de baasjes aan het werk moesten. De LBD ging lekker slapen, vlak voordat Mannie naar dromenland vertrok bedacht hij zich opeens iets, "die Gang woont toch op de vierde verdieping?? Hoe hebben die ooit een gang kunnen graven.."
Fons Reijsbergen
* De discworld, Rinzwind en de bagage heb ik niet zelf verzonnen, lees de geweldig leuke schijfwereld-serie van Terry Pratchett er maar op na. De Dood praat in HOOFDLETTERS, hij is dus niet aan het schreeuwen.

