Nieuwe BEREKENINGEN leren en
onthouden
I Vier stappen om een nieuwe berekening te leren en
te onthouden
STAP
1 Bekijk de berekening (formule) en het uitgewerkte
voorbeeld dat er vaak bijstaat.
¨ Kun je de
getallen die in het voorbeeld gebruikt worden,
terugvinden in de gegevens ?
¨
Welke
gegevens (grootheden) staan er in de verschillende
onderdelen van de berekening:
teller, noemer,
tussenhaakjes enz.
Noteer.
¨
Kun je
verklaren waarom in de berekening een bepaalde
rekenkundige bewerking (optellen, vermenigvuldigen,
delen enz.) wordt toegepast ?
Noteer.
¨
Bij
complexe berekeningen waarbij de grootheden in de
berekening zelf ook kunnen
worden opgebouwd uit weer
andere berekeningen, is het handig deze
"achterliggende"
berekeningen ook te noteren.
STAP
2 Noteer de algemene vorm van de berekening.
STAP 3 Omschrijf wat de uitkomst van de
berekening
eigenlijk weergeeft.
STAP 4 Indien gewenst zou je ook zelf
een voorbeeld
kunnen
bedenken en uitwerken.
II
VOORBEELD
van de stappen
Een
bedrijf leent bij de bank een bedrag van €
5.000,- á 8% (per jaar)
gedurende 6
maanden.
Bereken de te betalen rente.
UITWERKING: €
5.000,- x 8% x 6
= €
200,-
Stap
1 Bekijk
de berekening (formule) en het uitgewerkte
voorbeeld
dat er vaak bijstaat.
¨
Kun je de
getallen die in de berekening gebruikt worden,
terugvinden in de gegevens ?
€
5.000,- : geleend bedrag (kapitaal)
8/100
: 8% (per jaar)
6/12
: 6 van de 12 maanden van
een jaar
¨
Welke
gegevens (grootheden) staan er in de verschillende
onderdelen van de berekening:
teller, noemer,
tussenhaakjes enz.
Noteer:
Kapitaal,
rente en tijdsduur van de lening.
¨
Kun je
verklaren waarom in de berekening een bepaalde
rekenkundige bewerking (optellen,
vermenigvuldigen,
delen enz.) wordt toegepast ?
Noteer:
-
Als je een percentage van iets neemt, dan moet je
vermenigvuldigen.
- Als je een deel van de jaar rente
wilt berekenen (6/12e deel)
moet je de breuk vermenigvuldigen.
STAP
2
Noteer de algemene vorm van de
berekening:
Geleend
bedrag (kapitaal) x Rentepercentage x Tijdsduur
( K x P x T)
STAP
3
Omschrijf wat de uitkomst van de berekening
eigenlijk weergeeft:
Het
antwoord laat zien welk rentebedrag een geldlener moet betalen.
III
OEFENING
Pas de
stappen toe op de volgende voorbeelden:
Een
werknemer van een accountantskantoor heeft een inkomen in 2001
van
€
2.850,- per maand. Door
promotie heeft hij in 2002 een maandinkomen
van €
3.107,-.
Bereken de procentuele stijging van zijn maandinkomen.
Uitwerking:
€
3.107,- -
€ 2.850,-
x
100 = 9%
€
2.850,-
Stap
1:
Stap 2:
Stap 3:
Stap 4:
Een
belegger heeft een bedrag van €
4.500,- geďnvesteerd in
aandelen Koninklijke Olie (Shell). Na een
jaar verkoopt hij het pakket
aandelen met een winst van €
1.125,-.
Bereken
het rendement van zijn belegging.
Uitwerking:
€
1.125,- x 100
= 25%
Stap
1:
Stap 2:
Stap 3:
Stap 4:
IV
SAMENVATTING
Benoem zo bondig mogelijk de stappen bij het leren en onthouden van
berekeningen.
Stap 1:
Stap 2:
Stap 3:
Stap 4: