Zondag 1 oktober

Lake Baringo - Kapenguria

 

We breken weer op zonder verder een nijlpaard aan wal te hebben gezien.

Na het ontbijt zeggen we de grote camping schildpad vaarwel, aaien hem nog 1 keer over zijn schildje en beginnen aan onze lange tocht.

Achter in de truck hobbelen we heen en weer tot we in het gebied komen waar de huidige president vandaag komt. Dan ligt er ineens wel vlak asfalt en zijn de wegen ineens wel heel goed!

Wat nog meer onvoorstelbaar is, hoe het landschap om ons heen verandert. Het wordt groener en de mensen zijn ook Westers gekleed. We stoppen in het plaatsje Eldoret waar we hopen te kunnen e-mailen naar het thuisfront. Helaas, het is zondag en zo ongeveer alles is dicht. Ook het tentje waar we op aanraden van Nicole willen gaan eten is dicht. Volgens de Lonely Planet kun je bij Otto’s café ook goed eten en dat klopt. Voor slechts ƒ 2,50 eten we een flink bord frites met sla, worst en een flesje drinken. Een fooi kan er dan zeker wel vanaf.

 

We rijden verder en vanuit alle hoeken en gaten komen kinderen aanrennen om vol enthousiasme naar ons te zwaaien. We krijgen er bijna een pijnlijke arm van. Als we op het eindpunt van onze reis aankomen, belanden we in een Engelse oase (Sirikwa). Een oudere mevrouw van Britse afkomst (zij is daar geboren, maar haar ouders waren Britse kolonisten) runt hier met haar dochter een camping. Ze heeft een Engelse tuin aangelegd en dankzij de regen van de afgelopen dagen ziet alles er groen, fris en mooi uit. We huren hier een tent met echte bedden dus wij slapen lekker vannacht. Dat kost nog geen tientje per man dus daar kunnen we het niet voor laten. Ook Kenyatta moet het hier geweldig vinden, want hij heeft een eigen keuken ter beschikking. Weliswaar in de open lucht maar toch.

Een met houtskool gestookte warme douche is het heerlijke toetje van vandaag.

 

 

Maandag 2 oktober

Kapenguria-Lake Turkana

 

We hebben een lange dag voor de boeg en zeggen al vroeg onze groene Engelse camping vaarwel. Tijdens het rijden waait een koude wind door de truck. We beseffen dan nog niet dat we daarvan moeten genieten. Het einddoel van de reis is Lake Turkana en daar is het warm en vooral droog.

We zijn net lekker aan het tuffen als we een roadblock tegenkomen. Men heeft gewoon een rij akelige stekels over de weg gegooid. In het gebied dat nadert, is het verstandig om in konvooi te rijden met bewaking aangezien daar diverse vrachtwagens, trucks e.d. overvallen zijn in het verleden. Het konvooi vertrekt ’s morgens om 6 uur (voor ons absoluut niet haalbaar geweest), en om 1 uur ’s middags. We leven op dat moment 11 uur ’s ochtends.

We mogen dan ook absoluut niet verder rijden. Volgens Nicole is het geplande konvooi een wassen neus. Je verzamelt een aantal wagens en op een vaste tijd mag je doorrijden. In de eerste en laatste wagen komt bewaking. In de praktijk is het zo dat iedereen de verloren tijd probeert in te halen en er als een gek vandoor gaat waardoor heel het konvooi uit elkaar valt. Wat Nicole wil is een eigen bewaker in de truck en zelfstandig doorrijden. Nou dat wordt een hele kluif. Er wordt onderhandeld, gesmeekt en aangedrongen, maar nee orders zijn orders. We moeten naar de officier willen we verder komen. Rufus en Nicole zijn niet voor één gat te vangen, dus we draaien om en gaan op zoek naar een officier.

Het blijkt (naar zeggen van Nicole) een verschrikkelijk irritant en arrogant figuur te zijn. Hij wil niet wijken. Wij kijken vanaf een afstand toe en aan de gebaren van Rufus te zien meent ook hij het serieus. Uiteindelijk na veel vertoon van gezag mogen we gaan met extra water wat we naar de volgende post moeten overbrengen.

 

De wachter stapt mét zijn geweer in en we rijden in een minikonvooi langs de stekels af. Een auto van het wereldnatuurfonds en de VN rijden met ons mee. Vooral de auto van de VN is blij met ons. Zij mogen namelijk geen gewapende mensen aan boord nemen en zitten bij roadblocks dus altijd met een probleem.

 

In de middle of nowhere eten we onze lunch. De warmte is al goed merkbaar en dit is ook het beeld wat we van Afrika hebben. Waar je ook kijkt droogte en warmte. Rustig zetten we onze stoeltjes uit en van alle kanten komen mensen aanlopen. Wat van onze lunch over is, geven we aan hen weg. Zo doen we ook nog goed en dat niet alleen. We hebben al onze lege waterflessen opgespaard en in Lake Baringo weer gevuld. Voor deze mensen is dat goed drinkwater en hier in dit droge gebied kan dat goed gebruikt worden. We beginnen bij deze eerste stop met uitdelen. Onderweg stoppen we regelmatig om eenzame herdertjes water te geven. Houdt je een fles water omhoog dan komen ze fanatiek aanrennen. Helaas heeft dit ook een schaduwzijde als iemand uit de groep zowel een fles water als een fototoestel omhoog houdt. 2 Meisjes komen op de fles water afrennen, maar laten alles uit hun handen vallen en rennen weg als ze de camera zien. Hier in Turkana is het nl. niet gewenst om ongevraagd foto’s van de mensen te maken.

 

Tijdens onze tocht komen we in een steeds droger gebied. De boompjes die er nog staan verminderen in aantal. Soms rijden we ook dwars door drooggevallen rivieren totdat uiteindelijk één grote zandbak overblijft.

We maken een tussenstop in Lodwar om frisdrank in te slaan. Terwijl we daar staan komen direct allerlei mensen op ons af. We zijn weer een bezienswaardigheid. Toch voelen we ons niet bedreigd ofzo. Saskia en ik gaan even de benen strekken en lopen een stukje het dorpje in. De rest blijft in de truck achter en ondanks het toezicht wordt toch een blik bakolie gestolen.
Rufus is al moe van de reis en dit is de druppel, hij maakt ons duidelijk dat we onze spullen goed in de gaten moeten houden. Wij wandelaars worden absoluut niet lastig gevallen dus dat is vreemd.

We rijden weer verder en worden al toeterend ingehaald door onze gids Milton. Hij stapt in en tegen het donker komen we aan bij Lake Turkana. I.v.m. het mulle zand zijn palmbladeren op de grond gelegd, voorzichtig legt Rufus de laatste meters af en dan zijn we hem ineens kwijt. De motor draait nog, zijn portier staat open...... hij is zo het zwembad ingedoken. Hij heeft een hele prestatie geleverd vandaag om in deze hitte en met zulke slechte wegen zo’n lange rit van een uurtje of 10 te maken. Een groot applaus is dan ook zijn beloning.

 

Om de tent zo koel mogelijk te houden zetten we alleen de binnentent op. Het heeft hier toch al 3 jaar niet geregend, dus veel risico lopen we niet. Ook al is de zon al onder het is toch nog moordend warm en zeker als je de tent op moet zetten. Het duurt dan ook niet lang of iedereen dobbert in het zwembad en heeft lak aan de muggen.

 

We logeren hier op een plek waar vroeger een lodge was die inmiddels vervallen en gedeeltelijk afgebroken is. Het zwembad is daar een overblijfsel van. Het is gebouwd op een warmwaterbron en wordt daardoor telkens voorzien van vers water.

 

De douche is een omheining van palmbladeren met een dikke tuinslang waaruit ook weer warm bronwater komt. De toiletten zijn een gat in de grond met ook weer een passende omheining eromheen.

 

We zullen het hier best even uit kunnen houden.

 

 

Dag 7 en 8   <<<<>>>>         Dag 11 en 12

 

Terug naar reisschema