HISTORIE

 

 

·        Een stukje geschiedenis van het Gooise dorp Blaricum

·        De Historische Kring Blaricum, niet meer weg te denken

·        Kroniek van een Erfgooiersdorp Blaricum in 4 delen 1872 – 1922.

                            Arbeid van ruim 20 jaar.

·        Stichting Karakteristiek Blaricum

                            Strijd tegen het verval en de verloedering van het erfgoed.

 

 

 

In zilver, een uitgerukte korenbloemplant

Met drie bloemen van lazuur

De stengel en wortel van sinopel

 

Voor kleurpuristen is er :

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een stukje geschiedenis van  het Gooise dorp Blaricum

        

 

Blaricum is ooit ontstaan uit een Saksische nederzetting. Omstreeks het jaar 1000 was het vermoedelijk een klein buurtschap met hier en daar neergezette hutten en eenvoudige huisjes. De kleine boeren maakten gebruik van het omliggende weidegebied. Een groot gedeelte van Gooiland (vroeger Naerdincklant geheten) was eigendom van Graaf Wichman. Hij schonk dit stuk land aan het klooster te Elten, waar zijn dochter Abdis was. Door keizer Otto I werd deze schenking in 968 bekrachtigd waardoor er in Naerdincklant op een gegeven ogenblik eigen regels en wetten golden.

 

Omstreeks 1280 kocht de Hollandse graaf Floris V Naerdincklant van de abdij en toen werd het omgedoopt in ' t Gooi. Hij schonk de boeren het gebruiksrecht van de weiden, waaruit later de Vereniging van Stad en Lande van Gooiland ontstond.(de z.g.Erfgooiersvereniging). Ook na de moord op graaf Floris V in 1296 bleef de situatie ongewijzigd. Eeuwenlang handhaafde Blaricum zich moeizaam met eenvoudige landbouw, schapenteelt en het weven.

 

Ten tijde van het bewind van hertog Karel de Stoute had Blaricum maar 65 haardsteden (huizen). Op 26 maart 1696 was het letterlijk een zwarte dag voor Blaricum. In een huis veroorzaakte een vrouw een brand die snel oversloeg naar circa 34 haardsteden(huizen/boerderijen), de kerk en een school.

 

Omstreeks 1870 werd 't Gooi en dus ook Blaricum ontdekt door kunstenaars uit Amsterdam en Den Haag. Zij maakten elkaar attent op de schilderachtige omgeving, de soberheid en vooral de zuivere lucht. Na komst van de stoomtram kwamen er veel dagjesmensen vooral uit Amsterdam om een "dagje Gooi" te doen. Blaricum pikte ook een graantje mee met deze welvaart. Het stille en bescheiden Blaricum werd steeds meer bezocht door kunstenaars en vakantiegangers. De boerenbevolking kon wel waardering opbrengen voor de kunstenaars die het sobere boerenbestaan wilden vastleggen op hun schilderijen. En ach, de vergoeding voor het poseren konden de boerengezinnen best gebruiken. De vakantiegangers lieten hier zomerhuisjes bouwen of huurden kamers bij de boeren; de welgestelden bouwden hier villa's en landhuizen en zij gingen dan forensen naar Amsterdam. Blaricum breidde zich meer en meer uit en toen de overheid besloot om de rechten van de gemeenschappelijke weiden van de boeren te kopen, besloten velen hun bedrijf te beëindigen en zo kwam veel grond ter beschikking voor woningbouw. Het "Duizendjarige" Erfgooiersinstituut werd in 1976 opgeheven.

 

Blaricum was in het verleden ook voor met name Huizen en Laren een erg gewilde prooi om in te lijven. Beurtelings hebben zowel Huizen als Laren deze poging ondernomen, maar tevergeefs. De "beroemdste" poging was in 1922 van Laren, doch de gehele Blaricumse bevolking trok toen "ten strijde" en allen waren voorzien van het Wapen van Blaricum, de Korenbloem. En tot op de dag van vandaag is Blaricum nog steeds zelfstandig en wat de bevolking betreft. blijft dat zo.

 

Het is goed toeven in Blaricum met z'n hulsthagen, leilinden, onnavolgbare weggetjes en prachtige (woon)boerderijen.

 

 

 

 

   Terug naar Begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Historische Kring Blaricum,  niet meer weg te denken

 

Op 1 maart 1982 vergaderde op initiatief van wijlen Aart van Keulen en Piet v.d.Bergh een aantal personen om te spreken over de oprichting van een Historische Kring. En op 14 mei 1982 kwam een 70-tal genodigden bijeen voor een voorlichtings- en oprichtingsbijeenkomst in Café d'Ouwe Tak. Aan het einde van deze vergadering gaven zich direct 42 personen als lid op. Eind 1982 waren er al 85 leden. De Historische Kring groeide gestaag. Het eerste Lustrum in mei 1987, met de toenmalige Gemeentesecretaris Adri van Zon als Voorzitter en ondergetekende als Secretaris van de Lustrumcommissie, werd gevierd met een grote tentoonstelling van Beeldende Kunst uit particulier bezit in het gemeentehuis Nederheem; naar aanleiding van deze tentoonstelling heeft Gerard Adema een ”Namenlijst van Beeldende Kunstenaars Blaricum 1890 - 1970” samengesteld; kunstenaars die omstreeks 1900 vooral vanuit Amsterdam naar het Gooi kwamen; uit de bedompte stad naar de frisse natuur van het Gooi; ook de basisscholen werden ingeschakeld voor een project en er werd een fotowedstrijd gehouden onder het motto ”Blaricum in de vier seizoenen". De toenmalige Commissaris van de Koningin in Noordholland, drs R.J.de Wit toonde zijn belangstelling door een groot deel van de dag aanwezig te zijn. Wellicht voor de historie interessant om de samenstelling van de eerste Lustrumcommissie bekend te maken: Naast eerdergenoemde Adri van Zon en ondergetekende waren de commissieleden Gerard Adema, Aart van Keulen, Bob Anink, Stef Nieuwenhuizen en Coby Ploeger-v.d.Gijp. Helaas zijn de laatste vier genoemde leden inmiddels overleden. De Historische Kring was en is nog steeds bijzonder actief met de vele lezingen over boerderijen, straten, bedrijven en bijzondere mensen; lezingen met dia's ondersteund en verzorgd door eigen leden, maar ook hielden gastsprekers voordrachten over interessante onderwerpen. Iedere lustrum werd weer op een ander wijze gevierd en in 2002 werd de vierde lustrum (20 jaar bestaan) herdacht door een rondwandeling in het oude dorp en een boekweitmaaltijd.

 

Over rondwandeling gesproken. Blaricum leent zich uitstekend voor een rondwandeling met uw gasten, familie, vrienden en kennissen. Er komen bezoekers uit heel Nederland. De Historische Kring stelt tegen een geringe vergoeding gidsen/rondleiders ter beschikking en deze rondleidingen(van 1 tot 3 uur naar keuze) doet de Kring al jaren en met veel succes. Interesse ? Neem contact op met de secretaris:  Jan Verwaal;  telefoon:  035 - 531 44 62.

 

Of bezoek eens het onderkomen van de Historische Kring aan de Brinklaan 2a, open iedere donderdagavond van 20.00 - 22.00 uur en zaterdags tussen 14.00 en 16.00 uur. Lid worden kan ook tegen € 12,50 per jaar en buiten Laren en Blaricum € 15,00 in verband met de portokosten. U krijgt drie maal per jaar het prima uitgevoerde ledenblad met relevante informatie over de Kring. Bel de secretaris voor nadere informatie.

 

Op vele terreinen is de Kring actief. Een greep uit de activiteiten: Speciale tentoonstellingen, uitgifte van boeken en andere geschriften, belangstelling voor de jaarlijkse Dag van het Werkpaard, deelname aan het inventariseren van boerderijen in het kader van het Jaar van de Boerderij, het gemeentebestuur adviseren omtrent monumentale en beeldbepalende panden, verzamelen van ansichtkaarten en bidprentjes en documenteren van hedendaagse situaties in het dorp. Kortom, de Historische Kring is niet meer weg te denken uit het gewone dagelijkse doen en laten van Blaricum.

 

En dat is nou nèt het beoogde doel van onze vereniging !

 

 

Hiernaast exemplaren van

ons officiële orgaan door de

jaren heen.

 

Zoals u ziet heeft het een

evolutie doorgemaakt.

 

Echter ; Moge Blaricum

haar oorspronkelijke

karakter behouden !!!!

 

 

 

 

Naar de Homepage van de Historische Kring Blaricum   

 

 

 

 

   Terug naar Begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kroniek van een Erfgooiersdorp Blaricum in 4 delen 1872 – 1922.

                                   Arbeid van ruim 20 jaar.

 

De Historische Kringen in het Gooi en Vechtstreek zijn aangesloten bij de Stichting ”Tussen Vecht en Eem” en tijdens één van de informele bijeenkomsten van deze stichting, de z.g.”Tiende Kout” (omdat het altijd op de 10e van de maand plaatsvond) begin van de jaren tachtig in de ”Turfloods” te Naarden, moedigde Klaas Sierksma(de bekende heraldicus) uit Muiderberg mij aan om ”iets” te schrijven over Blaricum. De reden hiervan was, dat ik tijdens onze maandelijkse discussie opmerkte dat er over Blaricum zo weinig publicaties waren in tegenstelling tot b.v. Hilversum, Laren en Bussum.

Om mij te oriënteren in welke richting ik zou gaan, adviseerde hij mij om het boek van Vinhuizen:”Stads- en Dorpsbeschrijving van Groningen” eens te lezen.

Mijn besluit stond vast na het lezen van Vinhuizen's boek: ik wilde een soort dagboek over alledaagse dingen gaan schrijven. En na een grondige voorbereiding hoe ik het zou aanpakken, kreeg ik toestemming en medewerking van de toenmalige hoofdredacteur van ”De Gooi- en Eemlander”,Dr.G.Pikkemaat om in het archief van dit blad (toen nog aan de Groest te Hilversum) het een en ander op te schrijven. Kortom, vele jaren was ik zowel in het dagbladarchief alsmede in het gemeentelijk archief van Blaricum werkzaam geweest. De Voorzitter van de Historische Kring Blaricum, de heer Aart van Keulen, was mijn grootste promotor en jutte mij flink op om door te zetten. Toen deel I van het boek werd gepresenteerd, was hij helaas vanwege een ziekte geen voorzitter meer, maar hij was wel aanwezig; zo ook bij de presentatie van deel II. Ruim 20 jaar heb ik aan de totstandkoming van deze serie over het Erfgooiersdorp Blaricum gewerkt en met veel plezier, te meer daar ik werd bijgestaan door een uiterst deskundige projektgroep van de Historische Kring, o.a. Stef Nieuwenhuizen, Bob Anink, Gerard Adema, Coby Ploeger-v.d.Gijp, Co van Bart van Jaap Vos, Ron Machielse en Wim Visser.

En toen in november 2002 deel IV ten doop werd gehouden, betekende dat tevens een afsluiting van een belangrijke gebeurtenis in 's mensen leven.

 

 

DEEL I periode 1872 - 1904.

 

Het Voorwoord werd geschreven door de deskundige bij uistek van de Gooise historie, (wijlen) Dr. A.C.J. de Vrankrijker.

Dit deel behandelde o.a.de aanleg van de Gooise tramweg, de komst van de eerste niet-autochtone burgemeester, de komst van de vele kunstenaars, maar ook van de projectontwikkelaars, de geschiedenis van het Paviljoen(Rotonde),het begin van de Erfgooierskwestie, de vele bezoeken van Regentes Emma en Koningin Wilhelmina en de Kolonie van de Internationale Broederschap. Deze gebeurtenissen gaven een beeld van het leven in deze periode.

 

 

DEEL II periode 1905 - 1912.

 

Het Voorwoord werd geschreven door de laatste voorzitter van de Vereniging Stad- en Lande van Gooiland(Erfgooiersvereniging) en oud-burgemeester van Blaricum Mr.M.Tydeman.

In dit deel stond de toenmalige burgemeester Hosang nadrukkelijk in beeld. Naast de vele goede dingen die hij gedaan heeft, struikelde hij over een tweetal fraudes en mishandeling van de veldwachter. De schaardagen (de dagen waarop de boeren met hun vee de meent op mogen) waren in die tijd even hectisch met botsingen tussen de Oude- en Nieuwe Erfgooiersleden. En steevast stond burgemeester Hosang bij het toegangshek om alleen de leden van de Oude partij toegang te verlenen; hij werd dan vergezeld door Rijksveldwachters. Een mooi verhaal ook over de ”vredige, rustige en kalme” Torenlaan, omringd door bebouwde akkers, dennengroen en bloeiende struiken. De bouw van het St.Vitusgebouw, de aanstelling tot Gemeentearts van Dr.B.F.Catz en de afkondiging van de Erfgooierswet van 1912 om voor eens en altijd de strijd tussen oude- en nieuwe Erfgooiers te voorkomen, completeerden dit deel.

Het leven van alledag in een zo unieke dorp als Blaricum.

 

 

DEEL III periode 1913 - 1918.

 

Het Voorwoord werd geschreven door de oud-burgemeester van Blaricum Mevr.drs.A.J.Le Coultre-Foest.

Als een rode draad loopt door dit deel de Eerste Wereldoorlog, de komst van de Belgische vluchtelingen, de armoede, weinig of geen voedsel; de benoeming van Larens burgemeester Jhr.Van Nispen van Sevenaer tot tevens burgemeester van Blaricum zette kwaad bloed bij de bewoners; de jaarlijkse ”ouderwetse” kloppartij aan de vooravond van de kermis tussen Blaricumse-, Laarder- en Huizer jongelui; de oprichting van een politieke partij, de z.g.”Neutrale Partij” en het doorsijpelen van de landelijke politiek (mislukte staatsgreep van Pieter Jelle Troelstra); deze gebeurtenissen lieten de ”Parel van 't Gooi” niet onberoerd.

 

 

DEEL IV periode 1919 - 1922.

 

Het Voorwoord werd geschreven door de oud-Commissaris van de Koningin in de provincie Noord-Holland, Drs.R.J.de Wit.

Een paar willekeurige ”highlights” uit dit deel. De burgemeester van Laren/Blaricum vond, dat kleine gemeenten niet moesten ageren tegen de Regering, want de Regering wist best wat goed of niet goed was voor de kleine gemeenten; een stel verliefde jongelui, die tijdens het fietsen alleen maar oog voor elkaar hadden, en niet hadden gemerkt, dat de sturen van de fietsen in elkaar grepen, waardoor zij rollebollend over straat rolden; natuurlijk was 1922 een geweldig jaar voor Blaricum: de Minister van Binnenlandse Zaken trok het wetsontwerp in dat de mogelijkheid gaf dat Laren Blaricum kon inlijven. De mensen liepen op straat met een korenbloem, het Wapen van Blaricum. En Blaricum kreeg , nadat het vanaf 1913 een burgemeester moest delen met ”aartsvijand” Laren, weer een eigen burgemeester: J.J.Klaarenbeek, de Bussumse Gemeente-Ontvanger. En zo eindigde de vierdelige serie in 1922 met een glorieus feest dat Blaricum de aanval van Laren heeft afgeslagen en zelfstandig bleef. Tot begin van de Tweede Wereldoorlog, maar dat lag nog zo ver weg.

 

 

 

 

 

 

 

 

   Terug naar Begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

”De afbraak tekent zich af in het dorp. Het lijkt wel of de weg van onverschilligheid en de minste inspanning wordt bewandeld. Respect voor ons erfgoed heeft afgedaan. Als deze ingeslagen weg blijvend wordt voor de toekomst, heeft het Gooi over 100 jaar geen parel meer”

(Wim Visser, oud-voorzitter van de Historische Kring Blaricum in het verenigingsblad Deelgenoot nr. 38, blz.94)

 

”Wel ja, gooi de boel maar tegen de grond. 't Is wel een karakteristiek huis………maar wat geeft dat nou ? Zo zijn alleen al op de Noolseweg (maar ook elders: Vliegweg, Torenlaan, Naarderweg) talloze huizen tegen de grond gegaan. “Even plat gelegd !” Weet u dat die huizen bepalend zijn voor de omgeving, voor ons dorp in het geheel. Hoe kunnen we dit beleid stoppen ?”

(Mevr.E.Arntzenius in Hei en Wei van maart 2002, jaargang 25 nr. 251, bladz.3)

 

Deze twee citaten uit ingezonden stukken van twee Blaricumse inwoners waren de aanleiding dat in het voorjaar van 2002 Wim Visser en ondergetekende bij elkaar gingen zitten om te overleggen wat er aan gedaan kon worden. Na vele gesprekken kwamen we tot de conclusie dat er een vereniging of stichting opgericht moest worden naar het voorbeeld van ”Hilversum Pas Op !” en de stichting ”Curtevenne” te Kortenhoef, met als doel de ongebreidelde “afbraak t.g.v. ongepaste nieuwbouw” tegen te gaan. Verwezenlijking van het een en ander zou in het najaar van 2002 plaatsvinden.

 

Helaas moest Wim Visser na de zomer afhaken wegens privé omstandigheden, zodat de schrijver dezes de kar verder alleen moest trekken. Na veelvuldig overleg met enige vooraanstaande Blaricumse ingezetenen, een gedegen voorbereiding en het aanzoeken van bevlogen inwoners, werd de  Stichting Karakteristiek Blaricum   in het voorjaar van 2003 opgericht.

 

Het bestuur van de stichting bestaat thans uit: Voorzitter: Ir.Maarten Evelein; Secretaris: Mr.Lucy Kingma-van Meer; Penningmeester: Mr.Gemma Jansen en de Alg.Bestuursleden: Carlo Andreoli, Ir. Rosmarijn Boender, Jan Hoijtink, Harry Klein en Frans Schinkel.

 

Het doel van de stichting is (conform de tekst in de, door notaris mr M.F. Le Coultre te Hilversum gepasseerde, oprichtingsakte:) ”Het bewaken en stimuleren van het gebiedsgerichte ruimtelijk kwaliteitsbeleid van en in de gemeente Blaricum, zodat de kwaliteiten en karakteristieken van het dorp Blaricum behouden blijven en/of versterkt worden en nieuwe ontwikkelingen terzake deze ambitie gestimuleerd worden.”

Anders gezegd, het doel van de stichting is bewaking van de schoonheid van heel Blaricum, en stimulering van ontwikkelingen die daarbij een bijdrage kunnen leveren. De stichting is het gevolg van de voor vele Blaricummers ongewenste ontwikkelingen op het gebied van niet in de omgeving passende nieuwbouw en verbouw of sloop van karakteristieke panden in Blaricum.

 

U kunt het zich voorstellen dat ondergetekende een gelukkig mens is dat hij, samen met de eerder genoemde mensen, tegen verder verval van het Karakteristieke Blaricum  middels een legitieme en geregistreerde organisatie een vuist  kan tonen. De stichting gaat er onverminderd tegenaan met alle haar ten dienste staande wettelijke middelen om verdere afbraak en zinloze vernieling van het historische en daardoor juist zo Karakteristieke Blaricum tegen te gaan.

 

Adres secretariaat van de  Stichting Karakteristiek Blaricum  is:

Bussummerweg 2

1261 CA Blaricum

telefoon: 035 - 531 54 44.

 

 

 

   Terug naar Begin

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Laatst gewijzigd op :