(Beeld aanpassen aan je scherm met ctrl + en ctrl -; F11 geeft volledig scherm)

Het aardse-project   (13-05-2012)

Deel 1: de vrije-wil

Naar: Printversie (om dit onderwerp te printen op A4)

Naar: Trefwoorden (voor vraag en antwoord)

Naar: Hoofdpagina

 

1.  Het aardse schaalmodel:

   Dit hele gebeuren zoals het bij jullie op aarde gaat, is een test of project voor de rest van het universum. [Maja-2007, 4 maart /5].

 

   Wat hier op aarde plaatsvindt is voor het hele universum een uiterst leerzaam en aanschouwelijk tafereel in verband met de vrije-wil. Het wordt op onze aarde op schaalmodel  uitgevoerd zodat het binnen ‘veilige’ grenzen blijft.

 

2.  De vrije-wil:

    Een van de dingen die het leven aangenaam maakt, is vrijheid te hebben om te kunnen doen wat we graag zouden willen. In het universum bevindt zich een zeer groot aantal wezens met een vrije-wil. En het is prachtig als het voor iedereen leuk en aangenaam is en blijft. En dat er ook steeds meer valt te genieten van elkaar en van alles wat al gecreëerd is en nog zal worden gedaan in het universum.

 

3.  Mogelijke problemen met de vrije-wil:

   De luxe van vrije-wil van de één kan echter inbreuk maken op de vrije-wil van een ander. Er zouden meningsverschillen kunnen ontstaan met ruzies, vetes en zelfs oorlogen als gevolg. Het is dus heel belangrijk dat er, vooral in zo’n grote universele leefgemeenschap, in goede harmonie wordt samengewerkt.

 

4.  In het universum:

   Wij hebben begrepen dat er zich in het universum problemen met de vrije-wil hebben voorgedaan. Zelfs in die mate en zo wijdverbreid dat de goden/God drastisch hebben moeten ingrijpen door de vrije-wil van wezens aan banden te leggen. Daardoor werden onomkeerbare escalaties voorkomen.

 

5.  Het beperken van de vrije-wil met wetten:

   Als in het aardse schaalmodel problemen rijzen, dan worden die door mensen overwegend aangepakt via ‘de snelle methode’. Er worden dan regels en wetten opgesteld. Dit vereist vervolgens een leger aan regelneven en controleurs die sancties en straffen kunnen opleggen. En zo wordt gepoogd de vrije-wil van mensen te regelen en te begrenzen, waarbij “de ene mens over de ander gaat heersen”. En het is nog maar de vraag of dit een goede en blijvende oplossing is voor rust, vrede en harmonie?

 

6.  Mogelijke gevolgen van wetten:

   Het opleggen van wetten en met sancties handhaven, mag dan een snelle methode zijn om dingen onder controle te krijgen en ogenschijnlijk ook te houden. Maar toch is dit geen ideale situatie want het kan tot opstapelen van ‘buskruit’ leiden. Neem als voorbeeld wat er op 7 oktober 1970 in de stad Montreal gebeurde. Op die dag ging de politie in staking. In het tijdschrift Ontwaakt! van 22 maart 1970 werd vermeld hoe deze dag verliep:

 

Een dag zonder politie:

“….. roofovervallen, gooien met molotovcocktails, banken werden beroofd, brandstichtingen, plunderingen van winkels, talloze vernielingen, complete chaos in het verkeer omdat niemand zich meer aan de verkeersregels hield, vele miljoenen aan schade en een aantal mensen werd gedood.”

 

6.1  Buskruit:

   Tot op die dag was het ‘fatsoenlijke’ gedrag van veel mensen eigenlijk gebaseerd op angst voor straf bij het overtreden van uitwendig opgelegde wetten. Op die basis was er ogenschijnlijk een stabiele samenleving gecreëerd. Bij het wegvallen van het “Big-Brother”-toezicht en daarmee de angst voor straf, bleek de zaak in werkelijkheid een groot vat buskruit te zijn.

 

6.2  Ontoereikendheid van wetten:

   Grote hoeveelheden wetboeken en torenhoge stapels papier vol met genuanceerde regels en voorschriften tezamen met macht en sancties hebben misdaad niet kunnen uitbannen. En ook is er daardoor nauwelijks besef van ‘normen en waarden’ bijgebracht. Daarom is de stabiliteit van deze wereld een twijfelachtige stabiliteit en kunnen wereldwijd ‘vaten buskruit’ hoog opgestapeld liggen.

 

6.3  Groei en escalatie:

   Het Montreal-effect zou op talloze plekken kunnen uitbreken. In steden wordt het steeds moeilijker om alles onder controle te houden en lokt dit een aanzwellende hoeveelheid wetten en regels uit. Het in toom proberen te houden met méér wetten en méér regels roept op zijn beurt méér verzet op omdat dit indruist tegen het vrije-wil-gevoel. Verkapt of openlijk verzet wordt beantwoord met nog méér regels. En zo groeit “Big-Brother” in een over-en-weer proces via ‘meer blauw op straat’, op elke hoek een bewakingscamera, verplichte legitimatie, zero-tolerance, lik-op-stuk-beleid, gestadig door tot een politiestaat. Vrije-wil reguleren met opgelegde wetten en regels samen met straf en sancties blijkt niet zo’n harmonieus en gelukkig huwelijk te zijn.

 

6.4  Op grotere schaal:

   Wat zich in de stad Montreal heeft voltrokken kan zich ook op veel grotere schaal voltrekken. Als de politie in een land zou gaan staken, zou het Montreal-effect op veel plaatsen kunnen uitbreken en zich kunnen uitbreiden over een heel land. Maar ook wereldwijd kunnen vaten buskruit opgestapeld liggen en zou het Montreal-effect overal kunnen uitbreken en zich kunnen uitbreiden tot een wereldbrand.

 

7.  Het alternatief:

   Laten we terugkeren naar de beruchte ‘dag zonder politie’ in Montreal. Hoewel het niet in het artikel stond vermeld, mogen we toch aannemen dat er mensen zijn geweest die hier niet aan mee hebben gedaan omdat ze dat zélf niet wilden. Deze mensen hadden een inwendig besef van ‘goed en kwaad’; ze hadden de ‘wetten in hun verstand en hart’, dat ook wel het ‘geweten’ wordt genoemd. (Vergelijk Jeremia 31:33). Deze mensen zullen, na de gevolgen te hebben overzien, nog beter zijn gaan beseffen dat inwendige wetten beter zijn dan met macht en dwang opgelegde uitwendige wetten en angst voor straf.

   Ook zal een aantal mensen dat wel had meegedaan, na die dag tot bezinning zijn gekomen dat het verkeerd was geweest. Zij zijn daardoor tot een bepaald besef van ‘goed en kwaad‘ gekomen waardoor het mogelijk is dat ook zij bij een volgende ‘dag zonder politie’ niet meer zullen meedoen. Dan hebben zulke gebeurtenissen toch ook nut gehad, in de zin dat het mensen bewust heeft gemaakt van hun daden en gevolgen daarvan.

 

8.  Het inwendige besef:

   Hoeveel beter is het dus als mensen zich laten leiden door inwendige wetten in hun verstand en hart, verkregen door het ervaren van de gevolgen van daden. Als iemand het besef van ‘goed en kwaad’ in zijn geweten heeft en hier naar leeft, is het vat buskruit in hem zelf leeg. Of de uitwendig opgelegde wetten nu wel of niet bestaan, het maakt geen verschil; er zal geen Montreal-effect zijn bij zo’n persoon. Een samenleving waarin iedereen leeft vanuit een inwendig besef van ‘goed en kwaad’ (het “geweten” hebben) zal veel veiliger en stabieler zijn. De vraag is nu, hoe krijgt elk individu dat inwendige besef wanneer iets goed en wanneer iets verkeerd is?

 

9.  Eigen ervaringen:

   We leren het meest en het snelst door eigen ervaring, dus door iets zèlf mee te maken of te ondergaan. Een (overbezorgde) moeder kan haar kind voortdurend waarschuwen niet te dicht bij een hete kachel te komen. Ze kan het zelfs onmogelijk maken door bijvoorbeeld een scherm te plaatsen. Maar waarschijnlijk zal ze dat ‘verbod’ regelmatig moeten herhalen. Als het kind echter één keer zijn hand voldoende brandt, heeft hij het in één keer geleerd en zijn wetten en waarschuwingen en ook het scherm overbodig geworden. De ervaring is in de geest van het kind gekomen. Gedicteerde wetten werken niet afdoende, ervaringen werken prima.

 

10.  Aanschouwelijk onderwijs:

   Ook aanschouwelijk onderwijs kan besef bij brengen, dus het zien van wat er gebeurt in bepaalde situaties. Het zien van bijvoorbeeld een dramatisch ongeluk kan een diepe indruk achterlaten. Zelfs het zien van een film kan een diepe indruk achter laten door het inlevingsvermogen.

 

11.  Het vrije-wil-project:

   Daarom is in het universum besloten om op kleine schaal een aanschouwelijk project te starten met de vrije-wil. Ons melkwegstelsel is gereserveerd als proefterrein, waar allerlei projecten kunnen worden uitgetest. Het is een afgeschermd gebied zodat de vlammen van een mogelijk uitslaande brand niet de rest van het universum in de fik kan zetten. In ons melkwegstelsel is de aarde gekozen als plaats voor het vrije-wil-project. De aarde is vervolgens ingericht als afspiegeling van het universum en leefbaar gemaakt voor wezens die in dat vrije-wil-project zouden willen ‘meespelen’.

 

   Dat waren wezens die wel mee wilden helpen met iets nieuws en zich dus vrijwillig hebben laten planten op jullie aarde.  [Maja-2006, 5 juni /4].

 

 

11.1  Enkele aspecten:

   Om in het project met vrije-wil alle facetten van vrije-wil te kunnen belichten, mochten de wezens zich niet teveel bewust zijn van waar ze mee bezig waren. Want dan zouden ze daarop kunnen inspelen en anticiperen door bijvoorbeeld bepaalde dingen juist wel of juist niet doen. Om die reden is er gekozen voor nieuw gecreëerde wezens als spelers. Dus zonder een, door ervaring verkregen, besef van ‘goed en ‘kwaad. En dat zijn de mensen die op bewustzijnsniveau 3 zijn begonnen met hun leven. [Bewustzijnsniveaus]. Zo kon, zonder het universum er aan op te offeren, op een ‘veilige’ manier het hele universum de gevolgen zien van onafhankelijke en ook extreme vrije-wil. Hoe problemen met de vrije-wil kunnen beginnen, waar kantelpunten liggen en dan kunnen escaleren in onomkeerbare situaties. Om daarmee inzicht te verkrijgen in ‘goed en kwaad’ teneinde in harmonie met elkaar te kunnen leven.

 

12.  Toelichting van Maja:

      Op aarde zijn jullie heel erg bezig om te leren van het probleem disharmonie. De bedoeling is natuurlijk om evenwicht te vinden, maar door de vrije wil ziet het er naar uit dat het een moeilijke opgave is. Het is nog steeds een lesprogramma voor alles en iedereen om te ontdekken hoe balans, liefde uitgebreid kan worden om te voorkomen dat er verschrikkelijke dingen gebeuren en alles verknald wordt. [Maja-2008, 29 februari /3].

 

Naar deel 2: Goed en kwaad

Naar: Trefwoorden (voor vraag en antwoorden)

Naar: Hoofdpagina