(Het beeld aan je scherm aanpassen met ctrl+ en ctrl-; F11 geeft volledig scherm)
Seksuele gevoelens
(18-05-2012)
Naar: Printversie (om dit onderwerp te printen op A4)
Naar: Trefwoorden (voor vragen en antwoorden)
Naar: Hoofdpagina
1. Seks en liefde:
Mensen denken vaak dat liefde, seks is.
Misschien ontnuchterend maar de seksuele aantrekkingskracht heeft weinig met
‘echte liefde’ te maken. Het is “iets aards”,
iets dat dus eigen is aan het fysieke
lichaam van de mens. Maja zegt dat wij geen volledig
begrip hebben van ‘echte liefde’ en die verwarren met ‘seksuele liefde’.
Jullie
verwarren seksuele liefde met echte liefde. Het zijn twee
verschillende dingen. Ik hoor je nu zeggen: bij ons niet. Dat denk je maar.
Maar echt waar Cobie, jullie mensen kunnen dat moeilijk scheiden omdat dat zo
ingebakken zit, seks is iets aards. [Maja-2006,
26 januari /1].
2. Bepaald door hormonen:
Seksuele gevoelens
worden bepaald door hormonen in ons fysieke lichaam. Nemen die stoffen af dan
neemt ook de ‘seksuele liefde’ af. Worden ze kunstmatig toegevoegd aan ons
lichaam dan neemt de seks-lust ook toe. Krijgen we
als man, vrouwelijke hormonen toegediend of als vrouw, mannelijke hormonen, dan
verandert ook onze seksuele geaardheid. Zo simpel is het. Maar “echte liefde”
is niet een hormonenkwestie; ‘echte liefde’ kan gewoon blijven bestaan ook als
de hormonale werking is uitgeput.
3. De ‘echte liefde’:
‘Echte liefde’ is een geestelijke kwestie en heeft weinig van doen met
fysieke aantrekkingskracht. In een bijbelvertaling
staat in 1 Korinthiërs 13:4 (GNB)
een omschrijving van liefde:
De liefde is geduldig, vriendelijk, niet jaloers. De liefde vervalt niet tot
grootspraak en doet niet trots; is niet grof en handelt niet uit eigenbelang,
wordt niet geprikkeld en rekent het kwaad niet aan. [Liefde].
4.
Seks
kan juist liefdeloos gedrag
voortbrengen:
Dat ‘seksuele liefde’ niet hetzelfde is als ‘echte
liefde’ blijkt wel uit het feit dat ‘seksuele liefde’ heel makkelijk liefdeloze eigenschappen in een mens
kan losmaken. ‘Seksuele liefde’ ligt namelijk heel dicht bij “jaloezie”, “uit
eigenbelang handelen” en “het kwade aanrekenen”. Wanneer we iemand hééééééél erg ‘liefhebben’ is namelijk ook de neiging hééééééél sterk aanwezig om het alleenrecht op die ander te
laten gelden. Veel mensen in een relatie willen bepalen wat de ander wel en
niet mag. Vooral op het gebied van seks wordt de partner bezien als eigendom en
bezit. Ze willen graag dat de ander ‘in zijn mand blijft’ en net als een hond
luistert naar de bevelen van ‘de baas’. Opzitten en pootjes geven en blij zijn
als je wat van ‘de baas’ te eten krijgt.
5. De groei van het
grotere-zelf of ziel:
Het kan helpen om
ons te realiseren dat wij allemaal door al onze reïncarnaties heen, vele malen
man en
vrouw zijn geweest en ongetwijfeld met veel mannen en vrouwen seks hebben
gehad. De mannelijke en vrouwelijke energie moet namelijk gemengd worden zodat
onze liefde universeel wordt en wij iedereen kunnen liefhebben. [zie: Het grotere-zelf en ook Macht
en liefde]. Op allerlei manieren contact hebben gehad is van wezenlijk
belang voor de groei van ons grotere-zelf of ziel naar volheid. En we schijnen
er geen problemen mee te hebben dat onze huidige
partner in vorige levens met anderen seks heeft gehad.
6. De invloed van onze opvoeding:
Onze achtergrond en opvoeding spelen als programmering een rol. Wij
mensen zitten met geboden en taboes die ons onder de
noemer van ‘christelijk’ en fatsoenlijk zijn opgelegd. Grootschalige religies
hebben gemeend ‘God te behagen’ met het netjes opvolgen van geboden en
verboden. En dat waren dan de geboden en verboden naar de inzichten van het
religieuze systeem. Doordat grootschalige religie zich gefocust heeft op het
houden van ‘geboden en verboden’ heeft ze ook weinig geestelijke groei in universele
liefde doorgemaakt. Er moest volgens de opvoeding gedacht worden in of-of. Het en-en denken, dus van
meer dat één persoon ‘houden’, zit niet in hun programma en daarom ook weinig
in ons programma. Hoewel het voor velen aanlokkelijk is, maar daar durven we
vaak niet voor uit te komen. Nou ja, het steriel houden-van
een ander dat mag nog net wel. Maar seks met een ander is taboe en onze conditionering
bepaalt dat we dat smerig, gemeen en laag en vernederend moeten vinden. Maar
als je in een vrije commune was geboren en daar opgegroeid, zou je daar vast
anders over denken.
7. De motivatie:
Als het om seks
gaat, dan ligt dat onderwerp ineens heel gevoelig! Is dat dan vanwege de
geboden en verboden of omdat onze eigen afgunst en jaloersheid heel dichtbij op
de loer liggen? Waarschijnlijk gaat het om een combinatie van kerkelijke moraal
én persoonlijke afgunst/jaloezie, in de trant van: “ik
mag dat niet en hij/zij doet maar!”.
Dat liefde en 'houden van'
belangrijk is, heb je al begrepen maar ga daar mee aan de slag en verstop het
niet maar diep het uit, elke keer weer. Het kan nooit ver genoeg gaan want
jullie mensen zijn het verleerd om er goed mee om te gaan. [Maja-2005,
11 juli /1].
8. De midlifecrises als test van ‘echte liefde’:
Mensen weten in het
algemeen wel dat er zoiets als een midlifecrisis bestaat. Maar wie houdt daar
nu echt
rekening mee, want dat treft toch alleen de buren! Wat kan er gebeuren als
iemand zo halverwege zijn leven in z’n midlifecrises terecht komt? Dan
ondergaat hij een flinke karakterverandering en begint aan z’n 2e jeugd en kan dus weer verliefd worden, maar dan
op een ander. [zie: Het grotere-zelf /12.4].
Verandert onze ‘liefde’ voor onze partner in zijn midlifecrises, dan ineens in
jaloezie, haat en nijd en het willen heersen en voorschrijven wat de ander niet
zou mogen doen? Wordt het dan getouwtrek van eigenbelang, knallende ruzie en
wordt er dan over en weer van alles naar het hoofd geslingerd aan opgekropte
gevoelens. En wordt dat dan gebruikt om een ‘gerechtvaardige reden’ te hebben
om de relatie te verbreken? Waar gaat het in dat geval dan echt
om? Gaat het dan eigenlijk om jaloezie en afgunst? Eigenschappen die niet bij
‘echte liefde’ beschreven staan? Als we in staat zouden zijn onze ‘echte
liefde’ te laten overwinnen en jaloersheid en afgunst te beheersen, dan hoeft
een relatie niet per se stuk te gaan. Dan is het niet nodig huis en bezittingen
te verdelen en hoeven kinderen daar niet de dupe van te worden. Zouden we
iemand op basis van ‘echte liefde’, leefruimte kunnen geven om deze
groeiperiode door te maken en hem/haar daarbij bij te staan?
9. Degenen ‘die het niet verdienen’:
Liefde is de drijfveer om het
leven te leven in intensiteit maar je moet die liefde dan ook voelen door je
hele lijf, voor iedereen dus ook voor personen die volgens jou het niet verdienen. Juist die hebben het nodig en
voor jullie is dat dan een proef van
onbaatzuchtige liefde uit te dragen. Ga er maar eens aan staan, zal je
zeggen en ik zeg probeer en doe het maar. [Maja-2005,
20 juni /2]
Liefde is een moeilijke opgave om ten uitvoer te brengen. Mensen zijn
gauw geneigd te zeggen: “ik heb lief”…. Het is belangrijk voor jezelf en
anderen om het ook te menen want daar groei jezelf en wij allen ook van. [Maja-2005, 5 juni /2].
10.
Pleidooi:
Dit is geen pleidooi voor vrije-seks, maar
wel voor vrije-liefde. Liefde voor elkaar is het
uitgangspunt en in echte liefde vindt seks wel zijn eigen plek.
Deze wereld zal worden opgetild
door liefde. Wat dat inhoudt wordt nog wel eens duidelijk als het nodig is dat
jullie het precies te weten komen. We gaan nu samen oefenen om die liefde te
zeggen of te schrijven en ook te voelen, dus je bewust er op instellen. [Maja-2005,
5 juni /3].
11. Androgynie en homofilie:
De mens als
geestelijk wezen is, net als andere geestelijke wezens, androgeen van aard. Dat
wil zeggen: geslachtloos maar wel met mannelijke én vrouwelijke energie. Het geslachtelijke kenmerk van man
en vrouw zit uitsluitend aan het fysieke
lichaam van de mens. Aangezien we in het fysieke lichaam overwegend met onze
fysieke ogen kijken, zijn we gaan denken in afzonderlijke seksen van mannen en vrouwen.
Het kan zijn dat de geest van een mens overwegend vrouwelijke energie heeft en
gekoppeld wordt aan het fysieke lichaam van een man. Als tegenwicht voor die
vrouwelijke energie kan die mens dan op zoek gaan naar de mannelijke energie en
zich aangetrokken voelen tot een fysieke man. Er wordt dan wel gezegd dat zo
iemand ‘in een verkeerd lichaam zit’ en een homofile geaardheid heeft. [zie
ook: Allerlei /1].
12.
‘Seks’ bij geesten:
Geesten hebben geen fysiek lichaam zoals de mens en derhalve
geen fysieke geslachtsorganen. [Vergelijk: De
nieuwe-aarde /13.1]. Ze bezitten wel mannelijke en vrouwelijke energie. Hun
‘seksuele’ beleving is een grotere en intensere beleving dan bij ons
oppervlakkige seks-gebeuren omdat zowel hun
mannelijke als vrouwelijke energie kan samenvloeien met de vrouwelijke en mannelijk energie van de ander. Dit kan zelfs in groter
verband waarbij meerdere geesten zijn betrokken.
Naar: Trefwoorden (voor vragen en antwoorden)
Naar: Hoofdpagina