Intracraniele bloedingen en Periventriculaire leucomalacie
 

 

 

 


Voor de prematuur geboren zuigeling is een intracraniele bloeding een van de grootste bedreigingen, met name de eerste  dagen van het leven. Maar ook een a terme geboren zuigeling loopt het risico op een hersenbloeding. De diagnose periventriculaire leucomalacie kan vaak pas in een later stadium gesteld worden, maar heeft vaak grote consequenties voor de verdere ontwikkeling van het kind.

 

Hersenbloedingen bij a terme geboren zuigelingen

Vaak zijn deze het gevolg van een geboorte trauma bij een wanverhouding tussen het kind en de bekken van de moeder. Bij de geboorte kan het voorkomen dat schedelbeenderen breken en / of hersenvliezen scheuren. Hierbij worden vaak ook bloedvaten beschadigd met een bloeding tot gevolg. Gelukkig komt dit echter nog maar zelden voor. Een bloeding zal sneller ontstaan wanneer er problemen zijn met de bloedstolling zoals bij een thrombopenie.

 

De intracraniele bloeding bij de prematuur geboren zuigeling

Intracraniele bloedingen bij prematuur geboren kinderen onder de 32 weken treden vaak op ter hoogte van de kiemlaag van de hersenen, de germinale matrix. Vanaf de twintigste week van de zwangerschap groeien van hieruit de hersencellen naar de hersenschors tot ongeveer de 34e week.  Deze germinale matrix heeft een zeer rijke vaatvoorziening met echter zeer dunne en kwetsbare bloedvaatjes die nog nauwelijks omringd zijn door steunweefsel. De bloedtoevoer naar de hersenen is o.a. afhankelijk van het CO2 en O2 gehalte in het bloed. Schommelingen hierin leiden toto schommelingen in de bloedtoevoer naar de hersenen. Onder normale omstandigheden zullen bloeddrukschommelingen niet leiden tot grote schommelingen in de bloedtoevoer naar de hersenen. Dit fenomeen heet autoregulatie. Bij de prematuur geborene is deze autoregulatie nog niet volledig effectief. Hierdoor heeft de prematuur geboren zuigeling een aantal belangrijke risicofactoren om juist in de instabiele periode rondom de geboorte en de eerste dagen daarna een hersenbloeding op te lopen.

 

Een doorgemaakte asfyxie is ook een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van een bloeding. Eerst maakt het kind een periode door van ernstig bloed en/of 02 tekort o.a. in de hersenen. Als er in de periode daarna weer bloed gaat stromen naar de beschadigde hersengbieden kan er gemakkelijk een bloeding ontstaan.

 

De hersenbloedingen zij gelokaliseerd in of bij de hersenliquorruimten, de ventrikels. Daarom spreekt men van peri -(bij) en intraventriculaire bloedingen (PIVH). Bij echografisch onderzoek wordt de uitgebreidheid vastgesteld. Op grond van de uitgebreidheid wordt de PIVH ingedeeld in 4 graden.

 

Graad 1 :  Bloeding beperkt tot in de kiemlaag, net onder de ventrikels.

Graad 2 :  Bloeding met uitbreiding naar de ventrikels die dan deels met bloed zijn gevuld.

Graad 3 :  Bloeding met uitbreiding naar de ventrikels met veel bloed in de ventrikels en ventrikelverwijding.

Graad 4 :  Bloeding met uitbreiding naar het hersenweefsel.

 

Met name de graad 3 en 4 bloedingen gaan vaak gepaard met ontwikkelingsproblemen.