.
Jacque en Louise Lapin waren en liefdevol stel en ruim van
opvatting, zij verleidden eenzame echtlieden om deze dan zelf te betrappen
en de bedrogen andere helft dan om schadeloosheid te
vragen. Dit lukte zeker een keer of 6 grandioos en de
personen in kwestie betaalden het gevraagde bedrag en gingen uit schaamte
niet naar de politie. Totdat een vriend van de Franse minister
van justitie spijt kreeg van de betaling en hem zover kreeg om de Sûreté
Nationale er op te zetten en de Schaduw naar Berlijn reist.
Hij werkt daar samen met rechercheur Rudi Klofat, die hem parkeert in
"Hotel am Zoo". Als hij opzoek gaat naar Jacque en
m.b.v. een ladder vindt treft hij hem dood aan in zijn flat, hun laatste
slachtoffers meneer en mevrouw Wohlschein verklaren thuis te zijn geweest
en gezien hun hoge sociale status onderneemt de Berlijnse politie geen
verdere actie. Even lijkt het er op dat de zaak is
afgedaan en de Schaduw reist terug naar zijn Villa waar de gezellen
wachten. Echter de weduwe Louise Lapin belt de Schaduw op en
weet hem over te halen door te vertellen dat meneer en mevrouw Wohlschein
in de flat aanwezig waren op de dag van de moord.
Bovendien zo zegt ze heeft hun huismeisje Ilse Brun verklaard dat het
echtpaar die avond niet thuis was en at hij ook maar eens in "Café
Adolf Brandt" moet informeren.
De Schaduw reist terug met Bruno, Harro en Anne-Marie en hij bezoekt
Schossemayerstrasse 76 c.q. het Friedenhof al waar hij Ilse Brun
waarschuwt voor het einde der wereld. Hij valt echter
door de ruit als hij zich verbergt voor de zoon des huizes die een
gruwelijke hekel heeft aan zijn stiefmoeder.. Hij
besluit om maar eens "Café Adolf Brandt" te vereren met
een bezoek en onder het genot van jeverbier blijkt dat onze Adolf
hoewel altijd met zijn rug naar de Schaduw niet liegt als hij zegt
"mij ontgaat niet veel". Hij bevestigd dat de
Wohlschein's die avond niet thuis waren en dat ze bij hem een blik benzine
hebben overgenomen omdat ze zonder stonden.
De Schaduw weet Klofat te overhalen de flat van Lapin op vingerafdrukken
te onderzoeken en die met de Wohlscheins te vergelijken.
Deze verklaren nu ieder afzonderlijk dat de ander het gedaan heeft hetgeen
een dilemma is.
De Schaduw besluit zijn neus te steken in het ongeluk wat de eerste vrouw
van Wolhschein is overkomen en weet ene Tilbersanne (schijnbaar een hoge
autoriteit te overhalen) en het spoor leid na een tip van de niets
ontgaande Adolf naar Oost-Berlijn al waar de dochter woont van de
Wohlschein's.
Als de Schaduw en Harro voor de tweede maal de bustour door Oost-Berlijn
maken blijven ze achter bij het oorlogsmonument en gaan op zoek naar
Böhmerstrasse 137 III. In een café overmeesteren ze een
vredelievende VOPO waarna Harro de kleren van de ongelukkige moet
aantrekken.
Harro gaat naar 137 III klopt aan en verteld dat hij mevrouw Lapin komt
halen, dan stopt er een taxi voor met August (junior) Wohlschein en het
gaat mis, ze slagen Harro neer en vluchten.
De Schaduw ziet de mensen vluchten maar kan Harro niet achterlaten dus
gaan ze terug naar West-Berlijn. Onderweg verteld hij nog tegen
Harro dat de moeder van de eerste vrouw van Wohlschein was ook een Lapin
en dat hij (als moordenaar) en Anne-Marie (zij was schoonmaakster) de
gevangenis in zijn gegaan om de Wohlscheins uit te horen. Het
rare is echter dat meneer zegt dat Louise naar Parijs moet gaan en mevrouw
zegt dat ze niet naar Parijs moet gaan, wie beschermen ze?
Via Gretchen Ruppert de dochter van de buurman van Lapin (psychiater) komt
de Schaduw er achter dat Louise Lapin thuis was op de dag van de moord.
Na een hint van Adolf Brandt dat Louise bij hem op een kamer verblijft
komt de Schaduw achter de waarheid wie de moordenaar is namelijk August
Wohlschein. De Schaduw weet n.l. uit een brief die hij uit het
huis in oost-Berlijn heeft meegenomen dat de Lapin's de Wohlschein's niet
afperste wegens overspel maar wegens een vermeende brief die licht op de
dood van de eerste vrouw van Wohlschein zou werpen.
Adolf de niets ontgaande barman met ogen in zijn rug en welhaast
paranormale gaven blijkt ook te hebben voorzien dat een goed geplaatst
microfoontje en een recorder soms zijn nut hebben.
De Schaduw erkent dat de barman Adolf eigenlijk de belangrijkste rol heeft
gespeeld, tja zegt Adolf maar jij krijgt de eer. Hierop
weet de Schaduw eigenlijk niets anders te zeggen dan...'C'est la vie'.Uitgebrachte drukken: zwarte beertjes
1967, 1969, 1970, 1971, 1978, & 1981
|