.
De Schaduw maakt kennis met de vriendelijke zwarte hond Bianca van een
kruidendokter in de bar van de heftig kuchende Jean Revoir en Barbette.
Barbette moet niets van de hond hebben. De Schaduw zit hier met Brongé
een oude onderwijzer, Louis een afgekeurde militair en met Davon een
lagere ambtenaar in buitendienst. De heer Brongé geeft de
vreemdeling de tip om het 800 meter verder op gelegen hotel Mobile op te
zoeken omdat men daar niets tegen honden heeft. De Schaduw
krijgt nog even de indruk dat Jean en de kruidendokter elkaar
kennen. Die nacht werkt hij nog verder aan een minder urgente zaak
die hij af wil maken voordat de andere dag Silvère, Manon en Flora op visite
komen, als er plots
een hond verschrikkelijk gaat huilen. Volgens Croquebol omdat het volle maan is, de Schaduw denkt ook aan andere
dingen en besluit om zomaar een "beleefdheidsbezoekje" te gaan
brengen aan de plaatselijke politie commissaris Peugeot. Zijn voorgevoel komt uit
want de kruidendokter is verongelukt in zijn auto, het blijkens de
gesaboteerde remleidingen is het moord. Als de Schaduw de
weduwe van Jacques Docteur wilt inlichten blijkt de dokter nog spring
levend, echter niet voor lang, als de Schaduw zijn spreekkamer heeft
verlaten hoort hij een schot. De echte dokter is vermoord en
slechts een grijze Renault is 1 van de weinige aanwijzingen.
De weduwe had haar citroën Ami aan hem de nep kruidendokter gegeven
inclusief papier maar weigert zijn naam te zeggen. De voornaam
komt hij te weten van de assistente Lisette Prosit die hij samen met haar
vriend Maurice aantreft in de "leeuwenkuil" van bar
Ludique. De zwarte hond blijft maar rondspoken en Peugeot
krijgt reactie op de foto van de namaak kruidendokter in de krant en wel
van de vrouw van Robert-Pierre Partot, Ondine Partot-Millé uit de
Dujardinstraat 4 in Grasse. Tijdens haar verhoor belt ene
meneer Pablé op en de vrouw schikt van de naam, de Schaduw vraagt verder
en komt er achter dat deze Arhtur Devin heet en samen met haar man in wat
duistere zaakjes verwikkeld waren. Deze Arhtur Devin woont in
de Rue Admiral 77 te Grasse en samen met Bruno Silvère worden ze gelijk
gevangen genomen door ene Fidonc tot groot ongenoegen van Devin ene
Guillaume en...een vrouw genaamd Françoise. Voordat de
Schaduw en Bruno Silvère naar een afgelegen plaats worden ontvoerd laat
zij nog een paar briefjes achter in het huis welke later door de ongeruste
Flora en Manon worden gevonden. Via de briefjes wachten zij in
bar Ludique op Guillaume hij dient namelijk van de (nieuwe*) baas Odineur
te horen wat er met de twee heren moet gebeuren. Als deze
terug rijdt om de boodschap over te brengen wordt hij overmeesterd door
Flora en Manon. Zij dwingen hem naar de schuilplaats terug te
rijden en weten met behulp van Françoise de bende op te
rollen. We maken verder kennis met commissaris Bernet,
inspecteur Boldeu, Lecoin de voetstappen specialist en Lebleu de
assistent van Silvère. Als de Schaduw Jean Revoir verhoort
blijkt dat de echte Jacques Docteur* de leider was van de bende en dat
Jean hem gebeld had waar de nep dokter logeerde, deze werd met de hond een
gevaar voor de bende. Jean zag s' nachts hoe Jacques de auto
saboteerde maar hij werd op zijn beurt weer gezien door Jacques die
dreigde ook met hem af te rekenen. Jean bestierf het van angst
maar bedacht dat hij beter als eerste kon toeslagen en hij vermoorde
Jacques, maar bij het wegkomen werd hij gezien door Guillaume die stom
toevallig de baas kwam opzoeken. Het blijkt dat Jean en
Robert-Pierre ooit op de uitkijk hadden gestaan toe de bende een heel
gezin uitmoordde, toen hun hond op de weg bleef staan hebben ze hem uit
medelijden maar meegenomen. Jacques die helemaal op is van de
zenuwen schiet de huilende zwarte hond uiteindelijk neer voordat hij in de
cel beland. De Schaduw bezoekt nog eenmaal Françoise in haar
cel en belooft een goed woordje te doen. Zij heeft pas een
echte "braverd" aan de haak geslagen die op haar wel wil wachten
tot zij vrij komt...C'est la vie.
Uitgebrachte
drukken: 1973 als zwarte beertje.
|