|
In dit land kennen wij twee prijzen voor de
Nederlandstalige misdaadliteratuur: de Gouden Strop en
de Schaduwprijs. Sinds 1997 reikt het Genootschap van
Nederlandstalige Misdaadauteurs (GNM) de Schaduwprijs
uit aan het beste debuut in de Nederlandstalige
misdaadliteratuur. De prijs is bescheiden, maar wel heel
mooi: een originele litho van Dik Bruna van “De Schaduw”
het legendarische mannetje dat het handelsmerk werd van
Havank.
Door Charles den
Tex
De Schaduwprijs is misschien kleiner dan
de Gouden Strop, maar niet minder belangrijk. Het vinden
en aanmoedigen van nieuwe auteurs is van groot belang
voor het genre. Zij zorgen er immers voor dat het genre
in ons land levend blijft en zich kan ontwikkelen. Daar
gaat het om. Want de Nederlandstalige misdaadliteratuur
kan alle mogelijke steun goed
gebruiken.
Verreweg het grootste probleem
voor een Nederlandse misdaadauteur is het veroveren van
een plekje in de boekhandels. En dan heb ik het nog niet
eens over een mooi plekje naast de kassa, of over grote
stapels op een eigen tafel, of helemaal vooraan,
misschien zelfs met een eigen display. Vergeet het
maar.
De Nederlandse misdaadauteur mag blij zijn
met een plekje ergens driehoog achter op een plank in de
kast. Blij, want dat betekent dat hij de boekhandel
überhaupt heeft gehaald. En dat terwijl de Amerikaanse
en Engelse collega’s met dikke stapels liggen te
pronken. Is dat eerlijk? Nee, maar zoals iemand anders
al zei (ik vergeet even wie): “Life isn’t fair, it’s
just a hell of a lot fairer than death.”
 |
 |
|
Charles den Tex en De Schaduw, het
legendarische handelsmerk van Havank |
|
In al zijn bescheidenheid draagt de
Schaduwprijs bij tot het doorbreken van die
scheefgetrokken verhoudingen. Niet dat de winnaar in één
klap wereldberoemd in Nederland is, maar het is
ontegenzeggelijk een aanmoediging om door te gaan. Met
elke prijs en met elke winnaar komt de Nederlandstalige
misdaadliteratuur weer wat breder in beeld. Dat is de
toekomst, en die toekomst is groot. Heel
groot.
Alle winnaars van de Schaduwprijs zijn
doorgegaan. De een wat harder dan de ander, en
natuurlijk niet allemaal in dezelfde richting, maar
toch. “Sarin’, de tweede thriller van Herman
Vemde,
winnaar in 2002, is al verschenen. Annemarie van Gelder
publiceerde vorig jaar haar tweede boek, “Het
Moederbeest”, een literaire roman. Van Gerry Sajet,
winnaar in 2000, verschenen “Laatste trein” en “Zand
erover”. West en Waterman zetten hun samenwerking voort
en schreven “De man uit Sheffield”. Ed Sanders schreef
na het winnen van de Schaduwprijs in 1998 “De
Geldmakers” en werd in 2002 genomineerd voor de Gouden
Strop met “Amsterdam Online”. Corinne
Kisling, de
allereerste winnares publiceerde in 2000 “De groene
gloed” een literaire roman.
Prijzen zijn er om allerlei redenen. Zij
zijn er om de aandacht te vestigen op een activiteit, of
zoals in ons geval, op een literair genre. Maar prijzen
zijn er ook om te bepalen wie in een bepaald jaar ergens
het beste in was, wie iets opmerkelijks heeft gedaan. En
prijzen zijn er natuurlijk voor de
winnaars.
Dat is een open deur, maar daar trek ik me
maar even niets van aan. Schrijven is namelijk een
behoorlijk maffe bezigheid. Dagen-, weken-, maandenlang
sluit de schrijver zich af en soms zelfs op om zich op
zijn verhaal te kunnen concentreren. Dat geldt misschien
niet voor iedereen, maar de meeste schrijvers zijn niet
zulke tempobeulen. Simenon spande in dat opzicht de
kroon. Tien pagina’s per ochtend was geen uitzondering.
Eens in de drie weken een verhaal. Vreselijk, als ik
erover nadenk, word ik al gek. In Nederland is denk ik
niemand zo snel als Ed van Eeden, die heeft ook een
tempo waar het de gemiddelde auteur van gaat duizelen.
Ikzelf ben al tevreden als ik drie pagina’s per dag
haal. En daar ben ik zes tot acht uur voor aan het
werk.
Het gaat om het gros van de schrijvers dat
zich gedurende een wat langere periode moet concentreren
om tot een roman te komen. Sommigen noemen dat
eenzaamheid, maar daar ben ik het niet mee eens.
Schrijven doe je wel alleen, maar je hebt voortdurend
gezelschap van de personages in het boek. Hun karakters
en de ontwikkelingen in de plot zorgen er wel voor dat
je nooit eenzaam bent. Integendeel, met een beetje geluk
kan de schrijver zich geheel in zijn eigen werk
verliezen. En dat is erg mooi.
Tot het af is en in de winkel ligt. Wat
een wereldschokkende gebeurtenis had moeten zijn, blijkt
volstrekt ongemerkt aan de wereld voorbij te gaan. De
discrepantie tussen het belang van dat moment voor de
schrijver en de aandacht die er door anderen aan wordt
besteed, is dramatisch. Zeker voor een debuterend
auteur.
Ook daarom is er de Schaduwprijs, want
voor de winnaar is het de erkenning van zijn boek, van
zijn werk. En dat is heel erg leuk. Vorig jaar won ik
zelf voor het eerst van mijn leven een literaire prijs,
de Gouden Strop 2002, en ik was verbijsterd over het
effect ervan. Ik had mij altijd al voorgesteld dat het
wel leuk zou zijn om te winnen, maar het is veel meer
dan dat. Je gaat je er ook een beetje anders door
voelen, mensen kijken anders tegen je aan. Daar moet
je natuurlijk voor oppassen, want voor je het weet denk
je dat je veel beter bent dan je bent.
“Mozart is niet in de zaal”, zei Felix
Thijssen toen hij in 1999 de Gouden Strop won en daarmee
relativeerde hij zijn eigen prestatie. Dat was charmant,
maar ondertussen was hij toch behoorlijk blij met zijn
prijs.
| De winnaar van
2002 |
| Herman
Vemde - Sarin (uitgeverij
Ellessy) |
 |
De longlist
voor de Schaduwprijs 2002, was een stuk korter
dan die van het jaar ervoor. Slechts vijf titels
werden als echte debuten aangemerkt. In 2001
waren het er 10, evenveel als dit
jaar.
Basuko van
Herman Vemde werd unaniem door de jury,
bestaande uit René Appel, Alwin van Ee, Eric
Slot en Charles den Tex, gekozen als winnend
boek. "Een verhaal waarin de hoofdpersoon
geloofwaardig en gemotiveerd tot handelen wordt
gedwongen. De actie waarin hij daardoor verzeild
raakt, neemt stap voor stap in heftigheid toe.
Tot hij uiteindelijk wordt geconfronteerd met de
pijnlijke consequenties van de manier waarop hij
het recht in eigen hand neemt."
De jury koos
dit jaar voor een gedegen verhaal van een auteur
die zich wat betreft stijl en verhaaltempo nog
verder kan ontwikkelen, maar die kennelijk niet
bang is om een ingewikkeld plot aan te pakken en
uit te werken.
Crimezone: ...Basuko is een
veelbelovend debuut. De plot zit intelligent in
elkaar ... al lezend concludeer ik dat die Vemde
er wat van kan. Prima
werk! | |
|