.
Onze Schaduw reist alleen met de trein naar Barcelona met als doel
om samen met de gezellen een vakantie op Mallorca door te brengen als zijn
aandacht wordt getrokken door een vrouw die hij ook heeft gezien in het
Russisch vliegtuig waarmee hij is terug gekeerd naar Parijs.
Met behulp van de Spaanse politie, en met behulp van Don Jaime
Miralles y Moro (een hoge politie functionaris uit Madrid) komt hij er
achter dat de vrouw zich Elisabeth Nordvanger heet en op een Zweeds
paspoort reist. Overigens stond in haar paspoort geen visum voor Rusland en dat is
merkwaardig. Aan boord van het schip de "m.s. Mallorca" blijkt zij de
vriendin van Don Queso. Don Queso is ook op weg naar mallorca, en Elisabeth Nordvanger blijkt ook
recht te hebben op de naam Betty Maclain. Haar man is eigenaar
van 2 wereldbekende weekbladen, ze is Zweeds van geboorte en Brits door
huwelijk en journaliste. Aan boord van het schip wordt omgeroepen dat er een dringend bericht is
voor ene mr. Timothy Theobald Tumbril uit Manchester, dat blijkt onze Schaduw te zijn en
het bericht is afkomstig van Don Jaime die schrijft dat hij hem niet
persoonlijk kan verwelkomen. Dan valt er een man overboord en de Schaduw
grist een verrekijker en ziet
duidelijk dat de verdrinkende man vreemde verwondingen heeft.
Het schip moet buiten de haven blijven om de moordenaar te vinden, de kapitein en Don Jaime
proberen te achterhalen wie de ongelukkige was. Ze
ontdekken dat ene meneer Robinson en een meneer Vandamme worden vermist
maar te laat dat ene Pedro Machado zich bij de controle dubbel heeft
gemeld. De Schaduw ontdekt dat de vermoorde Robinson is, journalist van
beroep besluit de verleidingen van villa Las Golondrinas (de zwaluwen)
te weerstaan om zich als deze journalist uit te geven en in het hotel
"Los Angeles" te El Arena van de eigenaar Campanal. Don Jaime laat weten dat
hij nog is benaderd door ene meneer Walpole die heel graag de Schaduw had
willen spreken maar dat hij net was vertrokken van Mallorca en dat deze
man de laatste tijd veel bezoek gehad van een journalist genaamd
Smith. Deze meneer Walpole belt de Schaduw op in het
hotel en verteld dat hij vermoed dat e.e.a. te maken
heeft met een historische figuur de smokkelkoning Don Juan
Machado. De Schaduw bezoekt de grotten in Porto Cristo met
zijn "olifantenzaal" en "het meer der verrukkingen" en ontdekt
daar dhr Porteportier (oud portier van Sûreté Nationale) en zijn
vrouw. Dhr Porteportier draait voor de bezoekers een
adagio van Beethoven maar de Schaduw hoort in de muziek een paar kloppen
te veel.
Een maal terug doet Queso wel heel erg poeslief, hij blijkt hulp nodig te
hebben voor Elisabeth op wie hij verliefd is, de Schaduw gaat naar haar
hotel Rosamar en treft nog iemand aan met de zelfde interesse maar de man
Adriano (werknemer van het hotel die de sleutel van het kamermeisje Maria
had gekregen) ontsnapt. Nog die zelfde dag wordt de
Schaduw ontvoerd, de Spaanse politie vindt zijn sigarenkoker en zakagenda
met de aantekening over de muziek in de grot. Silvère
ondervraagt dhr Porteportier grondig over zijn aandeel in de affaire en
zet hem voorlopig vast. (Hij moest een "Spaans
mopje" draaien i.p.v. Beethoven als er iemand
rondneusde) Bruno Silvère en Harro Vance gaan s' avonds
naar de grot en komen de Schaduw en meneer Smith tegen. De Schaduw weet nu mede dankzij de journalist Smith hoe de vork in de
steel zit. De vroegere Juan Machado had een schip met
goudstaven gekaapt dat op weg was naar Afrika echter hij vertrouwde dit
geheim slechts toe aan een paar van zijn vele zonen. Zij
gebruikten de goudvoorraad slim maar het lekte toch uit, 1 van de
schoonzonen welke niet tot de bevoorrechten behoorden schreef een
biografie over de legendarische smokkelkoning met een verwijzing naar de
goudroof. Zijn nazaten, de bevoorrechte, proberen kosten
wat het kost alle exemplaren te vernietigen en verdere publicaties te
voorkomen. Elisabeth die in een echtscheiding ligt met
haar man verdenkt haar man Maclain (zijn eerste vrouw was een Machado!!)
dat er veel meer geld te verdelen is en stuurt Smith, waar ze verliefd op
is, naar Mallorca voor een reportage. Hij komt achter
de waarheid en wordt ontvoerd zodat Elisabeth zelf ook naar Mallorca
komt. Een andere journalist Robinson raakte via
Elisabeth ook op de hoogte van het verhaal en was op weg naar Mallorca om
e.e.a. uit te zoeken. Mr. Maclain had echter Vandamme ingehuurd om andere
nieuwsgierige lieden te stoppen en deze heeft Robinson vermoord.
Vandamme wordt bij Pedro Machado in huis aangetroffen en Mr. Maclain wordt
aangetroffen in de kamer van Elisabeth en worden gearresteerd.
Het is duidelijk dat Elisbeth voor Mr. Smith kiest en de Schaduw zegt
tegen Don Queso het overbekende "C'est la vie"
Dit boek is voltooid door Terpstra vanuit een nagelaten manuscript, dit
manuscript was eerder geschreven als "Caviaar & Cocaïne"
want hierin sterft Don Queso en oorspronkelijk het dit verhaal "Spaans
carnaval"
Uitgebrachte drukken: zwarte beertjes 1966,
1968, 1969, 1970, 1971, 1973 & 1978
|