.
Flora zit in restaurant Pépé en hoort toevallig een deel van een gesprek
tussen een man "Pierre" en een vrouw, Mimi, die zegt
dat het hem alleen maar ellende zou bezorgen, zelfs de gevangenis, als hij
ene Jules iets aandeed. De Schaduw zegt niets te kunnen beginnen
want er zijn immers zoveel mensen met die naam. Enige tijd later
heeft Bruno Silvčre kaartjes voor de ijsrevue in Lagny (vlak bij Parijs)
en dan horen ze dat daar ene Jules Cracteau is vermoord en dat commissaris
Dugrout het onderzoek aldaar leid . Als ere gasten worden zij allen
opgevangen door de heer Herbert Holzube, de P.R. man van de Salzburger
Eisrevue. Flora herkent in een van de schaatsertjes Mimi Rondelle en in
de clown Fufifio, Pierre alias Peter Kaufman. Deze laatste valt
tijdens de voorstelling neer en sterft...vergiftigd! De directeur,
Karl Rössner, laat ogenblikkelijk herr Meijer als clown invullen om de
show te redden. De enige aanwijzing die de Schaduw en commissaris
Dugrout met zijn medewerkers Loré en Madaire vinden zijn Noorse kronen die zijn gevonden in de portomonnee van Jules.
Op zich niet
vreemd omdat de ijsrevue ook in Noorwegen is opgetreden, ze vinden ook nog
een lijstje met
namen in diverse steden. De Schaduw papt aan met Mimi omdat deze
volgens hem meer weet dan dat ze los wilt laten. Hij ontdekt dat zij
een verhouding heeft gehad met Jules en dat ze een zwart koffertje
zorgvuldig op bergt. Gretchen spreekt als woordvoeder van het
personeel haar ongenoegen uit over het feit dat 2 doden zijn gevallen en
dat geen van allen salaris heeft gekregen! De Schaduw
besluit om naar Brussel te reizen om de man, Jean Apricot een
verzekeringsagent op te zoeken die op het lijstje van de beide overleden
heren staat. Hij doet zich voor als Kaufmann en spreekt af in café
l'Ancien en komt veel te weten maar valt door de mand door een
bericht op de radio en wordt door Jean ontvoerd naar villa Angélique van
ene Jacques. Ook Jeannet, een
handlanger van Jean en Jacques, de hun gevolgd was, had zo haar twijfels. Jeannet
deed dienst als Koerierster. De Schaduw weet uit het huis Jacques te
ontsnappen door een groot boek, de verzamelde werken van Shakespeare,
tegen hem aan te gooien en met een koperen kaarsenstander de zaak af te
ronden. De Schaduw en Jeannet komen tot een overeenstemming en zij rijdt
hem naar het politiebureau en mag vertrekken. De Schaduw irriteert
zich daar aan de verschrikkelijke traagheid van hoofdinspecteur Dumoulin en
zijn agenten alvorens ze hem op het vliegtuig zetten. Op het vliegveld van
Parijs voert hij eerst een gesprek met zijn collega Nils Halvorsen uit
Olso alvorens hij weer richting Lagny naar de ijsrevue rijdt. Daar
aangekomen nodigt hij Mimi uit voor een gezellig avondje en laat in het
geheim Flora daar ook komen om haar in de juiste toestand te
krijgen. Daarna neemt hij haar mee naar een nachtclub en voert haar
dronken. In haar wagen na wat amoureuze handelingen ontdekt hij waar
zij de bankbiljetten verstopt. Jules, die in werkelijkheid Sven
Kruse heette, blijkt betrokken te zijn geweest bij een bankoverval in
Oslo. Hij werd opgepakt maar wist te ontsnappen uit de
gevangenis. Het geld van de overval moet wit gewassen worden en dat
doen ze door in zo veel mogelijk landen steeds porties in te ruilen.
Verder blijkt zeer verassend Jules de moordenaar van Kaufmann te zijn,
deze had last van een ontsteking in zijn schouder en kreeg pilletjes van
hem en 1 ervan... bevatte cyaankali. Maar de Schaduw ontrafeld nog
meer, namelijk dat de directeur Rössner Jules afperste omdat hij wist wie
hij was en herr Meijer omdat hij Jules met zijn eigen stiletto heeft
vermoord... Tegenover Flora bekent hij zich toch wat schuldig te
voelen tegenover Mimi die hij een romantische en gezellige avond had
beloofd maar ja... C'est la vie.
Uitgebrachte
drukken: 1974 als zwarte beertje.
|