Syndroom van Down
In mijn praktijk werk ik veel met kinderen met Down-syndroom.
Veel van deze kinderen spelen wel, maar blijven in een spelfase steken. Uit zichzelf zullen zij minder snel nieuw spel ontwikkelen. Het is fijner dat te spelen, wat je goed kan, dan iets nieuws uit te proberen. Ze kunnen sneller ontmoedigd zijn.
Tijdens de spelsessies oefenen we spel. Stapje voor stapje vergroten we de mogelijkheden. Zo kunnen zij hun spelontwikkeling zo goed mogelijk doorlopen.
Goed spel is belangrijk, door middel van spel kan een kind zich uiten, ook als het dat verbaal niet zo goed kan.
Hoe vaardiger je bent met spel, hoe beter je ook met andere kinderen kan spelen. Al spelend leert een kind de wereld waarin hij leeft beter te begrijpen. Dit sterkt zijn zelfvertrouwen.