APOTHEEK Anske Eelkisz (Anchises Elconis / Elconius) Leeuwarden 1625 failliet |
>> HOMEpage |
Zie ook:
Leeuwarder pharmacopee
Opschriften apothekerspotten
Kruiden
Apothekers en apothekersgezellen
Op 15 april 1613 liet Anchises Elconius zich als student medicijnen inschrijven aan de universiteit van Leiden. Zijn eigenlijke naam Anske Eelkes had hij in het Latijn vertaald. Als leeftijd gaf hij 16 jaar op (*1597) en als geboorteplaats Harlingen.
Waarom koos deze Harlinger niet voor het nabije Franeker, maar het verre Leiden? Wellicht omdat het geneeskundig onderwijs van Leiden toen een betere naam had dankzij professor Pieter Pauw. Diens Friese studentassistent Menelaus/Minne Winsemius gaf onderricht in de hortus, de kruidentuin van de universiteit. Hij promoveerde op 1 november 1612 bij prof. Bontius tot doctor in de geneeskunde op een Disputatio inauguralis de hydrope en keerde terug in Friesland. Winsemius volgde in 1616 Augustinus/Auke Adama op als hoogleraar te Franeker. Adama was in Bazel op 1 december 1599 tot doctor in de geneeskunde gepromoveerd, ook op theses over waterzucht (oedeem). Hij had moeite met de onlusten door studentenverenigingen in de Friese universiteitsstad.
Hoelang Anske Eelkes in Leiden gestudeerd heeft, is niet bekend. Als Anchises Elconis van Harlingen komen we hem weer tegen in het trouwboek van Leeuwarden: op 26 februari 1620 ging hij in ondertrouw, precies een maand later trouwde hij met Aefke Ulckes van Leeuwarden. Hij was toen al apotheker. Dat vak leerde men gedurende gemiddeld drie jaar als gezel bij een apotheker. - De namen van apothekersgezellen 1617-1632 in de Leeuwarder certificaatboeken gaan vergezeld van informatie over hun leertijd, leermeesters en leerbrieven. - Kennis van Latijn was onontbeerlijk, een universitaire opleiding bestond niet. Een gedeeltelijke medicijnenstudie kwam, zoals in het geval van Anchises/Anske, zeker van pas. In Leiden, of - waarschijnlijker in Harlingen is Anske Eelkes bij een apotheker in de leer geweest. - Harlingen bezat volgens de stadsplattegrond van 1610 een Apothekerstraat; tegenwoordig Romastraat en Vianen. - Met een certificaat op zak en na verwerving van het burgerrercht te Leeuwarden in 1620 kon Anske een apotheek in de Friese hoofdstad beginnen. Zijn schoonvader koopman Ulcke Piers had hem startkapitaal verschaft, van brouwer Jacob Dirx huurde hij een pand. Vijf jaar later behoorden beide geldschieters, een leverancier van kruiden, een chirurgijn en anderen tot de schuldeisers. De apotheek maakte te weinig winst. De oorzaak? De ongunstige ligging van de zaak en/of te veel concurrentie?
M.b.v. de namen van buurtgenoten (certificaatboek 1623: 94 resp. 96; Anske was op 1 april 25 jaar - *1598) en de Groot Consentboeken is de apotheek te lokaliseren in de Torenstraat. Aan de westzijde van de Torenstraat, op het huidige nummer 1, bevond zich in de zeventiende eeuw een huis voorzien van een "stock in de gevel met het walvisrib daeropstaende"; Gr. Consentboek 1620, ee-10, 81 verso; ook in 1657 was die benaming nog geldig (ee-20, 10 verso). De dichtstbij gelegen apotheek was die van Tiaerd Isbrants op de hoek van de Nieuwestad en de Kleine Kerkstraat.
De afwikkeling van het faillissment is niet bekend. - De Raad en de Gezworen Gemeente van Leeuwarden had op 19 februari 1621 het houden van aucties of de publieke verkoop van winkelwaren verboden, tenzij bij sterfgeval, in het sterfhuis.
Anske Eelkes overleed vóór 18 november 1631. Zijn vrouw Aefke Ulckes hertrouwde 3 december 1631 voor gerecht met kleermaker Simon Pieters. Zij overleed in 1633. Ten behoeve van het weeskind Bauckje - in het doopboek op 19 februari 1623 vermeld als Bauck een dochter van Anske Anskes! - werden 26 oktober / 24 november 1633 de bezittingen en schulden van Simon en Aefke geïnventariseerd. De boedelbeschrijving is mede interessant vanwege de begrafenisgebruiken die eruit zijn af te lezen.
Weduwnaar Simon Pieters hertrouwde voor het gerecht op 6 december 1634 met Attie Sickedr. van Oldeboorn. Bauck trouwde 26 december 1657 met soldaat Thomas Jacobs Kock en na diens dood met Samuel van Bijvoet. Het tweede huwelijk vond plaats op 6 mei 1677. Samuel was "sypelschrijver", een Friese benaming voor compagnieschrijver.
Archivaris mej. R. Visscher schreef in het Pharmaceutisch Weekblad 62 (1925) no. 45, blz. 1190-1197 "Iets over de pharmacie te Leeuwarden tot het einde der 18e eeuw". Algemene literatuur: D.A. Wittop Koning, Compendium voor de geschiedenis van de pharmacie van Nederland, Leiden 1986; H.A. Bosman-Jelgersma, Pillen, poeders en patiënten: apothekers en hun zorg voor de gezondheid door de eeuwen heen, Amsterdam 1983. De Leeuwarder apothekers hebben nooit een gilde gevormd. Een koopmans- of kramersgilde, waaronder de apothekers elders wel vielen, kwam er in Leeuwarden pas in 1758. Sedert 1550 had de stad wel een chirurgijnsgilde; vgl. H.L. Straat, Het chirurgijnsgilde te Leeuwarden, In: De Vrije Fries XXXi (1932), 1-40.
"Het vrij uitvoerige gildearchiefje der chirurgijns draagt alom de sporen van de moeite die het [gilde] schijnbaar had, de verlangde monopoliepositie te handhaven, die, wat de baardscheerders betreft, door het formeren van een eigen [barbiers]gilde tenslotte verloren werd." Aldus de inleiding bij de inventaris door D. Dam van de gildearchieven; Hist. Centr. Lwd.: Arch. nr. 7. Bij Straat lezen we op blz. 2 dat "niemand, buiten de gemeene jaarmarkten (dan alleen was het wel toegestaan) op bruggen of andere plaatsen zalve, olye, wormcruyt ofte andere medecijne mocht verkoopen". Uitzondering waren natuurlijk de apothekers, zoals artikel 11 van de gilderol 1550 (Straat blz. 26) zegt: "tenzij hij daartoe verloff ende consent heeft van de Raad".
Het chirurgijnsgilde startte met 13 leden. Volgens Ph. Kooperberg, Geneeskundige plaatsbeschrijving van Leeuwarden, 's-Gravenhage 1888 (blz. 328) telde de hoofdstad van Friesland eind 19e eeuw 13 apothekers. Hoewel daarvoor tot nu toe geen bewijzen gevonden zijn, is het heel wel mogelijk dat de Leeuwarder apothekers elk bij een chirurgijn hoorden en dat de medische zorg en medicamenten goed verdeeld over de stad bereik- c.q. verkrijgbaar waren. Markante punten zoals hoekpanden waren voor apothekers ideale vestigingsplaatsen.
Apothekers verkochten in de 17e eeuw niet alleen medicijnen zoals pillen, tabletten, zalven, tincturen en pleisters, maar ook veel producten die men in de "klassieke" 20ste-eeuwse drogisterij vond, zoals snoep evenals verf en penselen. In de boedelinventaris worden ook conserven, wasmiddel (blauwsel), (ratten)gif, tabak en tabakspijpen genoemd. In de winkel van Anske Eelkes stond een beeld van een tabaksman ofwel tabaksmoriaan zoals er een te zien is in museum Joure; op de Leeuwarder kelders was ooit een gevelsteen (De jonge Moor) te zien, thans in het Fries Museum. Ook een koperen uithangbord wordt in de boedelinventaris vermeld, helaas zonder wat daarop was afgebeeld.
De Latijnse termen zijn door de inventarisator soms vreemd gespeld: hij was klerk; in andere boedelinventarissen van apotheken beschreven collega-apothekers de winkelvoorraad. Voor de juiste spelling verwijs ik naar een overzicht van opschriften van apothekerspotten, de Leeuwarder pharmacopee (1687, 1712, 1745 of andere editie) en Stephanus Blancardus' Lexicon medicum renovatum, in quo totius artis Medicae termini, in anatome, chirurgia, Pharmacia, Chymia, Te Botanica etc., Lugduni Batavorum 1735.
>> begin
Hist. Centr. Leeuwarden: inventarisatieboek Y 28, blz. 1-29, 21 nov. vv. 1625
p. 1 links in de marge:
Anske Eelckis Apothequer ende Aaffke Ulckedr. echteluyden hebben verclaard ende bekend,
sulx doende mids desen, dese navolgende geinventariseerde huysraden ende winckelwaren tot
proffite van hare gemene crediteuren aff te staan ende haare d'selve op te draghen mids desen,
onvercort nochtans haar Aaffke haar recht angaand haar ingebrachte goederen, clederen als
andersints. In kennisse hare handen hieronder gesteld, huyden desen 26 January 1626
[autograaf:] Anske Eelkes
apoteecquer
[autograaf:] Aefke Ulckes
inventarisator: Albert Tyerxz. gesworene clerq op d'Secretarie deser Stede
p. 29
Utschulden wederomme te laste comende te betalen
- Schepen Steven Hotsisz. compt volgens obligatie hondert car.gl., capitaal 100-0-0
- Henrick van Marsum compt volgens obligatie hondert dire ende t'negentich car.gl., dus hier
193-0-0
- Dr. Scipio Dominici compt volgens obligatie negenthien car.gl., facit 19-0-0
- Ulcke Piers als cessie hebbende van Henrick Pieters cruydenier compt volgens obligatie
vyerhondert vyerendevijftich car.gl. capitaall buyten d'oncosten daerover gevallen, dus hier
454-0-0
Welcke p.en Anske Eelckis verclaard van sijn eigen geld betaald te wesen.
- Ulcke Piersz. compt noch volgens oligatie bij Aafke sijn dochter aan hem passeerd
sevenhondert twintich car.gl. capitaal, facit 720-0-0
Van welcke schuld Anske Eelckis verclaard geen kennisse te hebben ende oversulx d'zelve niet
aan te nemen.
[Vgl. de aestimatie en inventarisatie 1624 na het overlijden van de eerste echtgenote van lakenkoopman Ulcke Piersz.]
- Jacob Dirx brouwer compt voor een jaar huyr op mey ancomende t'verschinen hondert
twaalff ggls 156-16-0
- Liewe Liewis metseler van verdiensten 2-0-0 [einde]
[blz. 10]
Apothequers winckelwaren ende gereedschappen
[van]
Anske Eelkisz
>> begin
OPSCHRIFTEN VAN APOTHEKERSPOTTEN bestaan meestal uit twee gedeelten, één of meerdere letters, die de geneesmiddelvorm aangeven en de naam van een enkelvoudig geneesmiddel uit planten- of dierenrijk. Van de geneeskrachtige planten worden bepaalde delen gebruikt, aangegeven met:
| bacca | bes | granum | korrel | |
| balsamum | balsem | petalum | bloemblad | |
| caro | vruchtvlees | pulpa | moes | |
| cortex | bast | radix | wortel | |
| flos | bloem | resina | hars | |
| folium | blad | rhizoma | wortelstok | |
| fructus | vrucht | semen | zaad |
Verklaring afkortingen geneesmiddelvorm:
| A | aqua | water | O | oleum | olie |
| antidotum | tegengif | oximel | zure honing | ||
| Ax | reuzel | ardengia | P | pasta | pasta |
| C | confectio | geconfijte vruchten | pilulae | pillen | |
| condita | idem | pulvis | poeder | ||
| E | electuarium | likkepot | R | rob | gelei |
| extractum | extract | S | sirupus | stroop | |
| G | gummi | species | kruiden | ||
| lo(o)ch | likkepot | succus | sap | ||
| M | mel | honing | T | trochiscus | koekje |
| MP | massa pilularum | pillenmassa | U | unguentum | zalf (ook dikwijls als V) |
| Miva | moes | V | vinum | wijn |
| A | ||
| Absinthium | Artemisia absinthium | alsem |
| Acacia | Acacia Senegal | |
| Accatia | zie Acacia | |
| Acetas cupri (Ungt) | koperacetaat | |
| Acetas plumbi (Ungt) | loodacetaat | |
| Acetosa | Rumex acetosa | veldzuring |
| Acetositas citri | ? | |
| Aconitum | Aconitum Napellus | blauwe monnikskap |
| Aegyptiacum (Ungt) | egyptische zalf | |
| Agaricus | Polyporus officinalis | lorkenzwam |
| Aggregativae (Pil) | opeenhopende pillen | |
| Agrimonia | Agrimonia Eupatoria | leverkruid |
| Alba (Ungt) | witte zalf | |
| Albi Rhazes (Troch) | witte koekjes naar Rhazes | |
| Album camphoratum (Ungt) | witte kamferzalf | |
| Alhandeli (Troch) | koekjes van Kolokwint | |
| Alkermes (Conf) | konfekt met karmijn | |
| Aloë | Aloe vera | aloë |
| Aloephanginae (Pil) | welriekende pillen m[et] aloë | |
| Aloes c[um] Petroleo (Ungt) | aloëzalf met steenolie | |
| Althaea | Althaea officinalis | heemst |
| Ambust (Ungt) ad | brandzalf | |
| Amygdalum amarum | Prunus communis | bittere amandel |
| Amygdalum dulcis | zoete amandel | |
| Angelica | Angelica archangelica | engelwortel |
| Anserina | Potentilla Anserina | zilverschoon |
| Anserina (Ax) | ganzenvel | |
| Ant. frig. (U) | zalf tegen de koude | |
| Anthos | zie Rosmarinus | |
| Antimonium crudum | Sulfidum stibiosum nativum | |
| Antiscorbuticum | tegen scheurbuik | |
| Arcai (Bals) Ungt | Elemi | |
| Arcanum Dub (S) | Sal Arcanum duplicatum | |
| Arnica | Arnica montana | valkruid |
| Arthanita | Cyclamen europaeum | varkensbrood |
| Arthemisia | Arthemisia Absinthium | alsem |
| Asa Foetida | duivelsdrek | |
| Aurantium | Citrus aurandum | oranjeappel |
| Aurum | goud | |
| Axungia oxygenata | geoxydeerde reuzel | |
| Axungia porcina | Porcus | varkensreuzel |
| B | ||
| Bardanae | Lappa | klitwortel |
| Basilicum (Ungt) | koninklijke zalf | |
| Benedictum laxarivum (Elect) | likkepot v[an] Ipomoea, turpethum | |
| Berberis | Berberis vulgaris | berberis |
| Betonica | Stachys betonica | betonie |
| Bolus armenicus | zegelaarde uit Armenië | |
| Borago | Borago officinalis | bernagie |
| Buglossa | Anchusa officinalis | ossetong |
| Byzantinus (Sir) | byzantijnse stroop | |
| C | ||
| Calamentum | Calamintha alpina | steentijm |
| Calendula | Calendula officinalis | goudsbloem |
| Camphora | Cinnamomum camphora | kamfer |
| Cannabis | Cannabis sativa | hennep |
| Capillare veneris | Adiantum cuneatum | venushaar |
| Carduus benedictus | Cnicus benedictus | gezegend distelkruid |
| Caryophyllum condita | Eugenia caryophyllata | geconfijte kruidnagelen |
| Cascarilla | Croton eluteria | cascarilla |
| Cassia | Cassia fistula | Cassia |
| Castoreum | bevergeil | |
| Catholices (Extr) | algemeen werkzaam extrakt | |
| Centaurium | Erythrea centaureum | duizendguldenkruid |
| Cerasa condita | Prunus avium | geconfijte pruimen |
| Cerasum nigrum | Prunus cerasus | zwarte kers |
| Cerussa simplex (Ungt) | eenvoudige loodwitzalf | |
| Chamomilla | Matricaria chamomilla | kamille |
| Chamomilla romana | Anthemis nobilis | roomse kamille |
| Chelidonium | Chelidonium vulgaris | stinkende gouwe |
| Cholagogum Sylvii (Elect) | galdrijvende likkepot v[an] Sylvius | |
| Cichoreum | Cichoreum intybus | cichorei |
| Cidonia (Caro) | zie Cydonia | |
| Cithonia | zie Cydonia | |
| Citrus | Citrus medica subsp. limonum | citroen |
| Cochiae (Pil) | hoofdpillen | |
| Cochlearia | Cochlearea officinalis | lepelblad |
| Coeruleum (Ungt) | blauwezalf | |
| Comitissa (Ungt) | (zalf) van de gravin | |
| Copayus (Bals) | Copaifera officinalis | copaivabalsem |
| Crocus (optim) | Crocus Sativa | beste saffraan |
| Crystaliae Tartaru (Pulv) | poeder van wijnsteenkristallen | |
| Cuprum cum melle (Ungt) | koperzalf met honing | |
| Cydonia condita | Cydonia vulgaris | geconfijte kweeperen |
| Cynoglossum | Cynoglossum officinalis | hondstong |
| Cynorrhodon | Rosa canina | hondsroos |
| D | ||
| Defensivum coeruleum (Ungt) | blauwe beschermende zalf | |
| Desiccativum album (Ungt) | witte uitdrogende zalf | |
| Desiccativum rubrum (Ungt) | rode uitdrogende zalf | |
| Diacatholicum (Elect) | samengestelde likkepot pruimen | |
| Diacinnamom | Cinnamomum Zeylanicum | samengesteld geneesmiddel met kaneel |
| Diagalangae (succ) | samengestelde likkepot uit kiespijnwortel | |
| Diagridium (Pulv) | Scamonium cydoniatum | |
| Diamargariti | samengesteld geneesmiddel uit parels | |
| Diamoschus | samengesteld geneesmiddel met muskus | |
| Dianthos | zie Anthos | |
| Dianucum | samengesteld geneesmiddel uit noten | |
| Diaphenicum (Elect, Ungt) | samengesteld geneesmiddel uit dadels | |
| Diaprunum | samengesteld likkepot uit pruimen | |
| Diaprunum solutivum | oplossende likkepot uit pruimen | |
| Diaprunus laxativus | laxerende likkepot uit pruimen | |
| Diarrhodon | samengesteld geneesmiddel met rozen | |
| Diascordium Fracastori | Teucrium scorodonia | konserf van gamander |
| Diascordium incompletum | onvolledige likkepot van gamander | |
| Diatragacanthae (Pulv) | Astragalus verus | samengesteld poeder van tragacanth |
| Diaturbith (Sir) | samengestelde stroop uit Turpethum | |
| Diureticum (O) | urinedrijvende olie | |
| E | ||
| Elemi | Canarium commune | elemi |
| Emolliens (Ungt) | verzachtende zalf | |
| Endiviae | Cichoreum endivia | andijvie |
| Enula | zie Helenium | |
| Enulatum cum mercurio (Ungt) | alantzalf met kwik | |
| Epithymus | Cuscuta epithymum | duivelsnaaigaren |
| Eupatorium | Eupatorium cannabinum | |
| F | ||
| Faetidae majernae (Pil) | pillen met duivelsdrek | |
| Farfara | Tussilago farfara | klein hoefblad |
| Foeniculum | Foeniculum vulgare | venkel |
| Fumaria | Fumaria officinalis | duivekervel |
| G | ||
| Galanga | Alpinia officinarum | kiespijnwortel |
| Gariophilli | zie Caryophyllum | |
| Gentiana | Gentiana lutea | gele gentiaan |
| Gonnoria (Trochisci ad) | koekjes tegen Gonorhoea | |
| Graminis | Elythrichia repens | graswortel |
| Granatum | Punica granatum | granaatappel |
| H | ||
| Hamech (Conf) | confect volgens Hamech | |
| Hedera terr. V | Hedera helix | klimop |
| Helenium | Inula helenium | alant |
| Helleboris | Helleboris niger | kerstroos |
| Hermodactylus | Iris florentina | iris |
| Herpes | voortwoekerende huidziekte | |
| Hiera picra Co | heilig bitter | |
| Hiera picra Galeni (Elect) | heilig bitter volgens Galenus | |
| Hydragogum Sylvii (Elect) | waterdrijvende likkepot v[an] Sylvius | |
| Hyoscyamus | Hyoscyamus niger | bilzenkruid |
| Hypericum | Hypericum perforatum | hertshooi |
| Hysophi | Hyssopus officinalis | Hyssop |
| I | ||
| Iera pigra | zie Hiera picra | |
| Indum minus (Elect) | kleine Indische likkepot | |
| J | ||
| Jalapa | Ipomoea purga | jalappe |
| Julapium rosarum | zure drank van rozenbladen | |
| Juniperus | Juniperus communis | jeneverbes |
| L | ||
| Labia (Ungt ad) | lippenzalf | |
| Lacca | Rhus vernicifera | japanse lak |
| Lactuca | Lactuca virosa | gifsla |
| Laetificantis (S) | verkwikkende kruiden | |
| Lapis calaminare (Ungt) | kalamintsteenzalf | |
| Laudanum opiatum | Papaver somniferum | opium |
| Laudanum purum | Papaver somniferum | opium |
| Laurus | Laurus nobilis | laurier |
| Lavendula | Lavendula vera | lavendel |
| Liberant (Sir) | losmakende stroop | |
| Lilium | Lilium candidum | witte lelie |
| Limonum | Citrus medica var Limonum | limoen |
| Liquiritia | Glycyrrhiza glabra | zoethout |
| Locatelli (Bals) | balsem volgens Locatelli | |
| Lumbricus | aardworm | |
| Lupulus | Humulus lupulus | hop |
| M | ||
| Macis | Myristica fragrans | foelie |
| Magnesia anglica | magnesiumsulfaat, engels zout | |
| Maiorana | Origanum majoranae | marjolein |
| Manna calabrinum | Fraxinus ornus | manna uit Calabrië |
| Manna electa | uitgezochte manna | |
| Manna Pinguis | vette manna | |
| Marrubium album | Marrubium vulgare | witte malrove |
| Martiatum (Ungt) | zenuwzalf | |
| Mastix | Pistacia lentiscus | mastik |
| Matricaria | Matricaria chamomillae | kamille |
| Matrix (U) | moederzalf | |
| Mel commune | gewone honing | |
| Mel despumatum | afgeschuimde honing | |
| Mel massilie | honing uit Marseille | |
| Mel narbonense | honing uit Narbonne | |
| Melissa | Melissa officinalis | citroenmelisse |
| Mentha | Mentha piperita | pepermunt |
| Mentha c(rispa) | Mentha crispa | kruizemunt |
| Mercuriale citrinum (Ungt) | kwiknitraatzalf | |
| Mercurialis | Mercurialis perennis | bingelkruid |
| Mirrhe | Commiphora Myrrha | Myrrhe |
| Mirtinus (Sir) | Myrtus communis | mirtestroop |
| Mirtil | Vaccinium Myrtillus | bosbes |
| Mithridatum Damascen. | samengesteld geneesmiddel volgens Damascenus | |
| Mixto | gemengde(?) zalf | |
| Moerbae | zie Morus | |
| Morus | Morus nigra | moerbei |
| Mostarda | Sinapis alba | mosterd |
| Mucaginum (Ungt) | slijmige zalf | |
| Mundificativum (Ungt) siccatum | drogende zuiverende zalf | |
| Mundificativus (Sir) | zuiverende stroop | |
| N | ||
| Narbonens (mel) | honing uit Narbonne | |
| Nardus | Spica nardi | spijk |
| Nepeta | Nepeta cataria | kattenkruid |
| Nitratis hydrargyri (Ungt) | zie Mercuriale citrinum (Ungt) | |
| Nuces condita | Juglans regia | geconfijte noten |
| Nutritum (Ungt) | zie Acetas plumbi (Ungt) | |
| Nymphea | Nymphea alba | waterlelie |
| O | ||
| Oculare (K) (Ungt) | oogzalf (volgens Keiser) | |
| Oculas (Ungt ad) | oogzalf | |
| Oleum patentae | patentolie | |
| Ophtalmicum rubrum (U) | rode oogzalf | |
| Oximel simplex | eenvoudige zure honing | |
| Oxydum Plumbici carbonaris compositus (Ungt) | zie Alba (Ungt) | |
| Oxygenatum (Ungt) | zalf met zuurstof | |
| Oxyhydrargyri nitrata (Ungt) | kwiknitraatzalf | |
| P | ||
| Paeonia | Paeonia officinalis | pioenroos |
| Palma | Cocos nucifera | cocospalm |
| Papaver | Papaver somniferum | papaver |
| Papaver album | Papaver somniferum var. album | witte papaver |
| Papaver erraticum/rhoeas | Papaver rhoeas | klaproos |
| Parietaria | Parietaria officinalis | glaskruid |
| Passula minores | Vitis vinifera | kleine rozijnen |
| Pasta magistralis | magistrale pasta | |
| Pediculos (Pulvis ad) | poeder tegen hoofdluis | |
| Pectoral (U) | zalf tegen hoest | |
| Penninckwater | Lysimachia nummularia | penningkruid |
| Peruvianus fuscus (Cortex) | Cinchona succirubra | bruine kinabast |
| Pestilentialis (Pil) | pillen tegen de pest | |
| Petroselinum | Petroselinum sativum | peterselie |
| Philonium romanum (Elect) | Likkepot genoemd naar Philon van Tarsus | |
| Philosophorum (O) | olie volgens de philosofen | |
| Phoenix | Phoenix dactilifera | dadel |
| Picis (Ungt) | teerzalf | |
| Pilulae magistralis Silvii non purgantes | niet laxerende pillen volg. Sylvius | |
| Plantage | Plantago major | weegbree |
| Polychrestus (Pil) | vaak aanwendbare pillen | |
| Pomus | Malus pumila var. domestica | appel |
| Populus | Populus nigra | populier |
| Portulaca | Portulaca oleracea | postelijn |
| Prassium | zie Marrubium | |
| Pulegium | Mentha pulegium | vlooienkruid, polei |
| Purgantes ordinarii (Pil) | gewone laxeerpillen | |
| R | ||
| Radicibus (Sir de quinque aper) | stroop van de 5 wortels | |
| Refug. Galen (C) | geneesmiddel volgens Galenus, waar men zijn toevlucht toe neemt | |
| Regine (Ungt) | koninginnezalf | |
| Requies Nicolai | rustgevend middel volgens Nicolaus | |
| Rhabarbarum | zie Rheum | |
| Rheum | Rheum palmatum | rabarber |
| Ribes | Ribes ruber | rode bes |
| Ricinus | Ricinus communis | wonderboom |
| Rosa | Rosa damascena | roos |
| Rosa pallida | Rosa pallida | bleke roos |
| Rosa provencalis | Rosa gallica | mosroos |
| Rosa rubiginosa | Rosa rubiginosa | egelantier |
| Rosa ruralis | wilde roos | |
| Rosaceum (U) | rozenzalf | |
| Rosarum coloratum (Mel) | gekleurde rozenhoning | |
| Rosarum solutivum (Sir) | oplossende rozenstroop | |
| Rosmarinus | Rosmarinus officinalis | rozemarijn |
| Rubus idaeus | Rubus idaeus | framboos |
| Ruta | Ruta graveolens | wijnruit |
| S | ||
| Saccharum rubrum | rode suiker | |
| Salvia | Salvia officinalis | salie |
| Sambucus | Sambucus nigra | vlier |
| Sanguis draconis | Dracaena Draco | drakenbloedboom |
| Sarsaparilla | Smilax soorten | sarsaparilla |
| Saturninum (Ungt) | loodzalf | |
| Scabiosa | Scabiosa arvensis | schurftkruid |
| Scilla | Scilla maritima | zeeajuin |
| Scordium | Teucrium scordium | watergamander |
| Scorpio | schorpioen | |
| Scorsonere | Scorzonera hispanica | schorseneer |
| Senna | Cassia angustifolia | senne |
| Simplex (Ungt) | eenvoudige zalf | |
| Smaragdum | smaragd | |
| Solatrum | Solanum nigrum | zwarte nachtschade |
| Spina cervina | Rhamnus catharticus | wegedoorn |
| Squilliticum | zie Scilla | |
| Staechados | Stachys silvatica | andoorn |
| Styrax | Styrax officinalis | storax |
| Succinum | Pinus succinefera | barnsteen |
| Sulphidum stibicum nativum | zie Antimonium crudum | |
| Sulphuratum (Ungt) | zwavelzalf | |
| Symphytum | Symphytum officinalis | smeerwortel |
| T | ||
| Tamarindus | Tamarindus indica | tamarinde |
| Taraxacum | Taraxacum officinalis | paardebloem |
| Tauri (Extr. el.) | ossegal | |
| Terra Sigilata | zegelaarde | |
| Therebinthina | Larix europaea | lorkenterpentijn |
| Theriaca Andromachi | theriak volgens Andromachus | |
| Tirica magna Galeni | grote theriak volgens Galenus | |
| Theriaca Diatesseron | theriak uit 4 bestanddelen | |
| Theriaca Veneta | venetiaanse theriak | |
| Thilliae | zie Tilia | |
| Thymilla | Daphne mezereum | peperboompje |
| Tilia | Tilia cordata | linde |
| Tonic D C (Extr) | versterkend extrakt | |
| Tussim Scroderi (Pil ad) | pillen tegen de hoest volgens Schröder | |
| Trifolium (aquatica) | Menyanthys trifoliata | waterdrieblad |
| U | ||
| Uva | Vitis vinifera | druif |
| V | ||
| Valeriana | Valeriana officinalis | valeriaan |
| Verbena | Verbena officinalis | ijzerhard |
| Viola | Viola odorata | maarts viooltje |
| Vulpes (Pulm.) | vos(senlong) | |
| Z | ||
| Zingiber condita | Zingiber officinalis | geconfijte gember |
>> begin