|
|
|
|
leding: |
|
Kleding:
Aan kleding
wordt in de wandelsport, maar al te vaak, te weinig aandacht besteed. Vaak
wordt gedacht dat kleding, eigenlijk alleen functioneel is bij koud weer.
Kleding beschermt inderdaad het lichaam tegen koude, maar ook tegen warmte.
Goede
sportkleding moet warm zitten en het vermogen hebben om vocht op te nemen en
door te laten naar de bovenliggende kleding, zodat de huid droog blijft.
Thermo-kleding
heeft die eigenschap.
Dit betekent als
je na een rust weggaat, bij wat lagere temperatuur en/ of wind, dat je dat een
warm gevoel hebt en houdt in plaats van een rillerig gevoel.
Kleding
beschermt het beste, als men meerdere dunne lagen over elkaar aan heeft, omdat
de stilstaande lucht tussen de kleding voor isolatie zorgt, zowel bij warmte
als bij koude. Bij koud weer is een mallot onder de sportkleding een goede
oplossing, zeker om te voorkomen, dat een koude wind dwars door je
trainingsbroek heen waait en dat je dan plotseling, je spieren voelt opstijven.
Het
kledingprobleem bij warm weer is meestal veel groter, omdat de mensen er het
liefst zo luchtig mogelijk willen wandelen. Helaas werkt dit niet. Als eerste
gaat het vochtprobleem spelen.
Door zweten gaat
veel vocht verloren. Zo veel dat het bijna niet met drinken aan te vullen is,
zelfs niet al zouden we genoeg drinken bij ons hebben. Als we het van de rusten
moeten hebben, is vaak het kostenplaatje een bijkomend tot onoverkomelijk
probleem, gezien de prijs per consumptie en omdat 1 liter vocht, toch minimaal
5 consumpties is.
Bij vochttekort
gaan we ons minder prettig voelen en worden wat trager, we gaan ons sloom
voelen, want we zijn aan het uitdrogen. Bij warm weer zijn
eerstegraads verbrandingen, eerder regel als uitzondering.
Dan moet alles
plotseling met kleding bedekt worden. Het liefst wordt er dan gekoeld, door het
hoofd onder de kraan te houden, of onder een fontein door te lopen. Dat voelt
heerlijk aan en verkoelt prima, voor zeer korte tijd. Dat water op de huid moet
verdampt worden en dat kost energie, juist op een moment dat we ons al wat
slomer voelden, dus dat werkt averechts, omdat we die energie niet meer hebben.
Hoofddeksel:
Het is
belangrijk het hoofd te beschermen tegen zowel koude als hitte. Zorg indien het
weer dat noodzakelijk maakt dat je hoofddeksel wind en/of waterdicht is. Zorg
dat je beschermd bent tegen zon en Ultra-Violette straling. Voorkom een
zonnesteek.
Bepaalde
hoofddeksels zijn UV-bestendig.
Bedenk wel dat
van onze lichaamswarmte 75 % verloren gaat via het hoofd.
Kijk maar hoe de
mensen zich in tropische landen kleden. Helaas denken wij maar al te vaak, dat
wij het beter weten. Maar één ding is zeker, ondanks dat we het vaak menen het
beter te weten, krijgen we zelf de rekening gepresenteerd.
Eerstegraads
verbranding:
Bij een
eerstegraads verbranding, treed er een oververhitting van het lichaam op. Dit
geeft een gevoel van onbehagen en er kan zelfs koorts optreden. De huid wordt
rood en komt strak te staan en is zeer gevoelig en het gehele lichaam is
ontregeld. Bij een tweedegraads verbranding, die groter is als 9 procent van de
oppervlakte van het lichaam, kunnen er al shockverschijnselen optreden. Shock
is een levensbedreigende situatie, die zonder medisch ingrijpen voor de
betreffende persoon, beslist niet goed afloopt.
Lichaamsverzorging:
Droge
onderkleding bezit bijna altijd enige soepelheid en sluit dus om de huid.
Daardoor is het als het ware één geheel met de huid. Het rekt mee bij elke
beweging. Tijdens het wandelen gaan we zweten, doordat we inspanning leveren.
Door het vocht wat vrij komt, wordt onze onderkleding vochtig. Vochtige kleding
verliest zijn soepelheid en sluit dan niet meer aan, om ons lichaam. We zijn
ons tweede huidje kwijt en deze kleding gaat schuren op de huid. Zoals ik in
het onderdeel kleding beschreef, heeft thermo-kleding dit nadeel niet, want dat
blijft één geheel met de huid.
Doorlopen:
Gaat de kleding
schuren, zal dat een onprettig gevoel geven, omdat de huid daardoor zijn
vetlaag verliest en schraal wordt. De huid wordt rood en pijnlijk en de huid
kan zelfs zodanig beschadigen, dat de bovenste laag kapot gaat. Dit is
bijzonder pijnlijk, omdat er een verbinding ontstaat, met de onderliggende
weefsels en zuurstof vanuit de buitenlucht. Als er over de genoemde plaatsen,
ook nog zweet stroomt, dan doet het
aanwezige zout in het zweet, zowel letterlijk als figuurlijk, ook nog “wat zout
in de wonden”.
De plaatsen waar
dit over het algemeen als eerste optreed zijn, de tepels, de oksels en de
bilnaad. De dames zijn nog extra gevoelig, net onder de borsten. Dit kan voor
een groot gedeelte opgevangen worden door een sport b.h. te dragen.
De tepels worden
zowel bij de dames als de heren, soms afgeplakt met een pleister met
wondkussen, om het schuren te voorkomen.
Doordat het
eetpatroon vaak verandert tijdens een wandeltocht, verandert ook de
samenstelling in het darmenstelsel.
Meer drinken en
minder eten, maakt dat we wat winderiger worden. Dit is speciaal voor de heren
met beharing een extra probleem.
Bij elk windje,
komt er al is het bijna niets, wat ontlasting mee. Dit blijft aan de beharing
plakken en de haartjes gaan aan elkaar zitten. De beharing gaat als het ware
klitten en er ontstaat trek op de haarwortels. Dus dat wordt pijnlijk en gaat
nog meer schuren. Om die reden komt het tot bloedens toe doorlopen, van de
bilnaad veel voor.
Voor de mensen
die daar last van hebben is het belangrijk als ze deze ongemakken zo veel
mogelijk beperken.
Het is
verstandig om dan vooraf te smeren en onderweg onmiddellijk te smeren als het
ergens maar iets jeukerig gaat aanvoelen, omdat het huidvet dan al beschadigd
is. Voorkomen is beter, prettiger en sneller dan genezen.
Als voorzorg kan
bijvoorbeeld zuurvrije vaseline vaak heel goed werken. Ieder heeft daar zijn
eigen middel voor wat bij hem of haar het beste werkt. Zorg altijd dat je eigen
“smering” bij je hebt. Het hoeft niet veel te zijn, een fotobusje sluit goed af
(maar doe er voor de zekerheid toch maar een plastic zakje om) en is
gemakkelijk in een wandeltasje mee te nemen.
Ook hier geldt
weer, zorg dat je voor jezelf kunt zorgen.
Zoals ik bij
voeding al beschreef, als voeding een probleem wordt is gele vla is een goede
voedingsbron en is licht verteerbaar, dus ik heb het gelijk tot mijn
beschikking. Daarbij houdt het ook de samenstelling van de darmen redelijk goed
op het gewenste niveau.
Weersomstandigheden:
Weeromstandigheden
zijn vaak een zware en belemmerende factor bij het sporten. Sportkleding heeft
het meeste effect, als het warm zit en goed vocht kan opnemen en doorgeven aan
de bovenliggende kledinglagen. Zowel bij koude als bij warmte is het belangrijk
om het lichaam met kleding te beschermen.
De
gevoelstemperatuur zal bij warmte aanzienlijk hoger oplopen, als dat de
thermometer aangeeft.
De
gevoelstemperatuur zal ook bij koude aanzienlijk anders uitvallen, als de
thermometer aangeeft.
Als het 10
graden Celsius is, met windkracht 6 en oostenwind, kan de gevoelstemperatuur al
zakken tot min één graad. Dus pas op voor bevroren lichaamsdelen.
De ogen hebben geen gevoelszenuwen, dus dat merk je pas als het te laat is.
Bij regen,
zitten we ook met een groot probleem. Een paraplu is aardig als het niet waait
en de regen valt recht naar beneden, maar het blijft toch lastig.
De ideale
regenkleding is nog niet echt uitgevonden. De meest ideale regenkleding
zouden (net zoals bij de vissen)
schubben zijn.
Waterdicht van
buiten naar binnen en de vochtafvoer van binnen naar buiten is dan geen
probleem, maar wij hebben geen schubben.
Waterdichte
kleding en schoeisel, kan nauwelijks uitademen en verstikt dan.
Oftewel we
kunnen onze warmte niet kwijt.
Gorotex biedt
hier enige uitkomst, omdat de stof voorzien is van membramen. Dat zijn kleine
gaatjes die de waterdamp van binnen naar buiten wel doorlaten maar de grote
regendruppels van buiten naar binnen tegenhouden.
Regenkleding
heeft het voordeel dat we droog blijven voor de weersinvloeden van buitenaf en
zodoende de spieren warm houden. Het nadeel is dat we nat worden in onze
regenkleding, omdat we de warmte die we kwijt moeten, om ons lichaam op de
juiste temperatuur te houden, niet weg kan. Het vocht wat we uitzweten,
condenseert weer tegen een koud oppervlak en wordt gelijk omgezet in water
tegen de binnenkant van onze regenkleding. Dus we zijn warm en nat, maar de
hoeveelheid vocht in de lucht, die tussen onze kleding zit, wordt steeds
groter.
De verzadiging
van de lucht wordt steeds groter, zoals dat genoemd wordt. Dit betekent dat ons
lichaam geen vocht meer aan die lucht kwijt kan en dus ook geen warmte meer.
Het gevolg daarvan is dat we oververhit raken en het lichaam is daar zeer
gevoelig voor.
De zonnesteek
door oververhitting van buiten af is algemeen bekend. De oververhitting van
binnen af is veel minder bekend, maar heeft dezelfde verschijnselen en is net
zo gevaarlijk. Als je de kachel blijft opstoken en hij kan zijn warmte niet
kwijt, dan gaat het ook mis.
Maar toch moet
je, jezelf tegen de weersinvloeden beschermen. Als we ons bijvoorbeeld bij
koude, niet tegen weersinvloeden zouden beschermen, krijgen we het koud en kan
er zelfs onderkoeling, optreden.
Krijgen we het
koud, dan krijgen we kippenvel en we gaan rillen. Dit is een reactie van het
lichaam, dus iets wat we zelf niet kunnen sturen, oftewel onwillekeurige
spierarbeid, die warmte produceert.
|
|
|
|
|
|||
|
|
|
|||||
|
|
|
|||||
De onderwerpen op de
vorige bladzijde “slaap” waren:
Slaap.
Rust.
Cooling
Down.
Spieren.
Voorbereiding.
Alles nog even op een rijtje.
De onderwerpen op
de volgende bladzijde “techniek” zijn:
Techniek.
Ademhaling.
Bloedarmoede.
Het omslagpunt.
Hartslagmeter.