oeten:

 

 

 

Het aantal stappen:

 

De gemiddelde paslengte ligt op ongeveer 3 stappen op 2 meter. Dat geldt natuurlijk ook voor mij. In het begin van mijn wandelsportcarrière heb ik mij gerealiseerd dat het wel gemakkelijk zou zijn, om een langere paslengte te hebben, zeker toen ik voor Centurion wilde gaan trainen.

 

In het begin was het zéér vermoeiend om met een langere pas te wandelen. Na een jaar zéér intensieve training, was ik zover dat ik -op een ontspannen manier- een paslengte van bijna 1 meter kon aanwenden, zonder dat dit extra vermoeiend was. Ik  heb er nu nog steeds veel profijt van, maar om zover te komen, is er veel discipline nodig geweest.

 

Belangrijk bij deze is, dat je jezelf, ten allen tijde realiseert, hoe dat je sport wilt bedrijven.

Wil je het op een recreatieve wijze beoefenen, of als topsport. Wil je het als topsport bedrijven, zorg dan ook dat het topsport is en geen tobsport.

 

 

 

Gewichtig:

 

Wandelen is een gewichtige zaak of een zaak van gewicht. Beoordeel zelf maar welke van deze uitspraken waar zijn. Of wellicht zijn ze beiden wel waar.

Aan de hand van een rekenvoorbeeld zal ik duidelijk maken wat een wandeling van 40 km oftewel 40.000 meter weegt, bij 3 stappen op 2 meter.

 

Per stap komt dus 1.5 tot 2 maal het lichaamsgewicht op mijn onderdanen.

Om het voorbeeld niet te afschrikwekkend te maken neem ik éénmaal mijn eigen gewicht.

40.000 gedeeld door 2 is 20.000 maal 3 stappen is 60.000 stappen.

Mijn gewicht is 80 kilo. Dus krijg ik op mijn 2 heupgewrichten, mijn 2 kniegewrichten, mijn 2 enkelgewrichten en mijn 2 voeten 60.000 maal 80 is 4.800.000  kilo.

Per been is dat “slechts” 2.400.000 kilo, dus dat valt nog mee!!!!

 

Zou ik 1 kilo extra wegen, komt er 60.000 kilo bij.

Bij 10 kilo extra zou er 600.000 kilo extra bij komen. Dus ik moet er niet aan denken, dat ik 10 kilo zwaarder zou zijn.

Dus dit alles maal 1.5 tot 2, afhankelijk van je techniek en loopstijl.

 

Dit betekent voor mijzelf dat ik 40 kg per stap kan besparen!!!!

 

 

 

Likdoorns:

 

Een likdoorn was vroeger bekend onder de naam eksteroog, maar die naam was natuurlijk niet deftig genoeg, dus heet het nu een likdoorn.

De likdoorn wordt “geboren” als eeltvorming.

 

Als eerste moet ik de vraag beantwoorden: “hoe ontstaat eelt”.

De bovenste huidlaag gaat verharden en er ontstaan huidschilfers. Als die huidschilfers normaal gesproken gewoon afgevoerd worden is er niets aan de hand.

Het probleem ontstaat als deze huidschilfers niet weg kunnen. Dan dringen die huidschilfers in de huid er ontstaat een verharde plek en we hebben eelt.

 

Er is in principe maar één reden waarom de huidschilfers niet weg kunnen en dat is drukplekken op de plaats waar het eelt ontstaat.

Er zijn verschillende oorzaken te noemen hoe dit kan ontstaan. Ik noem er hier een aantal.

1: Te kleine of ongeschikte schoenen. (komt héél erg veel voor)

2: Overgewicht.

3: Vergroeiing van de botten.

4: Afwijkende stand van de voet en of  de tenen.

5 Overmatig transpireren van de voet, waardoor verweking van de huid optreedt.

 

Die gevormde eeltlaag kan een punt in de vorm van een doorn ontwikkelen die in de huid gaat “groeien” en kan soms wel 5 millimeter of langer worden. De weefsels worden weggedrukt op de plaats waar de likdoorn ontstaat en ook de omliggende weefsels komen in de verdrukking te zitten.

 

De gevolgen zijn voorspelbaar. De eeltvorming is harder en steviger dan de huid, dus de eeltplek zal het winnen en krijgt de kans om uit te groeien tot een likdoorn, ondersteund door de drukplek op die plaats. Het gevolg kan zijn dat:

1: Het weefsel wordt overmatig geprikkeld, wordt rood en gaat ontsteken, dus het wordt zeer

    gevoelig.

2: De zenuwuiteinden worden geprikkeld en dat ervaren we als pijn.

3: De punt van de likdoorn kan druk op het zeer gevoelige botvlies uitoefenen en dat is zéér

    pijnlijk.

 

De likdoornvorming kan overal op de voet optreden waar drukpunten ontstaan tot zelf onder de teennagels. Er zijn likdoorns in diverse uitvoeringen en je kunt zelf gaan experimenteren met allerlei middeltjes die in ruime mate verkrijgbaar zijn, maar daar zit meestal een behoorlijk prijskaartje aan.

Als je het zelf oplost dan is dat het eerste verdiend maar als je een aantal middeltjes hebt geprobeerd die “supergoed” waren en ze werken niet, dan is een bezoek aan de huisarts meestal gratis en een pedicure in verhouding al snel goedkoper.

 

Dus niet alleen de kwaal moet opgelost worden maar ook de oorzaak moet weggenomen worden. De enige manier om blijvend van je likdoorn verlost te zijn, is dat niet alleen de likdoorn verwijderd wordt, maar ook het drukpunt moet worden weggenomen.

Wordt het drukpunt niet weggenomen komt de likdoorn gegarandeerd terug.

Neem je het drukpunt weg zal de likdoorn kleiner worden en tenslotte geheel verdwijnen.

 

Wil je zonder al te veel problemen wandelen zul je, je voeten je beste vriend moeten zijn.

Meestal wassen we onze auto netjes en zetten we hem daarna ook nog in de was en…….onze voeten dan……………hebben die straf verdiend????????

Op deze webpagina ga ik er uitgebreid in dat we nog wel eens onredelijk willen zijn voor onze “vrienden” die voeten heten.

 

Conclusie: Heb je likdoorns of eeltplekken, ga er tijdig mee naar een pedicure. Bedenk dat zo’n behandeling soms weken kan duren.

 

 

 

Voeten:

 

Omdat bij elke stap 1,5 tot 2 keer het lichaamsgewicht op onze gewrichten en voeten terechtkomt, is het belangrijk om daar aandacht aan te besteden.

Zorg dat de voeten in optimale conditie zijn. Hiermee wil ik zeggen, zorg dat ze berekend zijn voor hetgeen je er mee wilt gaan doen. Zorg dat ze goed voorbereid zijn.

Heb je kalknagels, ga naar je huisdokter, omdat dit een voetschimmel is, die door het bloed gevoed wordt.

Zorg dat je nagels recht afgeknipt zijn, zodat je geen last krijgt van ingegroeide nagels, want dat kan een pijnlijke zaak worden.

Zorg dat je met je nagels de naastliggende tenen, niet verwonden.

 

De voet heeft van nature al een demping. Als we de voet neerzetten komt als eerste de buitenste zijkant van de voet op de grond. Daarna kantelt de voet naar binnen, zodat de rest van de voetzool op de grond komt. De mate waarin de voetzool op de grond komt, hangt ook af van de bouw van de voet en die is per persoon verschillend. Het komt regelmatig voor dat de hulp moet worden ingeroepen van een deskundige op dit gebied en dat is een podoloog.

 

Die hebben apparatuur waarmee ze kunnen meten en zichtbaar maken, hoe de afwikkeling van de voetstap verloopt en waar de drukpunten op de voetzool zitten.

Ook kunnen ze aan de hand van die gegevens ondersteunende zooltjes maken, zodat de ongemakken verminderen of zelfs geheel verdwijnen.

Het is van belang om in die gevallen duidelijk kenbaar te maken, voor wat voor sport je ze nodig hebt en hoe intensief je die sport bedrijft, of gaat bedrijven.

Over het algemeen zijn de beste podologen diegenen die zelf de wandelsport op een intensieve manier bedrijven, omdat ze zelf de ervaring hebben hoe het voelt als het niet lekker loopt.

 

 

 

Schoeisel:

 

Het is logisch dat ook de keuze van het schoeisel belangrijk is.

Het is bijna onmogelijk om daar goede adviezen voor te geven.

De eisen waaraan een goede sportschoen minstens moet voldoen zijn:

1: Goed passen, je moet er zo op weg kunt lopen.

2: Oneffenheden, dan is die schoen absoluut ongeschikt, omdat de voet zachter is dan het materiaal van de schoen. Dus dat zal altijd

     problemen blijven geven.

3: Heb je zwakke enkelbanden en zwik je gemakkelijk, kunnen hoge schoenen een oplossing zijn, maar wil je sneller wandelen, dan is het

    prettig als de enkelgewrichten wat meer ruimte hebben.

4: Let op dat de hak en de neus van de schoen, wat rond loopt, omdat dit de afwikkeling van de pas vloeiender en gemakkelijker maakt.

5: Soepel zijn en één geheel met de voet vormen.

6: Stevig zijn en steun aan de voet bieden.

7: Uit kunnen zweten.

8: Waterdicht zijn, voor zover mogelijk.

 

Zoals hierboven al blijkt, spreken enkele punten elkaar al tegen. Dit geeft aan dat we van tevoren een afweging moeten maken. Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen.

 

Tijdens het wandelen gaan de voeten uitzetten, in de lengte, in de breedte en de hoogte. Er komt een veel betere doorbloeding op gang dan normaal. De bloedvaten gaan uitzetten. Daarbij komt nog, dat bij een betere doorbloeding alles beter gaat functioneren en alles wordt gevoeliger, omdat ook de zenuwen zich verder ontwikkelen.

 

Er wordt vaak gedacht dat bij veel wandelen de voeten ongevoeliger worden. Dat is een fabeltje, want ze worden en blijven veel gevoeliger dan normaal. In principe wordt je de prins(es) op de erwt, net zoals het sprookje.

Zandkorreltjes in een schoen tijdens de wandeling komen daarna ook in de sok en zandkorreltjes gaan aanvoelen als scherpe steentjes. De enigste oplossing op dat moment is schone sokken aantrekken.

Als er in de schoen binnenzooltjes zitten met gaatjes, controleer dan of daar kleine steentjes in zitten en verwijder die.

 

Het is van belang dat de voeten de ruimte hebben en krijgen in de sportschoenen. Zorg dat de schoenen zo groot gekozen worden, dat de voeten ook tijdens een lange wandeling, nog kunnen bewegen. Voor mijzelf geldt, dat ik normaal  schoenmaat 43 heb.

Mijn sportschoenen zijn maat 45 en een half en een brede neus, zodat mijn tenen niet klem komen te zitten.

Op “kleinere” wandelingen zou ik aan een kleinere maat genoeg hebben, maar op een 200 km wandeling heb ik die maat beslist nodig. Bij zo’n afstand ben ik 40 uur in touw, waarvan ongeveer 400 minuten aan rust wordt besteed.

 

Het juiste moment om nieuwe sportschoenen te kopen is na een groot wandelevenement, als je voeten nog opgezet en super gevoelig zijn. Zeker weten dat je dan geen schoenen koopt die ook maar ergens een naadje hebben, te klein zijn of niet prettig zitten.

 

Als je op een rust je schoenen even uit wilt doen, pas dan op als je ze weer aan doet er geen onregelmatigheden aan je sokken zitten. Mijn advies is, loop tijdens de rust nooit op je sokken. Als ik op mijn sokken loop is daar ook al door iemand gelopen met vervuiling aan zijn schoenen.

Om die reden heb ik altijd een paar slippers en/of sandalen in mijn sporttas.

Ook bij regenachtig weer is het belangrijk om reserve schoenen in je tas te hebben.

Als je natte voeten hebt is het niet voldoende om alleen schone sokken aan te trekken.

Ik heb zelf een eenvoudige föhn in mijn sporttas zitten voor noodgevallen om mijn schoenen droog te föhnen.

 

Als je na een rust je schoenen weer aan trekt, trek je veters niet te vast aan. Je voeten zijn warmer en weker dan normaal en bij te strakke veters zal de bloeddoorstroming afgekneld worden en daar krijg je op den duur “zwarte” voeten van en die krijg je nooit meer schoon. Heb je last van knellende veters tijdens het wandelen, is het ook mogelijk om je schoenen in verschillende delen te veteren.

 

Dat kan als het volgt: wil je het eerste stukje boven de tenen losser hebben, leg dan een knoop na het lossere stukje en veter dan verder.

Dit kun je dus in twee of meerdere stukken doen, naar behoefte.

 

 

 

Sokken:

 

Zorg dat er geen naden in de sokken zitten waar je last van krijgt, soms is het een oplossing om de sokken binnenstebuiten te draaien. Dus dan komt de buitenkant op de huid.

 

Er zijn tegenwoordig speciale sokken met L en R er op. Dat zijn  sokken met een speciale pasvorm en zijn in diverse uitvoeringen te krijgen.

 

Bijvoorbeeld TK 1, TK 2 enzovoort. Laat je eerst goed voorlichten voor wat voor omstandigheden ze het best geschikt zijn. Vaak zit er een transportsysteem in, om het zweet van binnen naar buiten te af te voeren, zodat de voeten droog blijven.

Deze sokken kun je dus niet binnenstebuiten draaien.

 

 

 

Blaren:

 

Blaren is een veel voorkomend probleem. Onder de huid zitten kleine cellen met vocht. Dat zijn dus kleine kamertjes met vocht. Die zijn veerkrachtig en kunnen veel hebben. Ontstaat er een extra druk op één plaats, dan kan het gebeuren dat er celwandjes gaan breken en ontstaat er een opeenhoping van vloeistof.

 

Een vloeistof  kun je niet samenpersen, dus er gaan steeds meer celwandjes breken en er ontstaat een blaar. Gaat de blaar nog een laag dieper dan gaan ook de haarvaten meespelen en ontstaat er een bloedblaar. Omdat dan ook de uiteinden van de zenuwen geprikkeld worden, is dit zéér pijnlijk.

 

Blaren en bloedblaren zijn goed te behandelen, door te prikken en af te plakken. Zorg dat je er zelf zicht op hebt, zodat je weet of het op een goede manier behandeld wordt.

 

Blarenbehandeling zit standaard niet in de opleiding van E.H.B.O. en Rode Kruis.

 

Ook komt het voor dat er blaren onder het eelt ontstaan. Deze zijn moeilijk of niet te prikken en dit ongemak kan met het aanbrengen van vette watten wat verlicht worden.

Het vervolgprobleem kan dan zijn dat de schoenen op dat moment te klein worden.

 

Ontstaat er irritatie, is het mogelijk om de voet anders neer te zetten. Voel je pijn, ga niet verkrampen, maar ontspan die voet en de pijn zal verdwijnen of minder worden.

Dit betekent niet dat je de pijnlijke voet geheel kunt ontlasten en daarmede de andere voet overbelasten.

Het gevolg zou zijn dat ook de andere voet in de problemen komt.

Het enige “voordeel” is dan dat de omstanders niet zo snel zien dat er wat aan je voeten mankeert, omdat je dan gelijkmatig “voorzichtig” loopt

 

Het is mogelijk om de “gevoelige” plaatsen van tevoren af te plakken met tape. Dit dient zorgvuldig te gebeuren. De kans op blaarvorming wordt dan verkleind, omdat door dit “tweede huidje”. De druk en irritatie wordt verminderd omdat de irritatie over een grotere oppervlakte verdeeld wordt. Daarbij heeft de gevoelige plek meer bescherming dan normaal.

 

De keuze van de tape is afhankelijk van de huidgevoeligheid van de persoon.

Dikke pleister, zoals sporttape die heeft het nadeel door zijn dikte dat de randen problemen geven.

Dunne tape wordt vaak gebruikt en kan ook langdurige bescherming geven tegen blaren.

De gewone leukoplast pleisters zijn in meerdere soorten verkrijgbaar, zoals in zijde en papier uitvoering.

Het probleem daarbij is dan dat de kleefkracht van zijde pleisters en papier pleisters minder is.

Bij gevoelige huid is het een kwestie van keuze.

 

Het veel gebruikte Compeed wordt als voorzorg op een gezonde huid aangebracht. Als daaronder blaren ontstaan, geeft dat bij verwijdering onoverkomelijke problemen, omdat de blaar dan kapot gaat.

 

Als de blaar kapot gaat, ontstaat er een verbinding met zuurstof met onderliggende weefsel en dat is zeer pijnlijk. Het is van het grootste belang dat de huid in tact blijft ook bij blaren. De huid is de bescherming voor de onderliggende weefsels.

Dit geeft ook al aan waarom een schaafwond zo pijnlijk is, want ook daar ontstaat de verbinding tussen de zuurstof uit de buitenlucht en het onderliggende weefsel.

 

 

ávorige

 

 

volgendeâ

 

 

startpagina.

kleding

voorwoord

techniek

warming-up

hielspoor

training.

botontkalking

vocht.

Gastenboek

teken

geboortekaartje

slaap

 

nazorg

 

 

 

De onderwerpen op de vorige bladzijde “Techniek” waren:

Techniek.

Ademhaling.

Bloedarmoede.

Het omslagpunt.

Hartslagmeter.

 

 

De onderwerpen op de volgende bladzijde “Hielspoor” zijn:

Hielspoor.

Hoe ontstaat hielspoor of botspoor?

Wat is hielspoor?

Hebben veel mensen hielspoor?

Hebben veel mensen last van hielspoor?

Waarom is hielspoor pijnlijk?

Preventie.

Oplossing.