De Cota 311 is het laatse model dat exclusief de naam Montesa
draagt. De Catalaanse fabriek werd toen in 1992 al ondersteund door
Honda. Latere modellen hebben dan ook een aggregaatje met het
opschrift HRC.
Mijn Montesa Cota 311 heeft een 258cc tweetakt krachtbron en is water
gekoeld. Met een volgetankt gewicht van ongeveer 85 kilo is dit
brommertje wel heel erg handelbaar.

Aan de Cota hoefde niet veel te worden aangepast om aan mijn
wensen te voldoen. Belangrijk is dat alle speling op de
bedieningsarmaturen tot een minimum is beperkt. Geen speling op het
gas en slechts een milimeter op de koppeling. Ook de pedalen zijn
onder handen genomen om de bediening meer direct te maken. De
koppelings- en remhendel op het stuur zijn meer op enduro-wijze
gepositioneerd. Op foto's van grote trial-helden zie je vaak dat de
hendels net niet recht naar voren steken. Door ze zo te zetten dat
onderarm, pols en hand in één lijn staan (en de hendels
dus behoorlijk omlaag) kan je meer ontspannen rijden.
Het kleine blokje wilde verder niet goed stationair lopen. Bij het
triallen erg onhandig - ook zonder enige ervaring merk je dat meteen.
Met behulp van de handleiding van mijn LC4 was afstelling van de 26mm
Dell'Orto carburateur van de Montesa snel in orde. Niet alleen het
lucht-benzine mengsel moest worden geregeld, maar vooral het
stationair toerental. Gelukkig zijn alle Dell'Orto's zo ongeveer het
zelfde...
Tenslotte is de vering aangepast. De rebound is zowel voor als achter op maximaal (voor) tot driekwart (achter) gezet. De Cota laat zich hierdoor erg gemakkelijk 'gewichtsloos' maken. Klein peutje gas en de trial springt als vanzelf over de hindernis. Het zeer spontane karakter van een tweetakt draagt daar eveneens aan bij.
Kort gezegd is de Montesa een mooie aanvulling die denk ik zal bijdragen aan nog meer motor gevoel. Offroad en rallye-achtig rijden is machtig mooi, maar trial is alsof het speelkwartier begint.