>> HOMEpage

Dokkum: naamlijst van burgemeesters tot 1795

Bron: H.T. Obreen, Dokkum: Naamlijsten, Dokkum 1959.
Bewerkt voor internet door M.H.H. Engels, april 2008
Vooral de periode vóór 1640 dient aangevuld te worden; verwijzingen naar bronnen die daarvoor kunnen dienen, zijn welkom op het contactadres op mijn homepage!
Eerste aanvulling uit R. de Beer, Geschiedenis van Dokkum, 1580-1600. [Transcriptie pp. 1 t/m 69 Oudt resolutieboeck van Dockum, Dokkum 1971].

Olderman:

1525 M(eeste)r Syds Tja(e)rda, olderman to Dockum ende Keyser-licker mayesteits grietman v. Dantumadeel (Ch. II 495), in de laatste functie nog tot 1536; gedeputeerde; overl. 13.12.1546 op Tjaarda State te Rinsumageest.
1533 Sitthia Aylwa, Roomsch-Keizerlijk olderman van Dockum.
1561 Dyerck Dyerckz, "olderman".

Burgemeesteren:

1561 Ernst van Lunenborch, Hans Peters
1578 Cornelis Jacobszoon, Jacob Gabbes, Sybbe Cannegieter, Mr. Evert Jacobszoon en Cornelis Luijtgenszoon.
1581 Jan Symens, Syuerdt Vrielsma, Heerman Jacobszoon
1582 Heerman Jacobszoon, Gr. Jacobs
1584 Menso Gratema, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel, Heere Pieterszoon, Peter/Pieter Eylerts/Eijlertszoon
1585 Menso Gratema, Gerryt Gerrytszoon, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel, Heere Pieterszoon, Peter/Pieter Eylerts/Eijlertszoon
1586 Menso Gratema, Pe(e)ter Jans Veldtriel, Heere Peeters, Jan Roeloffsz en Pe(e)ter Eylertsz(oon).
1587 Menso Gratema, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel
1588 Cornelys Everts, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel, Heere Pieterszoon
1589 Tyebbe Jelgers, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel, Heere Pieterszoon
1590 Peter Jans Veldtriel, Hob Peeters, Heere Pieterszoon, Peter/Pieter Eylerts/Eijlertszoon, Beencke Gabbes
1591 Beencke Gabbesz (ook kerkvoogd), Douwe Aeltses/Eeltses, Frans Franszoon, Heere Pieterszoon; 21-1-1591 Suffridus Hania secretaris i.p.v. Buwe Jeltinga (> griffier)
1592 Gerben Gosses, Pieter Augustinus, Heere Pieterszoon, Peter/Pieter Eylerts/Eijlertszoon, Beencke Gabbes
1593 Gerben Gosses, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel
1594 Frans Franszoon, Peeter/Pijter Janszoon Veldtriel, Peter/Pieter Eylerts/Eijlertszoon
1598 Peter Jansz Veldtriel, Beencke Gabbes
1601 Zie lijst „Wethouderen" en gemeensluiden.
1602 Gabbe Jans, Gerben Gosses, Beent Gabbes.
Laatste twee uit de „raad", Siurd Lieuws en Aebe Wierts, beide uit de „gezworden gemeente" en Menso Gratema en Pieter Jansz. Veldriel, beiden uit de „brede gemeente" ontvangen een procesvolmacht. Zie ook lijst gemeensluiden.
1603 Zie lijst „raad" en gemeensluiden.
1608 Frans Franszoon.
1618 Beenco Gabbes Hanckema, Dirck Claessens, Dr. Hero van Hottinga, Luitsen Corneliszoon, Hendrik Jansen en Michiel Sibrants.
1622 (volgens Winsemius' Chronique) Michiel Sibrandts Atsma, Ioannis Romckes, Dominicus Ornia, Tiaerd Gauma, Dr. Ioannes Veltriel, Dirck Claessen, secr. Henricus Dionisii
1623 Ornia, presiderend burgemeester.
1624 Zie lijst „Magistraat en gemeensluiden".
1632-1635 Willem Laurents, Popke Gabbes, Tjeerd Gauma, Johannes Gerckes, Marcus Aijtsma en Luitien Cornelis, de laatste ingaand 1635 vervangen door: C.Heermans, overigens allen jaarlijks gecontinueerd door de Stadhouder en het Hof.
1635 Cornelis Heermans.
1635 allen afgezet, en nieuwe burgemeesters door Dokkumers gekozen.
1637 Jacob Jacobs, tevens ontvanger, als burgemeester afgezet door de Raad van State 29.3.1637.
1637 Heraangesteld door de Raad van State: Willem Laurents en Tjaerd Gauma (beiden 1637), Popke Gabbes en Johannes Gerckes (beiden 1637-1639), Dr. Johannes Veldriel (i.p.v. M. Aijtsma) tot 1639, was ook volmacht der Staten-Generaal en Cornelis Heermans (tot 1641)
1637 na uitbreiding van het getal van 6 op 8 burgemeesteren, aangesteld Gerbrand Hottinga, tot 1639 en Henricus Dionisius, tot 1640.
Het stadsbestuur bestaat voortaan uit 8 burgemeesteren en 24 verdere vroedslieden. Jaarlijks traden twee burgemeesteren af. Na nominatie, uit dubbeltal door de stadhouder (of regentes) geëligeerd *.
* ingaande het jaar 1638 en wel voor de duur van 4 jaar, hier aangeduid door 1638—, enz.
1638— Feye Tierc en Jan Willems, tot 1642 (resp. 40 j. kruidenier en 54 j. goudsmit-biersteker). Gerrit Gerritsen (i.p.v. Gauma) tot 1641 (60 j. rentenier).
1639— Pieter Jansen, tot 1643, oud 50 j. kistenmaker. Jan Lieuwes Mellema, tot 1643, oud 35 j. rentenier, „rijck".
1640— Tjaerdt Gauma, zie 1637, tot 1644, en Popke Gabbes.
1641— Dr. Johannes Veldriel en Gerrit Hermens (oud 50 j. iserncramer).
1642— Pieter Dionisius en Johannes Gerkes.
1643— Herman Gaeties en Loick Jansen.
1644— Folkert Sioerds en Offke Saerkes.
1645— Ecco Monsma (oud 53 j. notaris publ.) en Tjaerd Gauma (apotheker).
1646— Gerrit Gerrits en Sioerd Sioerds.
1647— Dr. (med.) Johannes Rodingius en Jan Hendrikcks Backer (overl. 1649).
1648— Pieter Dionisius en Evert Taeckes.
1649— Egbert Anis ltskama en Dirck Taeckes Finck (zie 1656). Pieter Jansen (i.p.v. J. H. Backer), (zie 1653).
1650— Wilhelmus Uma en Hendric(k) Jansen.
1651— Sioerd Sioerds (zie 1652) en Folkert Syds.
1652— Jonker Sabinus van Wisma, Douwe van Hottinga. Tjebbe Hendriks Donker (i.p.v. Sioerd Sioerds).
1653 Hendrick Jansen (oud-rentemeester) en Pieter Jansen (zie 1649).
1654 Pieter Dionisius en Loicke Jansen.
1655 Dr. (Aemilius) Huber (lid vroedschap 15 sept. 1652 voor het Lagewegespel) en Jos. Claes (rentemeester).
1656 Dirck Taekes Finck (zie 1649) en Jan Jans (oud-hopman).
1657 Johannes Nicolai Waelwijk? en....
1658 Monsma (zie 1645) en Nicolaus Radbodus.
1659— Joost Rinia (zie 1668) en Jacob Claesen Waelwijk.
1660— Sioert Potter en Lolke Jans
1661— Pieter Dionisius Lomans en Egbert Annes ltskema.
1662— J(onke)r Sabinus van Wis(se)ma en Meinse Gratema (vgl. 1586, zie 1668).
1663— Sape Minnes en Jan Heerkes.
1664— Wilhelmus Uma en Eccius Monsma
1665— Paulus Zacharia en Jan Lolkes Zuiderbaan.
1666— Botte Ages en Lubbert Jansen
1667— Sioerd Sioerds Potter en Dr. Wigerus Stania.
1668— Joost Rinia en Menso Gratema
1669— Wilhelmus Uma en Egbert Annes Id(t)skema.
1670— Dr. Eccius Monsma en Johannes van der Malen.
1671— Jan Lolkes Zuiderbaan (zie 1665) en Odolphis Gauma (vgl. 1637).
1672— Sjoerd Potter en Sije Alma.
1673— Lubbert Jansen Bangma (Banga) en Sicco Brandsma.
1674— Sicco Alef Saekes Idsinga en Eiso Went (Wendt).
1675— Antonius Jennema en Johannes Wiersma.
1676— Johan Zuiderbaan en Hendrik Revers.
1677— Jan Heixan en Claas Douwes.
1678— Hendrik Ruim Sadelaar (Ruimsadelaar) en Marten Jans van Steenwijk.
1679— Lubbert Jansen Banga en Eiso Went (Wendt).
1680— Heerke Taekes Schonegevel en Odolphus Gauma.
1681— Gerrit Kolkman en Ide Bockhout.
1682— Claas Jelles Bosch en Willem Jansma.
1683— Harmanus Hachtingius en Pieter Emkes Verhoek.
1684— Wigerus Stania en Claas Douwes Houterus.
1685— Gerloff Smeding en Eiso Went (Wendt).
1686— Willem Gerlofsma en Odolphus Gauma.
1687— Marten Jans van Steenwijk en Hendrik Sapes Banga.
1688— Julius Schelto van Aitzema en Taeke Fopkes Oosterbaan.
1689— Rintie Ebles Wiegersma en Claes Jelles van der Bos.
1690— Wouter Jansen Hoogakker en Hermannus Hachtingius.
1691— Thomas Hicht en Hendrik Ruim Sadelaar (vgl. 1678).
1692— Buwe Rijpama (overl. 1694) en Jan Sijdses Oostervert (overl. 1692), (was vroedsman in het Blokhuister-espel verkozen), als burgemeester opgevolgd door:
1692— Claes Jacobs Overhardt (vroedsman, verkozen in een ander espel, nl. Lageweg-epsel).
1693— Julius Schelto Aitzema en Frans Snip.
1694— Marien Jans van Steenwijk en Haye Cornelis Eisma. Hendrik Sapes Banga (i.p.v. Buwe Rapama zie 1692).
1695— Cornelis Bosman en Andreas Jelmersma. '
1696— —Tiete Doukes Siersma en Hendrik Jans Ruim Sadelaar (zie 1691).
1697— Dirck Pieter Smittius en Eiso Inia.
1698— Julius Schelto Aitzema en Heerke Taeckes Schonegevel.
1699— Haye Cornelis Eisma en Adolph Reling.
1700— Rintje Ebles Wiegersma (zie 1689) en Rolf Drewis Wiersma.
1701— Jan van Aelsum en Isack Sipma.
1702— Dirk Smedema en Gerben Olpherts Swanenburg.
1703— Julius Schelto van Aitzema (Aitsma) en Jan Lindeman.
1704— Tako Fopkes Oosterbaan en Andries Boom (Bom).
1705— Adolph Reling en Thomas Hicht.
1706— Gossinus Heringa en Dirk Pieter Smitsius.
1707— Eiso Inia en Willem Jensma.
1708— Julius Schelto van Aitzema (Aitsma) (zie 1703) en Isaak Sipma.
1709— Jan van de Rijp en Hendrik Sapes Banga.
1710— Dirk Smedema en Anthonius Lambergen.
1711— Symen Ruim Sadelaar en Thomas Hicht (zie 1705).
1712— Frans Geringa en Adolph Reling.
1713— Julius Schelto van Aitzema (Aitsma) en Eiso Inia (zie 1708 en 1707)
1714— Euwe Fooij en Hendriks Sapes Banga.
1715— H(ee)r Hessel van Sminia en Jan Jansen van de Rijp.
1716— Dr. Leonardus Wendt (Wend, Went) (vgl. 1685).
1717— Frans Geringa (vgl. Garinga *) en Thomas Hicht
* Het stadsbestuur is volgens de aanstellingen tot op 1717 samengesteld volgens een opschrift ingemetseld in de toren van het in 1610 in gebruik gekomen stadhuis aan de Zijl te Dokkum. De naam Garinga komt in de stukken steeds als Geringa voor. Het opschrift, dat ook voor de bouwgeschiedenis van het stadhuis van belang lang is, luidt:
ANNO MDCCXVII
Als Burgemeesters waeren B. Fooy, S. Ruimsadelaar, d. Hr. H. v. Sminia, J. v. d. Rijp, Dr. L. Wendt, Dirk Smedema, Frans Garinga, Thomas Hicht.
Dr. E. Kiestra, Secretarius.
Is deze toorn gebouwd door Paulus Smedema. D'eerste steen geleyd op den XIX July. Outger Douwes, Foppo Hessels als Bouwmeesters.

1718— Pier Hornsma en Willem Jensma.
1719— T(eunis) van Werven en Adolf Reling.
1720— H(ee)r Hessel van Sminia (zie 1715) en Jan Hayes Aisma.
1721— Dirk Smedema en Buwe Fooy.
1722— Dr. Leonardus Wendt (vgl. 1716) en Reinder Sinia.
1723— Frans Geringa en Augustinus de Penijn.
1724— Petrus Brandsma en Petrus Jilderda.
1725— H(ee)r Hessel van Sminia (zie 1720) en Jacobus van den Broek.
1726— Eelke Annes Houterus en Claas Heixan.
1727— Dirk Smedema en Jan Hayes Eisma.
1728— Benjamin Bekius en Jacob Hornsma.
Tjaerd Hicht (i.p.v. Eelke Annes Houterus, (zie 1726).
1729 Dr. Leonard(us) Wendt (overl. 1729) en Timotius Heringa.
Buwe (of Bouritius) Fooij (i.p.v. Dr. L. Wendt, overl.)
Adolf Reling (i.p.v. B. Fooij, overl.)
1730— Heer Hessel van Sminia en Reinder Sinia.
1731— Heer Jacobus van den Broek en Roelof Fockema. Claes Heixan (i.p.v. Roelof Fockema, overl.)
1732— Douwe Snip en Augustinus de Penijn.
1733— Thijs de Haen en Tjaerd (van) Hicht.
Pieter Brantsma (i.p.v. Tj. v. Hicht, overl.)
1734— Timotheus Heringa en Michiel Minnama.
1735— H(ee)r Hessel van Sminia en Douwe Ruim Sadelaar.
'Claes Heixan (Heyxan) (i.p.v. Minnama, overl.)
1736— Sjoerd Osinga en Harman Rudolph(i) Verrucii.
1737— Petrus Brantsma en Douwe Snip.
1738— Jan Minnes Backer en Sjoerd Huisinga.
1739— Jonker Epo Sjuwk van Burmania (was ontvanger, op aanbeveling van Prins Willem IV 18 okt. 1738 door het Groot-Breed-straatster espel i.p.v. heer Hessel van Sminia verkozen tot lid van de vroedschap van Dokkum, commissie als burgemeester 27 dec. 1738 ingaand 1739, zie ook 1744, 1749, 1754, 1759, 1764.
1739— Watze (van) Andringa (vroedsman in hetzelfde espel 1731—1762.
1740— Sybren Alta en Jacob Jetzes de Vries (zie ook 1745).
1741— Harmen Rudolph Ver(r)ucii en Benjamin Bekius.
1742— Daam Fockema en Thijs de Haan.
1743— Douwe Snip en Jan Minnes Backer (zie 1738).
1744— E. S. van Burmania (zie 1739) en S. W. Osinga.
1745— Douwe Ruim Sadelaer (zie 1735) en Jacob Jetzes de Vries.
1746— Petrus Brantsma (zie 1736, overl. 1748) en Harman Rudolph Verrucii.
1747— Tjeerd Hight (van Hicht, vgl. 1728) en Timotheus Heeringa (zie 1734).
1748— Watze Andringa en Douv/e Snip.
Thijs de Haan (i.p.v. P. Brantsma, overl.)
1749— E. S. van Burmania en Jan Minnes Backer.
1750— Duco de Haan en Douwe Ruim Sadelaar.
1751— Harmanus Potter en Benjamin Bekius (zie 1741)
1752— Harman Rudolph Verrucii (zie 1746) en Dr. Ger. Brantsma.
1753— Johannes Tadema en Jacob Jetzes de Vries.
1754— E. S. van Burmania en Douwe Snip.
1755— Lieuwe Sinia en Thijs de Haan.
1756— Daam Fockema (zie 1742) en Douwe Ruim Sadelaar (overl .1757).
1757— Folkert Rijpperda en Antonius Pere (Pivé).
Johannes Tadema (i.p.v. D. Ruim Sadelaar, overl.)
1758— Dr. G. Brantsma en Jacob Jetzes de Vries (zie 1751).
1759— E. S. van Burmania en Jan Minnes Backer.
1760— Douwe Snip en Claes Crans.
1761— Duco (Doeke) de Haan en Jacob Piers Hoornsma.
1762— Claas Posthumus en Eelke van Kleffens (vroedsman in het Gr. Br. espel sedert 1750).
1763— Lieuwe Sinia (zie 1755) en Dr. G. Brantsma (Brandsma).
1764— E. S. van Burmania en Folkert Rypperda.
1765— Thijs de Haan de Claes Crans.
1766— Daam Fockema en Watse Andringa.
1767— Bote Winia en Nicolaas Posthumus.
1768— Mr. J(ohan) van Idsinga (op aanbeveling van Prins Willem V verkozen in de vroedschap van 9 en 22 april 1767, commissie als burgemeester 21 dec. van dat jaar, ingaand 1768, bedankte 1771 wegens benoeming tot raadsheer) en Mr. Gerhardus Brandsma; Dr. Valerius van T(h)uinen (i.p.v. D. Fockema).
1769— Johannes Tadema en Duco de Haen (Haan).
Theodorus Halbertsma (i.p.v. V. van Thuinen, overl.)
1770— Johannes Ferblans (Voorblans) en Johannes Fockema.
1771— Dr. Theodorus Halbertsma en Lieuwe Reinders Sinia (zie 1763). Willem de Roos (i.p.v. Mr. J. van Idsinga, raadsheer geworden).
1772— Mr. Bavius Nauta (op aanbeveling van Prins Willem V verkozen in de vroedschap 21 aug. 1771) en Dr. Georgius Brugmans (vroedsman in het Gr. Br. espel sedert 1760).
1773— Folkert Rypperda en Mr. Gerhardus Brantsma (zie 1752 en 1768).
1774— Duco de Haan (zie 1769, overl. 1774) en Mr. Joachim van Vliet. Johannes Tadema (i.p.v. Duco de Haen, overl.)
1775— Mr. Tjepke Osinga en Taco Visscher.
1776— Jan Minnes Backer (Bakker) en Doede de Vries.
1777— Mr. Bavius Nauta en Johannes Ferblans (zie 1770).
1778— Mr. Gerhardus Brantsma (zie 1773) en Willem de Roos (zie 1771).
1779— Dr. Theodorus Halbertsma (overl. 1779) en Johannes Fockema (zie 1770). Johannes Snip (i.p.v. Dr. Th. Halbertsma, overl.)
1780— Taco Visscher en Jan Doedes Siersma.
1781— Jan Minnes Backer en Harmannus van Assen (vgl. Jan van Assen, vroedsman in het Gr. Br. espel 1749—'60).
1782— Mr. Bavius Nauta en Steffen Suijdema.
1783— Nicolaus Posthumus (zie 1767) en Johannes Ferblans (zie 1777).
1784— Pytter Breugeman en Dr. Georgius Brugmans (zie 1772).
1785— Doede de Vies (zie 1776) en Andreas Muller.
1786— Folkert Ryoperda (zie 1773) en Johannes Fockema (zie 1779).
1787— Bote Wynia (zie 1767) en Willem de Roos (zie 1778).
1788— Johannes Snip (zie 1779) en Johannes Ferblans zie 1783).
1789— Mr. Bavius Nauta (zie 1782) en Mr. Fedde Jan van Slooten. Dr. Georgius Brugmans (zie 1784, i.p.v. J Fockema, overl.)
1790— Andreas Muller (zie 1785) en Andrys Cuperus.
1791—1) Harmanus van Assen (zie 1781) (L), en Buwe (van) Jeltinga (B) (beiden tot 1795).
1792—2) Francois Henricus Becius (G) en Petrus Johannes Wibrant
Knol(l) (K).
1793—2) Johannes Snip (vgl. 1760) (K) en Doede de Vries (zie 1785) (L).
1794—2) Johannes Ferblans (zie 1788) (B) en Mr. Eavius Nauta (zie 1789) (G).
1795—2) Andreas Muller (zie 1785) (B) en Nicolaus Posthumus (zie 1783) (L). (Voor beiden werd de commissie als burgemeester 24 dec. 1794 get. te 's-Gravenhage door de Stadhouder Willem V).
1) Deze burgemeesters waren de laatsten, die ambtshalve aftraden, nl. op het einde van 1794, zij zijn hier aangeduid met de beginletter van het espel, waarin zij als vroedsman destijds gekozen waren.
2) De burgemeesters, die benoemd ingaande 1792 en volgende en zitting hadden in 1795, zijn bij de omwenteling te Dokkum februari 1795 evenals de secretaris afgezet. Vgl. ook vorige noot.


1601 Raad:
„Wethouderen en gemeensluiden".
vergaderd 9 februari, toen zij een heffing in verband met de oorlog vaststelden (inv. nr. 1, p. 73); hiervan zijn de eerste vijf ondergetekenden blijkbaar de wethouderen of burgemeesteren, terwijl blijkens de open ruimte, vooraan 2e regel, de burgemeester Wijger Gabbe zoon afwezig was. Laatstgenoemde komt naast Gerben Gosse als burgemeester voor op 16 april.
Ondergetekenden:
Gosse Gabbe Janz(oo)n
Pieter Eilerts 1601
Pijeter Augustinus van der Miers
P AV. d M
Douwe Aeltzens 1601
Henrijck Janz(oo)n 1) H(aye) Luijtsens 1)
1601
IJsbrant Joost
Derck seppes 2) Sijbrant Rypkes
Jan I H Henricks 2)
een merc met eigeder hand gesteld
Sijtse Foeckes 3)
Hube Wijrdts 3) Jan Jansz(oo)n
1601
Wijbet (An)thonis 4)


1602 „Gemeensluiden",
register van de genen die tot gemeensluiden zijn vercoren voor 't jaer 1602, den 1en januari (inv. nr. 1 p. 85).

Aelsumer poorter espel
Henric Jansz(oo)n
Haije Lu(ij)tse(n)s Siuerd Lieuwes
Hans poorter espel
Jacob Jacobs(zoon)
Wierts(zoon)
Sijtze Fockes(zoon)
Hoochstrater espel Jan Henrics(zoon)
Dirc Sippes(zoon) Pier Agges(zoon)
Blochuster espel
Wibet Tonis(zoon)
Siuerd Sprong
Lutien Cornelis(zoon)
1) Ook verkozen voor 1602, zie p. 85 inv. nr. 1, in het Aelsumer poort espel.
2) Hoochstraeter espel, t.a.p.
3) Hanspoorter espel, t.a.p.
4) Blockhuster espel, t.a.p.
De hier genomen volgorde der espels komt overeen met de volgorde der handtekeningen, en ook met de volgorde in 1637, maar niet met de keuze voor 1602.

1603 Raad en gezworen gemeente
mei 5
(besluit betreft de houding in een hangend proces van de stad met omliggende grietenijen over het verleggen van de zijlen voor het Hof van Friesland) Ondergetekenden:
N(atus) 32
Pieter Eilerts
1603
Gabbe Janz(oon)
1603
Jacob Jacobs
1603
Gosse
Siuerdt esen Sprong Douwe Aeltzens
1603
Wijbet (An)thonis
Sijbrant Rijpkes
Syuorst Lijwes(zoon)
Gerrijt Jans H Luitsens
Pijeter Cornelison
Wijrdts 1603
Derck Seppes


1610 Jan Henrick(zoon) C(ommis)saris. F(rans) Frans
T V
Johannis Gerckes
Sirck Claesz(oon)
Sijdts Pijersz(oon)
29 November, eerste resolutie op het nieuwe raadhuis aan de Zijl.
besluit bouw weeshuis, en daartoe omslag over de florenen in de stad. (inv. nr. 1 p. 123).

1624 „Magistraat en gemeensluiden"
inv. nr. 1, jaar 1624, 11 juni, 9, 16 aug. en 28 sept. Ondergetekenden de navolgenden:
1 T. Gauma (oud 31 jaar) 13 Popke Gabbes
2 R. Wolters 14 Jan Lubberts
3 Ridtske Janssen 15 C. Romckes
4 Luitien Cornelis 16 Jacob Upes
5 H(ere) H. van Hottinga 17 Dyerck Jelmers
6 Fopke Sijds 18 Abraham Claske
7 Johannes Romckes 19 S. Ritsk(e)s
8 J. Veltdriel 20 Tiete Cierx
9 Johannes Gerckes (oud 49 jaar) 21 Isack Arents
10 Henryck Jansz 22 N. F. Bosces
11 Roelof Luites 23 Dyerc Claas
12 Meje Jans 24 ?


1625 Zie 1624 nrs. 1, 7, 9, 10, 13, 23
Simon a. Leninck (ook in 1624?)
Anne Hans van Wyckel (oud 25 jaar)
J. Hessel Aebes
Wybrant Jans

>> begin