Publicatie "Betere bloemen wijzer"
VOORAF
Het
meest gekochte, gegeven en ontvangen cadeau(tje) is een bos bloemen. Bijna al
die bloemen worden geproduceerd door een van de meest vervuilende industrieën:
de bloementeelt.
"Betere
Bloemen Wijzer" wijst de weg naar bloemen zonder gif. Die zijn nog maar
zeer beperkt te koop. Gelukkig kan de
eigen omgeving en vooral ook de tuin in alle jaargetijden materiaal leveren voor
het maken van boeketten, bloemstukjes e.d.
In
1994 startte een groot aantal Consumenten- en Milieuorganisaties, waaronder de
Consumentenbond, Greenpeace Nederland, de Stichting Natuur en Milieu en de
Vereniging Milieudefensie, een actie om de verkoop van onbespoten bloemen te
bevorderen met als doel daarmee de belasting van natuur en milieu door de
bloementeelt te verminderen.
"Betere
Bloemen Wijzer" is uitgebracht als onderdeel van deze actie. Het aan
Minister Bukman van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij aangeboden manifest en
een pakket eisen voor de aanpak van de milieuproblemen in de bloemenindustrie
zijn als bijlagen achterin deze brochure volledig opgenomen.
LANDBOUWGIF
De
meeste mensen steken hun kop in het zand. Het is prettiger om te denken dat het
wel mee valt of dat het helemaal niet waar is. Maar het is waar:
Elke
dag komt er gif in ons eigen lichaam: We ademen het in, het komt
vanuit water en lucht door onze huid en het gif zit in ons eten en drinken.
De
hoeveelheden gif zijn zo klein dat je er bijna nooit direct ziek van wordt.
Meestal kun je het niet proeven en kun je het ook niet zien. Zo heel gek is het
dus nu ook weer niet dat bijna niemand zich bewust is van het gif dat we
dagelijks opnemen. Bovendien doet onze overheid er alles aan om iedereen te
overtuigen dat ons voedsel "veilig" en "betrouwbaar" is.
De informatie hierover van de overheid is echter zeer onbetrouwbaar. De in
voedsel toegestane hoeveelheden gif - bestrijdingsmiddelen - zijn gigantisch
hoog. Hierover is meer te lezen in de gratis brochure "Giffraude" en
in "Bestrijdingsmiddelen Wijzer", twee uitgaven van de Stichting
Natuurverrijking.
Vrijwel
al het gif waar we mee in aanraking komen is door de landbouw in het milieu
gebracht. Bestrijdingsmiddelen zijn immers giffen die vooral door agrariërs
gebruikt worden om bepaalde dieren of planten te bestrijden. Een heel klein deel
van het gebruikte gif treft inderdaad het organisme waarvoor het wordt
toegepast. Onbedoeld worden ook planten, dieren en mensen slachtoffer van het
gif dat zich in bodem, lucht en water verspreidt. Zelfs regenwater bevat al
zoveel gif dat het zonder extra zuivering niet meer geschikt is als
drinkwater. Ondanks beperkt onderzoek werd bijvoorbeeld het vermoedelijk
kankerverwekkende zenuwgif dichloorvos in regenwater al tot 66x de
drinkwaternorm aangetroffen. (zie o.a. "Gewasbescherming en
Milieu.")
De
afgelopen tientallen jaren wordt door landbouw en chemie beweerd dat het gebruik
van bestrijdingsmiddelen, meestal met de koosnaam
"gewasbeschermingsmiddelen" aangeduid, noodzakelijk is om
voldoende voedsel te kunnen produceren voor de wereldbevolking. Dat dit
onzin is bewijzen niet alleen honderden ecologische agrariërs, die zonder gif
hun gewassen verbouwen, maar ook overproductie van voedsel in de rijke landen
en de vele hongersnoden in de derde wereldlanden tonen helaas aan dat
"gewasbeschermingsmiddelen" de voedselschaarste in grote delen in de
wereld niet oplossen.
Honger
heeft dan ook andere (sociale, politieke en economische) oorzaken.
Veel
gif komt in het milieu, in bodem, lucht en water, dus ook in ons lichaam, als
gevolg van de productie van bloemen, eigenlijk een luxe artikel.
BLOEMENGIF
Dertig
bespuitingen op de weg van zaadje tot fleurig boeket is heel normaal. Wettelijke
regels m.b.t. resten gif op bloemen zijn er niet. Vlak voor de aankoop kan en
mag ieder boeket nog met gif "behandeld" zijn.
Het
gaat in de bloementeelt in ons land niet om kleine hoeveelheden gif. Volgens
de jongste overheidsgegevens was de productiewaarde in 1991 van bloemen, planten
en bloembollen 6.693 miljoen gulden. Dit bedrag is ongeveer 1.500 miljoen
gulden hoger dan de productiewaarde van groenten en fruit. Het is dan ook niet
verwonderlijk dat in ons land voor de teelt van bloemen en bloembollen meer gif
gebruikt wordt dan voor de teelt van groenten en fruit.
Onze
overheid schat dat er voor de teelt van bloembollen, bloemen en planten
jaarlijks bijna 3.000.000 kilo gif gebruikt wordt (bron: Meerjarenplan
Gewasbescherming).
De
productie van bloemen geeft niet alleen problemen met gif; kunstmest en
kleurstoffen om bloemen te verven belasten eveneens het milieu. Bovendien is
de bloemenproductie energieverslindend. Voor elk boeketje in de winter is veel
extra verwarming en verlichting noodzakelijk.
BLOEMENRECLAME
-
Bloemen houden van mensen
-
Zeg het met bloemen
-
Neem vaker een bloemetje mee
Jaarlijks
worden vele miljoenen guldens uitgegeven om ons dergelijke leuzen in te prenten.
En iedereen kent ze, van radio, televisie, advertenties, enz.
Er
kan wereldwijd bijna geen evenement voorbij gaan waarbij de pers aanwezig is,
of er worden gigantisch grote, gratis Nederlandse bloemstukken aangeboden.
Wie wil er nog beweren dat Nederlanders zuinig of gierig zijn? Zelfs de paus
bedankt vriendelijk voor de bloemen uit Holland, voor het oog van de camera's.
De
reclame en sluikreclame hebben succes. Het is bijna een ongeschreven wet
geworden; bloemen horen bij elke gelegenheid van geboorte tot
begrafenis.
Het
kopen, geven en ontvangen van bloemen is voor velen een vanzelfsprekendheid.
Weinigen beseffen dat zo'n fleurig boeket een gifruiker is. Contact met
bestrijdingsmiddelen op bloemen en planten kan o.a. huidaandoeningen
veroorzaken en draagt in elk geval bij tot vergroting van de hoeveelheid gif
waar we meestal onopgemerkt reeds dagelijks in aanraking komen. Van veel
bestrijdingsmiddelen is bekend dat contact met kleine hoeveelheden na langere
tijd ernstige ziekten als kanker kunnen veroorzaken.
Omdat
"slechts" gezondheid en milieu belang hebben bij beëindiging of
vermindering van de gifbloemenproductie wordt daarvoor geen reclame gemaakt.
Want wie verdient er geld aan milieu en gezondheid? Dan moet toch zeker eerst
het milieu verpest en de gezondheid verziekt zijn?
Wie
persé een bloemetje wil geven, zou tenminste voor een bloemetje zonder gif
moeten kiezen.
BLOEMEN
ZONDER GIF
Tot
de Tweede Wereldoorlog was bloementeelt zonder bestrijdingsmiddelen heel
gewoon. Na de oorlog nam het gebruik van gifstoffen een grote vlucht. Al gauw
werd het in de land- en tuinbouw heel gewoon de voor de oorlogsvoering
ontwikkelde giffen te gebruiken. Zo gewoon dat de teelt zonder
bestrijdingsmiddelen
nu "alternatief" genoemd wordt.
Duizenden
tuinbezitters tonen aan dat je net als vroeger bloemen, bomen en struiken kunt
kweken zonder gif te gebruiken. Een algemene bewustwording van de bezwaren
voor natuur, milieu en gezondheid van de gangbare bloementeelt zullen het
plezier en de waardering van zelfgekweekte onbespoten bloemen vergroten.
DE
BOEKETRIJKE TUIN
Bij
aanleg van de eigen tuin kan rekening gehouden worden met de mogelijkheden tot
plukken in de verschillende seizoenen. Niet alleen de keuze van planten,
bomen en struiken is daarbij van belang, maar ook de grondsoort. De meeste
mensen denken dat goede tuingrond veel meststoffen moet bevatten en zwart van
kleur is. Bijna iedereen vult de grond in de eigen tuin aan met zwarte aarde,
kompost en meststoffen. Zo staat het ook te lezen in vrijwel ieder tuinboek.
De ideeën uit de meeste tuinboeken worden nog overgeschreven uit boeken die
stammen uit de tijd toen de regen niet zuur was. Toen ongewenste stoffen niet
"zomaar" uit de lucht vielen en heide en duinen nog niet vergrast
waren.
In
de moestuin is het wel van belang dat er voldoende voedingsstoffen in de grond
zitten om een goede opbrengst te krijgen. Er moet dan ook zeer regelmatig gewied
worden, want niet alleen groenten gedijen snel in een voedzame bodem.
Ieder
die een bloementuin wil aanleggen en het leven in de tuin niet steeds wil
verstoren, omdat geschoffeld en gespit moet worden zorgt er voor dat de bodem
juist zo weinig mogelijk voedingsstoffen bevat. In de boeketrijke tuin zijn
zwarte aarde, kompost en meststoffen taboe.
BLOEMRIJK
ZAND
Het
klinkt misschien vreemd, maar bijna alle bloemen houden van zand. Breng gerust
een laag zand van minstens dertig centimeter aan als er nog weinig of geen zand
aanwezig is. Woekerende soorten, zoals brandnetels, krijgen in de zandbodem
weinig kans en kunnen eventueel gemakkelijk met wortel en al worden
uitgetrokken uit het vrij losse zand.
Zand
is het milieuvriendelijke middel tegen woekerende kruiden. Omdat er in de
zandtuin niet zoveel onderhoud gedaan hoeft te worden heeft de tuinbezitter meer
tijd om het leven en de ontwikkeling te volgen van de bloemen en hun vrienden;
de vlinders, bijen, kevers, vliegen, rupsen, luizen, spinnetjes en allerlei
andere diertjes die in elke tuin thuishoren.
BESTRIJDEN
ZONDER GIF
Wie
oog heeft voor de natuur en onze medeschepselen zal nimmer naar gif grijpen om
een "plaag" te bestrijden. Soms zijn dieren die wel eens bestreden
worden juist onze helpers. Zo houden huisjesslakken muren, stammen en takken
vrij van algen, waardoor bomen beter kunnen ademen. De larven van het
lieveheersbeestje, een "eng" diertje dat maar weinig mensen herkennen,
eten plantensapzuigende luizen.
Er
zijn altijd wel manieren om zonder chemische bestrijdingsmiddelen een
verstoord evenwicht in de tuin te herstellen. Vogels en amfibieën kunnen
daarbij een belangrijke rol spelen.
Insectenetende
vogels kunnen worden aangetrokken door wat dichte struiken aan te planten en
nestkasten op te hangen.
Naaktslaketende
padden, kikkers en salamanders houden er van om tussen stenen, planken en takken
te kruipen. Deze dieren kunnen dus gelokt worden door op een rustig plekje in de
tuin wat stenen op te stapelen. Een vijver geeft onze amfibieën gelegenheid tot
voortplanting in het vroege voorjaar. Een geschikte vijver mag geen vis
bevatten. Vissen eten niet alleen kikkerdril en paddenrit, maar ook de uit de
eitjes gekomen larven. Omdat amfibieën vaak in het water overwinteren moet
een deel van de vijver minstens een meter diep zijn. Dit is vooral van belang
voor betonnen vijvers en andere vijvers waar de dieren niet dieper in de bodem
kunnen kruipen.
"PLUKPLANTEN"
Om
het leven in de boeketrijke tuin zo min mogelijk te verstoren verdienen uit
tuinecologische overwegingen planten die zich na het poten of zaaien vele jaren
kunnen handhaven de voorkeur boven planten die regelmatig of elk jaar een
bepaalde behandeling vereisen. Diverse soorten winterharde vaste planten, bollen
en knollen die prachtige boeketbloemen leveren komen voor aanplant in
aanmerking.
Enkele
zeer geschikte vaste plukplanten zijn: aster, margriet, phlox, vrouwenmantel,
ridderspoor, akelei, rudbeckia en lelietjes van dalen. Van de drie eerstgenoemde
soorten zijn vele variëteiten beschikbaar. De witte, roze en lila bloemen van
de phlox kunnen van juni tot in september geplukt worden. Van herfstasters
kunnen tot ver in de herfst boeketten gemaakt worden. Bovendien zijn bijen en
vlinders u dankbaar voor de keuze van deze soort.
Bollen
en knollen die zich uitstekend handhaven en uitbreiden zijn: narcis,
sneeuwklok, krokus en winterakoniet.
De
twee eerstgenoemde soorten kunnen leuke boeketjes leveren, terwijl ze alle vier
geschikt zijn om in het najaar en de winter in een pot weg te schenken.
Misschien
lukt het deze soorten van een bevriende tuinliefhebber te krijgen. Het aanbod
ecologische bollen is nog klein.
In
de bloementuin kunnen natuurlijk ook één- en tweejarige planten gezaaid
worden. Soorten die zichzelf na de bloei weer uitzaaien hebben uit ecologische
overwegingen natuurlijk de voorkeur boven soorten die telkens opnieuw gezaaid
moeten worden. Uiteraard is het van grondsoort, bodemvochtigheid, beschikbaar
licht e.d. afhankelijk welke soorten in een bepaalde tuin geschikt zijn.
Vergeet-me-nietjes, goudsbloemen en wilde
viooltjes zullen zichzelf na de bloei in de meeste tuinen met succes weer
uitzaaien. Als er soorten zaadplanten uit de tuin verdwijnen is dat heus geen
ramp. Kennelijk zijn de omstandigheden in de tuin voor deze soorten minder
geschikt. Ook in een kleine tuin kan een evenwicht ontstaan, waarbij planten en
dieren zich in harmonie met elkaar ontwikkelen. De werkzaamheden van de
tuineigenaar bestaan dan voornamelijk uit het verwijderen van planten die een
op een bepaalde plaats gewenste soort verdringen en natuurlijk het plukken
van boeketten.
Tenslotte
in tegenstelling tot het hiervoor gestelde een paar te zaaien soorten die wel
ieder jaar opnieuw gezaaid moet worden. De planten mogen niet onvermeld
blijven, omdat er maandenlang zo veel en zulke mooie boeketten van gemaakt
kunnen worden: lavatera, lathyrus en Oost-Indische kers.
Wie
geen tuin heeft kan ook buiten op bloemrijke velden of in wegbermen boeketten
plukken. Veldboeketten verdienen veel meer waardering dan nu vaak het geval is.
TAKKENBOEKETTEN
Voor
takkenboeketten wordt geen reclame gemaakt. Het is immers geen product van de
intensieve bloementeelt. Met takkenbossen kan Nederland de wereldmarkt niet
veroveren. Overal in plantsoenen, parken, tuinen en natuurgebieden groeien bomen
en struiken zonder dat daar gif aan te pas komt. Ze groeien zelfs zo goed dat ze
elkaar in de strijd om het zonlicht overwoekeren. Minder snel groeiende
exemplaren
sterven door lichtgebrek. Bomen krijgen hun stam doordat de onderste takken te
weinig licht krijgen om te leven, of door snoeien. Waar mensen zich met de
strijd om het licht bemoeien en willen bepalen hoe hoog, laag, breed, smal, dik
of dun een boom of struik is komen grote hoeveelheden snoeihout vrij. Meestal
worden deze takken op een hoop gegooid, versnipperd, gecomposteerd of verbrand.
Veel takken zijn echter heel geschikt om prachtige, decoratieve boeketten van te
maken.
KERST-
EN PAASSTUKJES
Met
kerst worden takken van hulst, conifeer, den en spar gebruikt. Kerststukken zijn
wel handelswaar.
Dergelijke
stukken kunnen zelf gemaakt worden. En dan liefst niet alleen met kerst. Met een
aardig bakje, een stukje gaas of een metalen "spijkerbed" om het
geheel in vorm te houden en wat aandacht voor wat er in de tuin/omgeving te
vinden is kunnen in de verschillende jaargetijden tak-, bloem- en
vruchtstukken gemaakt worden:
In
de winter gesnoeide takken brengen het voorjaar vroeg in huis, want de knoppen
ontwikkelen en bloeien binnen veel sneller dan buiten. "s Winters kan ook
met bollen van sneeuw, wat oase, klokjes, mos, elzenproppen, takken e.d. een
voorjaarsbak gemaakt worden. Narcissen met bol kunnen uitgangspunt zijn van
een paasstuk. De zomer leent zich natuurlijk voor bloemstukken, terwijl de
herfst prachtig gekleurde bladeren en vruchten oplevert.
SOORTENTIPS
BOMEN EN STRUIKEN VOOR DE PLUK
Bomen
kunnen te groot worden in een kleine tuin. De meeste soorten kunnen we door te
snoeien klein houden; dan hebben we meteen materiaal voor takkenboeketten.
Geschikte bomen zijn els, wilg, sering, hulst en diverse vruchtbomen. Els en
wilg leveren ons in winter en vroege voorjaar beide takken met katjes. Van de
wilg zijn vooral de mannelijke katjes met het gele stuifmeel decoratief. De els
draagt het hele jaar door decoratieve vruchten, de elzenproppen. Vruchtbomen
zijn niet alleen om hun bloesem interessant, maar leveren ook materiaal voor
vruchtenstukken. De aanplant van de wilg is het goedkoopst. Een tak in het
vroege voorjaar flink diep in de grond duwen is voldoende. Als het erg droog is
wat water geven en na enkele jaren moet al gesnoeid worden om de wilg klein te
houden.
Ook
van struiken als forsythia (Chinees klokje), kornoelje, winterjasmijn, hortensia
en klimop (hedera) kan in het vroege voorjaar volstaan worden met het planten
van een tak. Wat vochtig houden, het eerste jaar overwoekering door kruiden voorkomen
en na een jaar of drie kan al met snoeien worden begonnen. De forsythia is om
zijn vroege gele bloesem interessant. Van de kornoelje kan een variëteit met
rode takken gekozen worden. De bloemen van de hortensia zijn van de zomer tot in
de winter te gebruiken, terwijl de altijd groene hedera ons het hele jaar door
van bladeren kan voorzien met 's winters bloesem en vruchten.
De
bekende klimmer clematis moet tenslotte vermeld worden, omdat verschillende
variëteiten prachtige bloemen leveren.
GEA
BLOEMEN
Vanuit
de agrarische sector groeit het besef dat vermindering van het gifgebruik
noodzakelijk
is. Een groeiend aantal telers tonen aan dat bloementeelt zonder gif, zoals
vijftig jaar geleden gewoon was, nog steeds mogelijk is. Deze biologische
bloemen worden onder het merk GEA bij een beperkt aantal bloemisten verkocht.
De Technische Ledenservice van de Consumentenbond (tel. 070-3806644) kan
vertellen bij welke winkels.
CONSUMENTENBONDTIPS
De
Consumentenbond heeft onderzocht welke van de 10 soorten meest verkochte bloemen
het minst, dan wel meest milieubelastend zijn (Consumentengids, december 1993).
Hieronder
volgt voor bijna onverbeterlijke bloemkopers de gevonden rangorde:
Anjer,
alstroemeria, fresia en gerbera belasten het milieu het minst; roos en chrysant
doen dat iets meer. Veel slechter zijn de bolbloemen iris, tulp en narcis; het
slechtst de lelie.
Maar
wie kun je dit wetende nog blij maken met een bos irissen, tulpen, narcissen of
lelies?
BEWUSTE
ONTVANGERS
Het
moet maar eens uit zijn met het kortzichtige idee dat je iedereen blij maakt met
zo'n uit gemakzucht gekocht boeket, zo'n bos opzichtige, opgefokte, afgesneden,
afstervende geslachtsorganen van vergiftigde planten.
Geef
geen boeket, maar een kaartenset!
Vrienden,
collega's en kennissen hoef je niet voor het hoofd te stoten door een gegeven
boeket te weigeren. Laat ze weten geen prijs meer te stellen op bespoten
bloemen. Daarvoor kunnen de kaarten uit deze "Betere Bloemen Wijzer"
gebruikt worden.
BETERE
BLOEMEN KAARTEN:
ideeën, tekeningen in stijl ingesloten
Nieuwjaarskaart

|