Behoud van het ras
Bij vrijwel alle rasverenigingen staat het in de statuten als doelstelling:
behoud van het ras. Het is zo'n standaardkreet geworden dat nog
maar weinigen zich afvragen wat dit nu precies inhoudt. Wie als
buitenstaander naar de rashonden en rashondenfokkerij kijkt, krijgt
misschien de indruk dat het alleen om het exterieur gaat. Sommige
mensen kopen ook een rashond "omdat hij er zo leuk uitziet",
waarbij leuk dan verwijst naar afmeting, vacht, ogen en oren.
Het is ook jammer om te zien dat veel mensen onvoldoende idee hebben
van de oorsprong van hun ras. Misschien een globaal idee maar meer
ook niet. Toch speelt die oorsprong een essentiële rol. Het
is de basis voor het uiterlijk, het karakter en het gedrag.
De oorsprong van een ras en welke invloed die nu nog steeds heeft
zie je al snel op puppycursussen. Deze invloed zie je ook in andere
takken van hondensport waar sommige rassen niet of nauwelijks aan
meedoen en andere juist heel veel. Die oorsprong bepaalt de aanleg
voor activiteiten waarvoor het ras misschien nooit is gefokt maar
die wel aan de oorspronkelijke aanleg appelleren.
Behoud van het ras is nauw verweven met het land van oorsprong.
Het land van oorsprong heeft immers de zeggenschap over de rasstandaard
en bepaalt daarmee feitelijk aan welke normen en waarden een fokker
zich dient te houden.
De rasstandaard is meestal eigenlijk alleen een exterieurvoorschrift
en besteedt weinig of geen aandacht aan aanleg (oorspronkelijk werkdoel).
De beschrijving van het gewenste karakter of temperament is meestal
summier en antropomorf weergegeven.
Voor de meeste honden, maar ook voor hun eigenaren, is er geen
of weinig ruimte om nog iets met die oorspronkelijke werkdoelen
te doen. Voor sommige rassen is dit misschien zelfs wel goed. In
een aantal gevallen zijn alternatieve sporten of activiteiten te
bedenken maar lang niet in alle gevallen. Behoud van het ras lijkt
daardoor alleen nog maar het vasthouden van het rastypische uiterlijk
en, voor zover dit mogelijk is, temperament en karakter.
Een handicap die sommige fokkers hierbij hebben is de grootte van
de populatie. Hoe kleiner een populatie hoe kwetsbaarder deze is.
Het is bij deze rassen van essentieel belang om een zo breed mogelijk
selectiebeleid te voeren en wellicht de populatie te vergroten door
het importeren van dieren voor de fok in plaats van alleen te selecteren
uit de voortgebrachte populatie.
|