Mijn grootste 
passie.

Vanaf 1990 ben ik lid van “De Wielervrienden” in Eijsden. De club telt 55 leden en er wordt gefietst in 3 groepen. Vanuit Eijsden bestaan er legio mogelijkheden voor het uitzetten van de meest fantastische fietsroutes. Men kan zich beperken tot vlakke routes in het Maasdal, maar het Limburgse heuvelland bevindt zich op een steenworp afstand. Persoonlijk prefereer ik de Belgische heuvels van Voerstreek en Ardennen omdat die minder toeristisch zijn. Vanaf half maart wordt elke zondagochtend een clubrit van ca. 100 km. gefietst. Daarnaast wordt regelmatig deelgenomen aan eendaagse toertochten zoals Amstel Gold Race, Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik, die ik inmiddels 7 keer gefietst heb. Bovendien wordt er regelmatig een meerdaagse buitenlandse trip georganiseerd. In 1992 nam ik voor het eerst deel en fietsgenoot Rob Brouwers, kunstschilder, legde na afloop de leukste momenten voor iedereen op strip vast . Onder aan deze pagina ziet u een voorbeeld daarvan. (Beeld bouwt zich erg traag op).

In latere jaren volgden de Alpen, de Pyreneeën en Noord Spanje. Het meest genoten heb ik in 1996 van een 7-daagse tocht dwars door de Pyreneeën met start aan de Atlantische Oceaan en eindbestemming Middellandse Zee. Wat mij vooral aantrekt in de Pyreneeën is het autenthieke en vaak nog ongerepte karakter van deze streek, zonder het massatoerisme dat sommige Alpengebieden kenmerkt.

1998: Op de foto met een plaatselijke schone.

In de Pyreneeën heb ik ook een van de pittigste beklimmingen uit mijn fietsperiode leren kennen, de Col de Marie Blanque. Er komen in deze beklimming stukken voor die me enigszins het gevoel geven dat ik tegen een gevel op rijd. De naam Marie Blanque doet weliswaar iets aangenaams vermoeden maar is, om met de woorden van de bekende Nederlander Jacques Vranken te spreken “unne vetlap” (een smeerlap).

De afgelopen jaren hebben Annie en ik onze vakantie doorgebracht in de Provence en ik heb die streek leren kennen als een prachtig fietsgebied waar men nog uren kan fietsen zonder vrijwel iemand tegen te komen. Uiteraard heb ik tijdens die vakanties ook talloze malen en van alle kanten de Mont Ventoux beklommen. De snelste tijd reed ik afgelopen jaar (2003): gemeten vanuit het plaatsje Bédoin deed ik 1 uur 44 min. over de 22 km. lange klim. Ook de beklimming vanuit het plaatsje Sault vind ik bijzonder mooi, rustig en vrijwel zonder gemotoriseerd verkeer! De klim vanuit Malaucene daarentegen doe ik niet graag. Als je ooit in de Provence op fietsvakantie wil gaan, moet je beslist ook de onbekende Col de Macuegne vanuit Montbrun les Bains eens fietsen, je hebt dan een col voor jou alleen!

In de beginjaren was ik een matige fietser die het tempo bergop maar met moeite bij kon benen. Maar gaandeweg werd ik fanatieker, viel geleidelijk 10 kg. af en stopte in 1995 met roken. Het effect was zeer goed merkbaar. Momenteel voel ik mij juist in de bergen het best in mijn element en als ik een superdag heb, kan ik mij meten met de betere fietsers in onze club.

Ik besteed als fietser uiteraard ook aandacht aan het materiaal. Momenteel bezit ik drie fietsen van het merk Giant: 2 racefietsen en 1 mountainbike. Ter vervanging van mijn Cadex-carbon-frame (ook van Giant) koos ik in 1999 voor een aluminium-uitvoering met slooping-frame, afgemonteerd met een Shimano Ultegra 9-speed-groep. Hoewel een klassiek kader me meer aanspreekt, waren mijn prestaties met de aflopende bovenbuis van dien aard dat ik in 2002 overging tot aanschaf van een Giant carbonframe met hetzelfde kader, nu echter met een Campagnolo 10 speed triple-groep, pion 11-21. Met name de schakelkwaliteiten van Campagnolo vind ik een enorme verbetering.

Zowel voor als na mijn operatie in 2000 voelde ik me lichamelijk uitstekend en ook het fietsen verging me zeer goed. Sedert toen heb ik nog 3 maal de Marmotte uitgereden, waarvan 2 maal in erbarmelijke weersomstandigheden. Voor de niet-kenners onder u: de Marmotte staat gelijk aan een zeer zware bergetappe in de Tour de France, is 175 km. lang met beklimming van 4 loodzware cols, te weten de Croix de Fer, de Telegraphe, de Galibier en de Alpe d’Huez. Kanker hoeft dus niet altijd fataal te zijn. Tot zover de overeenkomst met ene Lance Armstrong. Overigens vond ik het frappant dat ik de Marmotte de laatste 2 malen in nagenoeg dezelfde tijd uitreed:
in 2002 in 10 uur 21 minuten en 46 seconden
in 2003 in 10 uur 21 minuten en 25 seconden.
Een verschil derhalve van 21 seconden, waar ik uit afleid dat er nog altijd progressie in mijn fietsen zit!

 

 

[Home] [Bestralingen] [Orthomoleculair] [Kölner Modell] [Hyperthermie] [Maretak] [Thymus] [Fietssport] [Marmotte] [Deze site]