| 2
| Hij doet met ons, Hij gaat ons in en uit. |
| Heeft in zijn handen onze naam geschreven. |
| De Heer wil ons bewonen als zijn huis, |
| plant als een boom in ons zijn eigen leven, |
| wil met ons spelen, neemt ons tot zijn bruid |
| en wat wij zijn, Hij heeft het ons gegeven. |