|
"HOE
DE HILLBILLY CAT SYMBOOL WERD VAN EEN GROOTMACHT"
Van
een verlegen puber werd hij de rebel van opgroeiend Amerika. Als een onstuitbare
komeet schroeide en schoffeerde hij de harten van 'fatsoenlijke' en godvrezende
blanke burgers. Vervolgens bleek hij vooral romanticus en patriot. Hij
wilde geven, gaf ieder zijn deel, hield totale uitverkoop en groeide uit
tot het gezicht van een natie. Tegenslagen konden zijn legendevorming
niet verhinderen. Tenslotte verloor hij zijn gezondheid, maar z'n grootste
gave behield hij. Dus hij zong, en hij zong.
Op 26 juni 1977 registreerden
de camera's van het Amerikaanse televisienetwerk CBS in Indianapolis een
zoveelste vertolking van het sterk autobiografisch klinkende nummer "My
Way". Dit markante, en van oorsprong Franse levenslied, klinkt,
wanneer de entertainer niet overtuigend acteert, al snel overladen. Het
memoreert afwisselende momenten uit een rijk en veelbewogen leven en wijst,
met weemoed maar zonder spijt, naar een onvermijdelijk einde. Het lied
klinkt als een bekentenis met de bezielende kracht van een traditionele
spiritual. In zoverre weinig nieuws in Indianapolis. Toch was deze avond
anders. Hier was geen sprake meer van entertainment, hier stond een man
in zijn finale. Een man die terugblikte in totale berusting. Hij beschermde
zijn door glaucoom geteisterde ogen tegen het flitslicht van duizenden
fotokamera's, keek de zaal in en lachte onwennig, misschien wel verbaast.
Het applaus was overdonderend en het publiek plaatste hem terug in een
werkelijkheid waarvoor zijn leven model had gestaan: onbereikbaar, bejubeld
en vooral eenzaam. De mythe rond zijn persoon was zijn ego voorbij gestreefd.
Elvis overleed zeven weken later op 16 augustus 1977. Volgens de officiële
verklaring door een hartstilstand. Latere lezingen zouden onthullen dat
zijn lichaam bij autopsie sporen van veertien soorten drugs bevatte. Zijn
dood leidde over de hele wereld tot diep geschokte reacties. Nu, ruim
twintig jaar later verschijnen er nog steeds biografieën over hem. Velen
geloven niet dat hij dood is. Regelmatig wordt in de Verenigde Staten
zijn verschijning opgemerkt. Zijn huis in Memphis, tevens de plek van
zijn overlijden, is veranderd in een bedevaartplaats.
JEZUS CHRISTUS
Elvis is meer dan een
popidool, meer zelfs dan een legende. "Hij is de enige ware opvolger
van Jezus Christus op aarde", zo luidt althans de theorie van sommigen.
Als één ding echter duidelijk is, dan is het dat hij grenzen heeft overschreden
en schijnbaar onoverbrugbare uitersten heeft doen samensmelten. Elvis
scharnierde tussen de controversiële normen en waarden van de blanke en
de zwarte gemeenschap. Sinds de opkomst van het fenomeen Elvis heeft blank
Amerika het zwarte aandeel van zijn nationale identiteit niet langer kunnen
ontkennen. Met zijn presentatie als lokmiddel en zijn muziek als breekijzer
(met aanvankelijk het rauwe zwarte geluid), heeft hij het behoudende blanke
ego een genadeloze klap uitgedeeld.
ELVIS,
HET FENOMEEN
Het fenomeen van
Elvis doorgronden is niet mogelijk zonder notie te nemen van een
aantal maatschappelijke ontwikkelingen die bepalend zijn geweest
voor de wereld die hem heeft gevormd. Van belang zijn vooral de
crisisjaren (1929-1939), de invloed van het christendom in het zuiden
van de Verenigde Staten, de tegenstellingen tussen de blanke en
de zwarte bevolkingsgroepen, en natuurlijk de economische opleving
in de jaren zestig met een toegenomen consumptiedrang en hooggespannen
toekomstverwachtingen onder met name de jongeren. Elvis was een
uitzonderlijk fenomeen, niet alleen doordat maatschappelijke invloeden
zo markant in zijn persoonlijkheid waren vertegenwoordigd, maar
vooral omdat hij zichzelf als "dwarsdoorsnede" van de
Amerikaanse cultuur zo uitgebreid aan een groot publiek heeft kunnen
tonen. Daarmee heeft hij onbewust de ziel van het land blootgelegd.
Een verdeeld en nerveus land met een schreeuwende behoefte aan een
symbool van nationale eenheid. Elvis bleek voor die eenheid geschapen.
Een hoedanigheid waarin, door de jaren heen, zowel zijn competentie
als zijn kwetsbaarheid volledig tot uitdrukking kwam. Zijn 'publieke
gezicht' blokkeerde hem de weg naar een normale identiteitsbeleving.
Net als zijn talrijke fans zocht ook Elvis zijn graal: het antwoord
dat al zijn vragen in een dragelijk perspectief kon plaatsen. Tevergeefs.
Hij bleef echter zoeken en kenmerkte zijn muzikale werk met een
sterke gedrevenheid. Tijdens zijn optredens ontstond vrijwel meteen
het magnetisme waarmee hij naar zijn publiek een brug sloeg. Het
spelen met de emotie, het aanstippen en tot een climax brengen van
een gemeenschappelijk gevoel, behoort tot het werk van iedere entertainer.
Optredens waren voor Elvis echter meer dan een spel. Zingen was
zijn voornaamste communicatiemiddel. Hij zocht datgene wat het publiek
juist in hèm vond. Deze wisselwerking maakte dat een ondefinieerbaar
verlangen zichtbaar werd. Elvis kon ontsnappen in de collectieve
ervaring waarin hij ook zijn publiek liet ontsnappen. Enerzijds
doorbrak hij daarmee zijn geweldige isolement. Anderzijds, doordat
hij de aanstichter was: het symbool van wat hij teweeg bracht, kwam
hij slechts verder van zijn omgeving af te staan. Elvis is altijd
bang geweest dat zijn immense publiek hem weer zou ontglippen.
|
INTELLIGENTIE
Over zijn intelligentie
wordt in veel publikaties neerbuigend gesproken. Een bijzonder ontwikkeld
man was Elvis niet. Zijn persoonlijkheid is sterk bepaald door de armoedige
omstandigheden waarin hij is opgegroeid. Ontwikkeling is echter iets anders
dan intelligentie. Of de nadruk op zijn vermeende gebrek terecht is kan
worden betwijfeld. Het zegt waarschijnlijk meer over sommige auteurs dan
over Elvis. Zijn extreme behoefte aan nieuwe en sterkere prikkels en zijn
exorbitante levensstijl wijzen vooral op een diep innerlijk onbehagen.
De rol van morele boodschapper,
midden jaren zestig bij een groot aantal artiesten in zwang (Bob Dylan,
John Lennon, Joan Baez, Emmylou Harris, enzovoort), heeft Elvis verre
van zich gehouden. Tijdens de zeldzame persconferenties die hij gaf is
hem meerdere malen om politieke standpunten gevraagd, met name met betrekking
tot de oorlog in Vietnam. Deze vragen werden of genegeerd, of hij antwoordde
dat het als entertainer niet aan hem was om politieke uitspraken te doen.
Zijn nummers 'If I Can Dream' uit 1968, en 'In The Ghetto' uit 1969, zijn
enkele uitzonderingen op de regel. Met 'If I Can Dream' beïndigde Elvis
in december '68 zijn comebackspecial. Deze afsluiting was een geste van
Elvis tegen de wil zijn manager in. De geweldadige dood van dr. Martin
Luther King in Memphis en enkele maanden later de moord op senator Robert
Kennedy in Los Angeles, hadden Elvis daartoe doen besluiten.
Elvis doseerde zijn overtuiging
met een directheid en een gevoel voor drama die met welke moraal dan ook
nimmer geëvenaard had kunnen worden. Zijn boodschap zat hem voornamelijk
in de intensiteit waarmee hij in de muziek zijn persoonlijke conflicten
naar buiten bracht. Conflicten die in hoge mate spiegelden aan de enorme
maatschappelijke tegenstellingen die typerend waren voor deze tijd.
In muzikaal opzicht demonstreerde Elvis een meesterlijk gevoel voor stijl
en perfectie; was daarbij overigens meer intuïtief dan berekenend. Soms
lijkt het alsof zijn kracht: het terugbrengen van de muziek naar de elementaire
driften van waaruit zij is ontstaan, in verband wordt gebracht met de
geestelijke inferioriteit die in het verleden zo vaak aan zwarte bevolkingsgroepen
is toegeschreven. Helaas heeft Elvis in zijn carrière te vaak beslissingen
overgelaten aan mensen die van zijn werk in artistiek opzicht geen enkel
benul hadden.
 
ARMOEDE
Elvis komt niet alleen ter wereld. Zijn jongere tweelingbroertje Jesse
Garon sterft vrijwel onmiddellijk na de geboorte, die op acht januari
1935 plaatsvindt. Voor de bezorgde Gladys is Elvis het beste dat haar
ooit is overkomen. Hoewel de armoede alles domineert, groeit het jochie
op in de luwte van haar beschermende aanwezigheid. De familie Presley
woont in Tupelo (Mississippi) in een zogenaamde Shotgun Shack: een rechthoekig
houten huis, nauwelijks groter dan een tuinhuis. Dit type woning dankt
zijn naam aan het gegeven dat de bouw zo simpel en het interieur zo kaal
is, dat een kogel die het huis aan de voorkant inkomt, het aan de achterkant
verlaat zonder daartussen iets geraakt te hebben.
Als Elvis twee jaar is
wordt zijn vader Vernon veroordeelt tot drie jaar celstraf wegens het
knoeien met cijfers bij het innen van een cheque. Gladys verdient in deze
periode bij als naaister, wasvrouw en af en toe als hulp verpleegkundige
in een ziekenhuis. De economische recessie in het land is er verantwoordelijk
voor dat in het zuiden één op de drie arbeiders werkloos is. Veel blanke
en zwarte gezinnen verkeren in vergelijkbare leefomstandigheden. De armoede
en het ontbreken van de meest essentiële levensbehoeften wordt gecompenseerd
door een extreem christelijk fundamentalisme.
Elvis verhuist op zijn
dertiende jaar naar de rand van Shakerag, het zwarte ghetto van Tupelo.
Het christendom van de blanken is hier sterk vermengd met het van Afrikaanse
religies doortrokken christendom van de zwarten. De Presley's zijn lid
van de First Assembly of God, het grootste blanke genootschap van de Pinkstergemeente.
Door de combinatie van blanke en zwarte religieuze uitingen worden de
leden smalend aangeduid als de "Holy Rollers". De term verwijst
naar de extatische diensten waarin het uitbundige gezang, het raken in
trance en het spreken in tongen als tekenen van god worden beschouwd.
Emotie is volgens de blanke
kerkautoriteiten echter zo vergankelijk, dat de uiting ervan tot kerk
en evangelie beperkt moet blijven. Daarbuiten is het een ode aan het kwaad.
Dit in tegenstelling tot het christendom van de zwarten. Ook hier is de
kerk de uitgelezen plek om de diepste zieleroerselen het licht te laten
zien. "The Spirit will not descent without a song" is
een oude uitspraak die door de zwarte kerkgenootschappen wordt gezien
als een waarheid die alle aspecten van het leven raakt. De boodschap aan
god moet eerlijk, vol overgave, en overal waar geleefd wordt aanwezig
zijn.
BEALE
STREET
Nog geen jaar later verhuist
het gezin naar de stad Memphis in de staat Tennessee. Het is een vruchteloze
poging om voorgoed met de armoede af te rekenen. Na enige tijd vertrekken
de Presley's door geldgebrek opnieuw. Dit keer naar een flat met uitzicht
op de armste sloppenwijk van Memphis. De woning is onderdeel van een groter
complex dat speciaal beheerd wordt voor sociaal zwakke gezinnen die nog
net iets kunnen betalen. Enkele honderden meters verderop bevindt zich
Beale Street: het hart van de blues en een decor van prostitutie, kroegen,
snackbars en alcoholisme. Elvis doet zijn best om er thuis te geraken,
luistert naar de rauwe teksten van de blues en bezoekt kroegen en danshuizen.
Avondenlang zit hij samen met zijn moeder gekluisterd aan de radio en
wisselt van de blanke stations, waar hij artiesten hoort als Jimmie Rodgers,
Hank Williams en Frank Sinatra, naar het moederstation van de zwarten,
WDIA, met artiesten als 'Big Boy' Arthur Crudup, Sunny Boy Williamson,
Ruth Brown en Big Mama Thornton.
Hoewel Elvis gek is op
het zwarte geluid, is zijn idool de crooner en filmster Dean Martin. Aan
de ene kant wil hij opgaan in de massa en een goede en voorbeeldige jongen
zijn. Aan de andere kant voelt hij zich onweerstaanbaar aangetrokken tot
het bezielende geluid van de zwarte gospel en wil hij de wereld tonen
welke krachten hij daarmee kan ontketenen. Zijn, voor díe tijd, ongebruikelijk
sterke betrokkenheid met de zwarte muziek, maakt hem bewust van de ontbrekende
magie in de muziek die hij gewend is van de blanke radiostations. Elvis
wil acceptatie. Hij wil de zwarte aspecten van zijn ziel integreren in
zijn blanke belevingswereld. Dit innerlijk conflict loopt vrijwel synchroon
met de raciale scheidslijn in de buitenwereld. Elvis voelt zich genoodzaakt
om in zichzelf een verzoening tot stand te brengen.
Na zijn pubertijd draagt hij zijn haar lang, zoals vrachtwagenchauffeurs.
Hij fantaseert over hoe het zou zijn om in een film te spelen. Marlon
Brando en James Dean zijn de filmhelden van dat moment. Soms verdient
hij wat bij, koopt kleren in felle kleuren, bij Lansky Brothers in Beale
Street en schoenen met versierselen die plaatselijk alleen door zwarten
worden gedragen.
Elvis zingt graag, maar
bij voorkeur in vertrouwde kring. Daarbuiten is hij onzeker, wat zich
uit in arrogantie. Hij is overdreven beleeft en blijft zelfs tegen mensen
van zijn leeftijd consequent iedereen met twee woorden aanspreken. Hij
is negentien jaar als hij voor vier dollar een dubbelzijdig plaatje opneemt.
'Voor de verjaardag van mijn moeder', verontschuldigt Elvis zich in de
studio (Sun Recording Company). Gladys zou echter pas een half jaar later
jarig zijn.
Vervolg
in tweede en laatste deel: "Elvis, het ontstaan van een mythe"

Dit artikel verscheen eerder (juni 1995) in nummer 207 van
het blad "It's Elvis Time"
|