Terug naar de Inhouds Opgave
Home

CB's CB's SFOR SITE Site

F BOSNIE-HERZEGOVINA E

Deze pagina is
gewijzigd op:
08 februari 2003

Terug naar Menu
Menu

  - Algemeen
  - De Bevolking
  - Taal
  - Religie
  - Economie

  - Bestuursstructuur
  - Militaire Situarie
  - Internationale Gemeenschap
  - Verkiezingen
  - Toekomst

ALGEMEEN
Sinds het einde van de gewelddadigheden in Bosnië-Herzegovina - met het totstandkomen van het Dayton Accoord (DPA) in 1995 - wordt de fragiele vrede door de Internationale Gemeenschap (IG) bewaakt. Daartoe zijn onder meer militaire eenheden van NAVO-lidstaten en andere landen ontplooid in Bosnië-Herzegovina. Nederland heeft een eenheid ter grootte van een bataljon ontplooid in het centrale deel van Bosnië-Herzegovina; de vakgrenzen komen bijna overeen met de Bosnische bestuursstructuur bekend als Kanton 6 (ook wel Central Bosnia Canton (CBC)). Daarnaast is het gebied recentelijk uitgebreid met 3 opstina's in het zuidelijke deel van Kanton 10, die gedeeltelijk grenzen aan de grens met Kroatië.

Naar bovenzijde van de pagina

BEVOLKING
Alhoewel er sinds 1995 geen gewelddadigheden meer hebben plaatsgevonden, zijn de verhoudingen tussen de bevolkingsgroepen nog altijd gespannen. Kanton 6 wordt wat betreft de bevolkingsgroepen gekenmerkt door een mix. Er wonen voornamelijk Bosniacs, met op enkele plaatsen zogenaamde Bosnisch Kroatische "pockets". De Bosnische Serven zijn minder vertegenwoordigd, er wonen er hier en daar slechts enkele. Wel vinden er de laatste jaren steeds meer returns plaats van Bosnisch Servische vluchtelingen, wat met name in het oord DONJI VAKUF problemen oplevert. Voor kanton 10 geldt dat in de drie opstina's in het NL vak een overwegend Bosnisch Kroatische bevolking kennen en dat een minderheid aan Bosnische Serven in de oorlog is verdreven.

Het is juist in die gebieden waar mensen van een andere etniciteit naar hun vooroorlogse woonplaats terug willen keren dat er spanningen kunnen ontstaan. Dit wordt veroorzaakt doordat de meeste Bosnische mensen tijdens verkiezingen nog altijd stemmen via etnische lijnen. Wanneer er dan bijvoorbeeld in een plaats waar de Bosniacs de macht in handen hebben veel Bosnische Kroaten terugkeren, kunnen na verkiezingen de machtsverhoudingen dusdanig verschuiven dat de Bosniacs het niet meer alleen voor het zeggen hebben, maar dat zij samen moeten werken met de Bosnische Kroaten. De IG heeft de afgelopen jaren erg veel tijd en moeite gestoken in het doorbreken van deze vicieuze cirkel, momenteel zijn op het federale en landelijke niveau meer multi-etnische partijen aan de macht. Op dit moment zijn de verkiezingen juist geweest en zijn er verschuivingen ontstaan ten opzichte van de oude situatie. De implementatie van de nieuw gekozen partijen in een bestuur leidt plaatselijk tot spanningen en men past allerlei vertragingstactieken toe om het nieuwe bestuur geen vloeiende start te gunnen. Ook is er commentaar over het oneerlijk verlopen van de verkiezingen doordat de IG in veel te beperkte mate waarnemers heeft gestuurd om het proces te goed te kunnen controleren.

Naar bovenzijde van de pagina

TAAL
In Bosnië-Herzegovina wordt Servo-Kroatisch gesproken. Net als het Nederlands kent deze taal veel varianten en variaties. Er bestaan veel lokale verschillen, maar voor het optreden van het Nederlandse Mechbat heeft dat nauwelijks consequenties. Er wordt gebruik gemaakt van tolken die de lokale taal spreken.

Naar bovenzijde van de pagina

RELIGIE
Over het algemeen hangen in Bosnië-Herzegovina de Bosnische Serven het (Christelijke) Oosters-Orthodoxe geloof aan, zijn de Bosniacs aanhangers van de Islam en zijn de Bosnisch Kroaten Rooms-katholiek. Een van de belangrijkste oorzaken van de oorlog is dat de (Bosnische) Serven en de (Bosnische) Kroaten de Bosniacs zien als Serven en Kroaten die in het verleden van religie zijn veranderd. De Bosniër in het algemeen is geen extreme aanhanger van een religie. Voor, tijdens en na de oorlog is religie echter misbruikt om tegenstellingen te accentueren. Tegenwoordig zien we dat verschillende extreme religieuze groeperingen actief zijn om de Bosniër voor zich te winnen. Door de slechte economie bestaat momenteel het gevaar dat extremere varianten van de verschillende religies, door economische middelen mensen aan zich kunnen binden. Recent daarin is de opening in BUGOJNO van een Islamitisch centrum, waarvandaan behoorlijk extreme uitlatingen zijn gerapporteerd, ook gevoed door wat er op 11 september 2001 in NEW YORK is gebeurd.

In Kanton 6 zijn in deze een aantal factoren, waar het Nederlandse Mechbat mee te maken heeft, van belang. Allereerst kan men stellen dat door de verhouding in aantallen mensen tussen de Bosniacs en de Bosnische Kroaten in Kanton 6, tegenstellingen versterkt worden. Machthebbers in een "etnisch zuiver" kanton hebben die behoefte minder, omdat zij van de andere etniciteit geen gevaar voor hun macht te duchten hebben.

Daarnaast bevinden zich in Kanton 6 een aantal oorden/objecten die religieuze waarde hebben. Naast het al eerder genoemde centrum van Islam in BUGOJNO is het belangrijk om te beseffen dat de hoogste vertegenwoordiger van de Islam in Bosnië-Herzegovina altijd in TRAVNIK gezeteld heeft (tegenwoordig in SARAJEVO). TRAVNIK kent dan ook relatief veel moskeeën en onderwijsinstellingen op het gebied van de Islam. Bovendien heeft de mufti van TRAVNIK zeggenschap over alle Islamitische geestelijke leiders in Kanton 6. Het grootste Islamitische feest op het vasteland van Europa vindt jaarlijks eind juni plaats in DONJI VAKUF. Op deze zogenaamde "Ajvatovica" kunnen in een week tijd wel zo'n 100.000 mensen af komen.

Voor de Bosnische Kroaten is JAJCE een belangrijke stad. Het was de hoofdstad van een middeleeuws Kroatisch koninkrijk en jaarlijks vind er in een van de oudste katholieke kerken in Bosnië-Herzegovina, in het nabij JAJCE gelegen PODMILACJE, jaarlijks eind juni een belangrijke Rooms-katholieke feestelijkheid plaats.

Sinds SFOR-10 vinden er gestructureerd besprekingen plaats tussen het Nederlandse Mechbat en de geestelijk leiders in het gebied.

Naar bovenzijde van de pagina

ECONOMIE
Een andere oorzaak van de nog altijd grote spanningen is de slechte economie van Bosnië-Herzegovina. Wanneer in het invloedsgebied van een etniciteit een redelijk goed draaiend bedrijf actief is, wil die etniciteit de zeggenschap over dat bedrijf behouden. Zij kunnen er dan mensen laten werken van hun eigen etniciteit, die dan weer gaan stemmen op degene die dat baantje voor hen hebben geregeld. Daar komt bij dat er in Bosnië-Herzegovina een groot deel van de economie zich in het illegale circuit afspeelt. Mensen die aan de macht zijn eigenen zich gelden toe, waarmee ze er voor kunnen zorgen dat ze aan de macht blijven. Het is voor de IG moeilijker om deze cirkel te doorbreken, omdat deze zich afspeelt op het particuliere niveau, waar de IG minder zeggenschap heeft.

De sectie 5 is bezig een inschatting te maken over de situatie in alle opstina's in de NL BG AO. Over het algemeen zijn de grote steden en dorpen direct aan de hoofdwegen inmiddels redelijk ontwikkeld. De probleemgebieden liggen in de bergdorpjes verder van de hoofdwegen weg. In het kader van de winterisatie is de policy dat men zich focust op de toekomst, dat wil zeggen het opknappen van huizen van DP's en evt. RE's. De woningen van reeds teruggekeerde mensen hebben iets lagere prioriteit. Dit kan echter wel voor spanningen zorgen bij mensen die zich verraden voelen door het feit dat de mensen die gevlucht zijn nu een voorkeursbehandeling krijgen boven hen die het leed getrotseerd hebben.

Naar bovenzijde van de pagina

BESTUURSSTRUCTUUR
Bosnië-Herzegovina is sinds het DPA opgebouwd uit twee zogenaamde entiteiten, de Republika Srpska (RS), waar voornamelijk Bosnische Serven wonen, en de Federacija (Moslim Kroatische Federatie (MKF) waar de meeste Bosniacs en Bosnische Kroaten wonen. De RS wordt hier verder buiten beschouwing gelaten. Binnen de Federatie vormen de Bosnische Kroaten een minderheid, voor hen een reden om vooral de laatste tijd aan te dringen op een herziening van de staatsstructuur, zodat ook zij een eigen entiteit binnen Bosnië-Herzegovina kunnen vormen (de zogenaamde "3e entiteitsgedachte"). De Federatie heeft een eigen regering en parlement en heeft haar gebied opgedeeld in kantons. De machtsverdeling tussen de Bosniacs en de Bosnische Kroaten komt onder andere tot uiting in het feit dat per kanton meestal een van de twee duidelijk de macht in handen heeft. Alleen in Kanton 6 ligt dat anders, omdat de verdeling tussen deze twee bevolkingsgroepen bijna 50-50 is. De kantons hebben ook hun eigen regering en parlement, van Kanton 6 zijn deze gezeteld in TRAVNIK, van kanton 10 in LIVNO. Tenslotte is er nog het gemeentelijke niveau, de zogenaamde "opstina's". Ook deze kennen een gemeentebestuur en een gemeenteraad. Op nog lager niveau komt het voor dat bepaalde dorpen en ook wijken zogenaamde "spokesman" kennen. Deze worden vaak door de lokale bewoners gekozen om zaken bij de gemeente of bij bijvoorbeeld de IG te behartigen. Deze laatste "bestuursvorm" kent geen officiële status voor ons, maar voor de lokale bewoners wel!


Kanton 6 kent de volgende opstina's:

JAJCE
DOBRATICI
DONJI VAKUF
BUGOJNO
GORNJI VAKUF
TRAVNIK
NOVI TRAVNIK
VITEZ
BUSOVACA
KRESEVO
FOJNICA
KISELJAK
(vnl Bosnisch Kroatisch)
(vnl Bosnisch Kroatisch)
(vnl Bosniac)
(vnl Bosniac)
(ong 50-50)
(vnl Bosniac)
(ong 50-50)
(vnl Bosnisch Kroatisch)
(vnl Bosnisch Kroatisch)



De laatste drie opstina's vallen binnen de AO van de MND(SE).

Kanton 10 kent in de NL BG AO de volgende opstina's :
KUPRES
TOMISLAVGRAD
LIVNO
Alle drie zijn overwegend Bosnisch kroatisch.

De burgemeester van Donji Vakuf is recentelijk onder druk van de IG uit zijn functie gezet omdat hij afspraken niet nakwam en erg terughoudend was bij de terugkeer van vluchtelingen naar zijn gemeente.

Naar bovenzijde van de pagina

MILITAIRE SITUATIE
De RS en de Federacija hebben nog altijd hun eigen legers (Respectievelijk de Vojska Republika Srpska (VRS) en het Vojska Federacija (VF)). Het VF kent een gezamenlijk Bosniac en Bosnisch Kroatisch commando, maar "op de vloer" is er nog altijd een duidelijke scheiding merkbaar.

Zoals eerder gemeld gaat het niet best met de economie in Bosnië-Herzegovina. Een van de zaken waarin het verleden veel geld aan werd uitgegeven is het leger. De laatste jaren wordt er - onder grote druk van de IG - flink gesneden in de budgetten voor defensie. Alhoewel er hierdoor meer geld vrijkomt voor de verschillende regeringen om te steken in andere zaken dan onderwijs en gezondheidszorg, worden er door de inkrimpingen ook veel mensen werkloos, wat die regeringen weer uitkeringen kost. Nog problematischer is het feit dat de ontslagen militairen die geen baan meer kunnen vinden in het illegale circuit terechtkunnen komen. Hun kennis over wapens en ook de beveiliging daarvan op kazernes, kan daarom een gevaar inhouden. Momenteel wordt militairen die de dienst uitgaan een premie van 5000,- euro in het vooruitzicht gesteld. Nederland heeft in het gebied van het Nederlandse Mechbat het project I.D.E.A. (Integrated Development Entrepreneurial Activities) lopen, wellicht dat zij de ontslagen militairen kunnen helpen met het opzetten van een eigen bedrijf.

In Kanton 6 zijn eenheden, kazernes en wapen- en munitieopslagplaatsen (Weapon Storage Sites (WSS)) van de VF, zowel van Bosniac als Bosnisch Kroatische eenheden. Er bevinden zich geen gezamenlijke eenheden in Kanton 6.

In Kanton 10 zijn recent een aantal sites overgenomen van de Canadezen , met de uitbreiding van het gebied. Het betreft hier alleen Bosnisch Kroatische sites. Momenteel bevindt HQ 2 Zdrug (divisie) zich nog in TSG maar binnenkort zal deze verhuizen naar een nieuw gebouwde site in Livno.

Het Nederlandse Mechbat heeft een redelijk goede verstandhouding met alle eenheden in haar AO en heeft het al meerdere malen voor elkaar gekregen om Bosniac en Bosnisch Kroatische eenheden gezamenlijk aan projecten te laten werken. Ook de controle van WSS en zogenaamde "Training and Movements" (T&M) levert over het algemeen geen grote problemen op.

Momenteel worden in het kader van de herstructurering van Defensie in Bosnië-Herzegovina ook de WSS-en aangepast. Een aanhangsel van het DPA is de Instruction To the Parties (ITP) die handelt over militaire zaken. Net ingevoerd is wijziging nr. 19 op hoofdstuk 13 van dat ITP. Dit houdt onder meer in dat op WSS-en niet meer zowel wapens als munitie opgeslagen mogen worden.

Naar bovenzijde van de pagina

INTERNATIONALE GEMEENSCHAP
Alhoewel het Nederlandse Mechbat zelf binnen SFOR deel uit maakt van de IG, is diezelfde IG als geheel een factor die invloed uitoefent op de taakuitvoering van het Nederlandse Mechbat.

Binnen SFOR zijn veel nationaliteiten actief, die allen (net als Nederland) een eigen wijze van optreden, maar ook eigen nationale belangen hebben. Dit kan, vaak door miscommunicatie, het uitvoeren van de taken bemoeilijken. Naast SFOR zijn er in Bosnië-Herzegovina nog vele Gouvernementele-, Non Gouvernementele- en Internationale Organisaties werkzaam.

Voorbeelden van Internationale Organisaties (IO's) zijn:

Office of the High Representative (OHR) die namens de Verenigde Naties het herstel van Bosnië-Herzegovina op voornamelijk politiek, maar ook economisch gebied monitort. De OHR heeft in Bosnië

Herzegovina het recht om handelingen van bestuur uit te (laten) voeren en om beslissingen van lokale bestuurders teniet te doen. Er wordt wel eens gezegd dat de High Representative de koning van Bosnië-Herzegovina is.

Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE), welke de afgelopen jaren de vele verkiezingen in Bosnië-Herzegovina heeft georganiseerd.

International Police Task Force (IPTF) heeft sinds het DPA vanuit de Verenigde Naties de activiteiten en opleidingen van de politie van Bosnië-Herzegovina gemonitort. In 2002 stopt IPTF met deze taken. Op dit moment is nog onduidelijk of er een andere organisatie voor in de plaats komt. Wel wordt SFOR nu reeds steeds vaker gevraagd "local police" te steunen bij uit te voeren acties.

United Nations High Commission for Refugees (UNHCR) houdt zich in Bosnië-Herzegovina voornamelijk bezig met Displaced Persons (DP's), vluchtelingen die naar een andere plaats binnen Bosnië-Herzegovina zijn gevlucht en Refugees (RE's), vluchtelingen die naar een ander land (o.a. Nederland) zijn gevlucht. UNHCR probeert deze mensen weer terug te laten keren naar hun vooroorlogse woonplaatsen, een moeilijke taak omdat, zoals eerder geschetst, de lokale autoriteiten niet altijd mee willen werken.

In Bosnië-Herzegovina zijn vele Non-gouvernementele Organisaties (NGO's) actief, die zich vooral bezig houden met directe hulp aan mensen, zoals het voorzien van kleding en voedsel. Jammer genoeg zijn er ook NGO's actief die verbonden zijn met religieus fundamentalistische organisaties.

Naar bovenzijde van de pagina

VERKIEZINGEN
In oktober 2002 zijn er verkiezingen geweest voor de volgende instanties:
a. Presidium Bosnië-Herzegovina
b. Parlement Bosnië-Herzegovina
c. Parlement Republika Srpska
d. Parlement Federacija
e. President en Vice-president Republika Srpska
f. Kantonraden Federacija

Een aanpassing in de kieswet zal in gaan houden dat vluchtelingen moeten gaan stemmen in de plaatsen waar zij woonden voor 1991. In het verleden heeft dit tot problemen geleid, omdat aparte stembureaus voor deze categorie stemmers niet waren ingericht, of doordat mensen toch bij het verkeerde stembureau gingen stemmen.

Deze verkiezingen worden niet meer door de OVSE georganiseerd, maar door de Bosnische autoriteiten zelf. De OVSE monitort nog slechts deze verkiezingen. Wel heeft de OHR nog het recht om partijen of personen uit te sluiten van deelname aan de verkiezingen, al is de verwachting dat dit niet zal gaan gebeuren. Omdat er tijdens verkiezingen meerdere mensen van NGO's en IO's in het gebied aanwezig zijn zal SFOR de faseringen van het operatieplan MEDUSA verhogen. Dit plan MEDUSA regelt de bescherming van PDSS (Persons Designated with a Special Status) en zorgt ervoor dat met name personeel van NGO's en IO's in het gebied zonodig bescherming krijgen van SFOR.

Naar bovenzijde van de pagina

TOEKOMSTVERWACHTINGEN
Alhoewel er geen gewelddadigheden meer plaatsvinden blijft de situatie tussen de verschillende bevolkingsgroepen in Bosnië-Herzegovina gespannen. Iemand zei ooit dat het nog steeds oorlog is, dat er alleen niet meer geschoten wordt. De spanningen die er onderhuids nog altijd zijn komen vaak naar boven wanneer vluchtelingen terugkeren naar hun vooroorlogse woningen en wanneer mensen die nu macht in hebben, die macht kwijt (dreigen te) raken. Omdat de economische vooruitzichten niet al te best zijn, zal vooral het laatste aspect er voor zorgen dat Bosnië-Herzegovina nog lange tijd de steun van de IG nodig zal hebben. Gezien de cultuur en de geschiedenis van het land blijft in die situatie een substantiële internationale militaire (afschrikkings-) macht noodzakelijk.

(Bron: SFOR)


Naar bovenzijde van de pagina CopyRight © 2002 CB's Internet Ontwerp