Terug naar de Inhouds Opgave
Home

CB's CB's SFOR SITE Site

F SFOR GESCHIEDENIS E

Deze pagina is
gewijzigd op:
08 februari 2003

Stabilisation Force in Bosnië-Herzegovina

Nederlandse betrokkenheid: 1996 tot heden
Krijgsmachtdeel: marine, landmacht, luchtmacht, marechaussee
Onderwerpen

 

 

  - Achtergrond
  - NL Deelname
  - SFOR Algemeen
  - Deelnemende Landen

  - Taak
  - Verloop van de Missie
  - Overgangs Beleid
  - Gebied

Achtergrond:
Na de dood van de Joegoslavische leider Tito en de ineenstorting van het communisme verloor de centrale regering in Belgrado langzaam maar zeker haar greep op de deelrepublieken. In juni 1991 riepen de deelrepublieken Kroatië en Slovenië hun onafhankelijkheid uit. In beide deelrepublieken resulteerde dit in een interventie van het Joegoslavische federale leger. Dit leidde tot gevechten die vooral in Kroatië hevig waren. De internationale gemeenschap stuurde waarnemers, waaronder Nederlandse, naar Kroatië en Slovenië. De deelname van ons land aan deze European Community Monitoring Mission vormde de eerste inzet van Defensie-personeel in voormalig Joegoslavië. In de jaren nadien zouden als reactie op de ontwikkelingen in de verschillende deelrepublieken steeds opnieuw Nederlandse militairen worden uitgezonden naar de Balkan. Concentreerde de inzet in het begin op Kroatië en Slovenië, later werden vooral Bosnië-Herzegovina en Kosovo het middelpunt van de inzet. Daarnaast zijn er in het kader van de inzet in en rond voormalig Joegoslavië of als gevolg van de gebeurtenissen daar, Nederlandse militairen ingezet in landen als Albanië, Italië.

Naar bovenzijde van de pagina

Nederlandse deelname:
Op dit moment zijn ongeveer 1.300 Nederlandse militairen ingezet op de Balkan. Het merendeel hiervan is gestationeerd in Bosnië-Herzegovina als onderdeel van de Stabilisation Force (SFOR). Daarnaast zijn er nog verschillende andere operaties.

In december 1995 werd het Dayton Peace Agreement gesloten, waarmee de onafhankelijkheid van Bosnië-Herzegovina werd geregeld. Onderdeel hiervan vormt de stationering van een multinationale vredesmacht. Tot eind 1996 ging het hierbij om de Implementation Force (IFOR) waar ons land militair aan bijdroeg. In december 1996 werd de Stabilisation Force als opvolger van IFOR in het leven geroepen. SFOR heeft tot doel een actieve bijdrage te leveren aan het stabiliseren van de vrede. Ook levert de vredesmacht een bijdrage aan de civiele wederopbouw. SFOR kent een indeling in drie sectoren. In Sector Noord zijn Amerikaanse militairen gestationeerd en in Sector Zuid-Oost Franse militairen. In Sector Zuid-West zijn Britse, Canadese en Nederlandse militairen gestationeerd. Bij de Nederlandse militairen gaat het om een gemechaniseerd bataljon, een verbindingsondersteuningsbataljon en een nationaal ondersteuningselement. De Nederlandse militairen in Bosnië zijn vooral gestationeerd in Bugojno en Novi Travnik. Ons land levert ook militairen ten behoeve van het hoofdkwartier en de staven van SFOR. In Kroatië is daarnaast een detachement van de luchtmacht gestationeerd met transporthelikopters. Tenslotte zijn Nederlandse militairen ingedeeld bij verschillende staven, hoofdkwartieren en kleinere eenheden in het kader van SFOR. De staven en hoofdkwartieren bevinden zich deels op de Balkan, maar deels ook daarbuiten zoals bijvoorbeeld in Italië.

Indien gewenst kunnen extra eenheden naar het SFOR-gebied worden uitgezonden. Ons land neemt aan deze strategische reserve deel met een Mariniers Bataljon, een Mortierpeloton van het Korps Mariniers en een peloton voor zogenoemde "crowd riot control" werkzaamheden. De Koninklijke Luchtmacht houdt vier F-16's, een KDC-10 tanker/transportvliegtuig en een Fokker 60 in de "Medevac"-uitvoering (medische evacuaties) in Nederland paraat voor inzet op de Balkan. Daarnaast staat op afroep ook een P-3C Orion II maritiem patrouillevliegtuig op Marinevliegkamp Valkenburg voor inzet ten behoeve van SFOR.

Naar bovenzijde van de pagina


Sfor Algemeen:
HQ SFOR : Sarajevo
Duur : december 1996 tot heden, NL deelname vanaf begin
Totale sterkte : ± 20.000
NL-deelname : 1200 KL-militairen bij 1 (NL) Mechbat (zie hieronder voor gedetailleerde indeling eenheden en personen)

Naar bovenzijde van de pagina

Deelnemende landen:
Belangrijkste bijdragende landen: Verenigde Staten, Frankrijk, Engeland, België, Nederland, Canada en Noorwegen. Er zijn nog andere landen die bijdragen, in totaal 17 NAVO- en 9 niet-NAVO-landen.

Naar bovenzijde van de pagina

Taak:
De belangrijkste taak van SFOR is het toezien op - en zonodig afdwingen van - de uitvoeringsbepalingen van het vredesakkoord dat in Dayton werd gesloten (1995). In het bijzonder word gelet op de terugtrekking van de strijdkrachten naar het hun toegewezen gebied. Hierbij hoort ook het creëren van zogenaamde ‘zones of separation’. SFOR beschikt daarom over zelfverdedigingscapaciteit en is zij in staat haar eigen bewegingsvrijheid in voorkomend geval af te dwingen. SFOR steunt tevens de wederopbouw van Bosnië-Herzegowina. Ze voert o.a. taken uit bij de terugkeer van vluchtelingen en steunt de activiteiten van veel internationale hulporganisaties in Bosnië-Herzegowina.

Naar bovenzijde van de pagina

Algemeen verloop van de missie:
Na het beëindigen van de UNPROFOR-missie in voormalig Joegoslavie heeft de NAVO aan Supreme Allied Commander Europe (SACEUR) de opdracht gegeven een internationale militaire bijdrage te leiden. Hiertoe heeft SACEUR in december 1995 het operatieplan ‘’JOINT ENDEVAOUR’’ uitgegeven. Dit plan voorzag in een robuuste troepenmacht onder de naam Implementation Force (IFOR), die tot doel had een buffer te vormen tussen de strijdende partijen. Nederland nam met een gemechaniseerd bataljon deel aan de missie. Het bataljon werd ingedeeld in de sector Zuidwest en omvat het gehele westen van Bosnië-Herzegowina. Bij het aflopen van het mandaat van IFOR in december 1996 bleek een militaire aanwezigheid nog steeds gewenst. Op basis van een nieuw mandaat is een troepenmacht samengesteld onder de naam Stabilisation Force (SFOR). Alle eenheden staan onder bevel van de commandant SFOR. Nederland neemt ook aan deze missie deel met een gemechaniseerd bataljon, dat deel uit maakt van de Multinationale Divisie (MND) in sector Zuidwest. MND (ZW) wordt geleid door de Britten en het hoofdkwartier is gevestigd in Banja Luka. Voorts is het NL personeel ingedeeld in diverse hoofdkwartieren.

Naar bovenzijde van de pagina

Nederland toegewezen gebied

In het midden van deze kaart ziet U het Nederlandse gebied van verantwoordelijkheid.
Vanaf augustus 2002 is dit gebied met de helft uitgebreid. De thuisbasis van het Mechbat en
het NSE zijn Bugojno, Novi Travnik en Suica. Banja Luka en Sipovo zijn gelegen in
het Britse gebied van verantwoordelijkheid. Ook daar is een klein percentage
NL militairen gelegerd. Ook in Butmir, gelegen in MND (SE), zijn NL militairen actief.
Hetzelfde geldt voor Divulje (aan de kust bij Split).

Naar bovenzijde van de pagina

Overgangs Beleid:
De militaire en civiele situatie in Bosnië-Hercegovina is stabiel. Op basis van periodieke evaluaties van deze civiele en militaire stabiliteit in de regio is beoordeeld dat de omvang van de militaire component van de Stabilisation Force (SFOR) kan worden teruggebracht. Internationaal overleg heeft geleid tot een verregaande reorganisatie van de eenheden binnen MND (SW), met als resultante drie MNDs met in totaal veertien battle groups. Het totaal aantal militairen is in 2000 teruggebracht van 31.000 naar circa 20.000. Nederland zal in de nieuwe situatie in oktober 2001 een leidende rol gaan vervullen binnen het hoofdkwartier van de Multinationale Divisie South-west (MND (SW). 1(NL)Mechbat heeft de verantwoordelijkheid gekregen over een nieuwe AOR. Deze AOR valt samen met het gebied van kanton 6 dat binnen MND (SW) valt. De logistieke eenheden die voorheen deel waren van de structuur van 1(NL)Mechbat zijn nu samengegroepeerd onder het nieuw opgerichte NSE, die tot taak heeft om namens BLS zorg te dragen voor de personele en materiële instandhouding van alle Nederlandse militairen in vm Joegoslavie. Tevens levert de KL sinds juni een Verbindingsondersteuningsbataljon voor de verbindingen tussen het hoofdkwartier MNS (SW) en de battlegroups in het gebied van MND (SW). Om met minder troepen toch voor hetzelfde gebied verantwoordelijk te zijn, is het optreden van de eenheden aangepast. Men treedt op in de vorm van ‘vliegende keep’ vanaf een beperkt aantal locaties. Dit betekent dat het aantal Nederlandse locaties teruggebracht is naar 2 grote base-locaties (Novi-Travnik en Bugonjo) en 1 kleinere base (Suica). In Suica is een volledig nieuwe compound ingericht.

(Bron: SFOR)

 

Naar bovenzijde van de pagina CopyRight © 2002 CB's Internet Ontwerp