2. B

baarblijkelijkheid, 1 baffen, 2 baft, 1 Barmhertig, 1 barmhertigheid, 1 beantwoord, 3 beantwoordinge 1 bedaght, 1 bedagt 1 bedenkingen, 1 bedrieg 1 bedriegen, 5 bedrijven 1 bedroeven, 1 bedroevt 1 bedrog, 2 bedrogen 1 beduijdtekenen, 1 bedwongen, 1 beeldhouwer, 1 begeerende, 1 Begeerlijkheid, 4 begeerte 11 Begeerte, 26 begeerten 1 Begeerten4, 1 begeren 1 begin, 2 beginnen 12 Beginnende, 1 beginsel 1 beginzel, 1 beginzelen 1 begonnen, 1 begreepen 13 begrepen, 15 begrijp 1 begrijpen, 14 begrijpt 6 Begrip, 1 begrip 17 begrippen, 1 Begrippen 1 begrippen, 15 Behalven 2 behalven, 3 behartigen 1 behoefden, 1 behoeft 2 behoeven, 1 behoord 6 behooren, 14 behoorlijk 1 behoort, 18 behoren 5 behorende, 1 behouden 6 behoudende, 1 behoudenisse, 1 behoudinge, 1 behulp, 1 beide, 3 beijde, 8 Beijen, 1 bekend, 1 bekend, 13 bekende, 1 bekender, 1 bekent, 3 bekentenisse, 1 bekeringe, 1 Beklag, 2 Beklagh, 1 bekomen, 7 bekommeren, 1 bekomt, 2 bekoomen, 1 bekwamelijk, 1 belang, 1 belangd, 1 Belange, 1 belangen, 1 Belangende, 1 belangende, 6 belangt, 5 belet, 4 beletten, 2 Belgzugt, 1 belgzugt, 1 Belletie, 1 beloften, 1 belonen, 2 beloninge, 1 belooft, 1 bemerkt, 1 bemerkte, 1 bemin, 2 bemind, 6 beminde, 2 bemindt, 1 beminnen, 16 beminnende, 1 beminnens, 1 beminninge, 1 ben, 6 benaaminge, 1 benaauwtheden, 1 benaming, 2 beneffens, 1 benevens, 2 benomen, 2 beoogen, 3 beoogt, 1 bepaald, 25 bepaalde, 12 Bepaalde, 2 bepaalen, 4 bepaalt, 1 bepaalts, 1 bepaling, 1 bepalinge, 2 bereijke, 1 bereijken, 2 Berg, 3 Berouw, 3 berouw, 3 beroven, 4 Beschaamtheid, 3 beschikker, 1 beschouden 1 beschout, 1 beschouwen 1 beschouwende, 2 beschouwinge, 2 beschreeven, 1 beschreven, 4 beschrijf, 1 beschrijven, 3 Beschrijving 1 beschrijving, 8 beschrijvinge, 23 besloot, 1 besloten, 1 Besluijt, 1 besluijt, 16 besluijten 15 besonder, 1 besondere 2 bespeuren, 1 bespot 1 bespotte, 1 bespotten 3 bespottende, 1 bespotter, 1 Bespotter, 1 Bespotting, 1 bespotting, 1 bespottinge, 1 Best, 1 best, 1 bestaan, 42 bestaande, 13 bestaat, 35 bestandig, 1 bestandige, 1 bestandiger, 1 bestandigheid, 3 beste, 7 besten, 1 bestendigheid, 1 bestieren, 1 bestuur, 2 bestuurd, 1 bestuuren, 1 beswaarlijk 1 betaamde, 1 beteekeningen, 1 beteikenisse, 1 beter, 29 betering, 1 beters, 2 betogen, 1 betonen, 9 betooging, 1 betoogt, 1 betoond, 2 betoonen, 5 betrekken, 1 betrekkinge, 1 betrekkingen, 1 betrokken, 1 betuijg, 1 betuijginge, 1 bevat, 7 bevatten, 2 bevattende, 1 bevatting, 2 bevattinge, 1 beveelen, 1 bevest, 1 bevestig, 2 bevestigen, 17 bevestigende, 2 bevestigender 1 bevestiging, 2 Bevestiging, 3 bevestigt, 11 Bevestin, 1 bevesting, 1 bevestinge, 1 bevin, 1 bevinde, 1 bevinden, 6 bevindinge, 1 bevorderen 4 bevordering, 2 bevrijd 3 bevrijden, 3 bevroeden 1 bewaaren, 1 bewaren 2 bewaringe, 1 beweegen 4 Beweeging, 2 beweeging 2 beweeginge, 8 beweegt 3 beweezen, 2 bewegen 12 bewegende, 1 beweging 18 beweginge, 21 Beweginge, 4 bewezen, 31 bewijs, 2 bewijsen, 5 bewijsredens, 1 bewijst, 1 bewijzen, 15 bewogen, 6 bewoogen, 3 bewust, 6 bezien, 4 bezig, 1 bezighouwden, 1 bezitter, 2 bezonder, 15 Bezondere, 1 bezondere, 28 bezonderheid, 3 bezonderlijk 3 bezonderlijker, 2 bezonders, 1 bid, 1 bidde, 1 bidden, 1 Bij, 2 bij, 65 bijaldien, 2 bijdoen, 1 bijgevolg, 1 Bijl, 5 Bijvoorbeeld, 1 Bijzonder, 1 bijzonder, 2 Bijzondere, 1 bijzondere, 2 bijzonders, 1 Blijdschap 5 blijdschap, 6 blijft 10 blijkelijk, 3 blijken, 6 blijkt, 14 Blijschap, 1 blijschap, 1 blijven, 10 blijvende, 1 blijvt, 2 blinde, 1 blixem, 1 Boeken, 1 boeks, 1 Boer, 4 Boerter, 1 Boerterij, 1 Boerterije, 1 bondiger, 1 boodschapt, 1 booms, 1 borst, 2 Boven, 1 boven, 19 bovenste, 1 braveren, 1 breeder, 1 breet, 1 breng, 1 brengd, 1 brengen, 31 brengende, 1 brengt, 13 Broeder, 1 Bucephalum, 1 Buijten, 2 buijten, 77 buyten, 4 by, 1