Vaart, 1 vader, 1 Vader, 1 Vaderland, 1 val, 1 vald, 1 vallen, 4 vallende, 2 vals, 3 valsch, 6 Valsche, 2 valsche, 5 valschheid, 1 valsheid, 11 Valsheid, 3 valsheijd, 2 valt, 5 Van't, 2 van't, 24 van, 1201 Van, 35 vande, 9 Vanwaar, 1 vast, 5 vaste, 2 vatten, 1 veel, 72 Veele, 1 veele, 5 veeltijds, 1 velden, 2 veldje, 1 velds, 1 venster, 1 ver, 3 veracht, 1 verachten, 1 Verachting, 1 verachting, 1 verachtinge, 1 veranderd 7 verandere, 1 veranderen 9 veranderende, 1 verandering, 14 veranderinge, 9 veranderingen, 1 veranderlijk 1 veranderlijke, 1 veranderlijkheid, 1 verandert, 8 verbaast, 1 verbeeld, 1 verbeelden, 2 verbeeldingen, 1 verbeteren, 4 verbetering, 2 verbinden 1 verbonde, 1 verbonden 1 verborgen, 1 verdeeld 1 verdeelen, 3 verder 10 Verder, 5 verderf 9 verderve, 1 verdervende 1 verderving, 2 verdiend 1 vereenigd, 5 Vereenigde 1 vereenigde, 1 vereenigen, 14 vereenigende, 1 vereenight, 1 vereeniging 2 Vereeniginge, 1 vereeniginge, 18 vereenigt, 29 vereening, 1 vereeninge, 1 vereijscht, 4 vereischen 2 vereischt, 8 vereischte 1 vergaan, 11 vergaat 1 vergank, 1 vergankelijk 3 vergankelijke, 7 Vergeetenheid, 1 vergelijken, 1 vergelijkinge, 1 vergenoeginge 1 vergif, 1 verhaalen 1 verhaast, 1 verhandelen 1 Verhandeling, 1 verhandeling, 5 verhandelinge, 3 verheugen, 1 verheugingen 1 verhinderd, 1 verhinderen, 1 verhovaardigen, 1 verhovaardiginge, 1 verkiest 1 verkiezen, 2 verklaard 2 verklaaren, 1 verklaart 9 verklaren, 2 verkleininge, 1 verkooren, 1 verkortinge, 1 verkregen 2 verkrijgen, 2 verkrijgt 1 verkwikking, 1 verlaten 2 verlies, 2 verlieven 1 verliezen, 2 verligt 1 verlooren, 2 verloorne 1 verlost, 3 vermaand 1 vermakelijke, 1 vermeenigvuldiging, 1 vermeerderd 1 Vermeerderd, 1 vermeerderen, 2 vermeerdering, 1 vermengd, 1 vermengt, 1 vermenigvuldight, 1 vermids 2 vermijden, 1 Verminderd 1 verminderen, 1 vermissen, 1 vermogen, 2 vermogt, 1 verneederen, 2 verniet, 1 vernietigde, 1 vernietigen, 9 vernietigende, 1 vernietiging, 2 vernietiginge 2 vernietigt, 12 vernietinge, 4 vernoeginge, 1 veroorsaakt, 1 veroorzaaken 10 veroorzaakt, 25 veroorzaken, 2 Veroorzaker, 1 verpligt, 2 verr, 1 verrassing, 1 verre, 7 verrigt, 1 verrigten, 3 versa, 1 versâ, 1 verschaft, 1 verscheide, 19 verscheiden, 3 verscheidene 1 verscheidenheid, 4 Verscheidentheid, 1 verscheijde 6 verscheijden, 1 verschil, 2 verschild, 2 verschilde, 1 verschilden, 1 verschille, 1 verschillen 5 verschillende, 1 verschilt, 3 verschoonen, 1 versiersels, 1 versiert, 1 versierzel, 1 versmaadheden 1 Versmaading, 1 Versmading, 1 versmading, 1 versta, 1 verstaa, 2 Verstaan, 2 verstaan, 76 verstaande, 2 verstaanlijk, 1 Verstaat, 3 verstaat, 6 Verstand, 17 verstand, 60 verstandelijk, 2 verstandelijke 1 Verstandige, 1 verstandige, 1 verstands, 2 Verstandt, 1 Verstaning, 1 versterking, 1 versterkt 2 verswakking, 1 vertonen 1 vertoond, 4 vertoonen 5 vertooninge, 1 vertooningen, 1 vertoonter, 1 vertorent, 1 Vervaardheid 1 vervaartheid, 1 Vervaertheid, 1 vervallen, 1 vervallen, 3 vervat, 1 vervatten, 1 vervolg, 1 vervolgd, 1 vervolgen, 2 Vervolgende, 1 vervolgende 1 vervolgens, 4 vervult 1 verwaantheid, 1 Verwaantheid, 4 verwagten, 2 verward, 2 verwarde, 1 verwarren, 1 verwarring, 1 verwarringe, 2 verwart, 1 verwe, 1 verwekt, 1 verwerpelijk, 1 verwerpen, 4 verwerringe, 1 verwisseld 1 verwisselen, 1 verwisselt, 1 verwoesting, 1 verwonderd, 3 Verwondering 3 verwondering, 5 verworpen, 1 verzeekerd, 1 verzekerd, 3 Verzekerdheid, 1 Verzekerdheid, 2 verzekerdheid 4 verzekeringe, 1 verzekert, 1 verzierd, 3 verzieringe, 5 verzierzel, 1 verziet, 1 verzoek, 1 verzorgen, 1 verzwakt, 1 vice, 2 vide, 2 viel, 1 vier, 2 vierde, 11 vierden, 1 vierderlij, 1 vijanden, 2 vijfden, 1 vind, 4 vinden, 10 vis, 1 vleesch, 1 vlieden, 5 voedzel, 1 voegd, 1 voegen, 5 voet, 1 voets, 1 Vogel, 1 volbrengen, 1 voldaan, 1 voldoen, 3 voldoet, 1 volgd, 1 volgen, 13 volgende, 14 volgenden, 1 volgens, 32 Volghijver, 1 volgijver, 1 Volgijver, 1 volgt, 33 volheid, 2 volkomen, 1 volmaakste, 1 volmaakt, 1 Volmaakt, 1 volmaakt, 50 volmaakte, 11 volmaaktelijk, 5 volmaakten, 2 volmaakter 5 volmaaktheeden, 1 volmaaktheid, 44 volmaaktheijd 2 volmaaktheit, 1 volmaaktste, 2 voluntas, 2 voluptas, 1 volvoeren, 1 voo, 1 voor't, 1 Voor't, 1 Voor, 4 voor, 86 vooraf, 3 voorbeeld, 5 Voorbeelden, 1 voorbeelden, 1 voorbepaald 1 voorbepaaldheid, 1 voorbepaalen, 1 voorbepaalt, 1 Voorbeschikker, 1 voorbijgaan, 1 voorbrengt, 1 voordeel, 4 voorder, 4 Voorder, 6 voorderd, 1 Voorders, 2 Vooreerst, 3 vooreerst, 5 vooren, 41 voorens, 4 voorgaande, 16 voorgebeelde, 1 voorgedaan, 1 voorgegaan 1 voorgekomen, 1 voorgenoemde, 2 voorhouden, 1 voorige, 8 voorkomen, 2 voorkwam, 1 voornaame, 1 Voornaame, 1 voornaamste 1 voornaamste, 9 voorneeme, 1 voorneemen, 4 voornemen, 1 vooronderstellen, 1 vooroordeel, 1 voorP, 1 voorraad, 1 voorsorge, 2 voorsteld, 1 voorstelling 1 Voort, 1 voort 36 voortbrengd, 2 voortbrengelijk, 1 voortbrengen 21 voortbrengt, 2 voortgaa, 1 voortgaan, 5 voortgang, 1 voortgebracht, 6 voortgebrachte, 1 voortgebragt 10 voortgebragte, 2 voortgekomen, 4 voortgekoomen, 1 voortkomen, 8 voortkomende 2 voortkomt, 9 voortkoomen, 1 voortreffelijk, 1 voortreffelijke, 2 voortreffelijker, 2 voortreffelijkheid 1 voorwaar, 1 voorwerp 38 voorwerpelijk, 10 voorwerpelijke, 3 voorwerpen, 10 voorwerps, 3 voorzeeker, 1 voorzien, 1 Voorzienigheid 2 voorzienigheid, 3 voorzorger, 2 voorzorgt, 1 vorderen, 1 vorderlijk, 3 Vorders, 1 vordert, 1 voren, 1 vorige, 2 vormelijk, 2 vraag, 2 vraagd, 1 vraage, 1 vraagen, 7 Vraagt, 1 vraagt, 3 vrage, 1 vragen, 3 vre, 1 vreden, 1 Vrees, 1 Vreeze, 2 vreezen, 1 Vreze, 1 vreze, 2 vrezen, 2 vrij, 17 vrije, 4 vrijelijk, 1 vrijheid, 11 Vrijheid, 6 vrijmaaker, 1 vrijstaan, 1 vrijwillig, 4 vrolijkheid, 1 vroolijk, 1 vrucht, 1 vruchteloos, 1 vruchten, 1 vrunden, 2 vuur, 1