Vocabulaire A B C D E F G H I K L M N O P R S T U V W Z
pat* ~E;
167 en wij gemeenlijk in de kinderen tot hun vader, de welke omdat de Vader dit of dat zei goet te zijn, zo zijn zij daar toe zonder iets meer daar af te weten geneegen;
patri* ~E;
167 zien wij mede die in zulke die voor't Vaderland uijt liefde haar leven laten;
VALLEN (occur) 4x; vervallen; val; vald; vallende 2x; valt 4x+n+m; viel; 200xB;
occur* 6xE;
045 dewelke in een volmaakt wezen geenzins en scheijnt te konnen vallen;
081 dat daarom in het weze van't voorgaande geen verandering vald;
096 Dog nu valt wederom het geschil namentlijk, of God;
101 Nu valt dan voorder het geschil namelijk of God;
105 en zien wat ons daaraf te zeggen valt en zo voort ten eijnde;
117 God alle menschen zo als Adam voor den val had geschapen;
202 wij altijd ter stond op dezelve vallen en de eerste verlaten;
246 zo valt ook niet anders van de zelve te zeggen;
257 zo zal klaarlijk blijken, dat wij ons verstand en Reeden wel gebruijkende, nooijt in een van deze die van ons te verwerpen zijn, zullen konnen komen te vallen;
259 is de Lievde vallende op seker voorwerp;
261 aangezien die is vallende op een voorwerp dat oneijndig is;
331 en op wat anders valt, daar't verstand meer genoegen in vind;
353 [ind]ien eens onse kennisse en liefde komt te vallen op dat geene zonder't welk wij;
359 >.een liefde is die van God valt op de mensch.];
*VALS;
*VALSHEID;
VAN 1022x+200n+164m; daarvan; hiervan; waarvan;
VANGEN (catch): beginnen; aangevangen 2m; aantevangen; aanvang 2x; aanvangen 6x; aanvangt; ontfangt; ontvangen ontfangen 5x;
aanvang* 2xB: Ik ben van eeuwigheid af gezalfd geweest; van den aanvang, van de oudheden der aarde aan. Spr.8:23; ontvang* 215xB: Heere Jesu ontfanght mijnen geest, Hand.7:59; Ja souden wy het goede van Godt ontfangen, ende het quade niet ontfangen? Job 2, 10;
007 dit eer als dat of dat eer als dit beginnen of aanvangen te verstaan;
119 Alhier zullen wij dan nu aanvangen te spreken van;
151 zullen wij dan nu in den aanvang des volgenden eersten Capittels beginnen;
215 Om dan aanvang te maaken, zo zullen;
210 alschoon wij eenig hinder of leed daarvan ontfangen hebben, van de zelve niet afkeerig;
215 omdat wij in 't volgende zullen aanvangen te onderzoeken;
252 als wij zelve eenig goet verkregen of ontfangen hebben;
283 het voorwerp in haar een wijze of Idea ontfangen zeer lichtelijk en buijten dit en is;
329 zo wanneer door andere oorzaaken van 't algemeen lichaam deze haar zo gematigde gestalte benomen of veranderd word en zulks in haar gewaarwordende ontstaat'er droevheid en dat na de verandering is, die de geesten als dan ontfangen;
336 indien't lichaam een zodanige wijze ontfangt als ex: gr. het lichaam van Petrus;
394 kan het van de zelve geen veranderinge ontfangen volgens de 3e stelling;
400 zo gij ooijt aanvangt die aan iemand gemeen te maaken;
015 most ook dat ik niet hadde konnen geven. Vanwaar dan anders als van de oneijndige eigens[chap]?;
088 [no]digd mij de gelegentheid tot wat anders. Vaart wel.
200xB: Eenen kostelicken hoeksteen, die wel vaste gegrontvest is, Jes. 28, 16; Sy leyde hare hant op haer hooft, ende gingh vast henen ende kreet, 2 Sam. 13, 19; Vergel.,.. alwaer vast deselve woorden worden wederhaelt, Jerem. 6, Kantt. 41;
firmis 2xE;
073 Reede: Ik zie vast hoe gij tegen mij alle uwe vrunden;
228 vuur en water braveren en zo vast ellendig ter dood geraaken;
256 het kwaad is zig zelve te verbinden en vast te maaken aan dingen die ons lichtelijk;
260 en daar om zo stellen wij voor een vaste en onvrikbare regul >Uijt de welke een vaste en onvrikbare regul komt te volgen en welke die is.], dat God is de eerste en eenige oorzaak van al ons goet en een vrijmaaker van al ons kwaad;
383 Soo zien wij dan dat wij om te bereijken de waarheid van't geene wij voor vast stellen aangaande ons heijl en ruste, geen eenige andere beginzelen van noden hebben als alleen dit, namelijk ons eijgen voordeel te behartigen;
399 Dat het namelijk is een vaste wezentlijkheid de welke ons verstand door de onmiddelijke vereeniginge met God verkrijgt;
408 Eijndelijk zo u in het doorleezen dezes eenige swaarigheid tegen 't geene ik voor vast stelle moght ontmoeten, zoo verzoek ik dat gij U daarom aanstonds niet en verhaast om het zelve te wederleggen voor en alleer gij het met genoegzame tijd en overweginge zult hebben bedaght;
VEEL 60x+10n+7m; veele 6x; meer 77x+11n; meest 4x+4m+n; meerder 12x+2m+n;
115 nogtans worden die bij haar veeltijds als zaaken aangemerkt, aangezien zij;
VEELVOUDIGE (multiple) m; 6xB;
multiplicem 1xE;
198 Maaken ons ellendig door de veelvoudige toevallen die zij [sc.vergankelijke dingen] gedurich onderworpen [zijn];
10xB: Gij geveinsde! werp eerst den balk uit uw oog, en dan zult gij bezien, om den splinter uit uws broeders oog uit te doen, Mt.7:5;
hypocrit* ~E;
223 Ik en spreeke niet van de geveijsde, die om andere te bedriegen zonder te meenen haar verneederen: maar van zulke die de onvolmaaktheden, die zij hun toepassen, ook zodanig meenen te zijn.> in hem te vinden is..;
224 Ik en spreeke niet van de geveijsde, die om andere te bedriegen zonder te meenen haar verneederen: maar van zulke die de onvolmaaktheden die zij hun toepassen, ook zodanig meenen te zijn;
VELD (land): velden 2x; veldje; velds; 332xB;
camp* ~E;
162 Soo zeit men van een Boer die zig zelfs hadde wijs gemaakt datter buijten zijn velden geen andere en waren, maar een koe komende te vermissen en genoodzaakt wordende die elders verr te gaan zoeken, viel in verwondering van dat buijten zijn weijnig velds noch zo groote meenigten van andere velden waren;
164 en zeeker dit moet ook plaats hebben in veele Philosophen die hun zelfs hebben wijs gemaakt dat er buijten dit veldje of aardklootje daar op zij zijn (omdat zij niet anders beschouden) geen andere meer en zijn;
26xB: En hij zeide: Doe het venster open tegen het oosten. En hij deed het open, 2Kon.13:17;
fenestr* ~E;
087 oft'ik doe een venster open, welke opening wel niet zelfs;
VER (far) 7x+2m; verr; *verder;
huc, eo usque 6xE;
162 en genoodzaakt wordende die elders verr te gaan zoeken, viel in verwondering;
45 Uijt dit alles dan dat wij nu dus verre gezeijd hebben, blijkt dat wij;
100 Doch't verre daar af, want zij al voor God iets;
158 en gaat de andere verre te boven;
159 Dus verre van wat de Waan,'t waare geloof en;
200 aangezien zij zeer verre van onse dadelijke wezentheid door;
213 en voor ieder mensch in't bezonder verre het beste dat wij hun t'allen tijde;
235 Dus verre van de passien uijt de begrippen;
237 de waarheid daarvan wel ingezien zijnde) verre daar van daan;
366 Dus verre dan van de wet van God gesteld;
*VERANDEREN 8x+6n+2m; veranderd 7x; verandert 2x; veranderende;
*VERANDERING 15x+7n+m;
*VERANDERLIJK 2x+m;
35xB: Dan zullen de vorsten van Edom verbaasd wezen; beving zal de machtigen der Moabieten bevangen; al de ingezetenen van Kanaan zullen versmelten, Ex.15:15;
162 want dewijl hij van eenige bezondere een besluijt maakt dat algemeen is, zo staat hij als verbaast, wanneer hij iet ziet dat tegen dit;
VERBEELDEN (imagine) 2x; beeldhouwer; inbeelden; uitbeelden; verbeeld; verbeelding; voorbeelden;
*beeld* 191xB;
imagin* 418xE;
072 zo is't dat gij de denkende zaak kraght verbeeld als zaak van de welke het Verstand; buijten welke men geen zaake verbeelden kan;
079 Een beeldhouwer die heeft van houwt gemaakt verscheijde gedaante na de gelijkenis van de deelen eenes menschelijken lighaams;
082 Maar waar toe zoveel voorbeelden opgehoopt? Daar gij zelve in het voorgeboeelde waaraf wij nu spreeken, dit klaarlijk kunt zien;
121 wij ons niet zeer bekommeren met die verbeeldingen, die de menschen gemeenlijk van God heb[ben];
123 de zaak naakt en ook bevestigende moet uijtbeelden;
283 [vo]orwerp komende gewaar te worden, wij ons inbeelden dat het voorwerp...zulks nochtans van zig zelfs in't geheel bevestigt of ontkent;
290 ons verbeelden een kind dat voor de eerste maal tot;
VERBERGEN (hide): verborgen; 147xB;
lat* 3xE;
199 Want door't geene wij nu geseijd hebben, woort ons klaar aangewezen het vergif en het kwaad dat in de beminninge deser dingen steekt en verborgen is.
VERBETEREN (ameliorate) 4x; verbetering 2x; betering; * bevordering;
47xB: Soo deden de versorgers van het werck, dat de beteringe des wercks (t. w. aan den tempel) door hare hant toenam, 2Chron.24:13;
amelior* ~E; melior* 10xE;
206 als hij was genoodzaakt sijn knecht tot betering te castijden;
214 Want deze werkt altijd verbetering, versterking en vermeerdering, het welk de volmaaktheid is: daar de Haat integendeel altijd uijt is op verwoesting, verzwakking en vernietiging, het welke de onvolmaaktheid zelve is;
216 Nu te vooren hebben wij gezeid, dat alles wat wij doen strekken moet tot bevordering ende verbetering. Doch 't is zeker dat zo lang als wij bedroevt zijn, wij ons zelven onbekwaam maaken tot zulks te doen;
217 Want't is zottelijk een verlooren goedt door een zelfs begeerende en opkweekend kwaad te willen herstellen en verbeteren >En 't is zottelijk een verloren goet door een opkweekende kwaad te herstellen.];
245 [die wij] eer met goede redenen gehouden zijn te verbeteren;
250 tot nut van de menschen en om haar te verbeteren aanwenden;
297 om zo wel den eenen te helpen en te verbeteren als den anderen;
VERBINDEN (bind); verbonde; verbonden;
*bind* 50xB;
allig*, oblig* ~E;
100 Doch 't verre daar af, want zij al voor God iets stellen te zijn aan het welk hij verpligt of verbonde zoude zijn, namelijk een oorzaak die een begeerte heeft van dat dit goet en dat wederom rechtvaardig is en zoude zijn;
129 Edoch aangezien wij vrij zijn en geenzins en achte verbonden aan haare stellingen te zijn, zo zullen wij volgens de ware Logicam andere wetten van beschrijvinge voort brengen, te weeten volgens de schiftinge die wij van de Natuur maaken;
256 Want wij nu alvooren hebben bewezen, dat het kwaad is zig zelve te verbinden en vast te maaken aan dingen die ons lichtelijk of ooijt konnen komen te gebreeken en die wij niet en konnen hebben als wij willen;
VERDELEN: verdeelen 3x; verdeeld; 56xB;
091 is de werkende oorzaak in agt deelen te verdeelen, zoo laat ons dan eens onderzoeken;
133 De Natura naturata zullen wij in twee verdeelen, in een algemeene en in een bezondere;
186 begrip hebben wij in vierderlij verdeeld als in horen zeggen alleen, in ervarent[heit];
190 die zullen wij verdeelen na de hoedanigheeden van haar voor[werpen];
*VERDER 9x+2n; voorder 8x+n, voorders; vorders; ver;
VERDERVEN: verdervende +m; verderf 7x+2n; verderve; verderving;
*verder* 265xB: Doe nu de Engel sijne hant uytstreckte over Jeruzalem om haer te verderven, berouwde 't den Heere over dat quaet, ende hy seyde tot den Engel, die 't verderf onder den volcke maeckte, 't Is genoegh, treckt uwe hant nu af, 2Sam.24:15; De helle, ende het verderf zijn voor den Heere: hoe veel te meer de herten van des menschen kinderen? Spr.15:11;
018 geen zaak veel min deze wil zijn zelfs verderf. Alle verderf is van buyten aankomende;
068 datgene uijt het welke terstond mijn verderf gevloeijd is;
165 want de eerste strekt tot ons verderf en de tweede tot ons opperste heijl;
213 Want deze ons nooijt tot ons verderf maar altijd tot ons heil aanport;
227 Uijt dit gezeide dan blijkt dat zo goet en heijlzaam als daar is de Edelmoedigheid en ware nedrigheid, dat daar en tegen de verwaantheid en strafbare nedrigheid ook zo kwaad en verdervende is >De Edelmoedigheid en ware Nedrigheit is goet en heilzaam, maar de verwaantheid en strafbare Nedrigheid kwaad en verdervende.]. Want geene en steld niet alleen den bezitter in een zeer goede stant, maar ook daar bij is zij de rechte trap door de welke wij opklimmen tot ons opperste heijl. Maar deze en belet ons niet alleen om tot onse volmaaktheid te geraaken, maar brengt ons ook geheel tot ons verderf;
228 die regelregt tegen ons verderf strekken gelijk men ziet in alle die;
291 dat door sijn eigen natuur sijn zelfs verderf zoekt;
380 Desgelijks is ook uijt het voorige klaar af te neemen hoe dat zonder Deught off (om beter te zeggen) zonder het bestuur des verstands alles ten verderve stort zonder eenige ruste te konnen genieten en wij als buijten ons element leven;
383 en aangezien wij ondervinden dat wij zoekende de zinnelijkheeden, wellusten en wereldsche dingen ons heijl in dezelve niet en bekomen, maar in tegendeel ons verderf, zo verkiezen wij hierom het bestuur onzes verstands;
393 en volgende dien dan de dingen voor zoo veel te meer als zij door haar meer wezentheid met God zijn vereenigt, voor zo veel te meer hebben zij ook van de doening en te min van de lijding: en voor zo veel te meer ook vrij van verandering en verderving;
3xB: En het zal geschieden, indien de onrechtvaardige slagen verdiend heeft, dat de rechter hem zal doen nedervallen, en hem doen slaan in zijn tegenwoordigheid, naar dat het voor zijn onrechtvaardigheid genoeg zal zijn, in getal, Deut.25:2;
mereatur 1xE;
249 en dienvolgende lof en laster verdiend;
VEREISEN (need): vereischen 5n+m; vereischt 10x+n;
1xB (35x eisen; ~KV): Voorders wordt in de uytdeelers vereyscht, dat elck getrouw bevonden werde, 1Cor.4:2;
posc* ~E; postular* 24xE;
017 alleen als adjectiva die substantiva vereischen om verklaart te worden;
028 n Hier op te zeggen dat de natuur van de zaak zulk vereischte en derhalven niet anders konde zijn, is niet gezeit: want de natuur van de zaak kan niets vereischen als ze niet en is;
086 tot de wezentlijkheid van een zaak vereischt word een Bezondere wijzing(modificatio;
087 en word geen ander bezonder zaak vereischt, die daar hebbe het geen in ons;
099 Voorders als de menschen iets doen en men haar vraagt waarom zij dat doen, de antwoord is, omdat de rechtvaardigheid het also vereischt;
145 n 11. Om dan zo een Idea, Kennisse, wijze van denken in de zelfstandige denking te veroorzaaken als nu deze onze is, wort vereischt niet even eens wat lichaam (...), maar ook zulk een lichaam dat zo geproportioneert is van beweging en stilte en geen ander: want zoo 't lichaam is, zoo is de ziel, Idea, kennis etc;
240 de moed die tot de uijtvoeringe vereischt komt te gebreeken, soo is't dat;
243 (vermids haar die hebbelijkheid die vereischt werd om het verstand altijd wel te gebr[uiken];
305 Tot het welke mij dunkt vereischt te worden >Wat hier toe vereijscht word;
360 >.want dit zoude een God vereischen die veranderlijks is.];
*VERENIGEN: vereenigen 10x+3n+m; nietvereenigde; vereenigd 5x; vereenigde 2x; vereenight; vereeniging m; vereeniginge 15x+7n+m; vereeniginge 3m; vereenigt 26x+6m; vereniginge m;
pictur* 7xE;
154 gehad te hebben als de blinde van de verwe;
46xB: Daer was alle beeltenisse van cruypende dieren, ende verfoeyelicke beesten, ende alle dreckgoden van het huys Israël, geheel rontom aen den wande gemaelt, Ezech.8:10; Ach Heere Heere, Siet, mijne ziele en is niet verontreynigt geweest: want ick en hebbe van mijner jeugt af tot nu toe, geen doodt aes, nochte dat verscheurt is gegeten, nochte geen verfoeijelick vleesch en is in mijnen mont gekomen, Ezech.4:14;
detestat* ~E; abominand* ~E; nefa* ~E;
251 >..is alleen door't aanschouwen verfoeilijk.];
*VERGAAN 7x+m; vergaat; *vergankelijk 12x+4m;
frustra 2xE;
279 men niet en behoeft te vraagen of de wil vrij of niet vrij is >Warom het dan te vergeefs is te vragen of ze vrij is.];
VERGELIJKEN (compare); vergeljkt m; vergelijkinge; 19xB;
compar* 23xE;
118 en anderen off onder verscheide opzigten vergelijken. E. g. Indien iemand een uurwerk;
141 >Van wat de ziele is vergelijkt met het geene aangetekend is pag.....];
169 off bedagt kan worden wort in vergelijkinge van het ware goet.
VERGENOEGING (satisfaction); vernoeging;
Wijckt af van de sulcke. Doch de Godtsalicheyt is een groot gewin met vergenoeginge, 1Tim.6:6;
deleta* 20xE;
015 en deze en geven ons geen vergenoeginge door dewelke wij onszelve konnen voldoen;
218 [dat goet dat alle goet is en]in het welke alle blijdschap en vernoeginge der volheid is;
Hy (Jacob) versoeckt vrientschap (van Ezau),.. om vergetentheyt van alle voorgaende onminne te verwerven, Gen.32,kantt.8;
oblivio* 2xE;
068 Want zo ik mij ooit met datgene 't welk gij mij hebt aangewezen hadde vereenigd, aanstonds was ik vervolgd geweest van twee hooftvijanden des menschelijken geslaghts de Haat namentlijk en het Berouw en van Vergeetenheid ook menigmaal;
6xB: Het vergift der adderen sal hy (de goddelooze) suygen: de tonge der slange sal hem dooden, Job 20:16;
venenis 1xE;
199 woort ons klaar aangewezen het vergif en het kwaad dat in de beminninge deser.
5xB: Waerom soude de Wet van 's Conincks wegen, (soo) verhaestet worden? Dan.2:15;
festin* ~E;
408 dat gij U daarom aanstonds niet en verhaast om het zelve te wederleggen;
32xB: Ende als hy het aen sijnen vader, ende aen sijne broederen verhaelde, bestrafte hem sijn vader, ende seyde tot hem enz, Gen.37:10;
narr* 8xE;
183 Ik moet dan zeg ik een volmaakt mensch begrijpen, zo ik iets aangaande het goet en kwaat des menschen verhaalen wil;
VERHEUGEN (rejoice); verheuging;
78xB: Abraham,.. heeft met verheuginge verlanght, op dat hy mijnen dagh sien soude: ende hy heeft hem gesien, ende is verblijdt geweest, Joh.8:56; Mijn ziele maeckt groot den Heere: Ende mijnen geest verheught hem in Godt mijnen Salichmaker, Luc.1:47;
gaudi* 10E;
323 die wij impulsus noemen, als dat men in droefheid iemand kan doen lachen, doen verheugen door kittelen, wijn drinken enz. 't welk de ziel wel gewaar word doch niet en werkt: want die werkende, zijn de verheugingen waarlijk en van een ander slag;
*VERHINDEREN verhinderd +m;
VERHOVAARDIGEN (boast): verhovaardigen +m; verhovaardiginge;
hovaard* 57xB; hoogmoed (~KV) 22xB;
superbi* 20xE;
295 Ten anderen zoo maakt ook deze kennisse, dat wij na het verrigten van een voortreffelijke zaake ons daar over niet en verhovaardigen >Dat wij ons niet hebben te verhovaardigen in 't geen wij doen wat het ook is.] (welke verhovaardiginge een oorzaak is, dat wij,.. staan blijven; strijdende regelregt aan tegen onse volmaaktheid.
78xB: En uit uzelven zullen mannen opstaan, sprekende verkeerde dingen, om de discipelen af te trekken achter zich, Hand.20:30;
pervers* ~E;
379 Niet alzoo als gemeenlijk gezegt word >Niet door zoo een verkeerde meeninge en die onder de beste van de menschen in swang gaat.], dat namelijk dezelve alvooren moeten bedwongen worden, eer wij tot kennisse en gevolglijk de liefde van God konnen geraaken.
VERKIEZEN (choose) 2x+2m; verkooren, verkiest;
verkie* *verko* 115 xB; De wille waer door wy verkiesen ofte verwerpen, is soo verre verdorven geweest, datse sich door haere naetuerlycke crachten niet machtich en was tot het goede wederom te begeven, maer haere vryheyt verloren hebbende was sy ghedwonghen der sonde te dienen, Docum. Reform. 1, 19;
elig* 2xE;
166 dat hij in't selve aanmerkt, zoo verkiest hij't als't beste, buijten het welke;
180 welke het zijn die van ons verkooren, welke verworpen moeten worden;
196 Welke dan van deze drie'erlij voorwerpen hebben wij te verkiezen of te verwerpen >Welke dan van deze drie voorwerpen hebben wij te verkiesen;
383 maar in tegendeel ons verderf, zo verkiezen wij hierom het bestuur onzes verstands;
VERKLAREN (explain) 2x: verklaaren; verklaard 2x+3m;.verklaart 7x+2m+n; verklaringe 2m; * klaar; 49xB;
explic* 89xE;
017 adjectiva die substantiva vereischen om verklaart te worden;
091 alwaar dan meteen verklaard zal worden waarin de waare vrijheid;
107 Het welk met dit navolgende exempel verklaart word;
125 edog nooit en verklaren wat de zaak is;
129 en de andere dingen die door dat geslagt verklaart worden, verstaan [noch] gekend worden;
130 of iets waardoor zij meer verstaan off verklaart worden;
157 Waan, geloof en klaare kennisse is >Nader verklaringe van de waan,'t waare gelove en klaare.];
209 Doch om dit wel te ondervinden, dunkt ons goet duijdelijk te verklaren, wat de haat is en die wel van de afkerigheijd te onderscheiden >Maar staat te ondersoeken of sij ook niet ontstaat door ware redenering. Hier toe sal nodig zijn, dat de haat van ons wel verklaart en van de afkerigheid wel word onderscheiden.];
265 door de welke zij zouden konnen verklaart werden, zodat dan volgt;
266 >Onderdschijt tusschen een die in waarheid en een die in valscheid staat en met een voorbeeld verklaard.]; gelijk als iemant die droomt, wel denken kan dat hij waakt, maar nooijt kan iemand die nu waakt, denken dat hij droomt. Met dit gezeid dan word ook eenigzins verklaard het geene wij gezeid hebben, van dat God de waarheid of dat de waarheid God zelve is;
277 dat een zaak niet door zig zelfs wordende verklaart of welkers wezentlijkheid niet;
350 die zullen wij dan nu trachten te verklaaren >Nader verklaringe van de vereniginge met God hoe die is.];
351 en hierdoor word met een verklaart het geene wij in het eerste deel hebben;
365 >Word bij voorbeeld verklaard.];
382 >Met een zeer ardie en eige gelijkenisse verklaard.];
396 als bij voorbeeld >Bij voorbeeld verklaart.];
432 en hiermede achten wij dan genoegzaam verklaart wat voor een ding de ziel in't algemee[n is];
437 Eijndelijk dan dewijle wij nu verklaart hebben wat het gevoel is, zo konnen wij;
2xB: Aaron hadde 't (volk) ontblootet tot verkleyninge onder de gene, die tegen hen hadden mogen opstaen, Exod.32:25;
dimin* ~E;
098 Hetwelk zommige voor laster en verkleininge Gods achten;
23xB: Tot de welcke (t.w. het volk) hy geseyt heeft: Dit is de ruste, geeft den moeden ruste: ende dit is de verquickinge, Jes.28:12;
delect* 20xE;
331 het welk de ziele gewaar wordende verkwikking krijgt bestaande daar in, dat het;
VERLATEN 2x;
VERLIEZEN +n; verlooren 3x; verloren m; verlies +n;
21xB: Want zo wie zijn leven behouden wil, die zal het verliezen; maar zo wie zijn leven verliezen zal, om Mijnentwil, die zal het behouden, Lc.9:24;
amitt* 4xE;
171 maar vreze van de geliefde zaak te verliezen;
216 Want zij komt voort van't verlies van eenig goed;
217 Derhalven is nodig dat wij ons van de selve ontslaan. 't Welk wij doen konnen met te denken op middelen van het verloorne weder te bekomen, zo het in onse macht is. Zo niet, dat het evenwel nodig is ons die kwijd te maaken, om niet te vervallen in alle die ellenden die de droefheid noodzakelijk met sig sleept: en dit beijde met blijdschap. Want't is zottelijk een verlooren goedt door een zelfs begeerende en opkweekend kwaad te willen herstellen en verbeteren >En 't is zottelijk een verloren goet door een opkweekende kwaad te herstellen.];
255 uijt overweginge van eenig goet dat wij verlooren hebben ontstaande en dat zodanig;
260 Droefheid, als hij het komt te verliezen;
331 iets kwaads overkomt, namelijk van't verlies van eenig goet;
304 xB: So de Syriers my te sterck sullen zijn, so sult ghy my komen verlossen: ende so de kinderen Ammons u te sterck sullen zijn, so sal ick komen om u te verlossen, 2 Sam.10:11;
liber* 9xE;
194 Met de liefde is 't ook soodanig, dat wij nooijt en trachten van dezelve (gelijk van de verwondering en andere passien) verlost te zijn; en dat om dese twee redenen >Van de liefde tracht men nooijt ontslagen te worden gelijk als van de andere passien om 2 redenen: 1. Omdat het onmogelijk is; de 2. om datse ons nootzaakelijk is.]: 1. omdat het onmogelijk is, de twede omdat het noodzaakelijk is, dat wij niet van de selve verlost werden;
195 Noodzaakelijk dan ist niet van de zelve verlost te zijn omdat wij vermids;
delectab* ~E;
436 ontstaat de blijdschap die wij ruste, vermakelijke oeffening en vrolijkheid noemen;
VERMANEN (admonish); vermaand;
39xB: Vele van de Ioden,.. (volghden) Paulum ende Barnabam: welcke,.. haer vermaenden te blijven by de genade Godts, Hand.13:43; Beter is een arm en wijs jongelingh, dan een oudt ende sot Koning, die niet en weet van meer vermaent te worden, Pred.4:13;
Leert ende vermaent dese dingen, 1Tim.6:2; Ende en houdt [hem] niet als eenen vyandt, maer vermaent [hem] als eenen broeder, 2Thess.3:15;
mon* 17xE;
213 Het middel hiertoe [=bereiken volmaaktheid] is haar geduurig waar te neemen zodanig als wij van onse goede Conscientie zelve gestadig geleerd en vermaand werden;
*VERMEERDEREN 2x; vermeerderd 2x; verminderd 2x;
VERMENGEN: vermengd; vermengt +m;
VERMENIGVULDIGEN (multiplicate): vermenigvuldight; vermeenigvuldiging;
multiplic* ~E;
154 van drien het twede getal met het derde vermenigvuldight en dan met het eerste deild;
176 soo kan hij (de deilinge en vermeenigvuldiging gebruijkt hebbende) zeggen dat;
*VERMINDEREN; verminderd 2x;
VERMITS: vermids 2x; 3xB; mits (15xB), overmits (42xB) ~KV
cum 241xE;
195 omdat wij vermids de swakheid onses natuurs, zonder iets;
243 somtijds(vermids haar die hebbelijkheid die vereischt;
*VERNIETIGEN 6x+3n+3m; vernietigde; vernietiging 5x; vernietigt 11x+2m; vernietigende; vernieting 3x+n;
*VEROORZAKEN 2x; veroorzaaken 7x+6n; veroorzaakt 21x+2m; veroorsaakt +m; veroorzaker;
inopinat*, inexpect* ~E;
242 Deze dan en zijn nooijt als door verrassing; want de knaging komt alleen hier uijt;
VERRICHTEN (perform) 3x; verrigt;
2xB: Neemt aen de geheele wapen-rustinge Godts, op dat ghy konnet wederstaen in den boosen dagh, ende alles verricht hebbende, staende blijven, Eph.6:13;
effic* 62xE;
294 Want dog: op ons zelven aangemerkt zijnde en zoo niet van God afhangig, zeer wijnig is't of niet dat wij souden konnen verrigten en met recht daar uijt oorzaak neemen om ons zelfs te bedroeven;
295 Ten anderen zoo maakt ook deze kennisse, dat wij na het verrigten van een voortreffelijke zaake ons daar over niet en verhovaardigen >Dat wij ons niet hebben te verhovaardigen in 't geen wij doen wat het ook is.] (...) maar dat wij daarentegen alles wat wij doen Gode toe eigenen, die daar is de eerste en alleene oorzaak van alles wat wij verrigten en komen uijt te werken;
328 hoe het dan kan zijn, dat men de droefheid nochtans door middelen uijt drijvt gelijk door de wijn zulks meenigmaal word verrigt;
VERSCHAFFEN (provide): verschaft +m; ~B;
179 De derde uijtwerkinge is, datze aan ons verschaft de kennisse van goet en kwaad en ons aanwijst alle passien die te vernietigen zijn. >De 3. Dat ons verschaft het onderscheid van goet en kwaad en welke van de passien wij te vernietigen hebben];
*VERSCHEIDEN 3x+2m; verscheijde 6x+n; verscheide 18x+m;
*VERSCHEIDENHEID 3x+2n;
*VERSCHIL 2x;
*VERSCHILLEN 4x+8n; verschild; verschilt m; veschillende;
VERSCHONEN (excuse): verschoonen;
47xB: En Mijn oog zal niet verschonen, en Ik zal niet sparen; Ik zal u geven naar uw wegen, en uw gruwelen zullen in het midden van u zijn; en gijlieden zult weten, dat Ik de HEERE ben, Ez.7:9; Wie soude uwer verschoonen, ô Ierusalem? ofte wie soude medelijden met u hebben? Jer.15:5;
excus* ~E;
128 dat wij haar schijnredenen waarmede zij haar onwetenheid van gods kennis tragten te verschoonen, ontknoopen;
*VERSIEREN: versiert; verzierd +2n;
*VERSIERING: verzieringe 4x;
*VERSIERSEL 2m; verzierzel m;
*VERSMADEN: versmaadheden; versmading 2x+m;
*VERSTAAN 70x+13n+10m; verstaa 2x; versta; verstaande; verstaat 3x+m;
*VERSTAND 56x+16n+4m; verstands 2x;
*VERSTANDELIJK +2n+m;
*VERSTANDIG 2x;
*VERTONEN +m; vertoond 4x+m; vertoont; vertoonen 4x+n;
*VERTOONING; vertooningen;
't Sal,.. geschieden, als ghy heden wederspannich zijt tegen den Heere, so sal hy sich morgen grootelicx vertoornen tegen de gantsche gemeynte Israël, Jozua 22:18;
irasc* 2xE;
296 behalven de ware liefde des naasten die deze kennisse in ons te weeg brengt, maakt zij ons zo gesteld dat wij hun nooijt nog haaten noch daarop vertorent zijn, maar geneegen worden haar te helpen en tot beter standt te brengen;
*VERVAARDHEID 3x+m; * flauwmoedigheid
VERVALLEN (fall) 4x+m +in; verval* 23xB;
dilab* disced* ~E;
257 >.ooit in't geen kwaad is zullen komen te vervalle zo wij maar de reeden wel gebruijken.];
217 die kwijd te maaken, om niet te vervallen in alle die ellenden die de droefheid;
218 in geen droefheid kan vervallen;
260 onmogelijk in deze poel van Passien te vervallen;
303 wij nooijt inde zelve zullen komen te vervallen.
VERVATTEN (contain); vervat; +m; vatten;
1xB: Het Hebreeus woort ("neemt") vervaet hier oock in sich het woort brengen ende die twee t'samen zijn soo veel als halen, Gen.27,kantt.13;
contin* 21xE;
234 dan van de passien in dit kapittel vervat, gesprooken hebbende en de beschrijving;
006 en in zig vervatten alles wat de Idea voorwerpelijk heeft;
386 >.alles in korthoudige stellinge vervattet ];
VERVOLGEN (proceed) +n; vervolgd; vervolgende +2m;
vervolg* 125xB;
prosequ* 4xE;
068 aanstonds was ik vervolgd geweest van twee hooftvijanden des mens[chen];
204 en so zullen wij vervolgende voortgaan en betoonen wat ons de 3e;
305 en dan zullen wij mede vervolgen te spreeken van onse Lievde tot God;
333 Dit vervolgen wij aldus: 1. Daar is een volmaakt weze;
3xB;
205 Hier vervolgens zullen wij nu onderzoeken;
219 Nu vervolgens dan zullen wij spreeken;
302 zoo zullen wij nu vervolgens onse gedane beloften trachten te voldoen;
333 Nu vervolgens : 10. Tusschen de Idea en't;
compler* ~E;
120 In aanmerkinge van eene [=eigenschap], als dat hij is alwetende, wijs, enz. het welk tot de denking, en weder dat hij is overal, alles vervult, enz. het welk tot de uytgebreidheid toebehoort;
verwacht* 97xB: Ick hebbe den Heere lange verwacht; ende hy heeft sich tot my geneycht, Ps.40:2;
expect* ~E;
210 eenig nut van de zelve hebben te verwagten;
238 als iemand het gene hij nog te verwagten heeft, goet waant te zijn, zo krijgt hij;
VERWARREN (disturb); verward +2n; verwart; verwarring 3x; * klaar;
verwarrr* 8xB: Ick sal de Egyptenaren tegen de Egyptenaren verwerren, dat sy sullen strijden een yegelick tegen sijnen broeder, ende een yegelick tegen sijnen naesten, Jes.19:2;
perturb* 3xE;
071 en zie ik, zo mij dunkt, een zeer groote verwerringe;
078 THEOPHILUS: Zo gij, Erasme, uijt deze verwarring wild geraaken, zo neemt eens wel in acht;
114 des niet tegenstaande allomme zulk een verwarringe word gezien inde Natuur;
115 Vooreerst dan, datter verwarringe in de Natuur is, kan met regt niet;
118 zoo maar zijn oogmerk was geweest het verwart en buijten tijds te doen slaan;
127 zo zijn zij in haar eigen begrip verward geweest of hebben hun zelfs niet konnen;
183 een wezen van Reden(ens Rationis) verwarren zoude;
273 Al te maal dingen zo verward dat het onmogelijk is een klaar en onde[scheiden denkbeeld];
274 gewaarworden ook is een begrip en een verwarde Idea, zoo is't dan ook een wijze van;
VERWISSELEN verwisseld (exchange); verwisselt;
verwiss* 10xB: Men kan het gout, ofte het cristal haer niet gelijck weerderen: oock en isse [niet] te verwisselen voor een kleynoot van dicht-gout, Job 28:17;
muta* 12xE;
381 zo is't onze plicht ook zelfs deze [=goddelijke liefde] te zoeke aangezien die ook zodanig is datmen die genietende, voor geen andere zaaken van de wereld zoude willen verwisselen;
389 Al wat niet en is voortgebracht van uijtterlijke oorzaaken, dat en kan ook dan met dezelve geen gemeenschap hebben en dienvolgende en zal het van de zelve noch veranderd noch verwisselt konnen worden;
399 zonder nochtans dat noch zijne gevroghten aan eenige uijtterlijke oorzaaken onderworpen zijn om door dezelve te konnen of veranderd of verwisseld worden;
verwoest* 199 xB (verwoesting 97xB): Ende en sijt niet als uwe broeders ende vaders die hen aen den Here haerder vaderen God ontgingen, ende hise gaf in een verwoestinge, so ghi seluer siet, Ezech.35:7;
destru* 41xE;
214 de Haat integendeel altijd uijt is op verwoesting, verzwakking en vernietiging;
*VERWONDEREN: verwonderd 2x+n;
*VERWONDERING 6x+n+2m;
*VERZEKERDHEID 7x+3m;
*VERZEKEREN: verzeekerd; verzekert; verzekerd 4x;
*VERZEKERING +m;
VERZWAKKEN; verzwakking;
005 dat en bevestigt men niet van de Idea et vice versa;
334 of de Idea word ook verandert et vice versa, zo dat hier geen derde van noden;
351 voorwerpelijk overeenkomt met hem zelfs; vide pag;
VIER 2x; vierde 9x+n+5m; vierden 2x;
022 en klaar uijt te drukken zullen wij deze vier navolgende dingen vooraf zeggen 1;
035 Ten vierden, dat er geen zelfstandigheid of;
049 daar is geen vierde. Niet het eerste, want daar is geen;
154 dat men als dan een vierde getaal uijt vind dat de zelvde;
156 Doch een(4) vierde, hebbende de alderklaarste kennisse;
176 Want gelijk wij in ons exempel van de regul van drien gezeid hebben, dat als iemant door gelijkmatigheid kan uijt vinden een vierde getal dat met het derde overeenkomt gelijk het tweede met het eerste;
186 En dat uijt alle dit klaar is hoe dat de vierde wijse in de ziel namelijk de klaare ken[nisse];
186 en het zelve begrip hebben wij in vierderlij verdeeld als in horen zeggen alleen, in ervarentheid, in geloov, in klare kennisse. en aangezien wij nu de uijtwerkinge deser aller hebben gezien, zo is daaruijt openbaar, dat de vierde namelijk de klare kennisse;
262 [zu]llen wij nu voortgaan en spreeken van de vierde en laatste uijtwerkinge die bij ons;
263 het welk ons de vierde en laatste uijtwerkinge van dit waare;
270 >..volgens de derde uijtwerking en ook de vierde.];
287 >tusschen wil en begeerte geeft volgens de vierde uijtwerkinge.];
346 dat wij onderzoeken of wij door de vierde en leste manier van kennisse daar toe;
349 Dat deze vierde kennisse;
379 toond zoo door de reden als mede door de vierde manier van kennisse, hoe en op wat wijze;
389 en uijt deze twee laatste besluijt ik deze volgende vierde stelling;
host* ~E; inimicitiae 1xE;
068 en dat hij maar voortgaa en aan deze vijanden den mond stoppe;
92 5. Ten vijfden. God is een Voornaame oorzaak van sijne.
VINDEN (find) 7x+4n; * bevinden; * ondervinden; gevonden 5x+2m; uijtvinden 2x; vind 3x;
pisc* 2xE;
382 Dit is alzo onnozel als of een vis woude zeggen (voor welke doch buijten het water geen leven is) bij aldien mij op dit leven in het water geen eeuwig leven en zoude komen te volgen, zo wil ik uijt het water na het land toe;
car* ~E;
354 lichaamelijk en onlichaamelijk, geest en vleesch;
*vlied* 95xB: Ick sal haer achterste met den sweerde dooden: de vliedende en sal onder hen niet ontvlieden, Amos 9:1;
fug* 9xE;
207 wat is beter, of dat wij de dingen met afkeer en haat vlieden >Dewijl wij dan nu sonder passien konnen werken, wat sal dan best zijn, of dat wij de geene die ons kwaad veroorsaken met haat vlieden of dat wij hem sonder ontsteltenisse des gemoeds ondergaan?], of dat wij;
209 de saaken met een haat en affker te vlieden;
211 welke niet alleen als de haat tracht te vlieden van't gehatene;
244 ook dese als zodanig moeten schuwen en vlieden;
288 te bekomen onder scheijn van goet en te vlieden onder scheijn van kwaad;
*vloei* 59xB;
proced* 10xE;
068 uijt het welke terstond mijn verderf gevloeijd is;
nutrim* ~E; cib* 5xE; pabul* ~E;
317 door het nuttigen van al te weinig voedzel;
VOEGEN (add) 2x; bijvoegen; samenvoegen; toegevoegt; toevoeginge; voegd;
9xB: Majesteyt ende heerlickheyt hebt gy hem toegevoeght, Ps.21:6;
add* 8xE;
060 deze volgende reedenen hier bij te voegen : bestaande in een;
079 een menschelijke borst, hij voegd het te zamen met een ander, dat de;
216 Bij deze zullen wij voegen de Droevheid, vande welke wij derven;
268 Als nu iemand door dien het geheele voorwerp in hem gevrogt heeft, diergelijke gestalte of wijzen van denken krijgt, zoo is het klaar, dat die een geheel ander gevoel van de gestalte of hoedanigheid van het voorwerp bekomt als een ander die zo veel oorzaaken niet gehad heeft en zo tot zulks of te bevestigen of te ontkennen door een ander lichter werking (als door wijnige of minder toevoeginge in't zelve gewaar wordende) bewogen wordt;
331 dat de geesten zig omtrent het hart voegen en het zelve met behulp van andere;
370 Want aangezien dat geene in ons 't welke God moet kennen, het Verstand is en dat dat zelve zoo onmiddelijk met hem vereenigt is, dat het noch bestaan noch verstaan kan worden zonder hem, zoo blijkt daar uijt onwederspreekelijk dat geen dink altoos zoo naa het Verstand kan toegevoegt worden als eeven God zelve;
VOEGE (way), in dier, zulker voegen;
modo 135xE;
265 de valsheijd te kennen geven in zulker voegen, dat het een groote dwaasheid zoude zijn;
268 dat is dat onse ziel in dier voegen veranderd word, datze andere wijze van.
VOEREN; volvoeren; uijtvoeringe;
31xB;
240 iemand,.. de moed die tot de uijtvoeringe vereischt komt te gebreeken, soo is't dat hij van dat kwaad 't welk hij waande goet te zijn, negative of bij geval bevrijd word;
300 dat ze haar opgeleiden dienst behoorlijk volvoeren. E. g. als een Timmerman;
VOET (foot); voorvoets; pedes 4xE;
250 ziet verachten en met de voet treden, omdat hij een slecht kleed an h[eeft];
avium 1xE;
012 t'zamen zetten als een dier dat een Vogel en een paard zoude zijn en diergelijke;
*VOLDOEN.
VOLGEN 13x+9m; vervolgen; vervolgens; gevolgt m; vervolg +2m; volgd; volgt 22x+8n+11m;
VOLGENDE (folow) 11x+2m+2n; volgens; navolgende 7x;
Beschouwet,.. hare palleysen, op dat gy het den navolgenden geslachte vertellet, Ps.48:14;
sequen* 19xE;
007 zo stellen wij deze volgende grond regulen, te weten: 1. Dat de;
014 so zullen wij dit volgende noch daar bij doen;
022 zullen wij deze vier navolgende dingen vooraf zeggen;
060 hebben wij goet gedagt, deze volgende reedenen hier bij te voegen;
060 zullen wij hier na in de volgende hooftdelen zeggen;
063 Niet moeten bepaalen en dat onder deze volgende eijgenschappen, namelijk dat hij is;
090 Deze volgende worden Eigene genoemd, omdat zij;
107 Het welk met dit navolgende exempel verklaart word;
133 Waarvan wij in het navolgende Cap. zullen handelen;
140 [tot] besluijt van't geseide, zullen wij deze volgende bewijzen daar nog bijdoen;
151 zullen wij dan nu in den aanvang des volgenden eersten Capittels beginnen te handelen;
173 en dan omdat wij in't volgende zullen han aanvangen te onderzoeken;
215 Een zeker slag van blijdschap zijn dese volgende : 1. De Hoop, gemengt nochtans met;
230 Wat ons't gelove aanwijst in deze volgende tien, die namelijk ontstaan uijt;
328 zouden deze volgende swarigheden konnen tegengeworpen worden;
386 Om het welke te doen, ik van deze navolgende stellingen als zaaken die;
389 uijt deze twee laatste besluijt ik deze volgende vierde stelling;
VOLGENS 25x+4m+2n; dienvolgende 11x+n; gevolg;
*VOLGIJVER 3x+m;
29xB: Gedenckt aen den tijdt des hongers in den tijt der volheyt, aen armoede ende gebreck in den dach des rijckdoms, Jes.Sir.18:25;
plenitud* ~E;
027 dewelke in God die alle goet en volheid is, geen zins en is;
218 welke alle blijdschap en vernoeginge der volheid is;
*VOLKOMEN;
*VOLMAAKT 46x+15n+6m; volmaaktelijk 5x;
*VOLMAAKTHEID 43x+4n+3m;
*VOLMAKEN: volmaakten;
volunt* 75xE;
287 die bij de Latij Latinen genoemt wordt voluntas;
288 >Wat bij Aristotelem voluntas.];
288 zo noemt hij die voluntas of goede wille;
volupt* ~E;
288 dat noemt hij voluptas of kwade wille >en wat bij hem voluptas is.];
VOOR 79x+16m+5n; alvoordat; van voren; eerder; alvooren 6x; alvoorens 5x; alvoren(S) n; alvoren; tevoren; vooren 35x+5n; voorens 4x;
1xB: Dezen, vooraf heengegaan zijnde, wachtten ons te Troa;
ante* 33xE;
022 zullen wij deze vier navolgende dingen vooraf zeggen 1. *Datter geene bepaalde;
121 laat eens vooraf gezien worden, wat zij ons al toe staan;
159 Dit dan vooraf zo laat ons nu koomen tot haare;
VOORBEELD 8x+8m;
*VOORBEPAALDHEID; voorbepalen; voorbepaalt; voorbepaald;
VOORDEEL 4x+m; voordeelig m; 21xB; profijt; nadeel 2x;
*VOORDOEN;
*VOOREERST 8x.
VOORGAAN (precede): voorgegaan; voorgaande 11x+2n+2m;
8xB: Siet, de voorgaende dingen zijn gekomen: ende nieuwe dingen verkondige ick, eer dat sy uytspruyten doe ick u lieden die hooren, Jes.42:9;
anteced* 2xE;
013 Boven deze isser noch een derde idea en die is maar een eenige en dese brengt met zig een noodsakelijk zijn en niet als de voorgaande alleen datze kan zijn;
015 Na voorgaande overweginge van de Natuur, zo en hebben;
081 Z en van alle denkbeelden die een ieder heeft, maaken wij een geheel ofte (...) een wezen van reeden, 't welk wij Verstand noemen. Ziet gij nu wel, dat alschoon dit nieuw denkbeeld zig vereenigd met het voorgaande, dat daarom in het weze van 't voorgaande geen verandering vald, maar integendeel zonder de minste verandering blijft;
092 Dog de * voorgaande oorzaak is sijn volmaaktheid zelve; door dezelve is hij en van zig zelfs een oorzaak en bij gevolgh van alle andere dingen;
093 gelijk blijkt bij onze voorgaande betooging;
157 verscheide kennissen waarvan wij in't voorgaande Capittel gezeid hebben;
160 onmogelijk achten dat, zo iemand op de voorgaande gronden noch begrijpt noch kent;
285 also dat ook na haar eigen zeggen, de Wille wel zonder de Begeerte, maar de Begeerte niet zonder de Wille die al voorgegaan moet zijn, wezen kan;
328 >Tegenwerpinge op't voorgaande.];
352 zoo word zij ook dan met dat(na voorgaande kennisse) door liefde terstond vereenigt;
358 Na al dit voorgaande getoond te hebben zal het niet nodig;
378 Met de stellinge van't voorgaande >Wat wij in't voorige cap. met die stel;
379 Ook hebben wij nu al in't voorgaande getoond zoo door de reden als mede;
384 en omdat wij hem(na voorgaande bedenkingen en overwegingen) ondervonde;
419 De mensch aangezien hij een geschapen eijndige zaak enz. is, zo is 't noodzaakelijk dat het geen hij heeft van denking en 't welk wij de Ziel noemen, zulks zij een eigenschap van die eigenschap die wij denking noemen zonder dat tot sijn wezen eenig ander ding als deze wijzing behoort: en dat zo zeer dat zo deze wijzing te niet gaat, de ziel ook vernietigt word alschoon dat de voorgaande eigenschap onveranderlijk blijft;
*VOORNAAM 2x; voornaamste 9x+4m+n; voornamelijk (especially) m; 2xB;
256 >.siet pag. 89. Dog voornamelijk pag. 91.];
*VOORNOEMD: voorgenoemde 2x;
copiam 1xE;
365 als voor de winter zekere voorraad te verzorgen;
*VOORTBRENGEN 16x+5n; voortbrengd 2x; voortbrengt 2x+n; voortgebracht 4x; voortgebragt 11x;
*VOORTKOMEN 7x+4n+4m; voorgekomen; voorkomen 2x; voortgekomen 4x; voortkomende; voortkomt 7x+4m; voortkoomen;
VOORTREFFELIJK (excellent) 5x; voortreffelijkheid;
Verciert u nu met voortreflicheyt, ende hoocheyt, ende bekleedt u met majesteyt, ende heerlickheyt, Job.40:5; Ruben, ghy zijt,.. de voortreffelicxte in hoocheyt, ende de voortreffelicxte in sterckte, Gen.49:3; Datter licht, ende verstant, ende voortreffelicke wijsheyt in u gevonden wort, Dan.5:14;
prae/excell* ~E;
010 of buijten hem niet wezentlijker of voortreffelijker is;
199 van wat een heerlijk en voortreffelijk goet wij door de genietinge deses;
225 deze geven door hun zelfs haar voortreffelijkheid te kennen;
258 Doch als een voortreffelijke zaake hebben wij nopende de passien;
261 hoe die ook alsdan voortreffelijker word, aangezien die is vallende op;
295 dat wij na het verrigten van een voortreffelijke zaake ons daar over niet en;
ex ordine, uno contextu ~E;
219 Nu vervolgens dan zullen wij spreeken >Wat schifting de 3. uijtwerkinge van 't gelove doet in deze ses, namelijk:]. van de achting en versmading, van de Edelmoedigheid en Nedrigheid, van Verwaantheid en van de Strafbare Needrigheid; om het goet en kwaad in deze wel te onderscheiden, zullen wij die voor voets opneemen;
Ende voorwaer ick sal u bloet [het bloet] uwer sielen eyschen, Gen.9:5;
071 buijten of zonder zijn deelen, dat voorwaar ongerijmt is;
*VOORWERP 31x+10n+12m; voorwerps 3x; voorwerpen 5x; voorwerpelijk 12x+n;
*VOORZIEN;
*VOORZIENIGHEID 4x;
*VOORZORGEN: voorzorgt; voorzorge 2x; voorzorger 2x;
VORDEREN; +m voorderd; vordert;
VORIG 2x+2m (former): voorige +n 7x+4m;
praeced* 114xE;
170 >.onder de gedaante van goet als ook de vorige liefde uit waan.];
269 en met dit gezeide zal al het vorige gevraagde genoegzaam beantwoord zijn;
380 >Wat nog al uijt het vorige gezeide is af te neemen.];
392 dan nu eens zien, wat wij al uijt deze vorige stellingen hebben te besluijten;
*VORMELIJK 2x; formelijk+n;
VRAGEN (ask) 4x2m; gevraagde; ondervraagt; vraag +2n+m; vraagd; vraagen 6x; vraagt 4x; vrage;
*VREES; vreeze +m, vreze 2x+n+m;
*VREZEN 2x; vreezen;
073 Ik zie vast hoe gij tegen mij alle uwe vrunden te zamen roept en alzo't gene gij niet;
400 om een eind van alles te maaken, de vrunden tot de welke ik dit schrijve te zeggen;
*VRIJ 15x+4n+5m; vrijelijk; vrijheid 15x+2n+m; vrijmaker; vrijstaan; vrijwillig 4x+m;
*VROCHT;
VROLIJK (merry): vroolijk; vrolijkheid; 19xB;
vrolijk* 109xB: Sy,.. seyde tot hem,... Ick hebbe mijn leger met mirrhe, alo?ende caneel wel-rieckende gemaeckt, Komt, laet ons droncken worden van minnen tot den morgen toe: laet ons ons vrolick maken in groote liefde, Spr.7:18; want ick sal haerlieder rouwe in vrolickheyt veranderen, ende salse troosten, ende salse verblijden na hare droeffenisse, Jer.31:13;
hilar* 4xE;
317 sterken drank drinkende, daar door of vroolijk of dronken wordende, maaken dat de ziel;
436 die wij ruste, vermakelijke oeffening en vrolijkheid noemen;
172xB (wat vrucht had gij);
1xB: Indien ick in een [vremde] tale bidde, mijnen geest bidt [wel], maer mijn verstandt is vruchteloos, 1Cor.14:14;
119 door welke men poogt God te bewijzen, dog vruchteloos : en meede van de wetten der warer besch[rijvinge];
213 wij van haar en zij van ons de meeste vrucht hebben;
408 gij zult geraaken tot het genieten van de vruchten dezes booms de welke gij U belooft;
VULLEN: ;
ign* ~E;
228 en door de selve vuur en water braveren en zo vast ellendig;