Z

Vocabulaire A B C D E F G H I K L M N O P R S T U V W Z

*ZAAK 89x+50n+14m; saak(e) 8x+n+2m; zaake 52x+7m; zaaken 19x+4m; zaaks 2x; zake 5x+n+4m; zaken;

*ZALIGHEID;

ZAMEN 10x+3n; zaamen 5x.

ZEDE;

traditio* ~E;

4xB (NT: traditiones): Want wij hebben hem horen zeggen, dat deze Jezus, de Nazarener, deze plaats zal verbreken, en dat Hij de zeden veranderen zal, die ons Mozes overgeleverd heeft, Hand6:14;

169 Want wat is den hoop van alle deze onwetend d'een van d'anders godsdienst en zeden;

ZEE;

ZEER (very) 15x+4m: seer +n; absoluut (1x);

Sy vermeerderden, ende werden gantsch seer machtich: so dat het lant met haer vervult wert, Exod.1:7;

071 zie ik, zo mij dunkt, een zeer groote verwerringe;

121 Om dit te doen, zullen wij ons niet zeer bekommeren met die verbeeldingen;

124 toestaan, dat zij een zeer kleene en geringe kennisse van God hebb[en];

200 aangezien zij zeer verre van onse dadelijke wezentheid;

227 en steld niet alleen den bezitter in een zeer goede stant;

230 Al het welke wij zeer licht zullen konnen doen;

258 Doch als een voortreffelijke zaake hebben wij nopende de passien hier aan te merken >Wat wij hier als een zeer aanmerkelijke zaak in de passien hebben aan te merke.],,.. Maar geheel anders is't geleegen met die de welke kwaad en van ons te verwerpen zijn; aangezien wij zonder de selve niet alleen zeer wel konnen zijn, maar ook dan eerst reght zijn die wij behooren te zijn, als wij ons van de zelve hebben vrij gemaakt;

278 gelijk in de verhandeling van de zaak waaraf wij spreeken niet weinig en gebeurt >'t Welk in deze zaak zeer dikwils gebeurt.];

283 wij ons inbeelden dat het voorwerp (schoon wij zeer weinig van het selve gewaar worden) zulks nochtans van zig zelfs in't geheel bevestigt of ontkent. Hebbende dit meest plaats in zwakke ziele, die door een ligte werkinge van het voorwerp in haar een wijze of Idea ontfangen zeer lichtelijk ;

294 op ons zelven aangemerkt zijnde en zoo niet van God afhangig, zeer wijnig is't of niet dat wij souden konnen verrigten en met recht daar uijt oorzaak neemen om ons zelfs te bedroeven;

303 gelijk wij (hebbende nu een maate van waarheid en valsheid) seer ligtelijk konnen doen;

382 >Met een zeer ardie en eige gelijkenisse verklaard.];

383 een zaake in alle dingen zeer natuurlijk;

386 de menschelijke vrijheid, een zaake van zeer groot gewigt en van de onsterfelijkheid;

398 Uijt al dit geseijde kan nu zeer licht begreepen worden welke daar zij;

400 want zeer wel is u bekend hoe dat een zaake niet daarom en laat waarheid te zijn om dat zij niet van veele en is aangenomen;

415 Aan alle wezen van zelfstandigheid behoord van natuur de wezentlijkheid ook zo zeer dat het onmogelijk is in eenig oneijndig verstand te konnen stellen de Idea van het wezen eenens zelfstandigheid de welke niet en zij wezentlijk in de Natuur;

419 zulks zij een eigenschap van die eigenschap die wij denking noemen zonder dat tot sijn wezen eenig ander ding als deze wijzing behoort: en dat zo zeer dat zo deze wijzing te niet gaat, de ziel ook vernietigt word alschoon dat de voorgaande eigenschap onveranderlijk blijft;

434 Wij zullen dan hier voor onderstellen als een zake die bewezen is, dat in de uijtgebreidheid geen andere wijzinge is als beweging en stilte en dat ieder bezonder lichaamelijk ding niets anders is als een zeekere proportie van beweginge en stilte;

ook soo zeer dat bij aldien in de uijtgebreijdheid niet anders was als alleen beweging of alleen stilte, soo en zoude in de geheele uijtgebreidheid niet konnen aangewezen worden of zijn eenig bezonder ding. Alsoo dat dan het menschelijk lichaam niet anders is als een seekere proportie van beweginge en stilte;

ZEGENEN: gezegende;

*zegen* 359xB (109x gezegend*): Wederom vraagde Hem de hogepriester, en zeide tot Hem: Zijt Gij de Christus, de Zoon des gezegenden Gods? Mc.14:61;

fortunat* benedict* ~E;

418 alzo dat buijten de zelve [sc.natuur] geen wezen of zijn meer en is en zij alzo naaupuntig overeenkomt met het wezen van de alleen heerlijke en gezegende God;

*ZEGGEN 112x+26n; *aanzeggen; *gezeg; *toezeggen; geseid 2x+8n; geseijd 2x; geseijt m; gezegd 5x; gezeght 2m; gezegt 2x; gezeid 69x; gezeid m; gezeid m; gezeide 4m; gezeide 6x; gezeijd 12x; gezeijt 17x; gezeijt 2m; gezeit 2m; seg +3n; seg 2m; gesegt; seggen 3m; seggen 7x; segt; zeg 24x; zegd 2x; zegge 3x; zeggen 5m; zeght; zegt 2m; zegt 6x; zeid 2x; zeide 2x; zeijd; zeijden 2x; zeit 2x;

ZEKER 7x+7m; seeker 4x; seker; voorzeker; zeeker 16x+3n; zeekere 6x; zekere 4x; *verzekeren;

ZELF +2n; selfs 2x+2m; selve 14x+3n; zelfde 4x+3n+m; zelfs 108x+14n+5m; zelvde 2x; zelve 121x+25n+16m; zelven 9x; zelver 2x; zelvs 3x;

*ZELFSTANDIG 7x; zelfstandigs 2x; zelfstandigheid 42x+24n; selfstandigheden 6x; selvstandigheid +8n; zelfstandigheeden 15x;

ZES: ses m; zesden 2x;

093 6. Ten zesden. God is alleen de eerste ofte Beginnend[e oorzaak];

219 >..uijtwerkinge van't gelove doet in deze ses, namelijk:] van de achting en versmadin;

299 Ten zesden : eijndelijk zo brengt ons deze kenniss;

ZETTEN 2n; zetregel; tezamenzetten 5x; gezet 3x;

Ick ben die Godt, uwes vaders Godt; en vreest niet van af te trecken nae Egypten, want ick sal u aldaer tot een groot volck setten, Gen.46,3;

compon* 32xE; compos* 17xE;

012 die men van twee naturen zoud t'zamen zetten als een dier dat een Vogel en een paard;

016 van geen verscheide bepaalde deelen kan tezamengezet worden: datter geen twee oneijndelijke;

041 Want hoe aan een wezen 't welk eenige wezentheijd heeft, moeten eijgenschappen gezet worden en zo veel wezentheijd als men het meer toeschrijft, zo veel eijgenschappen moetmen het ook meer toeschrijven;

046 Ten 2. een zaake te zaamen gezet van verscheide deelen, moet zodanig zijn, dat de delen deszelfs in het bezonder genomen de een zonder de ander kan bevat en verstaan worden. Als bij Exempel in een uurwerk, dat van veele verscheide raderen en touwen en anders is te zaamen gezet: daar in kan zeg ik, een ijder rad, touw, etc. bezonder bevat en verstaan worden zonder dat het geheel zo als 't samengezet is daar toe van nooden is;

274 Want dewijl de Idea niet en is in de Wille, maar in 't Verstandt en volgens dezen zet regul dat de wijze van de eene zelfstandigheid niet en kan overgaan in de ander zelfstandigheid;

ZEVEN: zevende;

ZICH 35x+2n+3m; sich 2x; sig 2x; zig 90x+11n; zigh 3x; zigzelfs;

ZIEK (ill);

172 gelijk gezien word in een zieke die alleen door hooren zeggen van den D[okter];

*ZIEL 30x+25n+8m; ziele 43x+9m.

ZIEN 58x+7n+4m: sien; gezien 14x+n+4m; siet 8m; zie 7x+n+m; ziet 11x; ziet 9m; * aanzien; * voorzien; bezien 4x;

ZIFTEN;

ZIJ 224x+30n+16m; haar 45x+36n+25m; hare 9x+n+m; hen 2x; hun 14x+n; se +2m; sij 2x+2n+2m; ze 45x+26n+12m;

ZIJDE (direction) 5x;

directione 1xE; inclinatio* ~E;

312 nu sijn beweginge hebbende na de eene zijde, nogtans na de andere zijde komt te [wijken];

315 na de eene, nu nochtans na de ander zijde haar bewegen;

332 dat de geesten die haar na de eene zijde zouden bewegen, haar nochtans nu na de ander zijde bewegen; waarom dan zij dan ook niet;

ZIJN 585x+99n+58m; ben 3x+3n; geweest 18x+5n; is 980x+180n+119m; sijn 35x+16m; sijne 26x; sijnen; sijns 3x+9n; waren 5n; was 32x+11n+m; zijnde 55x+12n+7m; zijne 16x+16m; zijns 2x; zijt m;

ZIN (sense); +n; anderzins; dubbelzinnigheid; enigzins; geenzins; zinnelijkheeden;

sensu* 11xE;

334 want de Idea's in God en ontstaan niet gelijk in ons, uijt een of meer van de zinnen die daarom ook niet als onvolmaaktelijk van haar meest altijd aangedaan worden, maar uijt de wezentlijkheid en 't wezen na al wat ze zijn;

383 En aangezien wij ondervinden dat wij zoekende de zinnelijkheeden, wellusten en wereldsche dingen;

ZO 396x+69n+23m; so 11x+5n+5m; soo 28x+2m; zoo 82x+13n+8m;

ZODANIG 33x+6n+2m; sodanig 5x+2n; sooda(a)nig 9x; zodaanig +m; zodanige 6x; zoodanig 19x+n; zoodanigen;

ZODAT 6x; soodat; zo dat;

Het geschiedde,.. dat de Schencker,.. ende de Backer sondigden tegen haren heere, tegen den Coninck van Egypten. So dat Pharao seer toornich wert op sijne twee hovelingen, Gen.40:2;

ut 700xE;

034 et sic in infinitum, zodat, Indien wij noodzaaklijk ergens moeten;

148 haar zelve konnen eeuwig maaken. zodat alles't geene hij van denken heeft;

187 Zodat dan het laatste eijnde dat wij zoeken;

265 zouden konnen verklaart werden, zodat dan volgt, dat de waarheid en zig zelfs;

292 Zodat als wij zeggen dat de Begeerte vrij is;

314 Zodat alle de veranderinge die in deze wijze;

*ZODOENDE 2x.

ZOEKEN 9x+3m; gesogt 2x; zoeke +2m; zoekende; zoekt 4x; * onderzoeken; verzoeken +2m;

ZONDE (sinn) 4x;

so sal hy [tot] sijn offer voor de schult, die hy gesondicht heeft, den Heere twee tortelduyven,.. brengen, eene ten sond-offer, ende eene ten brand-offer, Lev.5:7; Dat dan de sonde niet en heersche in uw sterflijck lichaem, om haer te gehoorsaemen in de begeerlickheden des selven, Rom.6:12;

pecca* 14xE: Cum itaque aliquid in natura fieri vident quod cum concepto exemplari quod rei ejusmodi habent, minus convenit, ipsam naturam tum defecisse vel peccavisse remque illam imperfectam reliquisse credunt 4praef;

114 en ook, waarom hij [=God] den mensch niet heeft geschapen dat hij niet en konde zondigen;

118 Wat het andere aangaat van waarom dat God de mensehen niet en heeft geschapen dat ze niet en zondigen, daarop dient, dat alles watter van de zonde ook gezeid word, zulks alleen maar gezeid word in opzigt van ons te weeten, als wanneer wij twee dingen met den anderen off onder verscheide opzigten vergelijken;

347 Want wie en ziet niet hoe gevoeglijk wij onder de waan de zonde, onder het gelove de wet die de sonde aanwijst en onder de waare kennisse de genade die ons van de zonde vrij maakt, konnen verstaan;

ZONDER 74x+20n+10m: sonder 5x+n+8m;

ZONDIGEN 2x;

ZOON (son): Zone 2x+n;

fili* ~E;

The term Zone is an Anabaptist notion for the second person of tho Holy Trinity: cf. Vondel Antidotvm. Tegen het vergift der Geestdryvers. Tot verdedigingh van't beschreven woord Gods (1626) v.80sqq. "Want wie ontkent Gods woord te syn de sone Gods, Die 'sVaders wil verklaert, en uyt syn schoot komt dalen, En leert hoe God door hem laet syn genade stralen Op 'tmenschelyck geslacht. maer daerom niet te min En laet het heyligh boeck, of liever Godes sin Door letters uytgedruckt, niet nae Gods woord te wesen."

135 -136 Wat dan bezonderlijk aangaat de Beweginge (...) maar alleenlijk zeggen wij er dit af, dat ze is een Zone, maaksel, of uijtwerksel onmiddelijk van God geschapen,.. Het angaande het Verstaan in de denkende zaak, deze zowel als het eerste is meede een Zone, maaksel, of onmiddelijk schepzel van God;

351n en hierdoor word met een verklaart het geene wij in het eerste deel hebben gezeid van dat het oneijndelijk verstand van alle eeuwigheid in de Natuur zijn moet en dat wij de zone Gods noemden. Want aangezien dat God van eewigheid geweest is, zo moet ook zijn Idea in de denkende zaak, dat is in zich zelfs zijn, welke Idea voorwerpelijk overeenkomt met hem zelfs;

ZORG (care): *voorzorgen; sorge; verzorgen; zorge;

cur* 9xE:

236 Jalousie is een sorge die men heeft, om iets dat nu verkregen;

365 als voor de winter zekere voorraad te verzorgen, de mensch nogtans boven hen zijnde;

400 ik U ten hoogsten gebeeden hebben wel zorge te draagen omtrent het gemeen maaken van deze dingen aan anderen;

ZOT (fool): sotheid m ~sot; zottelijk +m;

Ick keerde my om, ende mijn herte, om te weten, ende om nae te speuren, ende te soecken wijsheyt, ende een sluyt-reden: ende om te weten de godtloosheyt der sotheyt, ende de dwaesheyt der onsinnicheden, Pred.7:2; ô Heere maeckt doch Achitophels raet tot sotheyt, 2Sam.15:31;

stult* 6xE;

217 Want't is zottelijk een verlooren goedt door een zelfs begeerende en opkweekend kwaad te willen herstellen en verbeteren >En 't is zottelijk een verloren goet door een opkweekende kwaad te herstellen.];

265 dat het een groote dwaasheid zoude zijn te vraagen hoe men van haar bewust zoude wezen >Dat het sotheid is te vragen hoe men weet dat men weet.];

ZOVEEL 4x;

ZOWEL (as well) 3x;

085 Z volmaaktheid, zo moet het alzo wel als alle andere dingen die onmiddelijk;

136 het Verstaan in de denkende zaak, deze zowel als het eerste is meede een Zone;

428 eijgenschappen de welke mede zo wel als de uitgebreidheid een ziele hebben;

ZUIVER (pure): suijvere;

pur* ~E;

268 dat het Verstaan (schoon het woord anders luijd) is een suijvere of pure Lijding;

ZULK 9x+3n; sulk 4x; sulks 2x+m; sulkx; zulke 7x; zulker; zulks 24x+8n+m;

ZULLEN 91x+n+4m; sal 6m; soude 11x; souden 3x; sullen; zal 59x+8n+5m; zoud 2x; zoude 124x+10m; zouden 26x+2m; zout; zouw; zullende 2x; zult 6x+n;

ZWAAR: swa(a)righeid (objection) 2x; swaarmoedigheden (melancholy) m;

Mijne vreuchde is verandert in droefheyt, ende weeklage, door de swaerheyt mijner elende, Job 30, kantt. 72;

objectio* 6xE;

316 en omdat ook deze geesten door oorzaak van het lichaam beweegt en alzoo bepaald konnen worden, zoo kan het dikwijls gebeuren dat zij door oorzaak van het lichaam haare beweeginge na de eene plaats hebbende en weederom door de oorzaak van de ziele na een ander plaats, alzo in ons te weeg brengen en veroorzaken die zoodanige benaauwtheden, als wij te mets in ons gewaar worden wanneer wij de reeden daar af als wij die hebben, niet en weten >En hier uijt ontstaan die benaauwtheeden swaarmoedigheden, etc. die wij zonder de oorzaak te weten in ons gewaar worden.];

328 Aangaande dan 't geene wij in het voorige Cap. gezeit hebben, zouden deze volgende swarigheden konnen tegengeworpen worden: >Tegenwerpinge op 't voorgaande.];

333 Hier is dan geen swarigheid hoe deze eene wijs die oneindig verschilt van de ander, in de ander werkt;

408 Eijndelijk zo u in het doorleezen dezes eenige swaarigheid tegen 't geene ik voor vast stelle moght ontmoeten, zoo verzoek ik dat gij U daarom aanstonds niet en verhaast om het zelve te wederleggen;

ZWAK (weak): swak; swakheid 2x; swakste; verzwakken (weaken); verzwakking; zwakke;

De vernietinge des voorgaenden gebodts geschiet om des selven swackheyts ende onprofijtelickheyts wille: Want de Wet en heeft geen dingh volmaeckt, maer de aenleydinge van een beter hope, door welcke wy tot Godt genaken, Hebr.7,18;

infirmi* ~E; imbecillitas 7xE;

195 Noodzaakelijk dan ist niet van de zelve [= drie soorten voorwerpen] verlost te zijn omdat wij vermids de swakheid onses natuurs, zonder iets te genieten waar mede wij vereenigt worden en versterkt, niet en zouden konnen bestaan;

196 Wat de vergankelijke aangaat (de wijle wij als gezeid is, om de swakheid onser natuur noodzakelijk iet moeten beminnen en daar mede vereenigen om te bestaan);

197 aangezien zij zelve swak zijn en d'eene kreupele d'ander niet kan draagen;

214 altijd uijt is op verwoesting, verzwakking en vernietiging, het welke de;

283 Hebbende dit meest plaats in zwakke ziele, die door een ligte werkin[ge];

317 dezelve missende, noodzaakelijk zo veel verzwakt zijn.

362 Als daar is dat het swakste voor het sterkste moet wijken.

ZWANG (fashion): swang m; ~B;

mor* 6xE;

379 Niet alzoo als gemeenlijk gezegt word >Niet door zoo een verkeerde meeninge en die onder de beste van de menschen in swang gaat.], dat namelijk dezelve alvooren moeten bedwongen worden, eer wij tot kennisse en gevolglijk de liefde van God konnen geraaken;

ZWARIGHEID 2x; swarigheid n;