ACHTEN (judge) 11x;
achte;
acht 7x.;
geagt;
geacht;
geoordeeld;
ordeeld;
ordeelen 2x;
vooroordeel;
oordeel;
'Achten' and 'oordelen' are used synonymously for any judgement basing on known facts or conclusions.
055 en met dit gezeijde agten wij alles genoegzaam beantwoord;
098 zommige voor laster en verkleininge Gods achten;
102 en zo is men dan genoodzaakt te achten, dat God nu anders gesteld is als doen;
115 dingen bekend zijn om daar van te konnen oordeelen;
129 aangezien wij vrij zijn en geenzins en achte verbonden aan haare stellingen te zijn;
160 Want wij t'eenemaal onmogelijk achten dat, zo iemand op de voorgaande gronden;
189 Deze [sc.verwondering] dan, dewijl die off uijt onwetenheid of vooroordeel komt te ontstaan, is een onvolmaaktheid;
197 met het voorwerp dat ons verstand oordeeld heerlijk en goet te zijn;
207 want dat achten wij dat wezen kan ... zo achten wij dat het klaar is dat sulke dingen;
232 als wij de mogelijk komende saake oordelen kwaad te zijn, daar uijt komt de gestal[te];
248 dat zijn doen bij andere geagt en geprezen word zonder opzigt van;
253 Ik weet wel dat meest alle menschen oordeelen deze togten goet te zijn;
329 en .. het oordeel als het welk zij aanstonts daarop komt [te maken];
343 iets't geen wij voor goet oordelen .
358 So dat wij nu hier niet nodig achten iets te zeggen van andere dingen ... Tot hier toe dan achten wij genoegzaam getoond te hebben;
369 en zo achten wij het dan onmogelijk dat God;
370 soude geschieden, achten wij te zijn onnoodzakelijk;
382 met reden voor een groote ongerijmtheid achten 't geene veele en die men anders voor groote godgeleerde acht;
432 en hiermede achten wij dan genoegzaam verklaart wat;