KOMEN

KOMEN (come) 58x+10n+6m;

komende 4x;

komt 59x+20m;

gekomen 4x;

gekoomen;

koomen;

kwaamen;

kwam +n+m;

aangekomen;

aankomt,

aankomende n;

overkomen;

overkomt;

toekomen;

toekomende 2x;

hervoorkomen;

herkomen +m;

herkoomen;

hergekomen n;

herkomt m;

hervoorkomen;

hervoorkomt 2x;

hervoortkomt 3x;

hervoort+kom* 7x+n+m;

voortkomen;

overeenkomen;

bekomen 8x+m;

bekomt 2x;

uijtkomst; 24xB: Gedenkt uwer voorgangeren, die u het Woord Gods gesproken hebben; en volgt hun geloof na, aanschouwende de uitkomst hunner wandeling. Hebr.13:7; Die God is ons een God van volkomene Zaligheid; en bij den HEERE, den Heere, zijn uitkomsten tegen den dood. Ps.68:20; Wanneer uw vreze komt gelijk een verwoesting, en uw verderf aankomt als een wervelwind; wanneer u benauwdheid en angst overkomt, Spr.1:27; Van waer sullen wy soo vele brooden,.. bekomen, dat wy sulck een groote schare souden verzadigen? Matth.15:33; Alsoo hebben haer erfdeel bekomen de kinderen Josephs enz., Jos.16:4;

018 Alle verderf is van buyten aankomende;

153 of ook ten anderen wij bekomen die door een waar geloof;

170 of trek van't geene men ontbreekt te bekomen;

184 Voorder om dat het eijnd van Adam of van eenig ander bijzonder schepzel ons niet bewust is als door de uijtkomst;

188 is na de voorwerpen die haar voorkomen, ook verscheiden;

196 Want door de zelve en bekomen wij geen versterking onser natuur,];

217 middelen van het verloorne weder te bekomen, zo het in onse macht is;

230 die wij konnen hebben van een zaake die toekomende is, het zij die goet het zij die kwaad [zij];

232 Zo wij een zaake die toekomende is begrijpen goet te zijn en dat ze zou [komen];

268 die een geheel ander gevoel van de gestalte of hoedanigheid van het voorwerp bekomt als een ander die zo veel oorzaaken niet gehad heeft;

277 Zoo komt het nu dan daarop aan, of deze Bevestiging van ons vrijwillig [geschiet];

285 en de Begeerte [is] die neijginge die men eerst daarna om dat te bevorderen bekomt;

288 maar alleen een neiginge om iets te bekomen onder scheijn van goet;

326 zoude zulks zoo ze voorkwam, konnen veroorzaaken;

331 n De droevheid in den mensch word veroorzaakt uijt een waan begrip van dat hem iets kwaads overkomt;

342 dewijle dan all het geen dat wij in ons bevinden meer magt op ons heeft als het geen dat ons van buijten aankomt, so volgt wel datt de reeden oorzaak kan zijn van vernietinge van die opinien (...) omdat ons de reeden niet van buijten aangekomen is.

345 is altijd meerder als die wij bekomen uijt gevolge van een tweede zaak;

365 eijnde, namelijk voor hem den honigh te bekomen;

383 ons heijl in dezelve niet en bekomen;

011 ons eenmaal eerst van de zaake zelfs is hergekomen, en so in abstracto algemeen;

310 uijt de welke wij dan alle de uijtwerkingen die daar af herkomen, vinden >Eerst de uijtgebreijdheids werkinge die maar bestaat in beweginge en ruste uijt de welke alle de uijtwerkingen herkomen...];

345 omdat wij daar onder geenzins wilden betrekken de begeerten die uijt de redenering voortkomt >... daar door uijtsluijtende de begeerte om datze niet gelijk de liefde, uijt ware kennisse maar uijt redenering herkomt.];

056 [no]otzaakelijk van een uijtterlijke oorzaak herkoomen.

159 namelijk uijt de eerste hervoorkomt alle de lijdinge;

250 een Eere die uijt de liefde sijns zelfs hervoorkomt zonder enige opzigt op zijn even mensch;

098 Dog dit zeggen komt hervoort, omdat niet regt begreepen wort;

127 hun zelfs niet konnen verstaan, het welk hervoort gekomen is uijt haare dolinge;

203 en de waare liefde komt altijd hervoort uijt kennisse van dat de saake heerlijk;

209 Zo de haat uijt de waan hervoort komt, zo mag die in ons geen plaats heb;

211 Van de haat dan komt hervoort droefheid;

232 Uijt deze begrippen dan komen hervoort alle deze tochten aldus >Hoe nu alle dese passien uijt de begrippen voortkomen.];

319 daar uijt komt hervoort dat de ziele het zoo bemind;

337 hier uijt komt hervoort dat de menschen gevoelen(idea reflexiva;

362 volgens welke alle dingen hervoort komen en duuren;

319 alle werkingen van het lichaam moeten hervoortkomen uijt beweeginge en ruste;

061 en uijt de uwe weeder de mijne hervoortkomt;

153 welk geloof hervoortkomt of door ondervindi