ALZO 25x: also 10x+4n+m; alsoo 9x; alzoo 13x+4n+m; 80x alzo dat (=zodat); 005; 007; 036; 068; 070; 072; 073; 085; 087; 095; 096; 099; 099; 099; 102; 154; 156; 163; 163; 167; 167; 178; 208; 234; 250; 256; 280; 285; 292; 300; 305; 311; 315; 316; 316; 353; 357; 357; 379; 380; 382; 397; 418; 418;
849xB: zeide alzo, was alzo;
ita 86xE; itaque 71xE;
007 alzo wijnig heeft het ook magt om;
036 en dat alzo de Natuur bestaat van oneijndelijke;
068 en alzo keer ik mij andermaal tot de Reeden;
070 alzo ik ook dan besluijt door uw eijgen bewi[jzen];
072 van of door sijn deelen en alzo is't dat gij de denkende zaak;
073 alle uwe vrunden te zamen roept en alzo 't gene gij niet vermogt hebt met uwe;
085 zo moet het alzo wel als alle andere dingen;
087 en alzo word ook tot de beweeging van een ligha[am];
095 verstaan werden als hij die verstaat, alsoo konnen van hem alle dingen so volmaakte;
096 van God gedaan woort, also bij hem noodzaakelijk moet voorbepaalt;
099 Dog zodanig argumenteeren sluijt alzo wel, als of ik zeide;
099 omdat de rechtvaardigheid het also vereischt;
102 doe anders gesteld was als nu; also dat indien wij stellen;
154 als de blinde van de verwe en heeft alzo alles wat hij daarvan ook zoude;
156 in deze getallen het alzo en niet anders heeft konnen zijn;
163 alzoo dat als zij eens een ander dier hoorden;
163 zoud alzo wel verwonderd staan als Aristoteles;
167 Van liefde uijt ware begrippen: alsoo 't de plaats om daarvan te spreeken;
167 word hier niet gehandeld, also die niet uijt waan komt;
178 God liefhebben en ons alsoo verstandelijk doet gewaar worden;
208 en also tusschen goet en kwaad geen midde is;
234 en alzo gezeid wat een ieder deszelfs is;
256 Zij geevt ons haar onvolmaaktheid also te kennen, dat wij haar maar beschouwen;
280 alzo dat wij het nooijt en zijn, die van de;
285 also dat ook na haar eigen zeggen, de Wille;
292 alzoo is ook in hem niet anders als deze;
300 en ons zelven alsoo hem geheel opofferen;
305 en alzoo 't zelve gewaar worden;
311 Gelijk ook alzo de bewegende steen niet en zal komen te;
315 de bepalinge van beweeginge die wij alsoo werwaart wij willen, vermogen hebben;
316 alzo in ons te weeg brengen en veroorzaken;
316 door oorzaak van het lichaam beweegt en alzoo bepaald konnen worden, zoo kan;
353 en alzo ook onvergelijkelijk meerder;
357 Niet door haar zelve want alzo wijnig als zij door haar zelve heeft konnen beginnen te zijn doen zij niet en was, alzo wijnig kan zij ook nu zij zo is;
379 Niet alzoo als gemeenlijk gezegt word;
380 Maar alzoo dat alleen de kennisse oorzaak is van;
382 Dit is alzo onnozel als of een vis woude zeggen;
397 maakende alzoo daar door dat zijn wil en de mijne;
418 alzo dat buijten de zelve geen wezen of zijn;
418 en zij alzo naaupuntig overeenkomt met het wezen;