verstand voort te brengen als alleen de eigenschappen Gods; want om te zijn een wezen van zo een uijtsteekende volmaaktheid
brengen . Want van de nootzaakelijke dingen die vereijscht worden om de zaaken te doen zijn , zijn eenige omdat zij de zaak zouden voortbrengen
beweeging moet hebben die van hem over gaat tot het ander . Maar om in ons een denkbeeld van [f . 30 ] God voort te brengen en word
dingen niet en zouden zijn of in het wezen konnen gekomen hebben om te zijn het geene die nu zijn . Het welke even veel is als of men
en zo zijn dan deze ook alleen maar ons eigen werk en zij dienen om de zaaken onderscheidelijk te verstaan; onder welke wij begrijpen
heid of van de zelfstandige denking; niet van de uijtgebreidheid om etc . ergo dan van de denking . 3 . De zelfstandige denking dewijl
verschillen , zoo en konnen die echter niet doolen . Doch om [f . 65 ] dit alles wat duijdelijker te verstaan , zo zullen wij
uijten alle valsheijd en bedrog van het opperste goedt boodschapt om ons daar door aan te porren het zelve te zoeken en daar mede te vereenigen
opperste heijl is en gelukzaligheid . So resteert nu nogh om van dit werk een eijnde te maaken kortelijk aan te wijzen welke daar
geen zaak op zich zelfs zijnde aangemerkt , heeft in zich oorzaak om zich te konnen vernietigen als zij is , of te konnen maken als zij
n uijtvinden een bezonderlijker beschrijving en die meer eigen is om ' t wezen van onze zielen uijt te drukken , want dit is ons eigentlijke