13. 2.4.13 Van de Republik te Ragouza.

Nu dunkt my der pijne waardig te zijn, ook te spreeken in het particulier, van Ragouza; want het gebied, en Stad, is klein, het aardrijk zeer onvrugtbaar, zonder eenige Rivier; de situatie onder zeer ongemakkelike kale Bergen, en veel magtige naabuuren, en nogtans heeft die Republik zig geduurende eenige 100 jaaren, niet jegenstaande d'ondergang aller [422] groote omleggende Monarchen, die door den Groote Turk verslonden zyn, niet alleen weten te conserveren; maar haare Ingezetenen ook in vrede konnen beschermen, en rijk en weelig maken; sulks gemelde goede vrugten aan geene andere naturelike oorsaken, als aan de goede regeeringe konnende werden toegeschreeven, het zeer dienstig zal weesen, daar ietwes van te zeggen, uit de Boeken van Sansovino, en Monsieur des Hayes.

De Republik van Ragouza gebied oover de Dalmatise Kust, van Cap Cumeno, tot Castelnuovo, omtrent 4 mijlen diep in't Land: als meede oover deese vijf Eylanden, Agosta, Melada, Iupana, Calamita, ....

De Stad Ragouza leggende in de langte, is nogtans niet meer als 2000 treeden in't omgaan groot, en vermits het lande-waarts teegen een rotse, die oover de stad commandeert, en aan de andere zyde tegen de Zee aan legt; kan het niet grooter gemaakt werden. En alsoo de Koopmanschap en Vreede, daar langen tijd heeft gebloeid; is het zeer naaw met hooge Huisen veele verdiepingen hebbende betimmerd, en zyn die vol van Inwoonders; sulks de selven genoodsaakt werden, sig te verspreiden oover alle de omleggende Landen, om aldaar voor een tijd door Koopmanschappen, en arbeiden, goede winsten gedaan hebbende, deselven daar naa in haar vry en soet Vaderland te mogen verteeren; Even gelijk als het nu gestelt is met de Hollanders, die ergens onder Monarchen, ofte in Indiën, die door de geoctroyeerde en Heerschende Compagnien genoegsaam in de persoon van haar Generaals met een Monarchale strengheid [423] regeeren, eenige groote winsten gedaan hebbende, altijds geneegen zijn, naar haar Vaderland te keeren, en onder deese vrye, sagte regeering, ten respecte van die absolute Monarchale, haar leeven te eindigen. Daar ter contrarie de Spanjaarden, Portugeesen, Engelsen, en Francoisen meestendeels liever haar leeven in de Indiën, als in haar Monarchaal Vaderland, eindigen.

De Stad Ragouza, is met wallen, en breede vierkante toorens, van binnen met aarde gevult weesende, omringt. Maer het onwinbaare Kasteel, op een hooge Rotse, by naa van de Zee omarmd, leggende; kan de Stad Ragouza, en zijn' kleine Haven, dwingen.

Niemant, als een Eedelman van Ragouza, heeft deel aan de Regeering; en die met een oneedele Vrouw troud, verliest zijn Adel: waar door zy tot 24 geslagten zijn vervallen. Alle Eedelluiden 20 jaren oud, zijn Leeden van den Grooten Raad. En zoodanige waaren hier in het jaar 1629. drie hondert en zeventien. In alle Collegien en Raaden, werd met balletjens gestemd, en tot alle Ampten en Digniteiten, werden drie eerst genomineerd, en daar naa een uitgekooren, gelijk als te Veneetien.

De Rector van de Republik dient een maant, en mag met sijn elf Raden uit verscheide geslagten in alle Collegien verschijnen, om aldaar neevens de andere Leeden der gemelde Collegien te stemmen. Deese twaalf werden genaamd de [424] Kleinen Raad, die dageliks vergaaderen, om Requesten, Remonstrantien, Ambassadeurs, en Brieven, 't zy van Inwoonders, 't zy van vremden, te hooren, en daar op te delibereeren, maar niet te besluiten: dus dienen zy twaalf maanden, en gaan te gelijk af, zonder binnen twee jaaren weederom kiesbaar te zijn. 't Welk gemeen is in alle Collegien, behalven de Senaat, ofte Pregadi, die gecontinueerd mogen werden. Dit Senaat van agt-en-veertig, met de twaalf van den kleinen Raad t'sestig Leeden uitmaakende, mag resolveeren op alle 't gunt de Kleine Raad voorstelt. Daar-en-boven oordeelt het in 't Civil, by appel van alle zaaken 300 Ducaaten, ofte meer bedraagende; als meede in 't Crimineel over alle Eedelluiden. En 35 Leeden sterk zijnde, mogen zy alles besluiten met de meeste stemmen, ten zy daar belet komt: Want onder deese 60 zijn altijd vijf mannen oud 50 jaaren, uit verscheide geslagten, die in alle Collegien mogen verschijnen, en alle resolutien ophouden, om die zaaken te brengen voor den Grooten Raad.

In't Civil zijn zes Regters van verscheide geslagten, die ter eerster instantie alle processen oordeelen. Maar van alle vonissen beneden 300 Rijksdaalders, anders gezegt Ducaaten, mag werden geappelleerd aan een Collegie van dertig Regters. En booven 300 Ducaten, als hier vooren gemeld, mag werden geappelleerd aan het Senaat ofte Raad van 60, en deese ses Regters een [425] jaar gedient hebbende, zijn in de twee volgende niet kiesbaar. En het loon deeser Regters is drie Ducaaten in 't jaar.

In 't Crimineel zijn vijf Regters, die ook een jaar dienen, en in twee niet kiesbaer zijn; maar het Senaat mag alle Crimineele Zaaken deese Regters onttrekken.

De 3 Directeurs der Wolneeringe, zijn ook voor een jaar Regters, oover alle verschillen daar uit ontstaande.

De 4 Collecteurs innen het inkomen der Republike, en tellen, op assignatien des kleinen Raads, aan de twee onder-Ontfangers, 't gunt die van nooden hebben, om de ordinari onkosten der Republik te betaalen; en 't gunt ooverschiet, moeten zy brengen in de gemeene schatkist: van welke schatkist 5 rijke aanzienelike persoonen (die ook alle gelden der Wees-kinderen bewaaren,) de sleutelen hebben; en alle deeze zijn vijf jaaren in die bedieninge.

Maar alle het jareliks inkomen der Republike kan naweliks 300000 guldens uitmaaken, komende wel het meesten van den Wijn-Impost.

Ook werden gekooren ... Artelery-Meesters, en Opzienders der Kooren-Schuuren.

Daar-en-booven werden alle twee maanden gekooren zes nacht-Capitainen, waar van drie dageliks de poorten sluiten, en tot mid'ernacht bewaaken, met Borgers, en eenige uit 100 Hongerse Soldaaten; dan komen de drie andere Capi[426]tainen voort haar meede-Broeders verlossen, in der selven plaatse waaken, en des uchtens de Poorten oopenen.

Maar de Guarde deezer 100 Hongaren, werd meest van de Magistraat gebruikt, om de beveelen van Justitie en Politie te doen gehoorsaamen.

Voor het sluiten der Poorten, gaan, volgens, de rolle, twee Eedelluiden beneden veertig jaaren oud, dageliks bewaaken, de een het Kasteel Sint Laurens, d'ander het niewe Fort, en blijven aldaar, tot dat sy des anderen daags 's avonts werden verlost.

Alle andere Capitainen en Conti, die buiten Stad op 't Land de Militie en Politie bedienen, werden ook alle gekooren door den Grooten Raad, eenige voor 7, zommige voor 12 Maanden.

Die van Ragouza zijn van de Roomse Religie, en hebben een Bisschop, dat een vremdeling moet zijn; daar-en-boven hebben zy twee Kerken, een voor de Mannen, waer in niet dan Predikers, gehuurt jaareliks door de Republik, mogen Preeken. De andere Kerk is alleen voor de Vrouwluiden; waar in Predikers haar leven lang gedurende mogen Prediken, alsoo de Regeerders niet vreesen dat deese Predikers, door haare geduursaamheid al te veel magts by hare Toehoorders krijgende, daar door oproer souden konnen verwekken, vermits deese Vrouwen, volgens de gewoonte deeser Landen binnens huis blijvende, tot een [427] oproer te verwekken allesins onbequaam zijn. En vermits het contrarie is by den Mannen, soo begeert deese Republik niet, dat in der Mannen Kerke, eenige geduurige Predikers, Prediken.

Daar-en-boven neemen de drie Kerkmeesters niet alleen 't gebouw der Kerken waar, maar zy zijn ook Meesters van alle de heilige Reliquien, en Kerkelike ornamenten.

De Officien geeven hier genoegsaam niet, als wat eers voor de moeite, waarom op hooge straffen is geboden, geen te moogen weigeren, en zijn veel Regeerders hier ook Koopluiden.

Uit haar sober inkoomen, moeten zy jaareliks voor tribuit en bescherming, aan den Turksen Keisers geeven 14500 Zekini, of goude Ducaaten; maar daar teegen hebben zy ook bedongen vryheid van Tol, voor alle goederen die zy naa de Levant voeren: Zulks dit eigentlik geen beswaaring, maar verligting, voor de Republik is geworden.

Dus ziet men dat het regt van Patenten, en betaling, is by den kleinen Raad; en dat de geen die daar maandeliks op zijn beurt presideerd, Rector en Hoofd van die Republik is: op welke fondamenten zy zig, tot nu toe, zeer wel in vryheid, en weelde hebben weeten te beschermen tegen den Turksen Keiser, Oostenrijk, en Veneetien.