Bron:

MANIFEST  

 

Manifest Platform N10

 

Van 9 tot en met 11 november 2004 zullen de EU-ministers met integratiebeleid in hun portefeuille in Groningen bijeen komen om een van de vijf speerpunten tijdens het EU-voorzitterschap van Nederland te bespreken. De Nederlandse regering stelt er zorg voor te willen dragen dat de Unie veiliger wordt, vrij van terrorisme en georganiseerde misdaad. In Groningen moeten de lijnen worden uitgezet voor een verdere uitwerking van de ontwikkeling van de zogenaamde “ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid”. Volgens de regering houdt de Groninger agenda in: “concrete stappen op weg naar een Europees asiel-, migratie- en integratiebeleid en aandacht voor de bestrijding van terrorisme en georganiseerde misdaad. Waarbij intensivering van de samenwerking van politie en justitie van de lidstaten voorop staat.”

De ministers zullen broeden op plannen om voor niet-westerse mensen nog meer hindernissen op te werpen om te voorkomen dat ze hier een veilig en menswaardig leven op kunnen bouwen. Gedwongen integratie, selectie en criminalisering als pijlers van een repressief EU-beleid tegen vluchtelingen en migranten zijn de politieke lijnen die voor de komende jaren in Groningen zullen worden uitgezet. Een beleid dat gericht is op het weren, uitsluiten, opsluiten en deporteren van ongewensten.

Platform N10 wil deze EU-top niet geruisloos voorbij laten gaan. Daarom zullen we kritiek uiten op en acties voeren tegen de behandeling van vluchtelingen en migranten door de EU in en buiten Europa. We zullen antwoorden aandragen voor de werkelijke problemen, want migreren of vluchten doe je niet zomaar.

Integratie

Ondanks het beleidsuitgangspunt dat alle nieuwkomers moeten integreren en zich aan de Nederlandse ‘normen en waarden’ dienen aan te passen, gaat het in de debatten vooral over mensen uit niet-westerse gebieden. Hierbinnen wordt ‘hun’ niet-westerse cultuur als centraal probleem gesteld. Het is algemeen goed geworden om niet-westerse culturen op racistische wijze als achterlijk en zelfs barbaars te bestempelen, en hele bevolkingsgroepen als crimineel, schuldig aan ghetto-vorming en armoede af te schilderen waarin een ieder een uitkeringstrekker is die een gevaar vormt voor ‘onze’ verzorgingsstaat. Deze praktijk dient echter ter versluiering en legitimering voor de verdere afbraak van de door strijd verworven rechten van de sociaal lagere klasse. Rechtsongelijkheid wereldwijd sowieso sterk aanwezig en gewelddadig in stand gehouden groeit steeds sterker. Nieuwe vijandsbeelden, meer racistische hetzes, verdergaande controle en repressie, toegenomen arbeidsdwang, wegbezuinigingen en uitsluiting van collectieve voorzieningen. Grensverleggend in dit proces van afbraak van rechten zijn het migratie- en vluchtelingenbeleid, en daarmee verbonden het integratiebeleid.

In Nederland zal naast de al bestaande inburgeringscursussen het integratiebeleid verder worden verscherpt door het opleggen van toelatingscursussen in het land van herkomst aan niet-westerse migranten. Het lanceren van het inmiddels gestrande plan voor het vervaardigen van individuele vignetten, van mensen die hier wonen, welke de mate van integratie aan de hand van criteria als productief, geassimileerd en trouw aan gezag zouden moeten meten. De na te streven doelstelling van de regering is duidelijk:  het selecteren van  ‘bruikbaren’ en ‘onbruikbaren.

Op Europees niveau stond al in de beleidspapieren van de Tamperetop in 1999  het vormen van een gedifferentieerd burgerschap centraal. Dit houdt in dat migranten, die legaal in een Europees land verblijven en werken pas na verloop van tijd mogelijk bepaalde rechten gaan verwerven gelijkend op de rechten die statushouders hebben. Wat de tijdspanne hiervoor is en welke rechten daadwerkelijk zullen worden toegekend blijft onduidelijk. De invulling hiervan zal vooralsnog voorbehouden blijven aan de individuele lidstaten. Op deze manier kan de EU wel profiteren van de arbeidsbijdragen van migranten, maar ondermijnt ze wederom met sterk afgeslankte sociale zekerheden het bestaan van deze groep mensen. Dit integratiebeleid is dan ook op gericht om restrictieve voorwaarden te scheppen voor migranten zodat ze alleen maar van nut zijn voor de economie. Dit krijgt niet alleen invulling via het onderwerpen van mensen aan ‘de Nederlandse cq Westerse cultuur’ of de Nederlandse cq Westerse ‘normen en waarden’, maar veel meer door de maatschappelijke acceptatie van steeds verder afgebroken sociale zekerheden.

 Vijandsbeelden

Na 11september 2001 is vanuit de hele westerse wereld “de oorlog verklaard” aan het terrorisme. Maar in plaats van te erkennen dat zij zelf de omstandigheden heeft geschapen waarin terrorisme kan ontstaan, gebruiken de westerse wereld deze “oorlog” als excuus voor repressie en afbraak van verworvenheden. De voedingsbodem voor terreur is de combinatie van de ongelijke verdeling van welvaart in de wereld, de uitbuiting van de zgn. Derde Wereld, Bezettingen (Palestina, Irak) en oorlog (Afghanistan, Irak, Tsjetsjenië). Het hermetisch afsluiten van de buitengrenzen van de EU voor zowel personen als producten wordt gepresenteerd als een maatregel tegen terreur, maar is eerder onderdeel van het probleem dan van de oplossing.

De “oorlog tegen terreur” is het excuus dat gebruikt wordt voor het bespioneren van alle burgers. Dit laatste gebeurt door middel van intensieve politiecontrole(vooral van migranten) en uitwisseling van persoonsgegevens, zowel tussen verschillende EU-lidstaten als met de VS. Burgerrechten en sociale zekerheid worden zo niet alleen afgebroken in het kader van “economische groei” maar ook in het streven naar “veiligheid”. Bevolkingsgroepen worden tegen elkaar opgezet, migranten (met name moslims) gestigmatiseerd en verdacht gemaakt. Deze hetze moet gestopt worden. Solidariteit tussen bevolkingsgroepen op basis van gelijke rechten, binnen de EU maar ook internationaal, moet het uitgangspunt zijn.

Wetten boven mensen

De plannen van de minister van integratie en vreemdelingenzaken Verdonk voor de deportatie van 26 duizend mensen die niet onder de ‘pardon-regeling’ vallen hebben veel verontwaardiging veroorzaakt. Er vinden echter al jaren deportaties vanuit Nederland plaats naar onveilige gebieden, waarbij de overheid het niet schuwt om geweld en valse paspoorten te gebruiken. De deportaties staan niet op zich, zij vormen het sluitstuk van het al veel eerder ingezette beleid tegen vluchtelingen en migranten. Deze mensen worden gedeporteerd na jaren van onzekerheid en een oneerlijke procedure.

Het beleid bestaat uit het weren, uitsluiten, opsluiten en deporteren van vluchtelingen en migranten. Al sinds 1998 zijn door de toenmalige staatssecretaris van Justitie Cohen aan de IND de instructies gegeven in beginsel geen enkele vluchteling te geloven en vervolgens niemand toe te laten. Met de invoering van de nieuwe vreemdelingenwet op 1 april 2001 is de vluchtelingenstatus feitelijk opgeheven en in wezen het vluchtelingenverdrag van Genève opgezegd; het woord vluchteling komt da ook niet meer voor in de wet.

De nieuwe regelgeving werpt in elke fase van een lopend asielverzoek barrières op om vluchtelingen het recht op een verblijfsvergunning te onthouden. Een vluchteling die zich verplicht moet melden bij het aanmeldcentrum (AC) Ter Apel voor een asielaanvraag ziet de aanvraag binnen 2,5 uur afgehandeld, waarbij slechts 20 minuten staan voor het vluchtverhaal en –gronden. De redenen van vlucht die toegang geven tot de asielprocedure zijn zeer beperkt, zo is gevlucht zijn voor seksueel  geweld of discriminatie geen erkende vluchtgrond. Als het lot de vluchteling gunstig gezind is mag de IND anderhalf jaar doen over de asielaanvraag, waarop bij gunstig vervolg een voorlopige verblijfsvergunning voor maximaal 5 jaar met een verplichte inburgering wordt verleend. Na deze vijf jaar van onzeker bestaan wordt de asielaanvraag opnieuw behandeld om in aanmerking te komen voor een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd. Hierbij is de dreiging om uitgezet te worden naar het land van herkomst erg reëel. Deze verblijfsvergunning krijg je namelijk niet wanneer de regering het land van herkomst veilig heeft verklaard, wat zo’n beetje op gaat voor de hele wereld (inclusief Noord-Irak, Iran, Noord- Somalië, Soedan) ondanks alle (dreigende) oorlogen. 

Door middel van de Koppelingswet, de gedeeltelijke Identificatieplicht en de Wet Arbeid Vreemdelingen worden mensen die niet over een verblijfsvergunning beschikken maatschappelijk uitgesloten. Zij worden tot illegaal verklaard, op straat gezet en in razzia’s opgepakt. Zo is een grote groep mensen rechteloos gemaakt, zij hebben geen toegang tot sociale voorzieningen, scholing, werk, of woonruimte. Ook het opsluiten van migranten en vluchtelingen is centraal onderdeel geworden van het vreemdelingenbeleid. Zonder strafbaar feit gepleegd te hebben worden vele migranten en vluchtelingen (ook kinderen) opgesloten in een Grenshospitium of deportatiegevangenis. In deze centra zijn de omstandigheden vaak slecht, zo is bekend dat de toegang tot medische zorg niet gewaarborgd is.

Met al deze maatregelen worden de mensenrechten op flagrante wijze geschonden.

Fort Europa

Met het onderschrijven van het verdrag van Amsterdam hebben de individuele lidstaten van de EU toegezegd naar een Europees vluchtelingen en migranten beleid toe te werken. Het gaat daarbij al lang niet meer om het uitsluitend weren van vluchtelingen en migranten via de creatie van Fort Europa. Veel meer gaat het erom vlucht en migratie te beheersen en volledige controle erover te krijgen. Selectief worden migranten toegelaten, die van dienst kunnen zijn voor de Europese arbeidsmarkt om al dan niet gespecialiseerd werk te verrichten. Voor de rest van de vluchtelingen en migranten zijn de grenzen officieel gesloten.

Het met technologisch hoogstaande middelen militariseren van de buitengrenzen van de EU is in volle gang en medewerking hieraan wordt als vereiste gesteld aan de nieuwe lidstaten. Wilde achtervolgingen op land en zee waarbij met scherp geschoten wordt op bootvluchtelingen,veroorzaken duizenden doden aan de buitengrenzen van Fort Europa. Om de ‘druk’ op de buitengrenzen te verlichten werkt de EU al langere tijd aan de vorming van een buitenschild rondom Europa. Landen in Oost-Europa, rond de Middellandse Zee en Noord-Afrika, moeten koste wat het kost voorkomen dat vluchtelingen en migranten door kunnen reizen naar EU lidstaten. Deze landen worden onder dreiging van economische sancties (bevriezing van de handel met de EU, vermindering van ontwikkelingsgeld) hiertoe gedwongen.  Het eindresultaat is dat de zuidgrens van Fort Europa al aan de overkant van het water is dichtgetimmerd.

De EU heeft al in 1998 via een strategie-document de asielstatus zoals beschreven in het verdrag van Genève buiten werking gesteld. Ze probeert vlucht en migratie te beheersen door   “opvang in de regio van herkomst”. Hierbij wordt mensen het recht op asielaanvraag in een ander land ontzegd. De eerste uitvoering van deze plannen heeft gestalte gekregen rond de oorlog in Kosovo. Het samenwerkingsverband tussen de EU, NAVO, UNHCR, IOM en allerlei NGO’s heeft daar geleid tot een militair geplande politiek van interneringskampen waaraan de vluchtelingen werden blootgesteld. Doel was niet alleen het voorkomen van doormigratie van vluchtelingen naar EU lidstaten, maar ook het volledig in kaart brengen van de Kosovaarse samenleving om deze opnieuw te organiseren, zodat handelsroutes en nieuwe markten veilig gesteld kunnen worden.

Vluchtelingen zijn geen probleem, vluchtelingen hebben een probleem

Het migratie en integratiebeleid van het Fort Europa is er dus steeds meer op gericht om economisch onbruikbaren buiten te houden terwijl mensen goede redenen hebben om naar Europa te migreren of vluchten. Want migreren of vluchten doe je niet zomaar. Waar vluchten mensen eigenlijk voor en wat is de rol van Europa daar in?

De basis is  het gebrek aan  kansen op een menswaardig bestaan in hun land van herkomst, door armoede, onderdrukking,oorlog, seksueel geweld of een combinatie van deze factoren. De EU  vormen naast de VS en Japan een van de grootste politieke en economische machten binnen het gewelddadige proces van globalisering. Voorbeelden van dit proces zijn onder andere neokolonialisme, (groene revolutie,) schuldenlast, steun aan dictaturen en warlords en oorlog. De gevolgen hiervan zijn onder andere onderdrukking, uitbuiting ,armoede,genocide en ghettovorming.Dit heeft alles  te maken met de door Europa en de rest van het rijke Westen veroorzaakte ongelijke verdeling van goederen en middelen en de vernietiging van de eigen zelfvoorzienende economische structuren

Weliswaar ‘geeft’ Europa onder strenge voorwaarden ontwikkelingsgelden aan landen in de zgn. Derde Wereld maar ze zorgt er tegelijk voor dat die niet efficiënt kunnen worden ingezet. Niet alleen door haar eigen buitenlandse politiek, maar vooral ook via haar steun aan de WTO (Wereld Handels Organisatie), de Wereldbank en het IMF (Internationaal Monetair Fonds).

WTO, IMF en Wereldbank

De WTO is een door westers kapitaal gedomineerd instituut dat de belangen van de kapitaalkrachtige hoofdrolspelers moet behartigen. Men heeft vaak een mond vol over stimulering van de economie in de zgn. Derde Wereld landen, maar doelt daarbij vooral op het creëren van investeringsmogelijkheden, belastingvrije zones met goedkope arbeidskrachten voor hun eigen bedrijven en op nieuwe afzetmarkten voor haar eigen producten. Van daadwerkelijke positieve ontwikkeling van de lokale economieën in de betreffende landen is zelden tot nooit sprake geweest.

De Wereldbank en het IMF zijn het beste gezamenlijk te bespreken. De Wereldbank is een semi-commerciële  financieringsbank gespecialiseerd in het financieren van overheden in de zgn. Derde Wereld. Het IMF is een daaraan verwant economisch instituut dat ‘ontwikkelingsprogramma’s’ voor landen opstelt. Om als land een lening te krijgen van de Wereldbank moet het gehele economische beleid voldoen aan de eisen van het IMF. Zo moet de interne markt volledig open worden gegooid voor het kapitaal en de producten van westerse bedrijven. Hierdoor kunnen landen dus heel moeilijk een eigen industrie opbouwen en worden al hun bodemschatten door westerse bedrijven weg geroofd. Ondertussen krijgen de westerse bedrijven de nieuwe afzetmarkt die ze nodig hebben om hun winsten veilig te stellen en te blijven groeien. Daarnaast moeten de landen onder andere ook toezeggen dat ze het geleende geld niet mogen inzetten voor de stimulering van import vervangende industrie. Dit om te garanderen dat ze  tot in lengte van dagen afhankelijk zullen blijven van de westerse bedrijven.

Zgn. Derde Wereld landen die het lef hebben om nee te zeggen tegen de leningen van de Wereldbank omdat ze de regels van het IMF niet willen toepassen krijgen vaak te maken met heftige reacties van de westerse wereld. Zo’n land riskeert economische boycots en zelfs een door het Westen gefinancierde, vaak gewelddadige machtsovername.

Lokale opstanden en weerstand van de bevolking leiden tot steeds strengere maatregelen.

Naast de expliciete Europese steun aan deze instellingen handhaaft Europa hoge tariefmuren voor de producten van de zgn. Derde Wereldlanden, terwijl de westerse bedrijven via de eisen van het IMF vrije toegang tot hun interne markten hebben. De EU streeft een vrije markt economie na, maar in hun markt is de een (zijzelf vooral) dus wel vrijer dan de ander.

Oorlogsgeweld

Het veiligstellen van politiek en economisch gewin voor het Westen speelden een centrale rol bij de westerse wapenleveranties en de grootschalige militaire interventies en bezettingen onder aanvoering van de VS. Tot de tanden toe bewapende regimes kunnen ongestoord hun gang  gaan tegen de eigen bevolking, d.m.v. onderdrukking, terreur, verdwijningen, seksueel geweld ….etc. In 2002 bijvoorbeeld kwamen de meeste vluchtelingen uit Afghanistan, in 2003 uit Irak. Dit is een direct resultaat van het buitenlandse beleid van westerse landen,  die de daar gevoerde oorlogen al naar het hun gelegen kwam steunden.

Dat olie en andere bodemschatten bij deze steun een alomvattende rol spelen moge duidelijk zijn. Het hypocriete gehuil over schending van mensenrechten loopt dan ook vrijwel altijd parallel met verlies van economische posities

Conclusie

De EU-plannen tot gedwongen integratie, de selectie tussen bruikbaren en niet-bruikbaren en criminaliseren zijn geen oplossing voor de mensen die gedwongen zijn te migreren of vluchten. Wij willen opkomen voor gelijke rechten voor vluchtelingen en migranten en tegelijk de oorzaken aanpakken die hen dwingen tot vluchten. Migratie is een eeuwenoud verschijnsel en zal altijd blijven bestaan. Migratie is enkel een probleem als mensen door o.a. oorlog, onderdrukking,milieurampen of economische omstandigheden gedwongen worden huis en haard te verlaten. Alle mensen hebben het recht om zelf te kiezen waar zij willen leven. De wereld is van iedereen! Hun economische kosten of baten mogen daar geen verschil in maken, wij vinden dat mensen tellen, niet hun economisch nut.

Wij concluderen dat migranten en vluchtelingen voornamelijk hierheen komen als gevolg van de ongelijke verdeling van goederen en middelen en de door het rijke westen gecreëerde onderdrukking, armoede, uitbuiting en oorlogen.

Om tot structurele en menswaardige oplossingen te komen moet het sociaal-economisch-politieke bestel op wereldschaal radicaal veranderen. Het migratie – en vluchtelingenbeleid vormen daarin momenteel een speerpunt. De oorzaken van migratie moeten worden aangepakt, niet de slachtoffers door hen te weren. Uitgangspunt daarbij moet zijn dat alle mensen ter wereld recht hebben op een menswaardig bestaan, in hun regio van herkomst of elders op de wereld.

Dat vereist strijd. Zo’n wereld moeten we bevechten. Hier en overal. De strijd tegen onderdrukking, klassenuitbuiting, racisme en patriarchaat is een internationale strijd die lokaal op verschillende wijzen gevoerd wordt.

Wij in de EU zijn verantwoordelijk voor de strijd hier. Die strijd bestrijkt alle maatschappelijke en politieke terreinen.  Of het nu gaat over woningnood, werkeloosheid, afbraak van voorzieningen als onderwijs en gezondheidszorg, racisme, seksisme,de oorlogsmachine of vluchtelingen. Alleen als we al deze terreinen met elkaar kunnen verbinden, en het gezamenlijke hierin voor onszelf kunnen bepalen, kunnen we de confrontatie aangaan en een bijdrage leveren aan een wereld waar een rechtvaardige verdeling van de rijkdommen onder alle  mensen en zodoende  politieke, maatschappelijke en economische rechtvaardigheid zonder uitbuiting van de ene mens door de andere wordt gerealiseerd.

 

DE WERELD IS VAN IEDEREEN

GELIJKE RECHTEN VOOR ALLEN

GEEN MENS IS ILLEGAAL