Fontoy - Vic-sur-Seille : 7 juni 2000 - 16 juni 2000 (1)

 

Algemeen

De tocht van Fontoy naar Vic-sur-Seille loopt door het Land van IJzer en het regionaal natuurpark van Lotharingen. Het Land van IJzer begint ongeveer ter hoogte van Thionville en is een wonderlijke combinatie van industriegebied en bos. Logischerwijs loopt de GR5 vooral door het bos. Het gevolg is dat je een aantal dagen lang vrijwel niets anders ziet. De route biedt hier relatief weinig afwisseling maar is zeker de moeite waard.

Het tweede deel van de route is meer gevarieerd. De industrie maakt plaats voor landbouw. De route is daardoor afwisselend. Dan weer loop je door het bos dan weer door glooiende graanvelden, weiden en velden vol met lijnzaad. Op de overzichtskaart van de routebeschrijving GR5-E2 Noordzee - Riviera traject Luxemburg - Lotharingen (blz. 52 en blz. 72) doet dit gebied druk en bevolkt aan met vooral veel snelwegen. Dat blijkt in de praktijk mee te vallen. Op bijna de hele route heerst de rust en maakt het landschap een landelijke indruk. De drukke verkeerswegen vallen volledig weg in het landschap of zijn veel kleiner dan op de kaart lijkt.

Het is geen toeristisch gebied. Ik ben in ieder geval geen toerist tegengekomen. Dat geeft een heel prettig gevoel. Je maakt op je wandeling kennis met het gewone Frankrijk wat daardoor bijzonder wordt. De route kent een aantal kleine hoogtepuntjes. Middeleeuwse kerkjes, boerenhoeven en slaperige dorpjes. Dieptepunten zijn de plekken waar in WOI zwaar is gevochten.

Op dit deel van de GR5 is de schade in het bos als gevolg van de storm van december 1999 groot. Veel bomen zijn ontworteld en liggen dwars door het bos en over het pad. Er wordt hard aan gewerkt om de schade te verhelpen maar veel stukken bos zijn nog steeds onbegaanbaar. De route wordt dan ook in die gebieden omgelegd. Dat is meestal redelijk goed aangegeven met bordjes. Alleen de bewegwijzering is aanmerkelijk minder in aantal dan op de gewone route.

7 juni 2000: Den Haag - Fontoy / Fontoy - Rosselange

Een voorspoedige treinreis van Den Haag, via Brussel en Luxemburg naar Thionville. In Thionville tegenover het cultureel centrum Jaques Brell op de bus gestapt naar Fontoy. Om drie uur 's middags in Fontoy aangekomen. Ik ben snel het dorp uit en loop door het bos. Er zijn uitsluitend loofbomen. Ik vermoed dat het grotendeels productiebos is. De route is hier in tegenstelling tot de waarschuwingen in het boekje goed aangegeven. Meestal wordt het ruiterpad gevolgd. Een breed en modderig pad goed voorzien van wit rode markeringen. Het heeft de afgelopen dagen geregend waardoor het wandelen soms wat vermoeiend is. Steeds zoeken naar het stuk met de minste modder, steeds weer net even dieper wegzakken dan me lief is.

De enige mens die ik vandaag in het bos tegenkom zit op een mountainbike. Voor het overige haal ik op mijn route alleen bruine naaktslakken in. Tot om zes uur 's avonds een prachtig hert verschijnt. Het staat daar midden op het pad op 50 meter afstand en kijkt mij aan. Ik sta doodstil en kijk terug; een minuut, twee minuten, drie minuten. Dan vindt ze het genoeg en loopt door ondertussen een krachtige brul ten gehore brengend. Op zo'n moment is alle vermoeidheid weg en geniet ik weer.

De laatste restjes Hollands eten (twee broodjes kaas en twee krentenbollen) eet ik op zittend op een boomstam. Een concert van vogels is mijn deel. Ik zet mijn tent op midden in het bos, een stukje terzijde van het pad. Het wild kamperen is me de vorige keer goed bevallen dus heb ik een tent gekocht. Een Hillenberg Akto. Ik heb Marieke beloofd om half tien even naar de maan te kijken maar ik denk niet dat ik het haal.

Donderdag 8 juni 2000: Rosselange - Saulny

Afgelopen nacht was bijzonder. Om half 12 begon er een beest te brullen naast mijn tent. Meer dan een half uur lang. Ik schrok me dood. Gelukkig heb ik die brul gisteren ook al gehoord toen ik dat hert zag. Dus ik wist wat het was anders was het nog veel enger geweest. Maar goed dat krijg je als je wild gaat kamperen. Het kost niets maar dan moet je ook niet zeuren over luidruchtige buren.

De ochtend begint met een toenemend verlangen naar koffie. Het brengt me uiteindelijk in de dorpskern van Rombas; een aardig marktplaatsje. Op het terrasje naast de markt drink ik een heerlijke slappe café au lait. Het is leuk om daar - na een paar uur bos - te zitten en alleen maar te kijken naar de mensen die boodschappen doen op de markt. Het ziet er gezellig uit. Op de markt koop ik fruit voor onderweg. De wortel voor onderweg krijg ik gratis.

Het grootste deel van deze dag speelt zich verder af in het bos. Ook hier overwegend het brede modderige pad waarop het zwaar lopen is. Ondanks het mooie weer veel geblubber in het bos. Uiteraard loop ik op het modderigste stuk verkeerd. Gewoon mijn eigen schuld omdat ik me niet regelmatig genoeg afvraag of ik wel markeringen zie. Te veel concentratie op de modder. Te moe om nog om nog echt om me heen te kijken.

Het is eigenlijk een vreemd landschap; heel veel bos en heel veel industrie. De mensen van de GR5 zijn gelukkig prima in staat om de industrie uit het zicht te houden door je van bos naar bos te sturen. Het laatste deel van de dag was wat meer afwisselend; velden, dorpjes en bossen.

Vanavond sta ik net buiten het dorpje Saulny op een langgerekt grasveld. Het is dicht bij het dorp en ik kan de huizen zien vanuit mijn tent. Hopelijk heeft niemand last van me en laten ze mij met rust. Met wild kamperen ben ik eigenlijk alleen in de avond wat onrustig. Bang voor een agent of een boze boer die me bekeurt á fl 180 dan wel aan de hooivork prikt. Beide schijnt voor te komen. Zo moet ik er niet aan denken om nu te moeten verkassen na zo'n 30 kilometer lopen. Ik wil slapen en het is pas 8 uur. Haal ik weer het donker niet. Maar de maan zag ik vanmiddag al en heb dus volgens afspraak - zij het wat vroeg - aan Marieke gedacht.

Vrijdag 9 juni 2000: Saulny - Moulins Les metz.

Waar ik bang voor was is uitgekomen. Ik lag gisteravond om 9 uur heerlijk te slapen toen er aan de tent werd geklopt. Een chique dame met idem hond stond voor mijn tentdeurtje. Of ik wel wist dat dit privé terrein was? Ja dat vermoedde ik al. Vervolgens in mijn beste middelbare school Frans uitgelegd dat ik natuurlijk graag aan de eigenaar om toestemming had gevraagd maar helaas niet wist wie dat was. Uitgelegd dat ik een eenvoudige wandelaar ben op weg naar Nice en dat ik vooral geen narigheid wilde. Gelukkig mocht ik blijven. Geen boete en geen hooivork.

Vanochtend van Sauly naar Moulins les Metz gelopen. De open vlakte rond Fort de Plappeville (mooie naam) moeiteloos genomen dankzij mijn kompas en de aanmerkelijk verbeterde markering. De waarschuwing in het boekje is niet meer actueel.

In Moulins les Metz de bus gepakt naar Metz. Na het overvloedige groen heb ik altijd weer behoefte aan een beetje stadslucht en schoonheid van een andere orde. Dus op naar de camping Municipal voor een douche, een warme maaltijd en cultuur. Wat is het toch een feest om je stinkende zweterige kleren in de wasmachine te stoppen, een warme douche te nemen en gewoon weer schoon te zijn.

Metz is een aardige stad. Het is leuk om daar een middag rond te lopen. De overdekte markt met zijn vele kaas, vis, vlees en brood is een lust voor het oog. Erg mooi is ook het moderne glas in lood in de kathedraal. Prachtige ramen onder andere ontworpen door Chagall. Voor het overige een stadswandeling gemaakt langs wat oude gebouwen en aardige straatjes.

Toen ik van de stadscamping vertrok voor mijn bezoek aan het centrum van Metz was mijn tent de enige op het langerekte grasveld langs de Moezel. Bij terugkomst wachtte een bijzondere verrassing. Mijn bescheiden eenpersoonstentje was volledig omgeven door de tenten van de leden van een Duitse motorclub. Nu hou ik niet zo van clubs, laat staan motorclubs en wel helemaal niet van Duitsche motorclubs. Het enige wat ik kon doen was deze foto maken. Voor het overige mijn spullen gepakt en 300 meter verderop gaan staan.