Onder verantwoord
verstaan we:
Op voorschrift
van de arts,
Juiste medicijn,
Juiste dosering,
Juiste manier,
Juiste tijdstip.
Voorbereiding.
Bewoner inlichten
Medicatie moet
door de arts voorgeschreven zijn
Benodigdheden
klaarzetten
Medicijnen
Medicijncupje
Water
Bekertje
Zonodig stampertje
Medicijnklapper
Pen
In medicijnklapper
kijken aan welke bewoner welk medicijn
oraal moet worden
toegediend.
Medicatie controleren
op juistheid, zoals:
Is dit het voorgeschreven
medicijn?
Is het de juiste
hoeveelheid?
Is het de juiste
tijd?
Vragen aan de
bewoner, of lezen in de p.d.a., op wat voor manier hij/ zij de medicatie
toegediend wil krijgen, b.v. met water, vla, etc.
gemalen
Alles tegelijk
of één voor één.
Bewoner op de
gewenste manier medicatie geven.
Medicatie aftekenen.
Afwerking.
Aan de bewoner
vragen of het naar wens was.
Gebruikte spullen
opruimen.
Letten op eventuele
bijwerkingen.
Nota bene:
Is de medicatie
geweigerd dan moet dit genoteerd worden in de medicijnklapper en rapport
en het moet aan de arts worden
doorgegeven.