Home

BESLISBOMEN voor DIFFERENTIAAL DIAGNOSES



Inleiding

terug

Het doel van deze beslisbomen is de clinicus te helpen om meer begrip te krijgen van de organisatorische en hiërarchische structuur van de DSM-IV classificatie. Iedere beslisboom begint met een aantal klinische kenmerken. Wanneer een van deze kenmerken een duidelijk deel is van het klinische beeld dan kan de clinicus de daaropvolgende vragen beantwoorden die de diverse stoornissen wel/niet uitsluiten.
Let op dat de vragen slechts benaderingen zijn van de diagnostische criteria en niet bedoeld zijn om deze te vervangen.

De beslisboom "Psychotische stoornissen" is de enige die stoornissen bevat die elkaar wederzijds uitsluiten (bv. slechts één stoornis van die sectie kan gediagnosticeerd worden bij een zeker individu gedurende een bepaalde episode).
Voor de andere beslisbomen is het belangrijk te verwijzen naar de individuele criteria om vast te stellen wanneer meer dan één diagnose van toepassing is.

A n g s t s t o o o r n i s s e n

terug

Er is sprake van symptomen van angst, vrees, vermijding of verhoogde waakzaamheid

De symptomen zijn het gevolg van de directe fysiologische effecten van een somatische aandoening ja Angststoornis door een somatische aandoening
nee

De symptomen zijn het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel, bv. drugs, medicijnen, toxinen ja Angststoornis door een middel
nee

Er is sprake van recidiverende onverwachte paniekaanvallen en één maand van ongerustheid, bezorgdheid over aanvallen of gedragsverandering ja Agorafobie, angst om op plaatsen te zijn waarvandaan ontsnappen moeilijk kan zijn of schaamte over mogelijk te krijgen paniekaanval ja Paniekstoornis met Agorafobie
nee nee Paniekstoornis zonder Agorafobie

Agorafobie, angst op plaatsen te zijn waarvandaan ontsnappen moeilijk kan zijn of schaamte over mogelijk krijgen van paniekachtige symptomen ja Agorafobie zonder Paniekstoornis in de voorgeschiedenis
nee

Angst betreffende het gescheiden worden van diegene aan wie men zich gehecht heeft met een begin in de kindertijd ja Separatie Angststoornis
nee

Angst voor vernedering of beschaamdheid in sociale situaties òf situaties waarin men moet optreden ja Sociale Fobie (Sociale Angststoornis)
nee

Angst ingegeven door een object of een situatie ja Specifieke Fobie
nee

Dwanggedachten of dwanghandelingen ja Obsessieve-Compulsieve Stoornis
nee

Zes maanden durende periode van buitensporige angst, bezorgdheid en bijbehorende symptomen ja Komt uitsluitend voor tijdens een stemmings- of psychotische stoornis ja Gegeneraliseerde Angststoornis
nee ja
Zie: Beslisboom Stemmingsstoornissen
òf
Zie: Beslisboom Psychotische stoornissen

Angst in reactie op een ernstige traumatische gebeurtenis ja Herbeleving van gebeurtenissen, verhoogde waakzaamheid, vermijding van prikkels die geassocieerd worden met de traumatische gebeurtenis (langer dan één maand) ja Posttraumatische Stress-Stoornis
nee nee Acute Stress-Stoornis

Angst die niet voldoet aan de criteria van één van bovengenoemde angststoornissen en die zich ontwikkelt als gevolg van een stress-veroorzakende factor ja Aanpassingsstoornis met angst
nee

Aantoonbare symptomen, die niet voldoen aan de criteria voor een specifieke angststoornis ja Angststoornis NAO
nee
Geen angststoornis (symptomen van vrees, angst of vermijding zijn niet aantoonbaar)

S o m a t o f o r m e S t o o r n i s s e n

terug

Er is sprake van lichamelijke klachten of irreële angst over ziekte of uiterlijk

De lichamelijke klachten worden bevestigd door algehele lichamelijke conditie en de klachten zijn niet excessief t.o.v. de verwachting ja Specifieke algemene medische conditie (geen somatoforme stoornis) ja Psychische factoren beïnvloeden de somatische aandoening ongunstig ja Psychische factoren die een somatische aandoening beïnvloeden
nee

De lichamelijke symptomen worden opzettelijk voorgewend ja Externe bekrachtiging is afwezig ja Nagebootste stoornis
nee nee Simulatie

Een voorgeschiedenis van vele lichamelijke klachten met tenminste vier pijnsymptomen, twee gastro-intestinale symptomen, één seksueel symptoom, één pseudo-neurologisch symptoom ja Somatisatie Stoornis
nee

Een symptoom of gebrek dat de willekeurige motorische of sensorische functies treft ja Conversiestoornis
nee

Een symptoom of gebrek dat het seksuele functioneren betreft ja Seksuele dysfunctie
nee

Pijn vormt de belangrijkste aanleiding voor medische zorg en psychische factoren spelen een belangrijke rol ja Pijnstoornis
nee

Er is sprake van andere lichamelijke klachten gedurende tenminste zes maanden ja Ongedifferentieerde Somatoforme Stoornis
nee

Preoccupatie met de idee een ernstige ziekte te hebben gedurende tenminste zes maanden ja De overtuiging heeft de intensiteit van een waan nee Hypochondrie
nee ja Zie: Beslisboom Psychotische Stoornissen

Preoccupatie met een ingebeeld gebrek in het uiterlijk ja Stoornis in de Lichaamsbeleving
nee

Objectiveerbare somatoforme symptomen die niet voldoen aan de criteria van een specifieke somatoforme stoornis ja Somatoforme Stoornis NAO
nee
Geen somatoforme stoornis (Somatoforme symptomen zijn niet aantoonbaar)


terug

P s y c h o t i s c h e S t o o r n i s s e n
Er is spake van wanen, hallucinaties, onsamenhangende spraak of ernstig chaotisch gedrag
De symptomen zijn het gevolg van de directe fysiologische effecten van een somatische aandoening ja Psychotische Stoornis door een Somatische Aandoening
nee
De symptomen zijn het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel (drugs, medicijnen of toxinen) ja Psychotische Stoornis door een Middel
nee
Er zijn symptomen van een actieve fase van Schizofrenie gedurende minimaal één maand ja Depressieve of manische episodes zijn tegelijk aanwezig met de symptomen van de actieve fase nee
nee ja
De totale duur van de stemmingsepisode is kort in verhouding tot de duur van de actieve en restperioden ja Gedurende tenminste zes maanden ja Schizofrenie
nee nee Schizofreniforme Stoornis
Tenminste twee weken durende wanen of hallucinaties zonder opvallende symptomen van de stemmingsstoornis ja Schizoaffectieve Stoornis
nee Stemmingsstoornis met Psychotische kenmerken: Zie Stemmingsstoornissen
Niet-bizarre wanen gedurende één maand ja Totale duur van de stemmingsepisode is kort in verhouding tot de waanperiode ja Los van de wanen is het functioneren niet duidelijk beperkt ja Waanstoornis
nee nee nee Psychotische Stoornis NAO
Wanen treden alleen op tijdens de stemmingsepisoden nee Psychotische Stoornis NAO
ja Stemmingsstoornis met Psychotische kenmerken: Zie Stemmingsstoornissen
Duurt langer dan één dag, maar korter dan één maand ja Kortdurende Psychotische Stoornis NAO
nee Psychotische Stoornis NAO




terug

S t e m m i n g s s t o o r n i s s e n
Er is sprake van een depressieve, verhoogde, expansieve of prikkelbare stemming
De stemming is het gevolg van de directe fysiologische effecten van een somatische aandoening ja Stemmingsstoornis door een somatische aandoening
nee
De stemming is het gevolg van de directe fysiologische effecten van een middel (bv. drugs, medicijnen, toxinen) ja Stemmingsstoornis door een middel
nee
Specificeer de stemming voor de huidige en eerdere episoden
Verhoogde, expansieve/prikkelbare stemming gedurende tenminste één week; of elke duur indien opname in een ziekenhuis noodzakelijk is of duidelijke beperkingen in het functioneren ja Manische episode
nee
Verhoogde, expansieve/prikkelbare stemming gedurende tenminste vier dagen; de verandering in functioneren kunnen door anderen worden waargenomen, zijn minder ernstig dan gedurende de manische episode ja Hypomane episode
nee
Tenminste twee weken van depressieve stemming of verlies van interesse en samenhangende symptomen die niet zijn toe te schrijven aan rouw of verlies ja Depressieve episode
nee
Voldoet aan de criteria van een manische episode en een depressieve episode bijna elke dag gedurende tenminste één week ja Gemengde episode
nee
Heeft ooit eerder een manische episode of gemengde episode gehad ja Psychotische symptomen zijn aanwezig op tijden anders dan tijdens de de manische of gemengde episoden nee Bipolaire I stoornis
nee ja
De symptomen komen uitsluitend voor tijdens een schizoaffectieve stoornis ja Schizoaffectieve stoornis Bipolair type
nee Bipolaire stoornis NAO (gesuperponeerd op een psychotische stoornis)
Heeft ooit een hypomane episode doorgemaakt en tenminste één depressieve episode ja Bipolaire II stoornis
nee
Er is sprake van twee jaar of langerdurende hypomane symptomen en perioden van depressieve stemming ja Cyclothyme stoornis
nee
Er is sprake van objectiveerbare manische/hypomane symptomen die niet voldoen aan de criteria van een specifieke bipolaire stoornis ja Bipolaire stoornis NAO
nee
Heeft ooit een depressieve periode doorgemaakt ja Psychotische symptomen zijn aanwezig op tijden anders dan tijdens depressieve episoden nee Depressieve stoornis
nee ja
De symptomen zijn uitsluitend aanwezig tijdens een schizoaffectieve stoornis ja Schizoaffectieve stoornis, depressieve type
nee Depressieve stoornis NAO (gesuperponeerd op een psychotische stoornis)
Depressieve stemming meer dagen wel dan niet gedurende tenminste twee jaar met bijbehorende symptomen ja Dysthyme stoornis
nee
Depressieve stemming die niet voldoet aan de criteria voor één van de bovengenoemde stemmingsstoornissen die zich ontwikkelt als reactie op stress veroorzakende factor ja Aanpassingsstoornis met depressieve stemming
nee
Op de voorgrond staande depressieve symptomen die niet voldoen aan de criteria voor een specifieke stemmingsstoornis ja Depressieve stoornis NAO
nee
Geen stemmingsstoornis (de symptomen voor een stemmingsstoornis zijn niet aantoonbaar)



terug

Cognitieve Stoornissen door een somatische aandoening
Er is sprake van symptomen die zijn toe te schrijven aan de directe fysiologische effecten van een somatische aandoening
Er is sprake van een stoornis in het bewustzijn en een verandering in de cognitieve functies ja Er zijn aanwijzingen dat de stoornis meer dan één oorzaak heeft (bv. door een middel en een somatische aandoening) nee Delirium door een somatische aandoening
nee ja Delirium door multipele oorzaken
Geheugenstoornissen ja Tenminste nog één cognitieve stoornis ja Er zijn aanwijzingen dat de stoornis meer dan één oorzaak heeft (bv. Cerebro vasculaire ziekte en Alzheimer) ja Dementie door multipele oorzaken
nee
Er zijn aanwijzingen dat Cerebro vasculaire ziekten een etiologisch verband houden met de stoornis ja Vasculaire Dementie
nee
Stoornis door aandoeningen van het Centrale zenuwstelsel of systeemziekte die bekend staat als veroorzaker van Dementie ja Dementie door een somatische aandoening
nee
Geleidelijk begin en voortduring van cognitieve achteruitgang ja Dementie van het Alzheimer-type
nee Dementie NAO
Amnestische stoornis door een somatische aandoening
Op de voorgrond staande wanen of hallucinaties overheersen ja Psychotische stoornis door een somatische aandoening
nee
Op de voorgrond staande en aanhoudende stemmingsstoornis overheerst ja Stemmingsstoornis door een somatische aandoening
nee
Op de voorgrond staande paniekaanvallen-obsessies of dwang overheersen ja Angststoornis door een somatische aandoening
nee
Objectiveerbare seksuele dysfunctie uitsluitend als gevolg van een somatische aandoening ja Seksuele dysfunctie door een somatische aandoening
nee
Stoornis in de slaap die ernstig genoeg is om afzonderlijke zorg te rechtvaardigen ja Slaapstoornis door een somatische aandoening
nee
Katatonie ja Katatone stoornis door een somatische aandoening
nee
Veranderingen in de persoonlijkheid ja Persoonlijkheidsverandering door een somatische aandoening
nee
Objectiveerbare symptomen die etiologisch aan een somatische andoening zijn gerelateerd die niet voldoen aan de criteria van een specifieke psychische stoornis door een somatische aandoening ja Psychische stoornis door een somatische aandoening NAO
nee
Geen psychische stoornis door een somatische aandoening (De symptomen zijn niet aantoonbaar)
terug

Aan een middel gebonden Stoornissen (Uitgezonderd verslaving en misbruik)
Er is sprake van symptomen die zijn toe te schrijven aan de directe fysiologische effecten van een middel (drugs, geneesmiddelen of toxinen)
Er is sprake van een stoornis in het bewustzijn en een verandering in de cognitieve functies die veel heviger zijn dan gewoonlijk wordt gezien bij intoxicatie of onthouding en die afzonderlijke zorg rechtvaardigen ja Aangetoond is dat de stoornis meer dan één oorzaak heeft (bv. door een middel en een somatische aandoening) nee Plotseling begin van een delirium bij onthouding van een middel ja Door middelen veroorzaakt Onthoudingsdelier
nee ja nee Delirium door intoxicatie met een middel
ja Delirium door multipele oorzaken
Aanhoudende geheugenstoornissen ja Tenminste één bijkomende cognitieve tekortkoming ja Er zijn aanwijzingen dat de stoornis meer dan één oorzaak heeft (bv. door een middel of somatische aandoening) nee Persisterende dementie door middelen teweeggebracht
nee nee ja Dementie door multipele oorzaken
nee Persisterend amnestische stoornis door middelen teweeggebracht
Wannen en/of hallucinaties staan op de voorgrond en zijn buitensporig in vergelijking met wat gewoonlijk gezien wordt bij intoxicatie/onthouding en rechtvaardigen afzonderlijke zorg ja Psychotische stoornis door een middel(specificeer ontstaan tijdens intoxicatie of onthouding)
nee
Een stemmingsstoornis staat op de voorgrond en is buitensporig in vergelijking met wat gewoonlijk gezien wordt bij intoxicatie/onthouding en rechtvaardigen afzonderlijke zorg ja Stemmingsstoornis door een middel (specificeer ontstaan tijdens intoxicatie of onthouding)
nee
Angst, paniekaanvallen of obsessies of dwang staan op de voorgrond en zijn buitensporig in vergelijking met wat gewoonlijk gezien wordt bij intoxicatie/onthouding en rechtvaardigen afzonderlijke zorg ja Angststoornis door een middel (specificeer ontstaan tijdens intoxicatie of onthouding)
nee
Aantoonbare seksuele dysfunctie die uitsluitend toe te schrijven is aan het gebruik van een middel en die buitensporig is in vergelijking met wat gewoonlijk gezien wordt bij intoxicatie/onthouding en rechtvaardigen afzonderlijke zorg ja Seksuele dysfunctie door een middel
nee
Stoornis in de slaap die zo ernstig is dat zij medische aandacht rechtvaardigt ja Slaapstoornis door een middel (specificeer ontstaan tijdens intoxicatie of onthouding)
nee
Ontwikkeling van een omkeerbaar syndroom door recent middelengebruik ja Intoxicatie door een middel
nee
Ontwikkeling van een syndroom door vermindering of onthouding van het gebruik van een middel ja Onthouding door een middel
nee
Aantoonbare symptomen door een middel die niet voldoen aan de criteria van een door een middel veroorzaakte stoornis ja Stoornis door een ander of onbekend middel
nee
Geen door middelen veroorzaakte stoornis is aanwezig (Door middelen veroorzaakte symptomen zijn niet aantoonbaar)